Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Naar schatting één op de twintig Nederlanders van 65 jaar en ouder lijdt aan hartfalen. Boven de 85 jaar is dit gestegen tot één op de tien. De prevalentie van hartfalen zal de komende 20 jaar nog meer stijgen.Huisartsen zijn in verschillende stadia betrokken bij patiënten met hartfalen. De huisarts draagt zorg voor deze patiënten samen met de cardioloog en de verpleegkundig specialist hartfalen. Binnen de eerstelijn zijn ook de apotheker, de diëtiste en de fysiotherapeut betrokken. Hartfalen is een ziekte waarbij shared care optimaal tot zijn recht kan komen. In Handboek hartfalen komen alle betrokken (para)medici aan het woord. Het wordt reeds bij het doorbladeren duidelijk dat er veel van elkaar te leren is. Het is een praktisch boek met snel te scannen hoofdstukken die ook apart gelezen kunnen worden. De ontwikkelingen bij de diagnostiek van hartfalen, medicamenteuze en niet-medicamenteuze behandelingen gaan razend snel. In dit boek wordt een overzicht gegeven van deze nieuwe ontwikkelingen. Dit gebeurt na een gedegen inleiding over de pathofysiologie, het lichamelijk en het aanvullend onderzoek.De ontwikkelingen bij de diagnostiek van hartfalen, medicamenteuze en niet-medicamenteuze behandelingen gaan razend snel. In dit boek wordt een overzicht gegeven van deze nieuwe ontwikkelingen. Dit gebeurt na een gedegen inleiding over de pathofysiologie, het lichamelijk en het aanvullend onderzoek.De enorme toename van het aantal zorgvragen bij hartfalen de komende jaren en zullen een zwaar beslag leggen op de zorgprofessionals zowel in het ziekenhuis als in de eerstelijn. Dit vraagt om een optimale samenwerking waarbij de zorg voor de patiënt zoveel mogelijk in zijn directe leefomgeving gegeven kan worden zonder de patiënt de zegeningen van de moderne diagnostiek en behandeling door de specialist te moeten onthouden.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Inleiding, definitie en pathofysiologie

Abstract
In dit hoofdstuk worden de huidige inzichten in de pathofysiologie van het syndroom hartfalen besproken. Ook die mechanismen die bijdragen aan het uiteindelijk klinisch manifest worden van dit ziektebeeld komen aan bod. Hierbij wordt een onderscheid gemaakt tussen enerzijds de veranderingen van de mechanische eigenschappen van het hart zelf, zoals het frank-starlingmechanisme en de hypertrofie van de ventrikel, en anderzijds de neurohumorale compensatiemechanismen. Deze compensatiemechanismen zijn erop gericht de circulatoire homeostase te handhaven, maar blijken op de langere termijn averechts te werken. Er ontstaat een vicieuze cirkel die leidt tot het falen van het hart als pomp en het zich ontwikkelen van het klinische beeld van hartfalen. Wanneer hartfalen zich eenmaal heeft ontwikkeld, kenmerkt dit zich door een sombere prognose met een hoge morbiditeit en mortaliteit.
S. A. J. van den Broek

2. Klinische begrippen

Abstract
In dit hoofdstuk bespreken we de belangrijkste klinische begrippen die betrekking hebben op het interpreteren van met name anamnese en lichamelijk onderzoek bij hartfalen.
B. T. J. Meursing

3. De anamnese

Abstract
In dit hoofdstuk bespreken wij de belangrijkste klachten van de hartfalenpatient. U zult attent worden op sommige ogenschijnlijk atypische klachten van de patient en herkent u deze als afkomstig van hartfalen.
B. T. J. Meursing

4. Het lichamelijk onderzoek

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk bent u in staat de belangrijkste tekenen te benoemen die u bij het lichamelijk onderzoek van de hartfalenpatiënt kunt aantreffen. U kunt uitleg geven over de oorzaak van deze tekenen en bent in staat ze op te sporen. Routinematig deze tekenen herkennen vergt praktijkonderwijs en praktische oefening
B. T. J. Meursing

5. Hartfalen: laboratoriumonderzoek

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk bent u in staat aan te geven wanneer u laboratoriumonderzoek moet doen bij de hartfalenpatiënt en wat u moet doen met afwijkende uitkomsten.
S. F. A. S. de Jong

