Skip to main content
main-content
Top

Inhoudsopgave

Voorwerk

Psychologie in de gezondheidszorg

1. Psychologie in de gezondheidszorg

Abstract
Dit hoofdstuk wil duidelijk maken hoe en waarom bepaalde ontwikkelingen de weg plaveiden voor een grotere betrokkenheid van de psychologie in de somatische gezondheidszorg. Wijzigingen in de aard van somatische aandoeningen waarmee de moderne mens geconfronteerd wordt, alsmede veranderende opvattingen over de rol van de geneeskunde in de gezondheidszorg, hebben ertoe bijgedragen dat de psychologie een integraal onderdeel is geworden van de geneeskunde: het ‘biopsychosociale’ model van gezondheid. De rol van de gezondheidspsychologie in de geneeskunde zal worden verduidelijkt. Daarnaast zullen specifieke kwaliteiten en vaardigheden waarover de klinische gezondheidspsycholoog dient te beschikken, worden toegelicht. Tot slot zal kort worden ingegaan op de specifieke diagnostiek die behoort bij dit vak, alsmede zal een aantal veel gebruikte interventies worden besproken, die zijn gericht op het voorkómen van ziekte, het bevorderen van de genezing of de aanpassing aan de ziekte of de handicap. In boxen wordt een aantal relevante actuele onderzoeksthema’s binnen de gezondheidspsychologie gepresenteerd.
A.J.J.M. Vingerhoets, M.W. Berting

De instellingen

Voorwerk

2. De psycholoog bij de Gemeenschappelijke Gezondheidsdiensten (GGD)

Abstract
In de grondwet is vastgelegd dat de overheid verplicht is maatregelen te treffen ter bewaking en bevordering van de volksgezondheid. Deze verplichting geldt zowel de rijksoverheid als de lokale overheden. De gemeenten hebben deze taak opgedragen aan de Gemeenschappelijke Gezondheidsdiensten (GGD). In de Wet Collectieve Preventie Volksgezondheid (WCPV) zijn de taken van de GGD uitgewerkt. Sinds de invoering van de WCPV in 1989, zijn gemeenten wettelijk verplicht om een GGD in stand te houden. Begin 2001 waren er in Nederland 46 GGD’en.
F. R. Mosterd

3. De psycholoog en de arbeidsen organisatiedeskundige bij de Arbodienst

Abstract
Een Arbodienst ondersteunt en begeleidt werkgevers bij het opzetten en uitvoeren van beleid rond arbeidsomstandigheden. De meeste Arbodiensten zijn zelfstandig en werken voor bedrijven uit diverse branches en sectoren. Het gaat om geprivatiseerde commerciële organisaties die onderling concurreren. Daarnaast is er een aantal grote bedrijven dat een eigen, interne Arbodienst heeft. Het onderstaande voorbeeld beschrijft een veel voorkomend geval waarin, naast de cliënt, ook de werkgever, de bedrijfsarts en de arbeids- en organisatiedeskundige een rol spelen.
E. van den Heuvel

4. De eerstelijnspsycholoog in de gezondheidszorg

Abstract
Onderstaande casussen vormen een selectie uit de praktijk van een eerstelijnspsycholoog. Ze zijn geschreven om een en ander duidelijk te maken over het specifieke werk van eerstelijnspsychologen, en ze zijn representatief voor het cliëntenaanbod.
P.F.M. Kop

5. De psycholoog in het algemeen ziekenhuis

Abstract
Dit hoofdstuk gaat over het werk van de klinisch psycholoog in het algemene ziekenhuis. In deze setting kunnen globaal genomen vier groepen patiënten worden onderscheiden:
1.
patiënten met psychosomatische en/of somatopsychologische klachten;
 
2.
patiënten die verdacht worden van hersenbeschadiging en dus neuropsychologisch onderzoek behoeven;
 
3.
patiënten met een psychiatrische stoornis en/of persoonlijkheidsproblematiek;
 
3.
kinderen en jeugdigen met psychosomatische, neuropsychologische en/of gedragsproblematiek.
 
