Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Dit boek biedt de noodzakelijke basis voor apothekersassistenten in opleiding om in de beroepspraktijkvorming een beeld te krijgen van bepaalde werkwijzen in de apotheek. Ze krijgen antwoorden op vragen als: Hoe verloopt een dag in de apotheek? Welke producten en diensten levert een apotheek? Wie werken er? Hoe wordt het werk georganiseerd? Aan welke regels moet worden voldaan en welke kwaliteitseisen worden gesteld? Hoe wordt alles betaald?

Zo werkt het in de apotheek heeft raakvlakken met alle kerntaken uit het Kwalificatiedossier mbo Apothekersassistent: geïndividualiseerde farmaceutische patiëntenzorg (kerntaak 1), niet-receptgestuurde zorg aan de patiënt (kerntaak 2), productzorg (kerntaak 3) en werken aan kwaliteit en deskundigheid (kerntaak 4). Een goedlopende apotheek heeft al deze elementen samen weten te brengen in een organisatie die bovendien op de juiste manier weet in te spelen op de alsmaar veranderende omgeving.

Hoewel de openbare apotheek centraal staat, worden ook andere soorten apotheken besproken en is aandacht voor andere zorgverleners waarmee de apotheek samenwerkt. Daarnaast wordt stilgestaan bij de kosten van de gezondheidszorg. Hierbij komt de steeds belangrijker wordende rol van de zorgverzekeraar aan bod, zoals de invloed van contractafspraken tussen apothekers en zorgverzekeraars op het werk van apothekersassistenten. In het boek is verder aandacht voor de wet- en regelgeving waarmee de apothekersassistenten in aanraking komen en die de dagelijkse werkzaamheden beïnvloedt.

Deze nieuwe editie is geactualiseerd en aangepast aan nieuwe wet- en regelgeving, zoals de AVG. Het boek is een onmisbaar naslagwerk voor apothekersassistenten (in opleiding).

Jeroen Mentink (1977) studeerde farmacie in Utrecht en behaalde daar in 2003 het apothekersdiploma. Hij is werkzaam als openbaar apotheker in Zierikzee. Naast zijn werkzaamheden als apotheker is hij actief in diverse commissies, docent voor na- en bijscholingen op mbo, hbo en universitair niveau en betrokken bij de ontwikkeling van vakinhoudelijke nascholingen voor diverse doelgroepen.

Carolijn Huizinga-Arp (1967) studeerde farmacie in Utrecht en behaalde daar in 1992 het apothekersdiploma. Zij is werkzaam als openbaar apotheker, actief in verschillende bestuurlijke functies en vanuit haar eigen schrijfbureau betrokken bij de ontwikkeling van cursussen voor apothekersassistenten, doktersassistenten, huisartsen en apothekers.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Praktijkorganisatie van een openbare apotheek

Samenvatting
In elke apotheek staan medewerkers klaar om patiënten farmaceutische zorg te leveren. Dit team bestaat uit apothekersassistenten die werken onder de eindverantwoordelijkheid van een of meerdere apothekers. Verder kunnen er farmaceutisch medewerkers, bezorgers, farmakundigen, farmaceutische consulenten en stagiaires werken. Alle apotheken leveren geneesmiddelen op recept en zorgen voor medicatiebewaking en -begeleiding. Daarnaast kan de patiënt in de apotheek terecht voor zelfzorgadvies en zelfzorgmiddelen. De apotheek levert ook services, zoals thuisbezorging of een kluisjessysteem. Hiervoor is een goede logistiek en administratie van groot belang. Bijzondere aandacht geeft de apotheek aan baxterpatiënten en -instellingen. Apotheken zorgen dat kwetsbare mensen hun geneesmiddelen per toedientijdstip en dag apart verpakt kunnen krijgen. Tot slot kun je in de apotheek op meerdere manieren werken aan farmaceutische patiëntenzorg, waarmee je ook heel gericht bepaalde patiëntengroepen voorziet van specifieke zorg, afgestemd op hun behoeften. Als apothekersassistent heb je door alle activiteiten erg afwisselend werk.
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