6. Het elektrocardiogram

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk bent u in staat om de plaats van het elektrocardiogram in de diagnostiek en behandeling van hartfalen te benoemen. Van enkele ritmestoornissen kunt u het algemene elektrocardiografische beeld beschrijven.
B. T. J. Meursing

7. Aanvullend onderzoek: de thoraxfoto

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk bent u in staat om de plaats van de thoraxfoto in de diagnostiek en behandeling van hartfalen te benoemen en om de verschillende onderdelen van het hart op de X-thorax aan te geven.
B. T. J. Meursing

8. Cardiopulmonale inspanningstest

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk begrijpt u meer van inspanningsfysiologie en zijn de mogelijkheden van de geïntegreerde cardiopulmonale inspanningstest bij de diagnostiek van hartfalen, maar ook bij longafwijkingen, duidelijker.
A. van Veen, R. Janssen

9. Het echocardiogram

Abstract
In dit hoofdstuk wordt een overzicht gegeven van het belang van echocardiografie voor de diagnostiek en evaluatie van de behandeling van de verschillende vormen van hartfalen. Naast een uiteenzetting over de standaardopnamen en de verschillende echotechnieken wordt veel aandacht besteed aan het diagnosticeren van hartfalen met behoud van ejectiefractie. Ook nieuwere technieken, zoals driedimensionale echocardiografie, komen aan bod.
E. J. P. Lamfers

10. Cardiale magnetic resonance imaging (MRI)

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk is de techniek van MRI u duidelijk. Tevens wordt aandacht besteed aan de waarde van cardiale MRI bij het diagnosticeren van hartfalen en het achterhalen van de oorzaak van hartfalen.
J. J. Remmen, E. S. Zegers

11. Aanvullend onderzoek: hartkatheterisatie, CTcoronairangiografie en nucleair geneeskundig onderzoek

Abstract
In dit hoofdstuk krijgt u een beknopt overzicht van de indicaties, uitvoeringswijze en potentiële consequenties van een hartkatheterisatie, coronairangiografie en nucleair geneeskundig onderzoek. Voor diepgang raadpleegt u de cardiologische literatuur.
B. T. J. Meursing

12. Medicamenteuze behandeling van chronisch hartfalen

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk kunt u de medicamenteuze behandeling van hartfalen beschrijven.
A. A. Voors

13. Dieetmaatregelen bij hartfalen

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk is u meer duidelijk over onze dagelijkse voeding en het dieet dat van belang is voor de hartfalenpatient.
Y. Artz

14. Diverse aspecten van hartfalen

B. T. J. Meursing, E. J. P. Lamfers

14.1. Slaapapneu en hartfalen

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk bent u op de hoogte van de hoge frequentie van slaapapneu bij hartfalenpatiënten. Er zijn obstructieve, centrale en mixed apneus en hypopneus. Centrale slaapapneu bij hartfalenpatiënten gaat meestal gepaard met cheyne-stokesademhaling. Slaapapneu heeft belangrijke hemodynamische gevolgen en kan leiden tot progressie van het hartfalen. De diagnose slaapapneu wordt gesteld met behulp van een slaapstudie. De standaardbehandeling van obstructief slaapapneusyndroom bij hartfalenpatiënten is CPAP. De behandeling van het centrale slaapapneusyndroom begint met optimalisatie van de medicamenteuze therapie. Daarnaast kunnen nachtelijke zuurstoftherapie, CPAP, BiPAP en adapted servoventilation worden ingezet in de behandeling van centrale slaapapneu.
R. Janssen

14.2. Diabetes mellitus type 2 en hartfalen

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk is u meer duidelijk omtrent de epidemiologie, pathofysiologie en de preventie van hartfalen bij diabetes mellitus type 2. Er is een relatie tussen diabetesregulatie en cardiovasculaire ziekte bij diabetes mellitus type 2 en de schadelijke effecten van zowel slechte als strikte bloedglucosecontrole. De behandeling van diabetes mellitus type 2 bij hartfalen wordt besproken, evenals de indicaties en contra-indicaties van bloedglucoseverlagende middelen, en de voor- en nadelen van de diverse middelen in relatie tot cardiovasculaire problemen. Ook de behandeling van hartfalen bij diabetes mellitus type 2 komt aan de orde en de plaats van bètablokkers en metformine hierin.
S. Janssen