P.H.G.M. Soons

6. De psycholoog in een geïntegreerde GGZ-instelling

Abstract
Dit hoofdstuk wil inzicht geven in de plaats en activiteiten van de tweedelijns geestelijke gezondheidszorg als onderdeel van de GGZ in Nederland. Daarbij richten we ons uiteraard vooral op de taken van de daar werkzame psychologen, wat van hen wordt verwacht en welke kwaliteiten, kennis en vaardigheden zij nodig hebben om hun taken goed te kunnen vervullen. We beginnen met een casus.
J. van den Bogaard, M. Peter

7. De gedragskundige in de zorgverlening aan mensen met een verstandelijke handicap

Abstract
Er zijn in Nederland ongeveer honderdduizend mensen met een verstandelijke handicap; meer de helft daarvan kan niet voor zichzelf zorgen. De zorg die zij behoeven, stelt speciale eisen aan hun omgeving en aan hun behandelaars. Ze hebben andere zorg nodig dan psychiatrische patiënten, ze kunnen voor hun kwaal niet worden behandeld en er niet van worden ‘genezen’. Maar ze kunnen zich wel ontwikkelen en hun mogelijkheden ontplooien; dat vereist speciale zorg en aparte faciliteiten. Psychologen en (ortho)pedagogen leveren een belangrijk aandeel in die zorg. Daarover gaat dit hoofdstuk.
A. van Vonderen, J.C.M. Hendriks, B.J. van Diggelen, W. Vissers

8. De psycholoog in een revalidatie-instelling voor volwassenen

Abstract
In Nederland bestaan formele kaders die schetsen wat onder revalidatie wordt verstaan, welke instellingen revalidatiezorg verlenen, en hoe deze zorg wordt gefinancierd. Zoals uit dit hoofdstuk zal blijken, kent de formele revalidatiezorg wat betreft inhoud, locatie en budgettering een duidelijk gemarkeerde plek binnen de gezondheidszorg.
H.G.G. van Balen

9. De psycholoog in het verpleeghuis

Abstract
Het werkveld van de verpleeghuispsycholoog is betrekkelijk jong en heeft de afgelopen dertig jaar een grote ontwikkeling doorgemaakt. In dit hoofdstuk zal worden ingegaan op de praktijk van de verpleeghuispsycholoog.
F.H.C. Horst, M.E.H. Renkens

Specifieke aandoeningen

Voorwerk

10. De psychologische behandeling van vrouwen met eetstoornissen: een specialistisch zorgprogramma

Abstract
Dit hoofdstuk gaat over de rol van de psycholoog in een behandelingsprogramma voor vrouwen met een eetstoornis.
M. Nieuwhof

11. Psychologische behandeling in astmacentrum Heideheuvel

Abstract
Astmacentrum Heideheuvel is een landelijk centrum voor onderzoek en behandeling van kinderen en volwassenen met allergie, astma, Chronic Obstructive Pulmonary Disease (COPD) en andere chronische (luchtweg)aandoeningen. Samen met het Nederlands Astmacentrum Davos en Astma Behandelcentrum Salem te Ermelo maakt het deel uit van de Koepel Behandelcentra Chronisch Zieken (KBCZ). Er is een polikliniek, met mogelijkheid tot deeltijdbehandeling, en een afdeling voor klinische behandeling. De totale opnamecapaciteit is 99 bedden.
M.M. Bosch, J.C.A.M. Meijs, M.Th. van der Sluijs

