Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Waar gaat het om in de verpleging en in wat voor soort organisatie werken verpleegkundigen? Wat houdt methodisch werken in? Deze en nog veel meer vragen worden aan de hand van duidelijke voorbeelden beantwoord.

Dit boek schetst een helder beeld van het vak waarin de mbo-verpleegkundige, na zijn of haar opleiding, komt te werken en geeft praktische handvatten voor de dagelijkse praktijk. Onderwerpen zoals het verpleegkundig proces, het verpleegplan en het zorgleefplan komen uitvoerig aan bod, evenals de juridische en ethische aspecten waarmee de verpleegkundige te maken zal krijgen. Ook wordt ruim aandacht besteed aan preventie, voorlichting geven, kwaliteitszorg en deskundigheidsbevordering. Concrete stappenplannen en voorbeelden uit de praktijk geven houvast bij al deze onderwerpen.

Verpleegkunde voor mbo is allereerst bestemd voor verpleegkundigen in opleiding, om vertrouwd te raken met de inhoud en taal van het verpleegkundig beroep. Daarnaast kunnen verpleegkundigen het boek in de praktijk gebruiken als naslagwerk en om hun inzicht in verpleegkundige ontwikkelingen te vergroten.

Inhoudsopgave

Voorwerk

Het verpleegkundig beroep in beeld

Voorwerk

1. Waar gaat het om in de verpleging?

Samenvatting
Het eerste hoofdstuk geeft een veelzijdig beeld van waar het in de verpleging om gaat. Zo houden verpleegkundigen zich in hun werk bezig met het bieden van zorg en begeleiding in het verpleegkundig proces en het werken aan kwaliteit en deskundigheid. In hun werk moeten verpleegkundigen aan bepaalde eisen voldoen. Ze moeten hun werkzaamheden op een deskundige wijze uitvoeren vanuit een professionele beroepshouding en betrokkenheid bij de zorgvrager. Dit doen ze in een maatschappij die steeds in ontwikkeling is. Tijdens het werk behoren verpleegkundigen zich te houden aan de kaders die voor de beroepsgroep gelden, zoals wetgeving, de beroepscode, richtlijnen en protocollen. Daarnaast werken verpleegkundigen vanuit hun idealen over hoe goede verpleegkundige zorg er uit moet zien. Vanuit hun visie op de mens, gezondheid, ziekte en verpleging geven ze een persoonlijke kleur aan hun werk. Al deze onderwerpen krijgen een toelichting in het eerste hoofdstuk.
Wupke Boog

2. Waar werken verpleegkundigen?

Samenvatting
Verpleegkundigen zijn met vele andere hulpverleners werkzaam in de gezondheidszorg. Dit hoofdstuk geeft een overzicht van het brede werkveld dat gezondheidszorg heet. Hoe zijn de gezondheidszorgvoorzieningen toegankelijk voor de zorgvrager en welke zijn dat? Het zijn niet alleen hulpverleners die zorg verlenen; ook familieleden en vrijwilligers zorgen vaak voor anderen. Aan de basis van dit alles staat de zorg die iemand voor zichzelf heeft. De begrippen die bij deze vormen van zorg horen lichten we toe: zelfzorg, mantelzorg, vrijwillige zorg en professionele zorg. Het tweede deel van dit hoofdstuk gaat in op de werkvelden of branches waarin verpleegkundigen werkzaam zijn. Wat is het specifieke van een werkomgeving en welke hulpvraag hebben de zorgvragers daar? Er volgt een schets van wat verpleegkundigen kunnen tegenkomen in ziekenhuizen, verpleeg- en verzorgingshuizen, thuiszorg, geestelijke gezondheidszorg en gehandicaptenzorg.
Wupke Boog

