Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Professionele richtlijnen, wettelijke bepalingen en ethische normen zouden de hulpverlening in de GGz tegenwoordig transparant moeten maken. Uit de praktijkverhalen in dit boek blijkt dat dit niet altijd het geval is. Psychiaters en andere hulpverleners in de psychiatrie schetsen het belang van de persoonlijke expertise van de therapeut bij het maken van beslissingen over de behandelingsstrategie.

Ieder hoofdstuk kent dezelfde opbouw. Aan de hand van een casus wordt een praktisch dilemma beschreven en ontrafeld. Hierbij komen ook de veranderde verhoudingen in de hulpverlening aan bod. De verschillende bijdragen laten zien dat goed hulpverlenerschap niet alleen is gestoeld op wetenschappelijke kennis en EBM protocollen. Clinical skills - de ervaring in het beoordelen van ingewikkelde praktijksituaties en het vermogen om snel en doeltreffend een besluit te nemen - vormen hierbij een factor van grote betekenis.

Dit boek geeft een actueel beeld van de complexiteit van hulpverlening in de psychiatrie. Het geeft bovendien een realistische kijk op de vermeende oplosbaarheid van alle psychiatrische problemen en vormt zo een bron van inspiratie voor iedereen die werkzaam is in de psychiatrie.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1 Richtlijnen in de psychiatrie

De kwade kanten van het goed bedoelde
Samenvatting
Richtlijnen staan in het veld van de psychiatrie in het centrum van de belangstelling; ze hebben een groot prestige. De Nederlandse Vereniging voor Psychiatrie (NVvP) ziet richtlijnen als middel om een gestandaardiseerde en kwalitatief hoogwaardige beroepsuitoefening te bereiken en maakt er daarom veel propaganda voor. Men hoopt eventuele kritiek van de buitenwacht – het te traag doorsijpelen van nieuwe kennis en inzichten bijvoorbeeld, en de grote verschillen in behandelbeleid – op deze wijze te voorkomen. In de jaarlijkse kennistoets van de agio’s wordt er ruim aandacht aan besteed. De NVvP breidt het aantal richtlijnen gestaag uit en besteedt er veel menskracht en werkuren aan. Het is dan ook te verwachten dat er meer richtlijnen zullen komen en dat deze een steeds groter gebied van het klinisch handelen zullen gaan bestrijken.
Jan Pols

2 Veranderen of zingeving?

De interpretatie van de hulpvraag als keuzeprobleem
Samenvatting
Bij een klacht of probleem zijn er twee basisstrategieën die gevolgd kunnen worden. De ene is de oorzaak van de klacht aan te pakken. Gebeurt dit succesvol, dan veranderen de omstandigheden zodanig dat het probleem niet langer bestaat. De andere strategie is de rol die de klacht in het leven speelt, te herzien. Gebeurt dit succesvol, dan blijven de omstandigheden weliswaar gelijk, maar krijgen ze voor de persoon in kwestie een andere zin. Een eenvoudig voorbeeld. Stel, iemand heeft last van de hitte. De eerstgenoemde strategie zal leiden tot het inzetten van middelen die de temperatuur verlagen, zoals parasol, ventilator, koelkast, airconditioning, enzovoort. De tweede strategie zal gericht zijn op het loslaten van de centrale betekenis die hitte blijkbaar gekregen heeft en daarmee op het verwerven van een vrijere mentale positie ten opzichte van hoge temperatuur.
Guus van Loenen

3 Doorgaan of stoppen?

Antipsychotica bij ambulante patiënten die een vroege psychose hebben doorgemaakt
Samenvatting
De ambulante behandeling van een jonge volwassene die voor het eerst psychotisch is, kan in veel gevallen vrij eenvoudig zijn. De psychiater schrijft een antipsychoticum voor in een lage dosering, hij heeft met de patiënt een aantal gesprekken over de inhoud en de betekenis van de psychotische ervaringen en hij biedt, waar nodig en gewenst, steun en voorlichting aan de familie. Na een paar maanden zal de psychose in veel gevallen redelijk onder controle zijn. De vraag wordt dan al gauw hoe het verder moet met de medicatie.
Pieter Vlaminck

4 Rehabilitatie of behandeling?

Herstel als uitgangspunt
Samenvatting
Men is het er in de literatuur over eens dat rehabilitatie en behandeling elkaar behoren aan te vullen (Bachrach, 1992; Slooff & Luijten, 2000). Maar rehabilitatie en behandeling hebben, om met Bachrach (1992) te spreken, een uneasy alliance en lijken vaak eerder een dilemma te vormen: rehabiliteren of behandelen?
Jos Dröes

5 Op wiens terrein sta ik?

Territoriaal gedrag in het kader van psychotische problematiek
Samenvatting
In de biologie staat het begrip territorium voor ‘ieder gebied dat wordt verdedigd’. Een territorium biedt bescherming zodat alle handelingen die van belang zijn om de groep in stand te houden, rustig uitgevoerd kunnen worden. Zowel bij mensen als dieren moeten de leden van de groep en vooral de jongen beschermd worden. Het vergaarde voedsel moet conform de hiërarchische structuur verdeeld worden, de beschikbaarheid van seksuele partners moet gegarandeerd worden enzovoort. Begrippen als grenzen, afstand en nabijheid, omvang van het territorium, de structuur ervan, de wetten en regels en hiërarchie zijn hierbij van belang.
Tom Kuipers