12. Psychologische behandeling in epilepsiecentrum Kempenhaeghe

Abstract
Epilepsie is een neurologische aandoening waarbij ten gevolge van plotseling optredende verstoringen in de elektrische prikkeloverdracht in de hersenen, aanvallen optreden. De aanvallen hebben zeer diverse uitingsvormen (Duncan et al., 1995). Kempenhaeghe is een van de drie gespecialiseerde centra in Nederland voor de behandeling van deze aandoening. Epilepsiepatiënten met complexe problematiek worden naar dit centrum doorverwezen door de eerste of tweede lijn voor verdere diagnostiek, second opinion of behandeling. De populatie omvat zowel kinderen als volwassenen (en ouderen). Een deel van de doelgroep bestaat uit mensen met een verstandelijke of meervoudige handicap, die deels ook een permanente woonvorm hebben op het terrein van Kempenhaeghe.
J.C. van Bronswijk, P. Nefs, A.P. Aldenkamp

13. Psychologische behandeling en ondersteuning van mensen met kanker

Abstract
Kanker is een levensbedreigende ziekte die jaarlijks 62.000 mensen treft en waaraan 39.000 mensen overlijden (VIKC, 2001). Door vergrijzing van de bevolking komt kanker steeds meer voor. Mede als gevolg van de verbeterde opsporingsmethoden, waaronder bevolkingsonderzoeken, en de doeltreffender behandelingsmogelijkheden moeten steeds meer mensen de ziekte kanker zien in te passen in hun leven. Dat is niet eenvoudig, aangezien de diagnose en behandeling van kanker niet alleen een aanslag zijn op het lichamelijk welbevinden, maar ook op het psychisch en sociaal functioneren. Hoewel door het beschikbaar komen van steeds betere medisch-technische behandelingsmogelijkheden de overlevingscijfers (het aantal patiënten dat vijf jaar na de diagnose nog in leven is) bij kanker in de laatste vijftig jaar aanzienlijk verbeterd zijn, blijft een doorbraak in de mogelijkheden op (volledige) genezing vooralsnog uit. Veel patiënten overleven de ziekte, maar met ingrijpende gevolgen.
M. Remie

14. Psychologische behandeling bij de reïntegratie in het arbeidsproces

Abstract
Uit cijfers van de Sociale Verzekeringsraad over verzuim en arbeidsongeschiktheid in Nederland, blijkt dat klachten van het menselijk bewegingsapparaat, zoals nek, rug, armen en benen, nummer één staan als oorzaak van verzuim en arbeidsongeschiktheid (ca. 25%). In dit hoofdstuk wordt beschreven hoe het Rug AdviesCentrum (RAC) werkt aan de terugkeer van mensen in het arbeidsproces.
P. Kieft, I. Croughs

15. De psychologische behandeling van reuma en pijnklachten in een revalidatie-instelling

Abstract
Het beloop van reumatische artritis is onvoorspelbaar; de ziekte kan geleidelijk beginnen en plots in alle hevigheid losbarsten; de ziekte kan heftig beginnen en daarna in een rustiger fase komen; de ziekte kan mild of agressief verlopen; de ziekte kan op een bepaald niveau stabiliseren of kan voortdurend wisselen in activiteit. Het kan gebeuren dat je je net aan de veranderde mogelijkheden in je leven hebt aangepast als een verandering /verslechtering in de ziekte je noopt tot nieuwe aanpassingen. Je weet niet waar je je op moet instellen. Een patiënt maakte in dit verband de opmerking: ‘Ik heb liever dat mijn been eraf is; dat is een eenmalig verlies, daar kan ik me op instellen en mee leren leven. De reuma, daarentegen, verandert steeds, net als je denkt dat je weer wat evenwicht in je leven hebt gevonden, wordt alles weer omver gegooid en moet je weer opnieuw beginnen.’
J. Zant