14.3. Cardiorenaal syndroom

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk bent u in staat om de consequenties van het ontstaan of bestaan van nierinsufficiëntie bij hartfalen in te schatten. Tevens wordt u aangegeven wanneer u zou moeten overwegen om de patiënt naar de nefroloog te verwijzen.
C. G. ter Meulen

14.4. Hartfalen en dehydratie

Abstract
Dehydratie bij de hartfalenpatiënt komt veel voor. Het is iets waar altijd extra voor gewaakt dient te worden en de behandeling ervan vereist maatwerk van hartfalenverpleegkundige, cardioloog, internist en nefroloog.
E. J. P. Lamfers

14.5. Training bij hartfalen

Abstract
In dit hoofdstuk wordt de rol besproken die training kan bieden bij de behandeling van hartfalen.
W. M. van Teeffelen

15. Non-farmacologische therapie : CRT(-D) en ICD

Abstract
In dit hoofdstuk leest u welke mogelijkheden en toepassingen beschikbaar zijn voor de behandeling van (de gevolgen van) hartfalen door middel van elektrische stimulatie (pacing) op de rechter- en linkerventrikel. Daarnaast wordt ingegaan op de betekenis van de linkerventrikelejectiefractie als voorspeller van het risico van een plotse dood en overlijden aan hartfalen. Tevens worden de indicaties tot implantatie van de ICD besproken.
L. H. R. Bouwels, J. Elders

16. Mechanische circulatoire ondersteuning bij hartfalen

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk kent u de huidige stand van zaken en mogelijkheden van de mechanische ondersteuningsmogelijkheden.
J. R. Laphor

17. Harttransplantatie

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk hebt u inzicht in de beperkte rol die harttransplantatie vervult voor de groeiende groep patiënten met hartfalen, als gevolg van het zeer beperkte aanbod aan donorharten. Op individueel niveau, bij geselecteerde patienten, zijn de resultaten echter indrukwekkend en de complicaties relatief beperkt. De richtlijnen voor indicatie en contra-indicaties van harttransplantatie worden besproken.
N. de Jonge

18. Hartfalen in de huisartspraktijk: herkenning en behandeling

Abstract
In dit hoofdstuk leert u specifiek huisartsgeneeskundige aspecten die aanwezig zijn bij de hartfalenpatiënt.
Bij de behandeling moet de huisarts bedenken dat transmurale samenwerking onontbeerlijk is voor zowel de patiënt als de behandelaar.
J. A. M. Hoevenaars

19. De rol van de hartfalenpoli

Abstract
In dit hoofdstuk leert u meer omtrent de werkwijze van de hartfalenpolikliniek en de hartfalenverpleegkundige. De hartfalenverpleegkundige functioneert als laagdrempelig aanspreekpunt voor de patiënt en zal vaak intermediair zijn tussen patiënt en cardioloog.
G. van Til

20. Preventie van hartfalen

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk bent u in staat om enkele oorzaken van hartfalen te benoemen waarbij preventie bij uitstek zinvol is.
A. A. Voors

21. Prognose van hartfalen

Abstract
Na het lezen van dit hoofdstuk kunt u de prognose van patiënten met hartfalen beter inschatten. De effecten van de onderliggende etiologie en de aanwezige comorbiditeit worden verduidelijkt.
R. J. Hassink, J. H. Kirkels

22. Hartfalen: medication at a glance

Abstract
In dit hoofdstuk worden de verschillende medicatiegroepen en de individuele medicaties besproken, hun bijwerkingen genoemd, de beschikbare dosering en eventuele voorzorgsmaatregelen vermeld. Grote gedeelten zijn overgenomen uit het Farmacotherapeutisch Kompas ( http://www.fk.cvz.nl ). Her en der heeft de auteur doseringen aangepast en specifieke waarschuwingen naar voren gehaald of juist weggelaten, omdat dit voor de betreffende groep patienten naar zijn inzicht belangrijk is.
B. T. J. Meursing

Nawerk

Meer informatie