Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Dit zakboek beschrijft de verschillende rollen van werkbegeleiders in de sector zorg en welzijn. Het biedt toepasbare adviezen voor het toetsen en beoordelen van leerlingen in de dagelijkse beroepspraktijk. Tevens geeft het een praktische handreiking in het (onderling) toetsen en beoordelen van collega’s (collegiale toetsing) om de bekwaamheid op peil te houden.
Deze praktische handleiding gaat in op alle aspecten van begeleiden in de beroepspraktijkvorming zoals instructie, zelfsturing en coaching, leerstijlen en leervoorkeuren, begeleidingsstijlen, begeleidings- en beoordelingsgesprekken en op competentiegericht toetsen en beoordelen. Het zakboek is te gebruiken als naslagwerk of in het kader van een training voor werkbegeleiders en toetsers.

De werkbegeleider in zorg en welzijn is geschikt voor mbo- en hbo-opgeleide medewerkers die belast zijn met de begeleiding en beoordeling van leerlingen zoals:
- verpleegkundigen en verzorgenden in de cure en care, intramuraal en extramuraal;
- pedagogisch medewerkers in de kinderopvang en jeugdzorg;
- medewerkers maatschappelijke zorg in de gehandicaptenzorg, ouderenzorg en psychiatrie;
- apothekersassistenten, doktersassistenten en tandartsassistenten
- professionals in de gezondheidszorg in het kader van collegiale toetsing

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Beroepsgericht leren en begeleiden

Samenvatting
In dit hoofdstuk staat beroepsgericht leren centraal. Op welke manier maakt de student zich kennis en vaardigheden eigen op school en in de praktijk? We besteden aandacht aan competentiegericht leren, natuurlijk leren, ‘het oude en het nieuwe leren’ en zelfsturing. Wie spelen een rol in de begeleiding van de student en welke rol heeft de werkbegeleider? Wat zijn de beste omstandigheden om te leren, hoe is het leer- en werkklimaat? Ten slotte volgt uitleg over de opzet van de kwalificatiedossiers, de basis van iedere mbo-opleiding.
Nicolien van Halem, Tera Stuut, Henny Verbeek

2. De werkbegeleider

Samenvatting
De werkbegeleider heeft een belangrijke rol binnen zorg- en welzijnsorganisaties. Zij helpt de student zich het vak eigen te maken en leert tegelijkertijd zelf hoe zij in de verschillende rollen van werkbegeleider het beste van zichzelf kan geven. In dit hoofdstuk staat beschreven wie de werkbegeleider is, wat de werkbegeleider doet en met welke rollen de werkbegeleider te maken heeft. Wanneer ben je een goede werkbegeleider? Welke competenties horen bij een goede werkbegeleider? Wat is methodisch werken en hoe pas je dit toe in de praktijk van alledag?
Nicolien van Halem, Tera Stuut, Henny Verbeek

3. Introductie van de student

Samenvatting
Dit hoofdstuk gaat over het introduceren van een student in de organisatie, de afdeling of de groep. Hoe komt het eerste contact tot stand, wat is een introductiegesprek en hoe doe je dat? Welke informatie heeft een student nodig van de werkbegeleider en hoe zorg je ervoor dat je de informatie goed doseert en dat deze helder overkomt? Vervolgens gaat het hoofdstuk in op hoe je als werkbegeleider vaststelt wat een student al kan. Kortom, de zaken die de werkbegeleider moet regelen als een student in de praktijk aan het werk gaat.
Nicolien van Halem, Tera Stuut, Henny Verbeek

4. Coaching

Samenvatting
Dit hoofdstuk gaat over coaching van studenten. Welke competenties heeft een coach nodig in verschillende situaties: bij het leerproces in het algemeen, bij het aanleren van een goede beroepshouding, in de situatie dat een student alleen werkt (stand alone-leren) en bij de student met faalangst? We bespreken de ‘leervoorkeuren van Ruijters’, de ‘leerstijlen van Kolb’ en de begeleidingsstijlen van de begeleider. Deze laatste zijn gebaseerd op de ‘theorie van situationeel leidinggeven’ en gekoppeld aan de verschillende typen werkbegeleider. Hoe je de student kunt begeleiden bij het vormgeven van zijn leerproces komt uitvoerig aan de orde bij het formuleren van leerdoelen en de activiteiten die nodig zijn om deze doelen te behalen.
Nicolien van Halem, Tera Stuut, Henny Verbeek

