Skip to main content
Top

Tip

Swipe om te navigeren naar een ander hoofdstuk

2016 | OriginalPaper | Hoofdstuk

3. Gezondheid van de Nederlandse bevolking

Auteur : J.P. Mackenbach

Gepubliceerd in: Volksgezondheid en gezondheidszorg

Uitgeverij: Bohn Stafleu van Loghum

share
DELEN

Deel dit onderdeel of sectie (kopieer de link)

  • Optie A:
    Klik op de rechtermuisknop op de link en selecteer de optie “linkadres kopiëren”
  • Optie B:
    Deel de link per e-mail

Samenvatting

Na 1970: hernieuwde sterftedaling in Europa en Noord-Amerika: vierde fase van de epidemiologische transitie. Het tijdperk van delayed degenerativediseases, d.w.z. geen uitschakeling ziekten maar uitstel naar hogere leeftijden (zie paragraaf 3.2.1).
Daling sterfte hart- en vaatziekten door afname roken, daling serumcholesterol, betere opsporing hypertensie, betere medische zorg. Daling verkeersongevallen door verkeersveiligheid (zie paragraaf 3.2.1).
Ischemische hartziekte werd van managersziekte een 'volksziekte' (zie paragraaf 3.2.1).
Terugkeer infectieziekten na 1970 door resistentie micro-organismen tegen antibiotica en nieuwe infectieziekten zoals hiv/aids, SARS (zie paragraaf 3.2.1).
Levensverwachting Nederlanders neemt toe, maar minder snel dan andere Europese landen (zie paragraaf 3.2.1).
In de twintigste eeuw vijf tot acht jaar winst in levensverwachting door verbeteringen gezondheidszorg (o.a. antibiotica, vaccinaties, combinatiechemotherapie, verbeteringen chirurgie) (zie paragraaf 3.2.2).
Top vijf hoogste incidentie in Nederland (aandoeningen meestal van korte duur) (zie paragraaf 3.3.1):
  • infecties bovenste luchtwegen;
  • nek- en rugklachten;
  • acute urineweginfecties;
  • privéongevallen;
  • contacteczeem.
Top vijf meest prevalente aandoeningen (jaarprevalentie, mensen die ziekte langer tijd hebben) (zie paragraaf 3.3.1):
  • nek- en rugklachten;
  • contacteczeem;
  • artrose;
  • diabetes mellitus;
  • coronaire hartziekten.
Kwaliteit van leven: 11% van Nederlanders van 12 jaar en ouder heeft een of meer ernstige functionele beperkingen (zie paragraaf 3.3.1).
Top-5 aandoeningen met grootste verlies kwaliteit van leven is ander rijtje dan top-5 aandoeningen met hoogste prevalentie. Angststoornissen en depressie staan hoog in rangorde want beperkt sociaal functioneren (zie paragraaf 3.3.1).
Sterfte belangrijkste indicator volksgezondheid. Sterftegegevens betrouwbaar en registratie over het algemeen volledig (zie paragraaf 3.3.1).
Door toename levensverwachting is het relatieve belang van sterfte als indicator volksgezondheid verminderd (zie paragraaf 3.3.1).
Belangrijkste doodsoorzaken Nederland. Mannen: kanker. Vrouwen: hart- en vaatziekten (zie paragraaf 3.3.1).
Levensverwachting wordt berekend met behulp van overlevingstafel en geboortecohort (zie paragraaf 3.3.1).
Maten voor volksgezondheid (zie paragraaf 3.3.1):
  • gezonde levensverwachting;
  • health-adjusted life expectancy;
  • disability-adjusted life years (DALY's).
Gezondheidsproblemen rond zwangerschap en geboorte (zie paragraaf 3.3.2)
  • Anticonceptie en vruchtbaarheidsproblemen. Geboorteregeling in Nederland nagenoeg perfect. Keerzijde: uitstellen zwangerschappen.
  • Perinatale sterfte en zuigelingensterfte. Sinds jaren tachtig verloopt daling in Nederland minder snel dan bijvoorbeeld Zweden en Finland, door o.a. meerlingzwangerschappen (door ivf), roken, allochtone herkomst zwangeren, verschillen in zorg.
