Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

De gezondheidszorg in Nederland maakt een ingrijpende verandering door die zich de komende jaren verder zal intensiveren. Een van de oorzaken is het aantal ouderen dat fors zal toenemen. Veel van deze ouderen lijden aan een breed scala van chronische en acute aandoeningen tegelijkertijd. De ouderenzorg van nu vraagt om verpleegkundige beroepsbeoefenaren op het hoogste niveau, die deskundig zijn om vroegtijdig te kunnen signaleren welke problemen er spelen en weten wat er moet gebeuren om de patiënt en zijn omgeving te ondersteunen om deze problemen het hoofd te bieden.

Het basiswerk Geriatrie geeft zicht op het brede scala aan problemen waarvoor ouderen zich geplaatst kunnen zien. De eerste drie hoofdstukken gaan in op factoren die maken dat de zorg voor ouderen vanuit een ander perspectief gezien moet worden, dan de zorg voor jongere volwassenen. De volgende hoofdstukken behandelen de complexe problemen waarmee ouderen te maken kunnen krijgen. Elk hoofdstuk geeft een overzicht van veelvoorkomende etiologische en beïnvloedende factoren.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1 Geriatrie

Samenvatting
De Nederlandse gezondheidszorg gaat paradoxaal om met oudere patiënten. Enerzijds roept de oudere patiënt het beeld op van een gebrekkige bejaarde, die lijdt aan irreversibele ouderdomskwalen en daardoor niet altijd de relevantste behandeling krijgt. Anderzijds komt het voor dat een kwetsbare oudere acuut een ingrijpende, intensieve behandeling ondergaat, zonder dat vooraf is nagegaan of de behandeling bij deze oudere medisch zinvol is. Het is dan niet zozeer de intentie, maar een tekort aan kennis en inlevingsvermogen van professionals in de zorg die er toe leiden dat ouderen regelmatig niet die zorg krijgen die passend is bij de oudere persoon of de situatie waarin deze zich bevindt.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

2 Fysieke veranderingen door het ouder worden

Samenvatting
Motoren, computers, huishoudelijke apparaten en auto’s hebben een vooraf berekende mechanische levensduur. Op het moment dat deze mechanische levensduur is verstreken, ontstaat er de mean time to failure (MTFB). Op dit moment krijgt ongeveer de helft van de groep gebreken of stopt met functioneren. De kwaliteit van bijvoorbeeld de auto, de afstand die er mee is afgelegd en de rijeigenschappen van de chauffeur bepalen mede de levensduur.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

3 Veranderde presentatie van ziekten en andere gevoeligheid voor medicatie

Samenvatting
Aandoeningen bij ouderen worden soms over het hoofd gezien of zijn lastig te diagnosticeren. Dit komt omdat ze zich anders voordoen dan bij jongere volwassenen. Bij het helpen ontrafelen van de oorzaak en het gevolg van een probleem waarmee de oudere zich geconfronteerd ziet, is het van belang op de hoogte te zijn van de aspecten die ervoor zorgen dat ouderen een andere presentatie van ziekten hebben. Hierbij geldt in de regel dat hoe sneller het hoofdprobleem is gevonden, hoe minder risico op een neerwaartse spiraal, hoe meer kans op behandeling en behoud van functies.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

4 Neurodegeneratieve aandoeningen, het dementieel syndroom

Samenvatting
Bij neurodegeneratie gaan de hersenen geleidelijk en progressief in functie achteruit. De ziekte van Alzheimer, frontotemporale lobaire degeneratie en de ziekte van Parkinson zijn voorbeelden waarbij sprake is van neurodegeneratie. De plek van neurodegeneratie bepaalt van welk functieverlies er sprake is. Bovendien voltrekt de degeneratie zich per aandoening verschillend. Alle aandoeningen hebben de overeenkomst dat de gevolgen voor de patiënt groot zijn. Zowel op cognitief, emotioneel als motorisch gebied laten de verschillende neurodegeneratieve aandoeningen grote sporen achter.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

