Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Dit boek helpt om verschillen en misverstanden in de interculturele gespreksvoering op te sporen en aan te pakken. Het is geschikt voor het hoger beroepsonderwijs, voor het wetenschappelijk onderwijs, en voor de nascholing van professionals.
Interculturele gespreksvoering, Theorie en Praktijk van het TOPOI-model is gebaseerd op het TOPOI-model. TOPOI is een praktisch analyse- en interventiekader en staat voor Taal, Ordening, Personen, Organisatie en Inzet: de vijf gebieden in de communicatie waar zich diverse verschillen en misverstanden kunnen voordoen.
Het TOPOI-model gaat uit van een systeemtheoretische benadering. De kern: interculturele communicatie is interpersoonlijke communicatie. Het is de interactie tussen unieke personen met eigen specifieke contexten, en met mogelijke verschillen die divers en multidimensionaal zijn. Divers omdat verschillen kunnen samenhangen met de cultuur van andere collectieven dan alleen het land, de etnische groep of de religie. Meerdimensionaal: omdat verschillen behalve cultureel, ook persoonlijk karakteristiek, sociaal, biologisch, organisatorisch, psychologisch, juridisch, of anderszins kunnen zijn.
Deze vierde druk van Interculturele gespreksvoering is drastisch herzien. Het boek is flink ingekort, geactualiseerd en toegankelijk geschreven zonder afbreuk te doen aan het theoretische fundament en de praktische toepasbaarheid van het TOPOI-model. Het boek is aantrekkelijk door praktijktheoretische inzichten, talloze praktijkvoorbeelden en de toepassing van het TOPOI-model op verschillende praktijksituaties. Dit boek heeft een begeleidende website met extra verwerkingsopdrachten en extra toepassingen van het TOPOI-model op praktijksituaties.
Dr. Edwin Hoffman is zelfstandig trainer, adviseur en onderzoeker interculturele communicatie en diversiteitscompetentie. Daarnaast geeft hij onder meer les aan de Alpen Adria Universiteit in Klagenfurt, Oostenrijk.

Inhoudsopgave

Voorwerk

Theoretisch kader

Voorwerk

1. Wat is cultuur?

Om interculturele communicatie te kunnen begrijpen, is het goed te weten wat cultuur is. Cultuur wordt in dit hoofdstuk opgevat als de gemeenschappelijke wereld van betekenissen en gewoonten die een bepaalde sociale groep kenmerkt. Cultuur betreft niet alleen een nationale cultuur. Elk sociaal collectief heeft een zekere cultuur. Er zijn even zovele culturen als collectieven. Mensen maken deel uit van vele collectieven en kunnen aan ieder collectief een identiteit ontlenen. Iedere persoon kenmerkt zich dan ook door multicollectiviteit, multiculturaliteit en een meervoudige identiteit. Culturen zijn afgebakend en open, homogeen en heterogeen, duurzaam en dynamisch. Cultuur als model van en voor de werkelijkheid, werkt betekenisverlenend, normaliserend en verbindend. Alle mensen bezitten het universele menselijke vermogen te reflecteren en keuzes te maken. Mensen zijn daardoor product en producent van cultuur. Cultuur gaat altijd samen met machtsverhoudingen. Sprekend over de cultuur, speelt steeds de vraag wiens cultuur bedoeld wordt.
Edwin Hoffman

2. Culturalisme en zijn risico’s

Vaak maken mensen onderscheid tussen gewone communicatie en interculturele communicatie. Interculturele communicatie is dan de communicatie met mensen die uit een ander land komen. Gewone communicatie de communicatie met mensen uit de eigen groep. Het maken van zo’n onderscheid tussen enerzijds gewone gesprekken met mensen uit de eigen groep en anderzijds interculturele gesprekken met mensen met een migratieachtergrond, gaat gepaard met culturalisme. Culturalisme ofwel culturaliseren is mensen zien en aanspreken als vertegenwoordigers van hun nationale of etnische cultuur, of religie, en het verklaren van hun denken en doen vanuit deze cultuur of religie. Culturaliseren is in de dagelijkse praktijk hardnekkig en op zich begrijpelijk, maar het heeft een negatieve uitwerking op persoonlijke en professionele ontmoetingen met mensen met een migratieachtergrond. Vandaar dat dit hoofdstuk de kenmerken en risico’s van een culturaliserende benadering uitgebreid behandelt.
Edwin Hoffman