  • Barkerhypothese: groeivertraging foetus heeft langetermijngevolgen voor gezondheid. Foetale programmering: aanpassingen van metabole en endocriene systeem van foetus onder invloed van tekort aan voedingsstoffen zijn schadelijk op latere leven.
Ongevallen, suïcide(poging) en geweld: ongevallen in de privésfeer zorgen voor meeste aantal gewonden en overledenen. Moord en doodslag in Nederland vrij zeldzaam. Alcoholgebruik speelt bij verschillende categorieën een rol (zie paragraaf 3.3.3).
Psychische stoornissen (zie paragraaf 3.3.4)
  • Depressie. Prevalentie 5%. Kwetsbaarheid en uitlokkende factoren spelen rol.
  • Schizofrenie. Prevalentie 7 gevallen per 1.000 personen. Openbaart zich vaak op jonge leeftijd, tussen 16 en 24 jaar. Combinatie kwetsbaarheid en omgevingsfactoren. Komt meer voor bij Marokkanen en Surinamers, waarschijnlijk door migratie-ervaringen en/of discriminatie.
  • Thuisloosheid: vaak oorzaak ernstige psychische problemen.
Hart- en vaatziekten en kanker (zie paragraaf 3.3.5)
  • Ischemische hartziekte. Hoge incidentie komt o.a. door toegenomen welvaart en roken, hoge bloeddruk en hoog serumcholesterol.
  • Beroerte. Een derde toe te schrijven aan verhoogde bloeddruk. Ook verhoogd serumcholesterol, roken, overmatig alcoholgebruik en lichamelijke activiteit. Westerse ziekte en gevolg van modern voedingspatroon (met veel zout).
  • Kanker. Strijd tegen kanker geen succesverhaal. Vroegere opsporing, dus overlevingsverbetering is deels artificieel. Longkanker heeft hoogste sterfte. Huidkanker komt het meest voor. Borstkanker komt na longkanker het meest voor bij vrouwen. Bevolkingsonderzoek leidt tot verbetering opsporing en daling sterfte.
Ouderdom en sterven (zie paragraaf 3.3.6)
  • Vergrijzing.
  • Beperkingen: chronische ziekten, mobiliteit, slechthorendheid, dementie
  • Ontwikkelingen van (gezonde) levensverwachtingen: meningen zijn verdeeld. Evolutiebiologen denken dat bovengrens misschien bereikt is.
  • Euthanasie: vormt uiterste puntje op heel scala aan medische beslissingen rond levenseinde, zoals intensivering pijnbestrijding en palliatieve sedatie.
Relatief risico (RR): de verhouding van de incidentie van een ziekte bij personen met en zonder blootstelling aan een bepaalde determinant (zie paragraaf 3.4.1).
Populatieattributieve fractie (PAF): de proportie van de totale incidentie van een ziekte binnen de bevolking die toe te schrijven is aan de blootstelling aan een bepaalde determinant (zie paragraaf 3.4.1).
Voor de berekening van PAF hoeft de incidentie van de ziekte niet bekend te zijn. Kan met behulp van RR. Voor formules voor berekening RR en PAF, zie paragraaf 3.4.1.
Biotische omgeving (zie paragraaf 3.4.2)
  • Infectieziekten. Omgekeerde samenhang tussen ernst infectie en besmettelijkheid.
  • Verspreidingswegen. Meldingsplicht bij ziekten als bacillaire dysenterie, kinkhoest, legionellose, malaria en tuberculose.
  • Maag-darminfecties. Voedselvergiftiging komt op grote schaal voor.
  • Hepatitis. A: verspreiding langs fecaal-orale weg. B: via bloed en andere lichaamsvloeistoffen, C: via bloed en veel gezien onder hemofiliepatiënten.
  • Vectorgebonden infectieziekten: Malaria (importziekte). Ziekte van Lyme (via tekenbeten, wel in Nederland). Klimaatverandering verhoogt risico's op vectorgebonden infectieziekten.
  • Zoönosen: infectieziekten van dier op mens. Creutzfeldt-Jakob, hondsdolheid, ornithose/psittacose, Q-koorts, SARS, vogelgriep. Risico is vermoedelijk toegenomen door verstoring ecosystemen en klimaatverandering.
  • Soa's: ook in Nederland neemt frequentie toe, vermoedelijk door toename onveilig vrijen. Komt ook door besef dat behandeling hiv/aids is verbeterd.
