Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

In dit boek worden alle aspecten van de nucleaire geneeskunde behandeld: onderzoek en therapie met behulp van radioactieve verbindingen, de bereiding van radioactieve verbindingen, de benodigde apparatuur en stralingsbescherming van patiënt en personeel. In deze uitgave zijn recente ontwikkelingen binnen nucleaire geneeskunde verwerkt, zoals PET/CT en SPECT/CT. Geheel nieuw is een hoofdstuk over de toepassingen, uitvoering en interpretatie van PET/CT (hoofdstuk 5). De systematische indeling van het boek maakt het lezen buitengewoon gemakkelijk.
Alle onderwerpen in Nucleaire geneeskunde zijn beschreven vanuit de Nederlandse situatie, waarbij ruime aandacht is besteed aan de van toepassing zijnde wetgeving.
Dit boek is in de eerste plaats bedoeld voor MBB'ers (Medisch Beeldvormings- en Bestralingsdeskundigen) in opleiding, maar daarnaast ook voor afgestudeerde MBB'ers die zich willen specialiseren op het gebied van de nucleaire geneeskunde. Voor medisch specialisten in opleiding en studenten technische geneeskunde is het boek een goede introductie. Voor basisartsen en huisartsen is het een zeer handig naslagwerk.
Nucleaire geneeskunde maakt deel uit van de serie Medische Beeldvorming en Radiotherapie. De auteurs zijn allen werkzaam in ziekenhuizen in Nederland en België.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. De medisch beeldvormings- en bestralingsdeskundige op de afdeling Nucleaire Geneeskunde

De medisch beeldvormings- en bestralingsdeskundige (MBB’er) op de afdeling Nucleaire Geneeskunde is een gecertificeerde werker in de gezondheidszorg die in staat is om het gehele pakket van nucleair geneeskundige procedures uit te voeren. Hij maakt deel uit van een team van ziekenhuismedewerkers zoals medici, fysici, radiochemici, radiofarmaceuten, informatici en verpleegkundigen.
Wim van den Broek

2. Radiofarmacie

De nucleaire geneeskunde is een multidisciplinair vakgebied waarbij geneeskunde, fysica en farmacie nauw betrokken zijn. Een essentieel onderdeel van de nucleaire geneeskunde is het radiofarmacon. Dit is een radioactief geneesmiddel voor diagnostiek of therapie. Radiofarmaca worden vanwege hun fysische verval en (radio) chemische instabiliteit veelal kort voor de toediening bereid.
Katja van Rij, Eric Franssen

3. Gammacamera

Om fysiologische processen in het lichaam in kaart te brengen, wordt in de nucleaire geneeskunde gebruikgemaakt van een radiofarmacon, doorgaans een radioactieve isotoop gekoppeld aan een chemische verbinding. Na toediening aan de patiënt zal het radiofarmacon zich op een bepaalde manier verdelen over het lichaam.
Roel Wierts

4. Positronemissietomografie (PET)

Hoewel de ontwikkeling van gammacamera’s nog steeds in volle gang is (zie hoofdstuk 3) heeft de gebruikte techniek een aantal inherente problemen. De grootste beperkende factor is de noodzaak om een collimator te gebruiken om vast te kunnen stellen, middels projectie, waar een foton vandaan komt.
Antoon Willemsen, Johan de Jong, Anne Paans

5. Toepassingen, uitvoering en interpretatie van PET/CT

De positronemissietomografie (PET) vormt een steeds belangrijker deel van de nucleaire geneeskunde, onder andere door de hogere gevoeligheid en hogere spatiële resolutie van PET ten opzichte van SPECT, en door de vele toepassingen van het meest gebruikte PET-radiofarmacon: 18F-fluordeoxyglucose (18F-FDG). Maar 18F-FDG is absoluut niet de enige PET-tracer en de diversiteit aan radiofarmaca voor PET neemt steeds verder toe.
Erik Vegt, Natascha Bruin

6. Meetapparatuur

Elders in dit boek wordt aandacht besteed aan beeldvormende apparatuur zoals de gammacamera en de PET/CT-camera. Dit hoofdstuk behandelt de categorie meetapparaten die gebruikt wordt voor andere toepassingen dan beeldvormend onderzoek
Bertjan Arends

