Bij patiënten met atriumfibrilleren moet altijd de vraag worden gesteld of het bestaande ritme wordt geaccepteerd of dat men een sinusritme tracht te herstellen. Het laatste is over het algemeen de beste keuze om klachten van palpitaties en verminderde inspanningstolerantie te reduceren en om verslechtering van de linkerkamerfunctie te voorkomen. Bij patiënten met chronisch hartlijden is dit echter niet altijd mogelijk. Tevens bestaat de kans dat na herstel van sinusritme de ritmestoornis weer terugkomt.