Fysieke omgeving (zie paragraaf 3.4.3)
  • Omgevingstemperatuur: verhoging sterfte met hittegolven en koude wintermaanden. Vooral bij kwetsbare groepen.
  • Lawaai. Op werk of thuis. Stress en slaapverstoring kan tot hoge bloeddruk leiden. Veel jongvolwassenen gehoorschade door popconcerten.
  • Ultraviolette straling. Veroorzaakt huidkanker. Neemt erg toe laatste jaren door verandering gedrag bevolking en dunner worden ozonlaag.
  • Chemische stoffen. Asbest, metalen, oplosmiddelen. Geen grote bron gezondheidsschade in Nederland.
  • Luchtverontreiniging. 'Fijn stof' zorgt vermoedelijk voor flink aantal extra sterfgevallen, maar nog niet duidelijk waarop dat effect berust. EU-norm wordt in grote delen van Nederland overschreden.
  • Klimaatverandering. Gevolgen grotendeels onbekend.
Sociale omgeving (zie paragraaf 3.4.4)
  • Psychosociale stress. Life events en arbeidssituatie kan invloed hebben.
  • Sociale steun heeft gunstig effect op psychosociale stress
Gedragsfactoren (zie paragraaf 3.4.5):
  • Roken. Verhoogd risico hart- en vaatziekten, kanker en COPD. Tabakswet van 2002 is mijlpaal in antirookbeleid. Rokers in Nederland onder 30%. Middenmoter in Europa.
  • Alcohol en drugs. Veel lichamelijke en psychische problemen en oorzaak huiselijk geweld en zinloos geweld. Comazuipen onder jongeren in Nederland probleem. Ecstasygebruik ook hoog.
  • Voeding. Nederlanders eten te vet en te weinig fruit en groenten, wat risico hart- en vaatziekten vergroot.
  • Lichaamsbeweging. Helpt beschermen tegen hart- en vaatziekten, diabetes, depressie, borst- en dikkedarmkanker. Helft van de Nederlanders beweegt te weinig.
  • Energiebalans en overgewicht. Obesitas in Nederland 11% onder volwassenen en neemt toe.
Genetische factoren (zie paragraaf 3.4.6)
  • Genen versus omgeving en gedrag. Genen belangrijk bij gezondheid individuen, niet zozeer bij volksgezondheid.
  • Genen en ziekte. Rol genetische factoren bij ontstaan ziekte varieert sterk.
  • Belang van preventie. Belangrijk om meer inzicht te krijgen in genetische determinanten van multifactoriële aandoeningen.
Gezondheidsverschillen naar geslacht (zie paragraaf 3.5.1): vrouwen worden ouder maar groter aantal jaren met minder goede gezondheid.
Gezondheidsverschillen naar burgerlijke staat (zie paragraaf 3.5.1): gehuwden leven langer.
Gezondheidsverschillen naar sociaaleconomische positie (zie paragraaf 3.5.2)
  • Arbeidsmarktpositie. Werkenden gezonder dan werklozen en arbeidsongeschikten.
  • Sociaaleconomisch. Mensen met een lagere sociaaleconomische positie zijn vaker ziek.
Gezondheidsverschillen naar regio en urbanisatiegraad (zie paragraaf 3.5.3)
  • Regionale verschillen. Verstedelijkte gebieden en aantal regio's in noordoosten hogere sterfte- en ziektecijfers. Brabant en Limburg hebben achterstand.
  • Urbanisatiegraad. In grote steden sterfte hoger. Komt door veranderde bevolkingssamenstelling (gezonde bewoners vertrekken naar elders), niet door slechte levensomstandigheden.
Literatuur
go back to reference Last JM. Public health and human ecology; 2e editie. New York etc.: McGraw-Hill, 1997. ISBN: 0838580807 Last JM. Public health and human ecology; 2e editie. New York etc.: McGraw-Hill, 1997. ISBN: 0838580807
go back to reference Lucht F van der, Polder JJ. (RIVM). Van gezond naar beter. Kernrapport van de Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2010. Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu van Loghum, 2010. Lucht F van der, Polder JJ. (RIVM). Van gezond naar beter. Kernrapport van de Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2010. Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu van Loghum, 2010.
