Ga naar de hoofdinhoud
Top

94. Verstopte traanbuis/dacryostenose

  • OriginalPaper
  • Hoofdstuk

Samenvatting

Traanvocht dient om het uitwendige oog te reinigen en te behoeden voor uitdroging. Het wordt afgevoerd door twee kanaaltjes: de canaliculi lacrimales. In het boven- en onderooglid kan op ongeveer 5 mm vanaf de mediale ooghoek een puntje ter grootte van een speldenprik worden waargenomen: de traanpunt of punctum lacrimale, het begin van de canaliculi. De kanaaltjes komen beide uit in de traanzak (saccus lacrimalis), die via een benige doorgang (de canalis nasolacrimalis) uitmondt in de neusholte net onder de concha inferior. Het ostium nasolacrimale kan na de geboorte door een dun vliesje (membraan van Hasner) afgesloten blijven, waardoor het traanvocht niet kan passeren. Dit leidt tot een stase van het traanvocht in de traanzak en zodra deze gevuld is, zal het traanvocht vanuit de fornix conjunctivae inferior over de wang lopen (epiphora). Secundair kan er een bacteriële ontsteking in de traanzak ontstaan, die leidt tot een purulente secretie vanuit de traanpunt. De afsluiting kan zowel uni- als bilateraal voorkomen.
Titel
Verstopte traanbuis/dacryostenose
Auteur
Luca Marler
Copyright
2021
Uitgeverij
Bohn Stafleu van Loghum
DOI
https://doi.org/10.1007/978-90-368-2739-3_94
Deze inhoud is alleen zichtbaar als je bent ingelogd en de juiste rechten hebt.