3. Een systeemtheoretische visie op diversiteitsbewuste communicatie

Vanuit een systeemtheoretische visie is interculturele communicatie interpersoonlijke communicatie. Hierin zijn de situationele context en de unieke personen het uitgangspunt (niet de cultuur). Verschillen en misverstanden die zich voordoen in de communicatie met mensen met een migratieachtergrond, zijn niet wezenlijk anders dan die in de communicatie met mensen uit de eigen groep. Deze verschillen kunnen, behalve cultureel, ook anders van aard zijn. Vandaar het begrip diversiteitsbewuste communicatie. Communicatie is een complex en gelaagd proces, waarin gesprekspartners informatieve en interpersoonlijke zienswijzen uitwisselen en onderhandelen over de betekenis ervan. Communicatie heeft een circulair karakter: er is sprake van voortdurende gelijktijdige beïnvloeding tussen gesprekspartners en in wisselwerking met sociale contexten. Het TOPOI-model is een hulpmiddel om diverse verschillen en misverstanden in de gespreksvoering op te sporen en aan te pakken. De TOPOI-gebieden (taal, ordening, personen, organisatie, inzet) zijn een concretisering van diverse verschillen zoals die zich in de communicatie kunnen manifesteren.
Edwin Hoffman

De praktijk van de interculturele gespreksvoering

Voorwerk

4. Taal: de verbale en non-verbale taal

Het gebied taal van het TOPOI-model verwijst naar de verbale en non-verbale taal waarmee mensen zich uitdrukken. Taal is het voertuig van de communicatie. Met hun taal geven personen en groepen uitdrukking aan hun identiteit – aan wie ze zijn – en aan hun betekenisgeving en waardering van de hen omringende werkelijkheid. Taal ordent en structureert de werkelijkheid. Van jongs af aan leert een kind via de taal zijn omgeving kennen, ordenen en waarderen. De zo aangeleerde kennis, ordening en waardering zijn cultureel bepaald en daarmee ook de taal. In de gespreksvoering kunnen zich misverstanden voordoen naar aanleiding van diverse verschillen in de taal en het taalgebruik. In dit hoofdstuk komen de belangrijkste verschillen aan de orde die zich in de communicatie kunnen voordoen, zowel in de uitdrukkingswijze als in de interpretatie van verbale en non-verbale taal.
Edwin Hoffman

5. Ordening: de zienswijze en denkwijze

Het gebied ordening van het TOPOI-model betreft de zienswijze en de denkwijze van de gespreksdeelnemers ten aanzien van de kwesties die aan de orde zijn. Bij het gebied ordening gaat het om je visie, opvattingen en overtuigingen, en de wijze waarop je denkt. Ieder mens ordent de werkelijkheid op een eigen manier. Niemand kan de totale werkelijkheid bevatten. Je selecteert noodgedwongen uit de veelheid van indrukken die je ontvangt. Iedereen neemt voortdurend een bepaald standpunt of gezichtspunt in ten opzichte van de werkelijkheid. Dit betekent dat iedere zienswijze afhankelijk is van het gezichtspunt, de invalshoek, die je kiest om naar de werkelijkheid te kijken. Verder kan de manier waarop mensen denken en logisch redeneren verschillen. In dit hoofdstuk komen collectieve (culturele) en individuele verschillen aan de orde die zich kunnen voordoen op het gebied ordening.
Edwin Hoffman

6. Personen: identiteit en betrekking

Het gebied personen van het TOPOI-model is het betrekkingsaspect in de communicatie. Het betreft de identiteit van gesprekspartners en hun onderlinge relatie. Het gebied personen is cruciaal in de communicatie. Bij een vreemdheidservaring als gevolg van optredende verschillen, kunnen mensen zich op betrekkingsniveau direct persoonlijk geraakt voelen in wie ze zijn en in hoe ze de relatie met elkaar ervaren. Gesprekspartners wisselen inhoudelijke, informatieve boodschappen uit en gelijktijdig – meestal onbewust – relationele boodschappen: ‘zo zie ik jou’, ‘zo zie ik mezelf’ en ‘zo zie ik onze relatie’. Er zijn culturele en persoonlijke verschillen in de voorkeur voor omgaan met anderen. Verschillende voorkeuren worden in dit hoofdstuk besproken, zoals collectivistisch of individualistisch, masculien/assertief of feminien/humaan, hiërarchisch/statusgevoelig of informeel, universalistisch of particularistisch en specifiek of diffuus. De betrekking tussen gesprekspartners kan in een gesprek berusten op symmetrie (gelijkheid: bijvoorbeeld leidend-leidend) en complementariteit (aanvullend: bijvoorbeeld leidend-volgend).
Edwin Hoffman