go back to reference Mackenbach JP. Ziekte in Nederland. Gezondheid tussen politiek en biologie. Amsterdam: Elsevier gezondheidszorg, 2010. ISBN: 9789035231689. Mackenbach JP. Ziekte in Nederland. Gezondheid tussen politiek en biologie. Amsterdam: Elsevier gezondheidszorg, 2010. ISBN: 9789035231689.
go back to reference McMichael AJ. Human frontiers, environments and disease. Cambridge etc.: Cambridge University Press, 2001. ISBN: 0521004942. McMichael AJ. Human frontiers, environments and disease. Cambridge etc.: Cambridge University Press, 2001. ISBN: 0521004942.
go back to reference Bruggink JW, Garssen J, Lodder B, Kardal M (CBS ). Trends in gezonde levensverwachting. Bevolkingstrends 2009;1:60-66. Bruggink JW, Garssen J, Lodder B, Kardal M (CBS ). Trends in gezonde levensverwachting. Bevolkingstrends 2009;1:60-66.
go back to reference Centraal Bureau voor de Statistiek. POLS-module Gezondheid en arbeid 2003; 25 jaar en ouder. 2003. Centraal Bureau voor de Statistiek. POLS-module Gezondheid en arbeid 2003; 25 jaar en ouder. 2003.
go back to reference Centraal Bureau voor de Statistiek. Statistisch jaarboek 2004. Voorburg/Heerlen: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2004. Centraal Bureau voor de Statistiek. Statistisch jaarboek 2004. Voorburg/Heerlen: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2004.
go back to reference Centraal Bureau voor de Statistiek. Bevolkingstrends. Voorburg/Heerlen: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2006a. Centraal Bureau voor de Statistiek. Bevolkingstrends. Voorburg/Heerlen: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2006a.
go back to reference Centraal Bureau voor de Statistiek. Gezondheid en zorg in cijfers 2006. Voorburg/Heerlen: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2006b. Centraal Bureau voor de Statistiek. Gezondheid en zorg in cijfers 2006. Voorburg/Heerlen: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2006b.
go back to reference Centraal Bureau voor de Statistiek. Statistisch jaarboek 2011. Den Haag/Heerlen: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2011. Centraal Bureau voor de Statistiek. Statistisch jaarboek 2011. Den Haag/Heerlen: Centraal Bureau voor de Statistiek, 2011.
go back to reference Fengler M, e.a. Sociaal-demografische kenmerken en gezondheid: hun relatief belang en onderlinge relaties. In: Mackenbach JP, Verkleij H (red.). Volksgezondheid Toekomst Verkenning 1997, deel II. Gezondheidsverschillen. Bilthoven/Maarssen: RIVM/Elsevier gezondheidszorg, 1997. Fengler M, e.a. Sociaal-demografische kenmerken en gezondheid: hun relatief belang en onderlinge relaties. In: Mackenbach JP, Verkleij H (red.). Volksgezondheid Toekomst Verkenning 1997, deel II. Gezondheidsverschillen. Bilthoven/Maarssen: RIVM/Elsevier gezondheidszorg, 1997.
go back to reference Heide A van der, e.a. End-of-life practices in The Netherlands under the Euthanasia Act. N Engl J Med 2007;356(19):1957-1965. Heide A van der, e.a. End-of-life practices in The Netherlands under the Euthanasia Act. N Engl J Med 2007;356(19):1957-1965.