5 Bloedingen en infarcten in de hersenen

Samenvatting
Een CVA ( cerebrovasculair accident) is een acute verstoring van de cerebrale circulatie die gepaard gaat met neurologische uitvalverschijnselen. Een CVA wordt ook wel een beroerte, stroke of attaque genoemd. De circulatiestoornis kan op twee manieren tot stand komen: bloedig of onbloedig. Beide vormen ontstaan meestal als gevolg van atherosclerose. De ernst van de ziekteverschijnselen is afhankelijk van waar in de hersenen de circulatie stagneert en hoe groot het gebied is dat hierdoor van perfusie blijft verstoken. Het CVA neemt de derde plaats in van de redenen waar mensen in Nederland aan overlijden. Als de perfusie in de hersenen langer dan drie minuten uitblijft, is er door gebrek aan zuurstof en glucose sprake van het afsterven van neuronen. Dit hoofdstuk is gericht op de globale neurologische verschijnselen waarmee ouderen te maken kunnen krijgen na de acute fase en datgene dat voor de verpleegkundige zorg van toepassing is. Verdiepingsliteratuur volgt aan het einde van dit hoofdstuk.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

6 Depressie

Samenvatting
Bij een depressie is er sprake van onder meer neerslachtigheid die ten minste twee weken aanhoudt (zie paragraaf 6.4).
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

7 Veranderd slaap- en waakpatroon

Samenvatting
Ruim de helft van de ouderen geeft aan ontevreden te zijn met de duur en/of de kwaliteit van de slaap. Veel mensen weten niet dat bij het ouder worden de fysiologie van het slapen verandert en hebben nog steeds dezelfde verwachtingen van de slaap als vroeger. Naast een veranderende fysiologie staat het slaappatroon ook onder invloed van chronische aandoeningen als dementie, depressie of problemen als oesofageale reflux.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

8 Hartfalen

Samenvatting
Hartfalen is een aandoening die de kwetsbaarheid van ouderen aanzienlijk vergroot en is onomkeerbaar. Bij ouderen spreekt men daarom van chronisch hartfalen.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

9 De oudere huid

Samenvatting
Als mensen ouder worden neemt de kwetsbaarheid van de huid toe. Cellen en het immuunsysteem staan onder invloed van de tijd. Al vanaf het 30ste levensjaar begint de huid tekenen van veroudering te vertonen en dit proces schrijdt gestaag voort naarmate de levensjaren volgen. De huid wordt gedurende dit proces kwetsbaarder en daarmee ontvankelijker voor kwetsuren.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

10 Mictieproblemen, urineretentie

Samenvatting
Ongeveer één op de drie ouderen heeft moeite met de controle over de blaas. Bij oudere vrouwen komt incontinentie twee keer zo vaak voor als bij oudere mannen. Ongeveer 75% van de ouderen in verpleeghuizen heeft problemen met plassen en 50% heeft moeite met het ophouden van de ontlasting. Rond de 60% van de ouderen die in verzorgingshuizen wonen, kampen met urine-incontinentie en bij 45% van de thuiswonende ouderen is dit ook het geval. In de meeste gevallen gaat het bij ouderen om urge-incontinentie. Iedereen die aan dementie lijdt, krijgt vroeg of laat te maken met incontinentie. In de meeste situaties neemt de zorgafhankelijkheid van ouderen daardoor fors toe.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

11 Mobiliteit

Samenvatting
Onbeperkte lichaamsbeweging stelt mensen in staat om actief en doelgericht te handelen om aan de eisen en geneugten van het leven te kunnen voldoen. Van het snel even naar de winkel om een boodschap te doen tot een bezoek aan vrienden, de bioscoop of het theater. Onbeperkte lichaamsbeweging stelt mensen in staat te kiezen om te gaan en staan waar men wil. Ouderen die niet goed in staat zijn om zich voort te bewegen, hebben hier beduidend meer energie en compensatiemechanismen voor nodig. En het is niet zelden dat het de oudere juist hieraan ontbreekt. De mate waarin een oudere fysiek in staat is om zich zelfstandig voort te bewegen, is een belangrijke indicator voor de mate van hulpbehoevendheid en toename van kwetsbaarheid.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

12 Zintuiglijke waarneming

Samenvatting
Ook de menselijke zintuigen ontkomen niet aan de gevolgen van het ouder worden. Al vanaf middelbare leeftijd zal dit merkbaar zijn. De kwaliteit van het zien, horen, proeven, ruiken en tasten zal gaan verminderen. De zintuigen dienen de informatievoorziening door bepaalde soorten prikkels door te geven aan bepaalde gedeelten van de hersenen. Hier komt de prikkel door een impuls via een afferente zenuw aan op juist dat gedeelte van de hersenen dat gevoelig is voor deze prikkel. De omzetting van een dergelijke prikkel naar geleidende impulsen vindt plaats in de zintuigcellen (sensoren). Prikkels komen niet alleen uit de buitenwereld, maar ook uit het lichaam zelf. Pijn, hongergevoel, dorst, spanning en angst zijn hier voorbeelden van.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

