Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Jeugd en recht biedt een uitstekend overzicht van de geldende bepalingen op het terrein van jeugdrecht, jeugdbescherming en bestaande vormen van jeugdhulpverlening. Uitgangspunt is het ‘probleemloze’ kind. Als dit kind echter in moeilijkheden komt, heeft het bijzondere zorg nodig. Hieraan, en aan de juridische status van deze kinderen, besteden de auteurs aparte aandacht. De justitiële jeugdzorg, het civiele kinderrecht, het jeugdstrafrecht en het jeugdstrafprocesrecht komen hierbij aan de orde. Ook worden niet-justitiële, vrijwillige hulpverlening en de op dat gebied werkzame instanties behandeld.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Ter oriëntering

Abstract
In dit hoofdstuk worden de begrippen omschreven die voor dit boek belangrijk zijn. Een aantal begrippen staat hierbij centraal:
  • jeugdrecht;
  • jeugdbescherming en jeugdbeschermingsrecht;
  • jeugdhulpverlening en jeugdwelzijnszorg;
  • jeugdzorg.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

2. Plaats van de jongere in het Nederlandse recht

Abstract
De plaats van de jongere in het Nederlandse recht wordt vooral bepaald door regels die direct of indirect betrekking op hem hebben. Deze regels zijn niet overzichtelijk gerangschikt in wetten opgenomen en er bestaat dus geen algemene jeugdwet. Dikwijls zijn de geldende regels slechts met moeite te vinden, omdat ze zijn geformuleerd in rechten en plichten van ouders en andere opvoeders. Zo vloeit uit de plicht van de ouders tot verzorging en opvoeding van hun minderjarige kinderen het recht voor de jongeren voort om te worden verzorgd en opgevoed. Op 20 november 1989 is door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties het Verdrag inzake de rechten van het kind aangenomen. Nederland heeft dit verdrag in 1990 ondertekend en in 1995 geratificeerd, dat wil zeggen; dat het verdrag sindsdien ook voor Nederland geldt. De tekst van de geautoriseerde Nederlandse vertaling is achter in dit boek als bijlage opgenomen.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

3. Adoptie

Abstract
In dit hoofdstuk zal de adoptie worden behandeld. Daarbij zullen zowel de materiële vereisten (aan welke voorwaarden moet worden voldaan?) als de formele vereisten (hoe komt een adoptie tot stand?) aandacht krijgen. Aan adoptie gaat opneming van het te adopteren kind vooraf.Wanneer het een niet-Nederlands kind betreft, geldt een bijzondere procedure voor de opneming van zo'n kind in het gezin. Daarop zal hierna worden ingegaan. Adoptie in internationale gezinssituaties leidt tot vragen over de rechtsgevolgen. Is bijvoorbeeld een buitenlands pleegkind dat door Nederlandse pleegouders in Nederland geadopteerd is, juridisch net zo ‘eigen’ als een Nederlands pleegkind na adoptie door zijn pleegouders?
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

4. Juridische vormgeving van de verhouding tussen de ouders

Abstract
Voor de juridische status van een kind en zijn familierechtelijke betrekkingen is het bepalend hoe zijn ouders hun onderlinge verhouding juridisch hebben vormgegeven.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

5. Maatregelen van het Burgerlijk Wetboek

Abstract
In de vorige hoofdstukken is besproken dat minderjarigen onder gezag staan en dat dit gezag in vrijwel alle gevallen wordt uitgeoefend door de ouders. Zij zijn verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van hun kinderen en zij zijn bij de invulling daarvan vrij. Die vrijheid is niet ongelimiteerd. Het Burgerlijk Wetboek (BW) geeft namelijk aan dat van overheidswege maatregelen mogelijk zijn tegen de ouders als het gezag niet (meer) op de juiste wijze wordt uitgeoefend. Zo kan de rechter ingrijpen in de juridische verhouding tussen ouders en minderjarige kinderen door het gezag te beperken (ondertoezichtstelling) of te ontnemen (ontheffing of ontzetting). Dit kan zeer verstrekkende gevolgen hebben voor het gezin, bijvoorbeeld de uithuisplaatsing van de minderjarige. De rechter zal hiertoe dan ook alleen besluiten als de in de wet omschreven gronden aanwezig zijn en hij de maatregelen bovendien in het belang van het kind acht.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