go back to reference Hertog FRJ den (RIVM). Levensverwachting in goede ervaren gezondheid 2005-2008. In: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Volksgezondheid Toekomst Verkenning, Nationale Atlas Volksgezondheid. Bilthoven: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, 2010. Huynen MM, Martens P, Schram D, Weijenberg MP, Kunst AE. The impact of heat waves and cold spells on mortality rates in the Dutch population. Environ Health Perspect 2001 mei;109(5):463-470. Hertog FRJ den (RIVM). Levensverwachting in goede ervaren gezondheid 2005-2008. In: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Volksgezondheid Toekomst Verkenning, Nationale Atlas Volksgezondheid. Bilthoven: Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu, 2010. Huynen MM, Martens P, Schram D, Weijenberg MP, Kunst AE. The impact of heat waves and cold spells on mortality rates in the Dutch population. Environ Health Perspect 2001 mei;109(5):463-470.
go back to reference Integraal Kankercentrum Zuid. 50 jaar kankerregistratie, 2005. Integraal Kankercentrum Zuid. 50 jaar kankerregistratie, 2005.
go back to reference Lucht F van der, Polder JJ. (RIVM). Van gezond naar beter. Kernrapport van de Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2010. Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu van Loghum, 2010. Lucht F van der, Polder JJ. (RIVM). Van gezond naar beter. Kernrapport van de Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2010. Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu van Loghum, 2010.
go back to reference Lucht F van der, Verkleij H (RIVM). Gezondheid in de grote steden. Achterstanden en kansen. Lucht F van der, Verkleij H (RIVM). Gezondheid in de grote steden. Achterstanden en kansen.
go back to reference Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu van Loghum, 2002. Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu van Loghum, 2002.
go back to reference Mackenbach JP. McKeown en de bijdrage van de gezondheidszorg aan de sterfteontwikkeling. TSG 1988;66:414-418. Mackenbach JP. McKeown en de bijdrage van de gezondheidszorg aan de sterfteontwikkeling. TSG 1988;66:414-418.
go back to reference Mackenbach JP. Mondiale milieuveranderingen en volksgezondheid. Ned Tijdschr Geneeskd 2006;150:1788-1793. Mackenbach JP. Mondiale milieuveranderingen en volksgezondheid. Ned Tijdschr Geneeskd 2006;150:1788-1793.
go back to reference Mackenbach JP, Verkleij H (red.). Volksgezondheid Toekomst Verkenning 1997, deel II. Gezondheidsverschillen. Bilthoven/Maarssen: RIVM/Elsevier gezondheidszorg, 1997. Mackenbach JP, Verkleij H (red.). Volksgezondheid Toekomst Verkenning 1997, deel II. Gezondheidsverschillen. Bilthoven/Maarssen: RIVM/Elsevier gezondheidszorg, 1997.
go back to reference Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne. Volksgezondheid Toekomst Verkenning. De gezondheidstoestand van de Nederlandse bevolking in de periode 1950-2010. Den Haag: SDU, 1993. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieuhygiëne. Volksgezondheid Toekomst Verkenning. De gezondheidstoestand van de Nederlandse bevolking in de periode 1950-2010. Den Haag: SDU, 1993.
go back to reference Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2006. Zorg voor gezondheid. Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu van Loghum, 2006. Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu. Volksgezondheid Toekomst Verkenning 2006. Zorg voor gezondheid. Bilthoven/Houten: RIVM/Bohn Stafleu van Loghum, 2006.
go back to reference Rose G. Sick individuals and sick populations. Int J Epidemiol 1985;14:32-38. Rose G. Sick individuals and sick populations. Int J Epidemiol 1985;14:32-38.
Metagegevens
Titel
Gezondheid van de Nederlandse bevolking
Auteur
J.P. Mackenbach
Copyright
2016
Uitgeverij
Bohn Stafleu van Loghum
DOI
https://doi.org/10.1007/978-90-368-1088-3_3