7. Organisatie: de maatschappelijke en organisatorische context

Het TOPOI-gebied organisatie staat voor de maatschappelijke en organisatorische context en voor de machtsverhoudingen waarbinnen het gesprek plaatsvindt. Veel misverstanden en conflicten in de communicatie hangen samen met maatschappelijke en organisatorische factoren. Ze hebben weinig tot niets te maken met culturele verschillen, hoewel deze in eerste instantie wel als zodanig worden benoemd. Het gebied organisatie kent als het organisatorische raamwerk van de communicatie verschillende niveaus: het maatschappelijke macroniveau van overheidsbeleid en wet- en regelgeving; het mesoniveau van de organisatie van concrete bedrijven en instellingen, en het microniveau van de organisatorische aspecten van een gesprek (agenda, beschikbare tijd, kennis, beelden van de instelling, rol functionaris). Gezien het interpersoonlijke karakter van communicatie is de invalshoek voor de uitwerking van het gebied organisatie vooral de organisatie op meso- en microniveau.
Edwin Hoffman

8. Inzet: motieven, behoeften, emoties en waarden

Het TOPOI-gebied inzet omvat intrinsieke motieven: beweegredenen waarom je doet wat je doet. Inzet is je niet zichtbare binnenkant: je bedoelingen, motieven, beweegredenen, belangen en verlangens (het appel), met daaronder de dieperliggende emoties, behoeften en waarden. Gezien worden in je inzet ( = erkenning) is van levensbelang. Alleen zo krijg je antwoord op de vraag of je voor anderen van belang bent. Je inzet is zichtbaar in je dagelijkse inspanningen in relatie tot anderen: in wat je doet en laat. Invloed is dan het waarneembare effect van je inzet op anderen. Wat mensen beweegt en hoe ze daar uiting aan geven, kan cultureel verschillen en aanleiding zijn tot misverstanden in de communicatie. Misverstanden op het gebied inzet ontstaan vooral omdat bedoelingen en effecten van de communicatie niet met elkaar overeenkomen. Je voelt je dan niet erkend in je inzet.
Edwin Hoffman

9. TOPOI-interventiemogelijkheden

De TOPOI-interventiemogelijkheden zijn algemene communicatieve attitudes en vaardigheden die in elke communicatie voor een goed verloop van belang zijn. In dit hoofdstuk staat een selectie van attitudes en vaardigheden die vooral de communicatie met mensen met een migratieachtergrond ten goede komen. Aan bod komen interventies als deculturaliseren en normaliseren; de presentiebenadering; ‘reading the air’ ofwel de context kunnen lezen; empathie; reflectief luisteren; werken met de effecten van de communicatie; herkaderen en transformatief leren; expliciteren en navragen; feedback en metacommunicatie. Verder is er aandacht voor botsende waarden die zich in de communicatie kunnen voordoen. Aan de orde komen drie wereldbeschouwingen die laten zien hoe je met botsende waarden kunt omgaan: monisme, relativisme en pluralisme.
Edwin Hoffman

10. Toepassingen van het TOPOI-model op praktijksituaties

In dit hoofdstuk staan twee toepassingen van het TOPOI-model op praktijksituaties beschreven. Op de website zijn meer toepassingen van het TOPOI-model te vinden. De opbouw van de toepassingen is als volgt. Eerst wordt de praktijksituatie van commentaar voorzien. Dan volgen hypothesen over mogelijke misverstanden. Bij elke praktijksituatie zijn een of meer gebieden van het TOPOI-model de invalshoek om hypothesen op te stellen. Gezien het circulaire karakter van de communicatie, zijn twee kernvragen het uitgangspunt voor de analyse: (1) Wat is ieders aandeel? (2) Wat is de invloed vanuit de sociale omgeving: de heersende sociale representaties van waarden, normen, beelden, praktijken, ervaringen, opvattingen en betekenissen op ieders communicatie? Deze reflectievragen helpen om in de analyse hypothesen te vormen over de mogelijke bronnen van het misverstand. Vervolgens worden enkele interventiemogelijkheden beschreven die de communicatie kunnen herstellen.
Edwin Hoffman

Nawerk

Meer informatie