6. Strafrechttoepassing voor jongeren

Abstract
Van een aantal menselijke gedragingen heeft de wetgever bepaald dat ze strafbaar zijn. In het Wetboek van Strafrecht, maar ook in tal van andere wetten, staan de feiten en gedragingen opgesomd die met straf worden bedreigd.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

7. Jeugdzorg

Abstract
Voor kinderen en jongeren met problemen dragen in de eerste plaats hun ouders de verantwoordelijkheid. In veel gevallen zoeken ouders en/of hun kinderen zelf naar een oplossing. Indien dat niet lukt, kunnen zij – afhankelijk van de problematiek – deskundigen inschakelen, zoals artsen, maatschappelijk werkers, pedagogen, psychologen of psychiaters. Nederland beschikt over jeugdzorgwerkers en jeugdzorginstellingen. Die zijn er om een bijdrage te leveren aan het voorkomen, verminderen of opheffen van lichamelijke, geestelijke, sociale of pedagogische problemen of stoornissen die de ontwikkeling van kinderen en jongeren ongunstig (kunnen) beÏnvloeden.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

8. Aanbod van jeugdzorg volgens de Wet op de jeugdzorg

Abstract
Het gebied van de jeugdhulpverlening zag er gedurende lange tijd uit als een lappendeken. Voor de hulpzoekende ouder of de hulpzoekende jongere was het vaak moeilijk om de weg naar de juiste instelling te vinden.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

9. Verblijf buiten het eigen gezin

Abstract
In de hoofdstukken 5 en 6 is uiteengezet wat vooraf kan gaan aan een gedwongen verblijf van een jongere buiten het eigen gezin en hoe de beslissing tot uithuisplaatsing totstandkomt. Ook kan verblijf buiten het eigen gezin voor een jongere totstandkomen, zonder dat er sprake is van een maatregel van het Burgerlijk Wetboek, dus op vrijwillige basis.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

10. Financiering van de jeugdzorg en hulpverlening aan kinderen en jongeren

Abstract
De Wet op de jeugdzorg heeft de financieringskaders voor de jeugdhulpverlening, de jeugdbescherming en de jeugd-GGZ, die samen invulling geven aan het begrip jeugdzorg, aanzienlijk transparanter gemaakt. Desondanks zijn op de jeugdzorg nog steeds verschillende wettelijke regimes van toepassing, die elk voor zich bepalend zijn voor het antwoord op de vraag welke wet in de gegeven situatie grondslag vormt voor de financiering.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

11. Internationale aspecten van het jeugdrecht en de jeugdzorg

Abstract
We worden nog altijd in toenemende mate geconfronteerd met problemen op het terrein van het jeugdrecht en de jeugdhulpverlening die een internationaal karakter dragen. Niet alleen neemt het grensoverschrijdend verkeer toe, ook binnen onze grenzen is het leven geïnternationaliseerd door de aanwezigheid van grote groepen vreemdelingen. Om die problemen het hoofd te kunnen bieden zijn tussen diverse landen verdragen gesloten.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

12. Ontwikkelingen en aanzetten tot vernieuwing binnen de jeugdzorg

Abstract
Belangrijke voorstellen van twee adviescommissies liggen aan de huidige regelgeving op het terrein van het personen-, familie- en jeugdrecht ten grondslag.
A.P. van der Linden, F.G.A. ten Siethoff, A.E.I.J. Zeijlstra-Rijpstra

Nawerk

Meer informatie