Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Het boek benadert de triage vanuit de praktijk van alledag. De meeste klachten waarvoor patiënten contact opnemen met de huisartsenpraktijk, vereisen geen spoedeisende hulp. Maar áls er sprake is van een spoedgeval, moet juist dan de triage goed worden uitgevoerd. Het ABCDE-denken, het werken met toestandsbeelden in plaats van diagnoses en andere inzichten uit de traumatologie bieden daarvoor goede handvatten. Deze benaderingen zijn in dit boek opgenomen.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1 Wat is triage?

Triage is het beoordelen van de urgentie van de hulpvraag, dat wil zeggen dat de triagist1 bepaalt met hoeveel spoed een patiënt onderzocht en behandeld moet worden. Vervolgens bepaalt de triagist de wijze waarop de hulpvraag het beste kan worden beantwoord en door wie die patiënt gezien moet worden. We onderscheiden telefonische triage en fysieke triage (patiënt aan telefoon of de balie).
S. van Gunst

2 Armklachten

Veel doktersassistenten denken bij armklachten meteen dat het gaat om uitstralende pijn bij bijvoorbeeld hartinfarct of angina pectoris. Dat is niet terecht, want in de meeste gevallen gaat het bij armklachten om spierpijn. Onder de armklachten vallen ook klachten van hand en vingers.
S. van Gunst

3 Beenklachten: dik, rood been

Als bij een patiënt een van beide benen rood en dik is, is dat altijd een reden om de patiënt met enige spoed op het spreekuur te laten komen. Als blijkt dat het andere been ook dik is, hoeft het niet met spoed, behalve als de patiënt met twee dikke benen ook kortademig is.
S. van Gunst

4 Bewusteloosheid, wegraking en insult

Normaal gesproken zorgen onze hersenen voor een helder bewustzijn. Verschillende oorzaken kunnen de helderheid van het bewustzijn verstoren.
S. van Gunst

5 Bloedneus

De meeste mensen hebben weleens een bloedneus. Meestal weten ze zelf wel hoe ze de bloeding moeten stoppen of ze wachten gewoon af tot het overgaat. Soms bellen ze naar de huisartsenpraktijk, bijvoorbeeld voor advies hoe ze de bloeding moeten stoppen of omdat ze ongerust zijn.
S. van Gunst

6 Braken

Braken is vervelend, maar soms noodzakelijk, want op die manier ontdoet het lichaam zich van schadelijke stoffen.
S. van Gunst

7 Buikpijn bij kinderen

De oorzaak van buikpijn is niet altijd direct duidelijk, zeker bij kinderen niet. Kinderen voelen namelijk nogal eens buikpijn terwijl de oorzaak helemaal niet in de buik ligt.
S. van Gunst

8 Buikpijn bij volwassenen

Soms is de oorzaak van buikklachten niet direct duidelijk. Als een patiënt klachten heeft en er hebben meer mensen in zijn omgeving ‘buikgriep’, dan is het waarschijnlijk dat de buikklachten daardoor worden veroorzaakt. Vaak is de oorzaak van buikklachten echter niet zo duidelijk.
S. van Gunst

9 Diabetes

Bij risicogroepen, zoals die ook genoemd staan in de NHG-TriageWijzer, ben je voorzichtiger dan bij gezonde mensen. Symptomen die bij gezonden niet ernstig zijn, kunnen bij risicogroepen immers ernstig verlopen. Patiënten met chronische aandoeningen vormen een risicogroep, dus ook patiënten met diabetes.
S. van Gunst

10 Diarree

Diarree komt vaak voor en gaat meestal vanzelf weer over. Slechts zelden komt er bij diarree een ernstige complicatie voor: dehydratie (uitdroging). Het risico op uitdroging is groter bij jonge kinderen en oude mensen.
S. van Gunst

11 Duizeligheid

Duizelig zijn is heel vervelend. Je kunt het gevoel hebben dat de wereld om je heen draait. Vaak gaat het gepaard met misselijkheid, braken en zweten. Het leidt tot een valneiging die vooral bij ouderen kans op breuken geeft.
S. van Gunst

12 Hartkloppingen

Van hartkloppingen worden de meeste patiënten erg bang. Vaak zijn hartkloppingen onschuldig, maar voor patiënten kan het aanvoelen als een bedreigende toestand. Ze benoemen het vaak zo: ‘mijn hart bonst in mijn keel’, ‘mijn hart slaat over’ of ‘mijn hart slaat op hol’.
S. van Gunst

13 Hoesten

Veel mensen hoesten, bijvoorbeeld bij koud en nat weer, en klachten van hoesten gaan bijna altijd binnen één tot drie weken weer over. Er zijn ook minder onschuldige vormen van hoesten. Vaak heeft de patiënt dan naast het hoesten nog andere symptomen.
S. van Gunst

14 Hoofdpijn

Bijna ieder mens heeft weleens hoofdpijn. Als er echt gezocht moet worden naar de oorzaak van hoofdpijn, is dat een taak van de huisarts. Maar het is wel goed om te weten dat er verschillende soorten hoofdpijn zijn, waarvan de meeste gelukkig niet ernstig. Heel soms is er een ernstige oorzaak.
S. van Gunst

15 Insectensteek of -beet

Allerlei insecten kunnen de mens steken of bijten. Soms doen ze dat omdat ze in het nauw zitten. Ook zijn er insecten die ons bloed als voedsel willen of eitjes willen leggen in onze huid.
S. van Gunst