Methodisch werken

Voorwerk

3. Oriëntatie op het verpleegkundig proces

Samenvatting
Dit eerste hoofdstuk van deel II Methodische werken gaat in op wat methodisch werken is, hoe een methodische aanpak eruitziet en welke invloed een visie op verplegen daarbij heeft. Bij het methodische werken op basis van het verpleegkundig proces nemen verpleegkundigen veel besluiten. Er wordt toegelicht welke afwegingen ze daarbij maken om tot een verantwoorde besluitvorming te komen. Het zogenaamde VAKK-model is hierbij een hulpmiddel. Verpleegkundigen maken bij het verpleegkundig proces gebruik van een specifiek begrippenkader. Dit begrippenkader is samengevat in classificaties die dienen als hulpmiddel en informatiebron bij het verpleegkundig proces. Welke dat zijn in de verschillende fasen van het verpleegkundig proces, staat in het laatste deel van dit hoofdstuk.
Wupke Boog

4. Verzamelen van gegevens en vaststellen van verpleegkundige diagnosen

Samenvatting
Dit hoofdstuk gaat in op de eerste twee fasen van het methodisch verplegen: het verzamelen van gegevens en het vaststellen van verpleegkundige diagnosen. De gegevens die verpleegkundigen verzamelen in de eerste fase van het verpleegkundig proces, zijn bedoeld om een beeld te krijgen van wat er met de zorgvrager aan de hand is. Beschreven wordt welke bronnen verpleegkundigen gebruiken om gegevens te verzamelen en over welke onderwerpen ze informatie inwinnen. Het anamnesegesprek is een bron die veel gegevens oplevert. Hoe het anamnesegesprek verloopt, komt in dit hoofdstuk naar voren. De verkregen informatie wordt gebruikt in de tweede fase van het verpleegkundig proces om de ondersteuningsvragen, zorgproblemen en verpleegkundige diagnosen vast te stellen. Hoe deze verpleegkundige diagnosen moeten worden geformuleerd en vastgesteld, staat in het tweede deel van dit hoofdstuk beschreven.
Wupke Boog

5. Formuleren van resultaten en kiezen van interventies

Samenvatting
Na het verzamelen van gegevens en het vaststellen van verpleegkundige diagnosen in de diagnostische fase, komt de planningsfase. Dit hoofdstuk gaat in op de twee fasen die bij de planningsfase horen, namelijk het formuleren van de beoogde resultaten en het kiezen van verpleegkundige interventies. Eerst wordt ingegaan op het formuleren van beoogde resultaten. Wat wordt daar precies mee bedoeld en welke eisen stelt men aan de formulering ervan? Er wordt een toelichting gegeven op het besluitvormingsproces om tot de keuze van de juiste resultaten te komen. Op basis van de beoogde resultaten plannen verpleegkundigen de zorg. Welke interventies zijn er en hoe komen verpleegkundigen tot een juiste keuze? Het hoofdstuk sluit af met een beschrijving van het verpleegplan; hierin worden de eerste vier fasen van het verpleegkundig proces vastgelegd.
Wupke Boog

6. Uitvoeren van interventies en evalueren

Samenvatting
Dit hoofdstuk gaat in op de laatste twee fasen van het verpleegkundig proces: de uitvoering van interventies en de evaluatie. In de praktijk betekent het uitvoeren van zorg niet dat je alleen maar doet. Het denken blijft in deze fase ook een belangrijke rol spelen, bijvoorbeeld bij de keus welke interventies prioriteit hebben. Daarnaast wordt ingegaan op een specifieke interventie, namelijk het monitoren van een zorgvrager. In de uitvoering van de zorg hebben verpleegkundigen te maken met mantelzorgers. De verschillende rollen van een mantelzorger en de taak van de verpleegkundige daarbij worden besproken. Dit hoofdstuk gaat verder in op de voortgangsrapportage: wat moet je vermelden over de uitvoering van de zorg en wat is daarvoor een goede manier? Het – voortdurend – evalueren is een kenmerk van het methodisch verplegen. Dit hoofdstuk sluit af met een beschrijving van de verschillende vormen van evaluatie en hoe je het verpleegkundig proces effectief kunt evalueren.
Wupke Boog