2. Andere soorten apotheken

Samenvatting
Behalve openbare apotheken kent Nederland ook andere apotheken: de ziekenhuisapotheek, de apotheekhoudend huisarts, de poliklinische apotheek, de bereidingsapotheek, het apotheekservicepunt, de dienstapotheek en de uitdeelpost. Al deze apotheken verschillen van elkaar. Apothekersassistenten in een ziekenhuisapotheek hebben bijvoorbeeld meer contact met verpleegkundigen en artsen dan met patiënten. Daarnaast wordt in een ziekenhuisapotheek op veel grotere schaal bereid. Een apotheekhoudend huisarts mag niet zelf geneesmiddelen bereiden en alleen geneesmiddelen verstrekken aan patiënten die in zijn verzorgingsgebied wonen of verblijven. Lokale of landelijk werkende bereidingsapotheken maken eigen bereidingen voor apotheken die dat zelf niet meer doen. Ongeveer de helft van alle ziekenhuizen heeft een apotheekservicepunt of transmuraal steunpunt. Dit speelt een belangrijke rol in de overdracht van medicatiegegevens. Dienstapotheken zorgen ervoor dat mensen buiten openingstijden van hun eigen apotheek aan geneesmiddelen kunnen komen. Goede zorginfrastructuur (LSP) zorgt ervoor dat de apotheek van de patiënt het overzicht houdt van het totale dossier.
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

3. Rondom de openbare apotheek

Samenvatting
De gezondheidszorg in Nederland is verdeeld in eerste- en tweedelijnszorg. Openbare apotheken behoren tot de eerste lijn. Eerstelijnszorg is zorg waar je zonder verwijzing naar toe mag gaan. Ziekenhuizen zijn onderdeel van de tweedelijnszorg. De eerstelijnszorg kan de meeste gezondheidsproblemen prima oplossen en is goedkoper dan tweedelijnszorg. De overheid stimuleert dat zorg die nu nog door ziekenhuizen wordt geleverd, door de eerste lijn wordt overgenomen. De huisarts moet als ‘poortwachter’ fungeren voor de tweede lijn. De apotheek bevindt zich in een omgeving die sterk aan het veranderen is. De apotheek verandert mee en werkt in toenemende mate samen met allerlei andere zorgaanbieders, zoals huisartsen en thuiszorgorganisaties. Rondom de apotheek zijn ook nog andere partijen van groot belang, namelijk fabrikanten en groothandels. Zorgverzekeraars bepalen soms via preferentiebeleid welke geneesmiddelen hun verzekerden vergoed krijgen. Fabrikanten en groothandels moeten deze geneesmiddelen aan de apotheek leveren.
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

4. Personeelszaken

Samenvatting
Dit hoofdstuk behandelt de arbeidsovereenkomst en de collectieve arbeidsovereenkomst (cao), en ook het proces dat aan een dienstverband voorafgaat, namelijk werving en selectie. Informatie over cao’s is terug te vinden op de website van de Stichting Bedrijfsfonds Apotheken; www.​sbaweb.​nl. De cao-apotheken verplicht werkgevers om een schriftelijke arbeidsovereenkomst aan te gaan met de werknemers. In die arbeidsovereenkomst worden allerlei zaken vastgelegd, waaronder wel of geen proeftijd en de duur ervan, de duur van de overeenkomst, het aantal uren dat iemand werkt, de werktijden, het aantal vakantiedagen en natuurlijk het salaris en de vakantietoeslag. Tot slot staan we ook stil bij de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en de betekenis van de Wet arbeidsmarkt in balans (WAB).
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

5. De bekostiging van de zorg

Samenvatting
Gezondheidszorg en welzijnszorg vormen samen ‘de zorg’ in Nederland. Deze zorg wordt voor het grootste deel betaald door de overheid en de sociale verzekeringen. Deze sociale verzekeringen zijn bij wet geregeld. Minder dan 10 % van alle kosten van de gezondheidszorg komt voor rekening van geneesmiddelen. De kosten van de gezondheidszorg zullen naar verwachting de komende jaren alleen maar verder stijgen door onder andere vergrijzing en meer behandelmogelijkheden. Zorgverzekeraars hebben van de overheid de belangrijke taak gekregen om alle declaraties af te handelen en te zorgen voor een soepele uitvoering van alle wetten en regels. Apotheken hebben vaak met heel veel verschillende zorgverzekeraars te maken. Vaak is er wel één zorgverzekeraar waar de meeste patiënten van de apotheek bij verzekerd zijn. Om het betalingsverkeer voor alle partijen zo praktisch mogelijk te laten verlopen, maken apotheken gebruik van tussenpersonen.
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