5. Didactisch handelen

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op het didactisch handelen door de werkbegeleider. Hoe breng je het vak over op de student en op een nieuwe medewerker? In dit hoofdstuk zijn richtlijnen opgenomen over het geven van een instructie en demonstratie en het begeleiden van een student bij het oefenen van een vaardigheid. We besteden aandacht aan de praktische vaardigheden die je als werkbegeleider inzet bij de begeleiding van de student, zoals het voeren van een gesprek waarin je actief luistert naar de student, goede vragen stelt, feedback geeft en de student helpt bij reflectie op haar handelen. In dit hoofdstuk zijn richtlijnen opgenomen over het geven van een instructie en demonstratie en het begeleiden van een student bij het oefenen van een vaardigheid. Tussen de werkbegeleider en student kan een situatie ontstaan waarin het leren van de student wordt geblokkeerd. Dit kan te maken hebben met ‘geen klik tussen twee mensen’ en miscommunicatie, wat zelfs kan leiden tot een conflict. De adviezen voor de werkbegeleider staan beschreven in de laatste paragrafen, evenals de zorg voor een goed leerklimaat op de afdeling, in de groep of in het team.
Nicolien van Halem, Tera Stuut, Henny Verbeek

6. Toetsen en beoordelen

Samenvatting
Dit hoofdstuk gaat over de begrippen toetsen en beoordelen en wat die betekenen voor het ontwikkelen van competenties. Beoordelen in het competentiegerichte leren is een ijkpunt voor een student: aan de hand van beoordelingen en toetsen kan zij bepalen wat zij beheerst en nog moet ontwikkelen. Er wordt uitgelegd wat de verschillen zijn tussen kwalificerend, ontwikkelingsgericht, beoordelen en formatief en summatief beoordelen.
Omdat beoordelen zo belangrijk is, moet het volgens vaste regels gebeuren. In dit hoofdstuk besteden we daarom aandacht voor de gehele beoordelingscyclus. Een student moet van tevoren weten wat er beoordeeld wordt, hoe er beoordeeld wordt en om wat voor soort beoordeling het gaat, zodat zij zich optimaal kan voorbereiden.
Dit hoofdstuk bevat praktische handvatten voor het beoordelen van verschillende toetsvormen, kwalificerend beoordelen met behulp van de WACKER-methode en de beoordeling van de student bij stand alone-leren.
We bespreken hoe je toetsangst kunt herkennen en wat je kunt doen om studenten met toetsangst te begeleiden. We sluiten af met de verschillende verantwoordelijkheden voor het toetsproces. Alle betrokkenen hebben een rol om te zorgen dat dit proces eerlijk en betrouwbaar verloopt: de student, de school, de praktijk en de inspectie van onderwijs.
Nicolien van Halem, Tera Stuut, Henny Verbeek

7. De beoordelaar

Samenvatting
Beoordelen valt of staat met de kwaliteit van de beoordelaar. Dit hoofdstuk geeft een overzicht van alle kwaliteiten die belangrijk zijn voor de beoordelaar, ook wel assessor genoemd. We gaan dieper in op wat de beoordelaar (assessor) doet en de afstemming tussen school en praktijk. Daarnaast beschrijven we hoe een beoordelingscyclus verloopt en welke gespreksvormen daarbij gehanteerd kunnen worden. En wat betekent een goede of een slechte beoordeling? Het hoofdstuk sluit af met beoordelaarsmissers en bijbehorende adviezen om een goede beoordelaar te worden.
Nicolien van Halem, Tera Stuut, Henny Verbeek

8. Training en toetsing van professionals in de praktijk

Samenvatting
In dit hoofdstuk staat de lerende professional in de organisatie centraal: hoe verloopt de ontwikkeling van beginner tot bekwame en volleerde beroepskracht tot expert, hoe leert zij op de werkvloer en hoe houdt zij haar bekwaamheid op peil? En kan de lerende organisatie bijdragen aan een prettig leerklimaat?
Werkgevers spannen zich in om scholing te organiseren. Zij zijn, naast de eigen verantwoordelijkheid van de medewerker zelf, ook verantwoordelijk om een bijdrage te leveren aan de deskundigheidsbevordering van hun medewerkers. Zij organiseren daarvoor scholingen, vaardigheidstrainingen en toetsen. Hoe ze dit kunnen doen, wordt uitgelegd in de paragrafen over de skillslabmethode, het gebruik van een lesopzet en vaardigheidstoetsing. De skillslabmethode is bruikbaar voor (verpleeg)technische vaardigheden en bij communicatieve vaardigheden. De mogelijkheden om de kwaliteit van de scholing in zorg en welzijn te borgen, worden besproken in de laatste paragraaf.
Nicolien van Halem, Tera Stuut, Henny Verbeek

Nawerk

Meer informatie