Aspecten van de beroepsuitoefening

Voorwerk

7. Preventie en voorlichting

Samenvatting
Preventie krijgt veel aandacht in de zorg. Door preventief zorg te verlenen, kunnen veel klachten en ziekten worden voorkomen. Dit hoofdstuk gaat in op wat verpleegkundigen kunnen doen aan preventie en welke vormen van preventie er zijn. Een belangrijke interventie bij het toepassen van preventie is het geven van voorlichting. Voorlichting wordt hierbij gebruikt als koepelbegrip, waaronder informatie, instructie, educatie en begeleiding vallen. Het tweede deel van dit hoofdstuk beschrijft waarover verpleegkundigen voorlichting geven en de stappen bij gedragsgericht voorlichting geven. Verder komt naar voren hoe verpleegkundigen de voorlichting op een methodische wijze kunnen aanpakken en welke voorlichtingsmaterialen ze kunnen gebruiken ter ondersteuning van de voorlichting.
Wupke Boog

8. Juridische aspecten

Samenvatting
Verpleegkundigen hebben dagelijks te maken met regels uit wetten die voorschrijven hoe ze iets moeten doen of waarmee ze rekening moeten houden. Dit hoofdstuk gaat daarom in op de juridische aspecten van de verpleegkundige beroepsuitoefening. Het eerste deel van dit hoofdstuk beschrijft de hoofdlijnen van een zevental wetten die een belangrijke rol spelen bij het geven van kwalitatief goede zorg. In het tweede deel van dit hoofdstuk komt het begrip beroepsaansprakelijkheid, als het juridische verlengstuk van beroepsverantwoordelijkheid, aan bod. Beroepsaansprakelijkheid is aan de orde wanneer er sprake is van (een vermoeden van) onjuist uitgevoerde beroepshandelingen. Het hoofdstuk licht toe wat de beroepsverantwoordelijkheid is van verpleegkundigen en op welke vier manieren verpleegkundigen juridisch aangesproken kunnen worden, namelijk strafrechtelijk, civielrechtelijk, arbeidsrechtelijk en tuchtrechtelijk.
Wupke Boog

9. Ethische aspecten

Samenvatting
In hun dagelijks werk komen verpleegkundigen in aanraking met allerlei ethische vragen. Dit hoofdstuk gaat daarom in op vragen als: waar gaat het om bij ethiek? Wat zijn veelvoorkomende ethische vragen in de verpleging? Wat is nodig om ethisch te kunnen handelen? Vaak zijn er meerdere hulpverleners betrokken bij een ethische vraag, waarbij ieder een eigen mening heeft. Hoe kom je dan tot een gezamenlijk standpunt om de zorgvrager de beste zorg te kunnen geven? Het tweede deel van dit hoofdstuk gaat in op het omgaan met ethische vragen. Er is een beschrijving van een methode voor reflectie op ethische vragen en een stappenplan voor ethische discussie en besluitvorming. De vragen die hierin naar voren komen, geven houvast om op een zorgvuldige manier met ethische vragen bezig te zijn. Daarnaast blijkt dat morele intuïtie een goed startpunt is voor de analyse van een moreel probleem.
Wupke Boog