6. Wet- en regelgeving voor de openbare apotheek

Samenvatting
De apotheek valt onder allerlei wet- en regelgeving. De Geneesmiddelenwet bevat een groot aantal bepalingen over geneesmiddelen. Nederland kent verder al langer dan een eeuw een Opiumwet. De Opiumwet heeft als doel ongeoorloofde vervaardiging, sluikhandel en misbruik van Opiumwetmiddelen tegen te gaan. De Wet BIG regelt voor een aantal beroepen, waaronder dat van arts en apotheker, onder andere titelbescherming, opleidingseisen, voorbehouden handelingen, geheimhoudingsplicht en tuchtrecht. De WGBO regelt de relatie tussen patiënt en zorgverlener. De WGBO verplicht apothekers om dossiers vijftien jaar te bewaren. Apothekersassistenten vallen niet onder de WGBO. Iedere zorgaanbieder moet volgens de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz) een regeling treffen voor de behandeling van klachten. De Arbowet wil het werken voor werknemers zo veilig mogelijk maken. De Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) is een Europese privacywetgeving, die per 25 mei 2018 de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) heeft vervangen en moet de privacy van burgers beschermen.
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

7. Kwaliteit in de praktijk

Samenvatting
De wetgever eist van zorgverleners dat de geleverde zorg van goede kwaliteit is en heeft daarvoor een aantal wetten uitgevaardigd, waaronder de Wet kwaliteit, klachten en geschillen zorg (Wkkgz). In de Nederlandse apotheeknorm (NAN) wordt aangegeven wat de openbare apotheek verstaat onder het leveren van ‘verantwoorde’ zorg. De KNMP is bezig met de opvolger van de NAN, de Professionele standaard farmaceutische zorg. KNMP-richtlijnen maken duidelijk hoe je in de praktijk verantwoord kunt handelen. Door te werken met een kwaliteitszorgsysteem kan een apotheek aan deze eisen voldoen. De cirkel van Deming (plan, do, check, act) illustreert een belangrijk principe in de kwaliteitszorg. Door volgens dit principe te werken, kan een organisatie de kwaliteit steeds verder verbeteren. De Stichting HKZ heeft op basis van de ISO-normen HKZ-normen opgesteld voor de zorgsector. Een HKZ-certificaat maakt duidelijk dat de apotheek op goede en structurele wijze bezig is met kwaliteitszorg.
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

8. Bedrijfsvoering in de apotheek

Samenvatting
Een apotheek is een bedrijf. Een goede bedrijfsvoering begint met een goede administratie. De meeste apotheken hebben een financieel-administratief medewerker in dienst. Diverse apotheken besteden de boekhouding uit aan een administratiekantoor. Aan het eind van ieder jaar maakt de accountant de jaarrekening op. Deze jaarrekening bestaat uit een balans en een winst-en-verliesrekening. Belangrijke posten in de winst-en-verliesrekening zijn de inkoop en de personeelskosten. Zorgverzekeraarscontracten bepalen wat er aan geld binnenkomt in de apotheek.
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

9. Organisaties rondom de apotheek

Samenvatting
Apothekers en apothekersassistenten worden door meerdere organisaties bijgestaan bij de uitoefening van hun beroep. De koepelorganisatie voor apothekers, KNMP, behartigt de belangen van haar leden op allerlei manieren. De beroepsorganisatie voor apothekersassistenten is Optima Farma. Optima Farma wil apothekersassistenten graag informeren, motiveren en stimuleren bij de uitoefening van hun vak en hun eigen ontwikkeling. Apothekersassistenten kunnen ook lid worden van FNV Bondgenoten of CNV Publieke Zaak. Deze vakbonden behartigen de belangen van hun leden en onderhandelen namens de leden in cao-besprekingen. De Stichting Bedrijfsfonds Apotheken (SBA) is de uitvoeringsinstantie van de cao-apotheken. De SBA houdt zich bezig met arbeidsvoorwaarden en scholing voor apothekersassistenten en start allerlei projecten, onderzoeken en campagnes. De Stichting Accreditatie Nascholing Apotheekmedewerkers (SANA) heeft als doel de kwaliteit van de nascholing binnen de apothekersbranche te waarborgen. Assistenten kunnen zich registreren in het KABIZ, het kwaliteitsregister voor (onder andere) apothekersassistenten.
J. R. Mentink, C. R. C. Huizinga-Arp

Nawerk

Meer informatie

Extras