6 Zwijgen of handelen?

Dorien en de dilemma’s van een pvp
Samenvatting
In praktisch iedere psychiatrische instelling werkt een patiëntenvertrouwenspersoon (pvp). Die pvp is niet in dienst van de instelling zelf. De Stichting Patiëntenvertrouwenspersoon plaatst op basis van een standaardcontract de pvp’en in de instellingen. Hij heeft als taak de cliënten van de instelling te helpen bij vragen en klachten over hun rechtspositie ten opzichte van die GGz-instelling. Dat kunnen vragen of klachten zijn over uiteenlopende onderwerpen als de behandeling, de bejegening, de hotelfunctie enzovoort. Belangrijk daarbij is de partijdige opstelling van de pvp. De pvp kiest partij voor zijn cliënt en laat zich leiden door het belang zoals zijn cliënt dat ziet. Hij zal zich, anders dan een behandelaar, daarbij niet laten beïnvloeden door het ziektebeeld van zijn cliënt. De pvp heeft bovendien een zwijgplicht die ook geldt ten opzichte van de werkers in de instelling. Die zwijgplicht kan, op een enkele uitzondering na, alleen worden doorbroken na toestemming van zijn cliënt.
Paul Manni

7 De psychiater en het jonge meisje

Dilemma’s bij het aanvragen van een dwangopname
Samenvatting
De toepassing van dwang door de overheid is in een democratie aan strikte voorwaarden gebonden. In 1859 schreef John Stuart Mill in zijn invloedrijke boek On Liberty, dat overheidsdwang alleen valt te legitimeren als daarmee schade aan de samenleving of zichzelf te voorkomen is (Mill, 1978). In de gezondheidszorg is dat slechts incidenteel aan de orde. Eigenlijk alleen bij patiënten met een levensbedreigende infectieziekte, die afzondering en behandeling ter voorkoming van besmetting van derden weigeren, patiënten die de desastreuze gevolgen van hun weigering van een effectieve behandeling niet overzien en psychiatrische patiënten die op grond van zijn stoornis tot gevaar of ernstige vormen van overlast komen en niet bereid zijn om zich daarvoor te laten behandelen. De arts speelt in deze drie voorbeelden een centrale rol.
Ad Kaasenbrood, Peter Hanneman

8 Behandelen in plaats van opsluiten

Behandelen en beveiligen, twee ka nten va n één klinische realiteit
Samenvatting
In de forensische psychiatrie is de psychotische patiënt geen zeldzaamheid. Ruim eenderde van de populatie van TBS-ers (N = 1.300) lijdt onder andere aan een psychotische ziekte (Van Panhuis, 1997), terwijl dit voor de gedetineerden (N = 13.000) op enig moment zeven tot acht procent is (Bulten, 1998; Van Panhuis, 1997).
Peter van Panhuis

9 Ingrijpen of niet?

Het probleem van de verantwoordelijkheid bij borderline-problematiek
Samenvatting
Een veel voorkomend klinisch probleem voor een behandelaar in de GGz is de vraag of er ingegrepen moet worden in het leven van een patiënt met ernstige psychiatrische problematiek. Met ingrijpen wordt hier bedoeld om tegen de wil van de patiënt stappen te nemen waardoor zijn handelingsvrijheid wordt beperkt. Dit betreft meestal een gedwongen opname in een psychiatrisch ziekenhuis. Doel van het ingrijpen is primair het voorkómen van gevaar of schade voor patiënt en/of anderen.
Jan Spijker

10 Agressief gedrag in het psychiatrisch ziekenhuis

Dilemma’s bij interventie
Samenvatting
Agressie en de dreiging daarmee zijn in de klinische psychiatrie een groot probleem. Misschien zijn de omvang en reikwijdte ervan nog wel het beste te illustreren met een schets van hoe de GGz er zonder agressie uit zou zien. Zonder agressie zouden er geen gesloten afdeling en arbeidsintensieve separeercellen meer zijn, zou niemand meer assistentie hoeven te verlenen bij incidenten en zou dwang nauwelijks meer plaatsvinden. Verpleegkundigen zouden beduidend minder stress ervaren, minder vaak ziek zijn en minder snel van baan veranderen of burned-out raken. De teamvergaderingen zouden korter zijn en psychiaters zouden minder tijd kwijt zijn aan het invullen van middelen & maatregelenformulieren. De trainingen voor fysieke en verbale weerbaarheid zouden we kunnen afschaffen, er zou minder vernield worden en er zou geen geld meer nodig zijn voor videobewaking en alarmsystemen. Er zouden ook minder opnamen zijn, want veel opnamen in de kliniek vinden niet plaats vanwege de psychiatrische stoornis, maar doordat de patiënt zich thuis niet meer kan handhaven vanwege het gevaar dat hieruit voortvloeit, met name impulsregulatiestoornissen en suïcidaliteit (Hummelen e.a., 2003). Alle tijd en geld die vrijkomen, kunnen we besteden aan behandeling en zorg en het bevorderen van de kwaliteit daarvan.
Bert van der Werf

Nawerk

Meer informatie