7. Kwaliteit van medische apparatuur

In dit hoofdstuk wordt in algemene termen ingegaan op de zaken die van belang zijn voor de kwaliteitsborging van medische apparatuur in de nucleaire geneeskunde. Voor specifieke informatie, zoals de beschrijving van de diverse apparaten en de aanbevelingen met betrekking tot de bijbehorende testprotocollen, wordt verwezen naar de andere hoofdstukken in dit boek en naar de Aanbevelingen nucleaire geneeskunde 2007.
Eric Visser

8. Beeldverwerking

De begrippen ‘informatica’ en ‘beeldverwerking’ zijn nauw verbonden met de computer. Er gaat informatie de pc in, en er komt (andere) informatie uit. We spreken dan van de invoer en de uitvoer van gegevens. De computer kan de informatie manipuleren, bijvoorbeeld door te sorteren, te selecteren, combinaties te maken, berekeningen uit te voeren en door gegevens op te slaan.
Saar Muller, Chris Peters

9. Beeldfusie

Met driedimensionale afbeeldingsmodaliteiten zoals CT, MRI, PET en SPECT worden verschillende aspecten van het menselijk lichaam afgebeeld. Deze technieken hebben elk hun sterke, maar ook hun minder sterke kanten. CT en MRI kunnen bijvoorbeeld de anatomie zeer gedetailleerd en met hoge resolutie tonen, maar niet altijd weefsels met verschillende eigenschappen van elkaar onderscheiden.
Wouter Vogel

10. Patiëntendosimetrie

De stralingsdosis in organen na toediening van een radiofarmacon aan een patiënt hangt af van het radiofarmacon en van de patiënt in kwestie. Het farmacologische gedrag, de toegediende hoeveelheid, de wijze van toediening, de radiochemische en radionuclidische zuiverheid en de halveringstijd van het gebruikte radionuclide beïnvloeden de stralingsdosis.
Johan de Jong, Antoon Willemsen, Anne Paans

11. Stralingsbescherming

Op een afdeling Nucleaire Geneeskunde wordt gebruikgemaakt van radioactieve stoffen en in toenemende mate van CT-scanners voor onderzoek en behandeling van patiënten. Handelingen met radioactieve stoffen en CT-scanners brengen risico’s met zich mee. Patiënten worden blootgesteld aan ioniserende straling.
Jom van Dalen

12. Skelet

Het skelet is het samenstel van botten, kraakbeen en bindweefsel dat het lichaam ondersteunt en veel kwetsbare organen beschermt. Het voornaamste weefsel waaruit het skelet is opgebouwd, is botweefsel. Het harde, inerte uiterlijk en het hoge gehalte aan anorganische bestanddelen leidden in het verleden tot de onjuiste veronderstelling dat bot, zeker bij volwassenen, statisch is. Dit is echter geenszins het geval.
Niels Veltman

13. Botdensitometrie

De afgelopen twintig jaar is het belang van botdensitometrie toegenomen, wat voor een groot deel te wijten is aan de toenemende vergrijzing. Maar ook is het, dankzij betere meetapparatuur, eenvoudiger geworden om patiënten met een hoog risico op osteoporotische fracturen van onderarm, wervels en heup op te sporen. Naar schatting worden per jaar in Nederland meer dan 80.000 patiënten van 50 jaar en ouder behandeld voor een klinische fractuur.
Ronald van Rheenen, Steven Boonen, Riemer Slart

14. Hart

In de klinische cardiologie speelt beeldvormend onderzoek een steeds belangrijkere rol bij het stellen van de diagnose, het inschatten van gezondheidsrisico’s en het evalueren van de behandeling. Een belangrijke techniek om het hart in beeld te brengen, zij het niet langer de enige, is scintigrafie.
Berthe van Eck-Smit, Hein Verberne, Riemer Slart

15. Hersenen

De hersenen zijn een zeer complex orgaan dat ongeveer 1 à 1,5 kg weegt en waarvan nog lang niet alle processen volledig bekend zijn. De hersenen nemen slechts 2% van het lichaamsvolume in, maar gebruiken ongeveer 20% van het bloed en 25% van de glucose in het lichaam – meer dan elk ander orgaan.
Silvia Eshuis