16. Psychologische behandeling in een centrum voor psychosomatische revalidatie

Abstract
Er bestaat een door medici gevreesde groep patiënten die bekend staat als medical shoppers. Deze patiënten hebben een groot aantal medisch onverklaarbare klachten als pijn en vermoeidheid, vertonen psychiatrische stoornissen als angst en depressie en verkeren veelal in sociale problemen, zoals een gebrek aan persoonlijke relaties. De lichamelijke klachten verergeren vaak in medische settings, revalidatiecentra, verzorgingstehuizen of A-afdelingen, en medische behandeling lijkt zelfs vaak een averechts effect te hebben. Op psychiatrische afdelingen isoleren zij zich veelal van de reguliere patiënten. In de eigen omgeving is er recidiverend sprake van psychische en somatische ontsporing waardoor opname noodzakelijk wordt. Een puur psychiatrische setting of een puur somatische-revalidatiesetting is voor de behandeling van deze groep patiënten onvoldoende toegerust. In het grensgebied van de somatische geneeskunde en de psychiatrie zijn er evenwel wel mogelijkheden voor behandeling. Essentieel daarbij is een multidisciplinaire aanpak van de somatische, psychiatrische en sociale problematiek, waarbij getracht wordt deze te begrijpen vanuit een biopsychosociaal gezichtspunt.
J.E.M. Plekker

17. Psychologische behandeling van patiënten met ernstige brandwonden

Abstract
Dit hoofdstuk heeft tot doel inzicht te geven in de psychiatrische en psychologische co-morbiditeit van volwassen brandwondenslachtoffers.
A.W. Faber, N. van Loey, M. Schouten, L. Taal

18. De psychologische behandeling en begeleiding van meervoudig gehandicapte kinderen en hun ouders

Abstract
De behandeling en begeleiding van lichamelijk en bovendien verstandelijk gehandicapte kinderen en jeugdigen vindt voor het merendeel plaats in instellingen voor kinderrevalidatie en specifiek daartoe aangewezen instellingen in de gehandicaptenzorg. De meeste kinderen wonen thuis en bezoeken van daaruit de betrokken instelling. Doorgaans is er, al of niet verbonden aan de instelling voor kinderrevalidatie, een school voor speciaal onderwijs in de nabijheid, zodat kinderen een gecombineerd traject volgen van speciaal onderwijs en revalidatiedagbehandeling.
Ch.P.M. Zaad

19. De psychologische behandeling van dove cliënten

Abstract
In dit hoofdstuk staat het werken met dove cliënten centraal. Er is in Nederland een beperkt aantal instituten dat zich hier op toelegt. Niet zelden blijkt doofheid samen te gaan met andere problemen, hetzij omdat doofheid een kenmerkend symptoom is van een bepaald ziektebeeld, hetzij omdat doofheid makkelijk kan leiden tot allerlei problemen, onder meer door de gestoorde communicatie. In deze bijdrage wordt een beeld geschetst van deze problematiek en de behandelingsmogelijkheden.
M. Broesterhuizen

20. De psychologische behandeling van kinderen met niet-aangeboren hersenletsel

Abstract
Dit hoofdstuk gaat over de behandeling van kinderen met niet-aangeboren hersenletsel en met name kinderen die zulke ernstige hersenbeschadigingen hebben, dat zij in een vegatieve of laagbewuste toestand verkeren. In het revalidatiecentrum Leijpark in Tilburg is voor deze groep een speciaal, zeer intensief behandelprogramma ontwikkeld. In deze bijdrage wordt beschreven wat de kenmerken zijn van patiënten met deze problematiek, wat dit programma precies inhoudt en wat de rol van de psycholoog daarin is. De casus over Michelle illustreert hoe divers en complex een revalidatieproces voor een revalidant kan zijn en bij welke aspecten en in welke fasen van het revalidatieproces de inbreng van een psycholoog gewenst is.
E. Verwijk, H.J. Eilander

