Skip to main content
main-content
Top

Tip

Swipe om te navigeren naar een ander hoofdstuk

2005 | OriginalPaper | Hoofdstuk

29. Downsyndroom

Auteurs: Dr. J. J. P. Schrander, Mw. Prof.Dr. C. T. R. M. Schrander-Stumpel, Dr. H. de Nijs Bik

Gepubliceerd in: Klinische genetica

Uitgeverij: Bohn Stafleu van Loghum

share
DELEN

Deel dit onderdeel of sectie (kopieer de link)

  • Optie A:
    Klik op de rechtermuisknop op de link en selecteer de optie “linkadres kopiëren”
  • Optie B:
    Deel de link per e-mail

Abstract

Numerieke chromosoomafwijkingen komen voor bij ongeveer 0,5 procent van de pasgeborenen. In 0,4 procent van de gevallen betreft het afwijkingen van de autosomen (de nummers 1 tot en met 22), in 0,1 procent de geslachtschromosomen. Zoals bekend wordt bij spontane abortussen in ten minste de helft van de gevallen een chromosoomafwijking vastgesteld. Bij levendgeborenen kennen we maar weinig numerieke autosomale chromosoomafwijkingen: in volgorde van voorkomen zijn dit trisomie 21, 18 en 13.
Literatuur
Metagegevens
Titel
Downsyndroom
Auteurs
Dr. J. J. P. Schrander
Mw. Prof.Dr. C. T. R. M. Schrander-Stumpel
Dr. H. de Nijs Bik
Copyright
2005
Uitgeverij
Bohn Stafleu van Loghum
DOI
https://doi.org/10.1007/978-90-313-9437-1_29