16. Nieren en urinewegen

De nieren spelen een belangrijke rol bij het handhaven van het interne milieu in het lichaam. Ze assisteren bij de water- en zouthuishouding en helpen bij de uitscheiding van afvalstoffen. De nieren worden zeer goed doorbloed: circa een vijfde deel van het bloed dat het hart uitpompt, stroomt door de nieren om daar gefilterd te worden.
Monique van Buul, Roland Kengen

17. Longen

De belangrijkste toepassing van de longscintigrafie sinds de eerste experimenten van Knipping in 1955 is de perfusiescintigrafie, later aangevuld met ventilatiescintigrafie bij de diagnostiek van longembolieën.
Ton Zwijnenburg, Ruth Keijsers

18. Spijsvertering en lever/milt

Het maag-darmkanaal voorziet in de energie- en voedselbehoefte van het lichaam en verzorgt de excretie van afval- en reststoffen. Het voedsel wordt gekauwd, ingeslikt, vermalen en verteerd, en vervolgens worden de voedingsstoffen geresorbeerd en de afvalstoffen geëlimineerd. De lever speelt een belangrijke rol in de spijsvertering door de aanmaak van gal, en heeft een belangrijke functie in de koolhydraat-, vet- en eiwitstofwisseling.
Michelle Versleijen, Roel Bennink

19. Endocriene aandoeningen

De endocrinologie houdt zich bezig met de fysiologie en pathofysiologie van hormonen, en van de organen die hormonen afscheiden. Hormonen zijn stoffen die worden afgescheiden aan het bloed en elders in het lichaam fysiologische processen beïnvloeden. Men onderscheidt eindhormonen, zoals de geslachtshormonen, en trofe, of voedende, hormonen, die andere endocriene organen beïnvloeden.
Dik Kwekkeboom, Hong Yoe Oei, Eric Krenning

20. Bloed

Bloed is een vloeistof die in het lichaam circuleert voor het transport van voedingsstoffen naar de organen en de afvoer van afvalstoffen van de stofwisseling. Het bloed zorgt voor transport van onder andere zuurstof en de afvoer van het verbrandingsproduct koolstofdioxide (CO2) en warmte.
Wim van den Broek

21. Infectie en ontsteking

De diagnostiek en behandeling van infecties en ontstekingen maken een belangrijk deel uit van de dagelijkse klinische en poliklinische praktijk. Dit hangt samen met de toenemende vergrijzing, een stijging van het aantal patiënten met een suboptimaal functionerend immuunsysteem (bijvoorbeeld na chemotherapie of ten gevolge van afstotingsremmende medicijnen na een orgaantransplantatie) en een toenemende resistentie tegen antibiotica.
Sabina Hanssen, Maarten Vinken, Wim Oyen

22. Lymfestelsel

Voor de clinicus is het lymfestelsel moeilijk toegankelijk. In 1952 werd voor het eerst een doorbraak bereikt met de toepassing van lymfangiografie. Lymfangiografie kan de lymfevaten zichtbaar maken door een contrastvloeistof in de lymfevaten te brengen. De diagnostische toepassing om met radionuclidentechnieken het lymfestelsel te bestuderen werd voor het eerst beschreven in 1953.
Pien de Haas, Rik Pijpers

23. Tumoren

Jaarlijks zijn er ongeveer 12,7 miljoen nieuwe gevallen van kanker in de hele wereld. Dit aantal zal naar verwachting stijgen tot 26 miljoen in 2030. Op de lijst van landen waar kanker het meest voorkomt, staat Nederland op de twaalfde plaats. In de eerste tien jaar van deze eeuw is het aantal nieuwe patiënten met kanker in Nederland toegenomen van circa 70.000 naar ruim 95.000 per jaar.
Renato Valdés Olmos, Marcel Stokkel

24. Radionuclidentherapie

In de laatste decennia heeft de rol van de nucleaire geneeskunde met name in de oncologie sterk aan betekenis gewonnen. Dit geldt niet alleen voor de diagnostische beeldvorming van tumoren en het functioneel onderzoek van organen die gevaar lopen bij oncologische therapieën (zie hoofdstuk 23), maar ook voor de therapeutische toepassing van nucleaire geneeskunde.
Linda de Wit-van der Veen, Marcel Stokkel

Nawerk

Meer informatie