16 Keelklachten

Iedereen heeft weleens last van zijn keel. Keelpijn is hinderlijk, maar gaat in de meeste gevallen vanzelf weer over binnen vier tot zeven dagen. Soms is er echter een ongewoon beloop. En als de patiënt zich steeds zieker voelt, moet de huisarts beoordelen hoe ziek hij is en hem eventueel behandelen.
S. van Gunst

17 Koorts

Meestal komt koorts door een onschuldige infectie en kan het lichaam deze infectie wel bestrijden. Een voorbeeld daarvan is een verkoudheid. Onschuldige infecties worden meestal veroorzaakt door virussen. De ernst van de koorts wordt bepaald door de infectie die de oorzaak is van de koorts.
S. van Gunst

18 Kortademigheid

De één heeft het over kortademigheid, de ander over benauwdheid, maar meestal wordt hetzelfde bedoeld: het gevoel niet genoeg adem te krijgen of sneller moeten ademen dan anders om genoeg lucht binnen te krijgen. Dat wordt ook wel ‘buiten adem’ of ‘achter adem’ genoemd.
S. van Gunst

19 Nekklachten

Iedereen heeft weleens een stijve, pijnlijke nek. Heel vervelend als je je hoofd bijna niet kunt draaien, maar als er geen bijkomende ziekteverschijnselen zijn, is het niet ernstig. Maar soms zijn nekklachten wél aanleiding tot spoed.
S. van Gunst

20 Neurologische uitval

Op een vrijdag, aan het eind van de ochtend, belt Erwin de Vries. Hij vertelt dat hij bij zijn opa op bezoek is en dat hij zich ongerust maakt. Ze zaten te praten en plotseling reageert zijn opa heel vreemd. Hij praat vreemd en onverstaanbaar. Opa, de heer Kok, is 80 jaar en sinds drie jaar weduwnaar. Erwin vraagt wat hij moet doen. Hij wil eigenlijk wel dat de dokter direct langskomt.
S. van Gunst

21 Obstipatie

Obstipatie is een lastige, maar meestal geen ernstige kwaal. In sommige gevallen is er wél een ernstige oorzaak. Bij obstipatie met een onschuldige oorzaak kan de assistent zelf adviezen geven. In andere gevallen moet de patiënt door de huisarts worden gezien.
S. van Gunst

22 Oogklachten

Bij de meeste mensen die naar de praktijk bellen met klachten over hun ogen, zijn de ogen rood. Vaak is er een ontsteking van het bindvlies. Ook kunnen patiënten de praktijk bellen omdat ze iets in hun oog hebben gekregen, een vuiltje bijvoorbeeld, of omdat ze tegen een zwiepende tak zijn aangelopen. Dat hoeft allemaal niet zo erg te zijn. Andere problemen van het oog kunnen wél ernstig zijn en soms zelfs aanleiding geven tot spoed.
S. van Gunst

23 Oorklachten

Er zijn verschillende oorzaken voor oorklachten, maar de bekendste is toch wel een ontsteking van het middenoor: de oorzaak van veel kinderleed (en van hun ouders!) is middenoorontsteking. Lees eerst de praktijksituatie.
S. van Gunst

24 Pijn op de borst

Pijn in of op de borst komt vaak voor en kan verschillende oorzaken hebben: pijnlijke botten of spieren, afwijkingen aan hart, longen of slokdarm.
S. van Gunst

25 Rugpijn

Als patiënten last hebben van de rug, gaat het meestal om pijn laag in de rug. De pijn is soms hevig, maar in de meeste gevallen heeft lagerugpijn geen ernstige oorzaak. Dat betekent dat de pijn meestal vanzelf weer overgaat. Het grootste gedeelte van de bevolking heeft ten minste eenmaal in z’n leven te maken met lagerugpijn zonder dat er een duidelijke oorzaak voor aan te wijzen is (‘aspecifiek’ heet dat in medische termen).
S. van Gunst

26 Suïcidaal

Een kort hoofdstuk over een vreselijk onderwerp: je krijgt een patiënt aan de telefoon of aan de balie die zelfmoord wil plegen. Wat een diepe pijn en verdriet zal er achter die mededeling schuilgaan. Hoe ga jij als doktersassistent daarmee om?
S. van Gunst

27 Urinewegproblemen

Urinewegproblemen is een brede term voor allerlei aandoeningen van de urinewegen. In de praktijk zie je natuurlijk het vaakst klachten van urineweginfecties. Patiënten noemen het vaak ‘blaasontsteking’: de hinderlijke aandoening waarbij ze veel kleine beetjes plassen, pijn hebben bij het plassen enzovoort.
S. van Gunst

28 Vergiftiging (intoxicatie)

Vergiftigingen kunnen per ongeluk of met opzet gebeuren. Meestal weet de patiënt of iemand uit de directe omgeving wel wat er gebeurd is. Soms ontstaan bij iemand plotseling klachten van misselijkheid, braken, buikpijn, duizeligheid, kortademigheid of zelfs bewusteloosheid, stuipen en verwardheid, zonder enige verklaring. In dat geval moet ook aan een vergiftiging gedacht worden.
S. van Gunst

29 Vreemd gedrag

Als iemand ineens heel vreemd doet of in de war raakt, is dat bijzonder beangstigend voor de omgeving. Verwardheid kan diverse oorzaken hebben. Sommigen denken dat het alleen bij psychiatrische patiënten voorkomt, maar dat is niet zo. Lees de praktijksituatie maar eens.
S. van Gunst

Nawerk

Meer informatie