Organisatie en professiegebonden taken

Voorwerk

10. Organisatie en coördinatie van zorg

Samenvatting
Veel zorgvragers hebben 24 uur per dag verpleegkundige zorg nodig, terwijl een individuele verpleegkundige maar zo’n acht uur per dag werkt. Hoe zorg je er dan voor dat er altijd iemand voor de zorgvrager is? Hoe bewaak je dat er afstemming is tussen de werkzaamheden van de verschillende verpleegkundigen en andere hulpverleners? Dat kan door de zorg goed te organiseren en te coördineren. In dit hoofdstuk komen verschillende manieren aan bod om de verpleegkundige zorg te organiseren en te coördineren. Er wordt toegelicht wat het coördineren van zorg inhoudt en hoe verpleegkundigen hieraan een bijdrage kunnen leveren door met collega’s en andere hulpverleners samen te werken en door deel te nemen aan besprekingen. Speciale aandacht is er voor het ontslagproces. Tot slot gaat dit hoofdstuk in op het beleid van een instelling of afdeling en hoe verpleegkundigen mee kunnen denken over het beleid, zodat ze hun werkomstandigheden positief kunnen beïnvloeden.
Wupke Boog

11. Werkbegeleiding geven

Samenvatting
Naast de zorg voor zorgvragers, hebben verpleegkundigen de taak om leerlingen die het vak willen leren, te begeleiden in hun leerproces. Dit hoofdstuk gaat in op het geven van werkbegeleiding aan leerlingen die in het praktijkdeel van de opleiding tot (mbo-)verpleegkundige zitten. Er wordt toegelicht wat werkbegeleiding inhoudt en welke andere vormen van begeleiding er zijn bij het leren in de praktijk. Werkbegeleiding geven gebeurt, net als het verplegen, op een methodische wijze. Het proces van werkbegeleiding geven wordt vergeleken met het verpleegkundig proces. Het hoofdstuk gaat verder in op beroepsgericht opleiden. Wat houdt dat in en wat betekent dat voor het werk van werkbegeleiders? Het tweede deel van dit hoofdstuk gaat in op de verschillende rollen die een werkbegeleider heeft: die van organisator, opleider, begeleider en beoordelaar.
Wupke Boog

12. Kwaliteitszorg

Samenvatting
In de gezondheidszorg is kwaliteit een belangrijk onderwerp. De Wet Kwaliteit Zorginstellingen (WKZ) en de Wet BIG, die in H. 8 staan beschreven, bieden hiervoor de wettelijke kaders. Dit hoofdstuk gaat in op verschillende aspecten van kwaliteit. Wat houden de begrippen kwaliteit en kwaliteitszorg in en welke kwaliteitseisen zijn er voor beroepsbeoefenaren? Er volgt een toelichting op de stappen die de basis vormen van kwaliteitszorg: plan-do-check-act (PDCA) en op welke wijze Evidence based practice (EBP) een bijdrage kan leveren aan een goede kwaliteit van zorg. In het tweede deel van dit hoofdstuk komt naar voren wat kwaliteit vanuit het perspectief van de zorgvrager inhoudt. Op instellingniveau lichten we de kwaliteitssystemen HKZ, NIAZ en PREZO toe en op teamniveau de aanpak van visitatie, afdelingsgebonden toetsing en de spiraalmethode. De SWOT-analyse kan daarbij helpen om een verbeteronderwerp te kiezen.
Wupke Boog

13. Deskundigheidsbevordering en professionalisering

Samenvatting
De ontwikkelingen in de verpleging gaan snel. Wat iemand tijdens haar opleiding tot verpleegkundige heeft geleerd, kan een paar jaar later al weer verouderd zijn. Daarom is het belangrijk om de deskundigheid op peil te houden. Het eerste deel van dit hoofdstuk geeft een overzicht van de verschillende activiteiten die verpleegkundigen kunnen ondernemen om de deskundigheid te bevorderen. Op twee daarvan gaat dit hoofdstuk uitgebreider in, namelijk op het geven van een klinische les en het reflecteren op het eigen beroepsmatige handelen. Het tweede deel van dit hoofdstuk gaat over professionalisering. Toegelicht wordt wat professionalisering inhoudt en wat verpleegkundigen kunnen doen aan individuele professionalisering. Het hoofdstuk sluit af met een beschrijving van twee organisaties die zich sterk maken voor de professionalisering van de beroepsgroep van verpleegkundigen en verzorgenden.
Wupke Boog

Nawerk

Meer informatie