13 Delier

Samenvatting
Het delirium (delier) is een tijdelijke psycho-organische aandoening. Bij een psycho-organische stoornis is sprake van dysfunctie ten gevolge van een hersenaandoening of een lichamelijke ziekte die secundair de hersenfunctie verstoort. Het delier ontstaat plotseling en kan zich op verschillende manieren uiten. Vroege herkenning is van groot belang, maar bij ouderen zeker geen vanzelfsprekendheid, terwijl een delier vaak voorkomt. Tussen de 10 en 40% (IGZ) van de oudere 70-plussers krijgt met een delier te maken en 40% van hen overlijdt binnen twee jaar. Ouderen die zijn opgenomen in een ziekenhuis en lijden aan een delier, hebben te maken met functieverlies, zijn langer opgenomen en hebben een tussen de twee- tot vijfmaal hoger overlijdensrisico. Het risico van overlijden is zo groot door de ernst van onderliggende somatische aandoening (die al dan niet wordt onderkend), maar ook door de secundaire gevolgen die voortkomen uit gevaar voor letsel (zoals vallen) en door onrust en desoriëntatie.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

14 Probleemgedrag

Samenvatting
Probleemgedrag is voor de oudere geen vrije keuze. De met probleemgedrag gemoeide stress zorgt in belangrijke mate voor verlies van kwaliteit van leven. Niet alleen voor de oudere zelf, maar ook voor de naastbetrokkenen in de leefomgeving (partner, kinderen, medepatiënten/cliënten, medebewoners, personeelsleden) heeft probleemgedrag niet zelden een enorme impact. Om deze reden vormt probleemgedrag voor thuiswonende ouderen een belangrijke aanleiding voor het aanvragen van een indicatie voor verblijf in een verpleeghuis.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

15 Pijn

Samenvatting
Pijn is de sensorische en emotionele ervaring van discomfort, die normaal gesproken wordt geassocieerd met huidige of bedreigde weefselschade of irritatie (AMA, 2003). Naarmate mensen ouderen worden, neemt de kans op pijn toe. Naar schatting 25 tot 50% van de thuiswonende ouderen heeft last van pijn. Voor ouderen die wonen in een verzorgingshuis of verpleeghuis kan dit oplopen tot 80%. Het gaat daarbij met name om chronische pijn. Dit is langdurige pijn veroorzaakt door meerdere chronische ziekten bij ouderen. Deze pijn heeft een direct gevolg op het dagelijks functioneren en daarmee komt de kwaliteit van leven behoorlijk onder druk te staan. Pijn kan ook plotseling ontstaan als gevolg van een chronische aandoening. Een voorbeeld daarvan is beschreven in onderstaande casus.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

16 Vallen

Samenvatting
Vallen is het plotseling en ongewild door een onvoorziene beweging op de grond (of een lager niveau) terechtkomen. Veel ouderen hebben ermee te maken. 30% van de thuiswonende 65-plussers valt per jaar één keer en dit overkomt de helft van de bewoners van verzorgings- of verpleeghuizen. In ziekenhuizen vallen mensen drie keer zo vaak als thuis (CBS). Na een val kunnen ouderen te kampen krijgen met fracturen, wonden en (subdurale) hematomen, maar ook angst, onzekerheid en afhankelijkheid zijn in veel gevallen het gevolg van een val. Bijna één op de twee valpartijen gaat gepaard met letsel. Meestal zijn dit lichte verwondingen, zoals schaafwonden. 11% van de valincidenten leidt tot een heupfractuur. Metingen van het Landelijke Prevalentiemeting Zorgproblemen (LPZ) wijzen uit dat de meeste mensen in ziekenhuizen een valletsel oplopen. 25% van de ouderen die zijn gevallen, overlijdt binnen een jaar en nog eens 25% van de ouderen raakt blijvend invalide. Praktijkervaring en onderzoeksresultaten (proefschrift van Gaal, ‘Safe or Sorry ’) leren dat valrisicobeperkende maatregelen lang niet altijd worden ingezet, ook niet als de richtlijnen hiervoor wel beschikbaar zijn.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

