Een man wordt binnengebracht op de spoedeisende hulp. Uit- gedroogd, verward, boos, geagiteerd, scheldend, geen identiteitsbewijs. In zijn oude rugzak zitten wat kleren, een kapotte telefoon en een plastic mapje met papieren in een onbekende taal. Er wordt gefluisterd: ‘Waarschijnlijk een asielzoeker. Waarschijnlijk psychisch niet in orde. Waarschijnlijk weer zo eentje die....' …