21. Psychologische aspecten van erfelijkheidsadvisering

Abstract
De meeste vormen van gedrag – normaal en afwijkend – en ziekten lijken in families in verschillende generaties voor te komen. Voorbeelden zijn de preseniele dementie, bepaalde vormen van kanker, of bewegingsstoornissen zoals bij de ziekte van Huntington, maar ook alledaags gedrag zoals religieuze overtuiging, hobbies of beroepskeuze blijken soms, in meer of mindere mate, erfelijk. De meest bekende van de ongeveer 4.000 ziekten die op éénduidige, Mendeliaanse wijze – van generatie op generatie – overerven zijn onder meer cystische fibrose (taaislijmziekte), thalassemie, fragiele-X-syndroom, de musculaire dystrofie van Duchenne, hemofilie-A, de ziekte van Huntington, de erfelijke vorm van de ziekte van Alzheimer en fronto-temporele dementie, neurofibromatose, de polycyste nierziekten, erfelijke borst- en ovariumkanker, en de erfelijke hartritmestoornissen (Gezondheidsraad, 1998).
A. Tibben

Algemene aspecten

Voorwerk

22. Ethiek voor de psycholoog werkzaam in de gezondheidszorg

Abstract
Enige tijd geleden ging ik voor een consult naar de huisarts. Voordat hij mijn probleem van dit moment aanhoorde, keek de dokter op zijn computerscherm. Een paar jaar geleden had hij mij doorgestuurd naar een ziekenhuis voor onderzoek. De huisarts zag nu op zijn computer dat hij van de specialist geen rapport had ontvangen. Nadat hij me vroeg wat het resultaat was van het ziekenhuisonderzoek, merkte de huisarts op dat hij meteen aan de specialist een verslag zou vragen voor zijn eigen dossier. Vervolgens wilde de dokter weten waarvoor ik dit keer bij hem kwam.
K.A. Soudijn

23. Wettelijke regelingen en arbeidsvoorwaarden voor de psycholoog in de gezondheidszorg

Abstract
In tegenstelling tot de meer traditionele beroepen in de gezondheidszorg, zoals die van arts, tandarts en apotheker, was er van wet- en regelgeving ten aanzien van de klinisch psycholoog en de gezondheidszorg(GZ)-psycholoog tot 1994 nauwelijks sprake. Geen wet op de uitoefening van het beroep, geen wet op geneesmiddelen, geen wettelijk tuchtrecht enzovoort. De oorzaak hiervan was dat de psycholoog nog maar kort en in relatief geringe aantallen op de gezondheidszorgmarkt aanwezig was. De golf van nieuwe wetgeving op het gebied van de gezondheidszorg sinds het midden van de jaren negentig van de vorige eeuw, geïnitieerd door de patiëntenemancipatie, heeft hierin echter snel verandering gebracht. Vanaf 1994 zijn respectievelijk de Wet Bijzondere Opneming Psychiatrische Ziekenhuizen (BOPZ), de Wet Kwaliteit Zorginstellingen (WKI), de Wet Klachtrecht Cliënten Zorgsector (WKZ), de Wet op de Geneeskundige Behandelingsovereenkomst (WGBO) en, ten slotte, de geheel nieuwe wetgeving voor de beroepen: de Wet Beroepen Individuele Gezondheidszorg (BIG) aangenomen door het parlement en voor het grootste deel in werking getreden. De klinisch/GZ-psycholoog krijgt, naar gelang zijn werkveld, met verscheidene van deze wetten te maken.
R.F. Baneke

24. Gezondheidszorgpsycholoog: een nieuwe opleiding tot een nieuw beroep

Abstract
In januari 1998 startten op zes plaatsen in Nederland de eerste opleidingen tot gezondheidszorgpsycholoog (GZ-psycholoog), aangeboden door regionaal georganiseerde opleidingsinstellingen. Eind 1999 voltooide deze eerste lichting de tweejarige opleiding en werden degenen die de opleiding met goed gevolg hadden doorlopen, na het inzenden van hun getuigschrift, ingeschreven in het overheidsregister van GZ-psychologen dat in april 1998 was geopend.
C.P.F. van der Staak, W. Meijboom

Nawerk

Meer informatie