17 Vermoeidheid, krachtsverlies, ‘te weinig energie’ en de gevaren van bedrust

Samenvatting
Vermoeidheid is een opvallend aanhoudend gevoel van uitputting na een lichamelijke, geestelijke of emotionele inspanning. Veel ouderen hebben er last van. Meestal is niet meteen duidelijk wat de oorzaak is van deze vermoeidheid. Het kan een kenmerk zijn van meerdere onderliggende aandoeningen tegelijkertijd. Het symptoom ‘vermoeidheid’ zal vrijwel altijd onderdeel uitmaken van een toenemende kwetsbaarheid.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

18 Ondervoeding en dehydratie

Samenvatting
Ondervoeding is een belangrijke gezondheidsbedreigende factor voor ouderen, die in veel gevallen niet tijdig en onvoldoende wordt herkend. De Landelijke Prevalentiemetingen Zorgproblemen (LPZ) die door CAPHRI School for Public Health and Primary Care te Maastricht worden georganiseerd, publiceert op haar website de recentste cijfers. In 2010 blijkt dat bijna 35% van de patiënten opgenomen op geriatrische afdelingen van algemene ziekenhuizen is ondervoed. Bovendien is de prevalentie op ondervoeding op psychogeriatrische afdelingen (27%) binnen de sector wonen, zorg en welzijn het hoogst. Tot bijna de helft van alle zorgbehoeftige ouderen hebben een verhoogd risico op ondervoeding. Bij wie eenmaal is ondervoed, neemt de belastbaarheid af. Ondervoeding leidt tot een verhoogd risico op sepsis. Infecties verhogen het metabolisme en hiermee de behoefte aan voedingsstoffen, waardoor een neerwaartse spiraal wordt ingezet. Ondervoeding kan bovendien leiden tot vertraagde reactiesnelheid. Dit kan effect hebben op de mobiliteit, het denken en het waarnemen. Door een tekort aan voedingsstoffen wordt spierweefsel bij het metabolisme betrokken. Hierdoor ontstaat sarcopenie.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

19 Polyfarmacie, therapietrouw, medicatiefouten

Samenvatting
Van alle ziekenhuisopnames in Nederland is 2,4% geneesmiddelgerelateerd. Bij acute opnames gaat het om 5,6% (Hospital Admissions Related to Medication) (HARM). Van al deze opnames was 46% (19.000 opnames) waarschijnlijk vermijdbaar. Als het gaat om 65-plussers zijn geneesmiddelgerelateerde opnames tweemaal zo groot. Medicijnen die vooral voor problemen zorgden waren plaatjesremmers, coumarines, NSAID’s, psycholeptica, antidiabetica en corticosteroïden.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

20 Vrijheidsbeperking en wetgeving

Samenvatting
Vrijheidsbeperking is het gedwongen inperken van de bewegingsvrijheid, veelal bedoeld om letsel (bijvoorbeeld vallen) te voorkomen. Vrijheidsbeperking is een onderwerp dat de aandacht heeft van de Inspectie voor de Volksgezondheid. In de nota Zorg voor vrijheid (2008) bepleit de inspectie het terugdringen van vrijheidsbeperking. In omliggende westerse landen zijn onrustbanden (zoals de Zweedse band) in veel gevallen bij wet verboden. De inspectie is met beleid gekomen, naar aanleiding van de onder meer dodelijke ongelukken die zich als gevolg van vrijheidsbeperking hebben voorgedaan. Het ging daarbij om patiënten die zijn overleden als gevolg van vrijheidsbeperking, zoals door verwurging in een poging zichzelf uit een onrustband te bevrijden. De inspectie geeft aan dat het in veel gevallen mogelijk is alternatieven in te zetten, waarmee het vastbinden van mensen in bed of in de rolstoel kan worden voorkomen. Praktijkervaring ondersteunt deze bevinding.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

21 Overbelasting van de mantelzorg

Samenvatting
Mantelzorg is de zorgende activiteit die ten dienste staat aan iemand uit de naaste omgeving die (chronisch) ziek en/of hulpbehoevend is. Hoewel dit hoofdstuk het laatste is in dit boek, is het onderwerp misschien wel een van de belangrijkste. Mantelzorgers vormen namelijk in heel veel gevallen de kern waardoor het systeem van professionele activiteiten draaiende kan blijven. Met de stijging van de kosten in de gezondheidszorg, onder meer door de vergrijzing, wordt de druk op de mantelzorgers steeds groter.
R.J. Schim van der Loeff-van Veen, J.H.J. de Jong MHA, IJ.D. Jüngen, J.A.M. Kerstens, S. van der Meijden-Meijer, E.M. Sesink

Nawerk

Meer informatie