Skip to main content
main-content
Top

Tip

Swipe om te navigeren naar een ander hoofdstuk

2011 | OriginalPaper | Hoofdstuk

8. Vrouwspecifieke Aspecten van Veneuze Trombo-Embolie

Auteurs: Prof. Dr. Saskia Middeldorp, Dr. Miriam de Kleijn

Gepubliceerd in: Handboek gynaecardiologie

Uitgeverij: Bohn Stafleu van Loghum

share
DELEN

Deel dit onderdeel of sectie (kopieer de link)

  • Optie A:
    Klik op de rechtermuisknop op de link en selecteer de optie “linkadres kopiëren”
  • Optie B:
    Deel de link per e-mail

Abstract

Veneuze trombo-embolie (VTE) is een frequent voorkomende ziekte in de westerse wereld, met een incidentie van 2 tot 3 per 1000 inwoners per jaar, die varieert met de leeftijd (figuur 8.1). Diepe veneuze trombose en longembolie werden in het verleden als aparte entiteiten beschouwd, maar blijken uitingen te zijn van dezelfde ziekte. Hoewel VTE goed te behandelen is, heeft deze aandoening een hoge morbiditeit en een niet te verwaarlozen mortaliteit. Ongeveer de helft van de patiënten met diepe veneuze trombose in de benen houdt blijvende klachten: het posttrombotisch syndroom. Ondanks behandeling bedraagt de mortaliteit ten gevolge van een longembolie ongeveer 5%, terwijl een (onbekend) klein percentage patiënten ernstige, chronische pulmonale hypertensie ontwikkelt. De cumulatieve incidentie van een recidief diepe veneuze trombose na staken van de behandeling met anticoagulantia is circa 30% na acht jaar, terwijl er bij 5-10% van de patiënten met een eerste bewezen longembolie een recidief optreedt in het eerste jaar. Patiënten met een eerste episode van VTE, waarbij een passagère risicofactor aanwijsbaar is, zoals een operatie, hebben een beduidend lagere kans op een recidief dan patiënten bij wie de VTE spontaan optreedt. Vrouwen hebben een lager risico op recidief VTE dan mannen.2 Dit wordt deels verklaard doordat vrouwen frequent een hormonale uitlokkende factor ten tijde van hun eerste VTE hadden, die nadien niet meer aanwezig is.
Literatuur
1.
go back to reference Naess IA, Christiansen SC, Romundstad P, Cannegieter SC, Rosendaal FR, Hammerstrom J. Incidence and mortality of venous thrombosis: a population-based study. J Thromb Haemost 2007; 5: 692–99. PubMedCrossRef Naess IA, Christiansen SC, Romundstad P, Cannegieter SC, Rosendaal FR, Hammerstrom J. Incidence and mortality of venous thrombosis: a population-based study. J Thromb Haemost 2007; 5: 692–99. PubMedCrossRef
2.
go back to reference McRae S, Tran H, Schulman S, Ginsberg J, Kearon C. Effect of patient’s sex on risk of recurrent venous thromboembolism: a meta-analysis. Lancet 2006; 368; 371–78. PubMedCrossRef McRae S, Tran H, Schulman S, Ginsberg J, Kearon C. Effect of patient’s sex on risk of recurrent venous thromboembolism: a meta-analysis. Lancet 2006; 368; 371–78. PubMedCrossRef
3.
go back to reference Middeldorp S. Trombofilie: risicofactoren voor veneuze trombo-embolie. Bijblijven Cumulatief Geneeskundig Nascholingssysteem 2004; 20: 12–22. Middeldorp S. Trombofilie: risicofactoren voor veneuze trombo-embolie. Bijblijven Cumulatief Geneeskundig Nascholingssysteem 2004; 20: 12–22.
4.
go back to reference CBO. Richtlijn Diagnostiek, preventie en behandeling van veneuze trombo-embolie en secundaire preventie arteriële trombose. Utrecht: CBO, 2008. CBO. Richtlijn Diagnostiek, preventie en behandeling van veneuze trombo-embolie en secundaire preventie arteriële trombose. Utrecht: CBO, 2008.
5.
go back to reference Brandjes DP, Buller HR, Heijboer H, Huisman MV, Rijk M de, Jagt H, et al. Randomised trial of effect of compression stockings in patients with symptomatic proximal-vein thrombosis. Lancet 1997; 349: 759–62. PubMedCrossRef Brandjes DP, Buller HR, Heijboer H, Huisman MV, Rijk M de, Jagt H, et al. Randomised trial of effect of compression stockings in patients with symptomatic proximal-vein thrombosis. Lancet 1997; 349: 759–62. PubMedCrossRef
6.
go back to reference Hylckama Vlieg A van, Helmerhorst FM, Vandenbroucke JP, Doggen CJ, Rosendaal FR. The venous thrombotic risk of oral contraceptives, effects of oestrogen dose and progestogen type: results of the mega case–control study. BMJ 2009; 339: b2921. Hylckama Vlieg A van, Helmerhorst FM, Vandenbroucke JP, Doggen CJ, Rosendaal FR. The venous thrombotic risk of oral contraceptives, effects of oestrogen dose and progestogen type: results of the mega case–control study. BMJ 2009; 339: b2921.
7.
go back to reference Middeldorp S, Rosing J, Bouma BN, Buller HR. Effecten van orale anticonceptiva van de tweede en de derde generatie op de hemostase. Ned Tijdschr Geneeskd 2001; 145: 252–56. PubMed Middeldorp S, Rosing J, Bouma BN, Buller HR. Effecten van orale anticonceptiva van de tweede en de derde generatie op de hemostase. Ned Tijdschr Geneeskd 2001; 145: 252–56. PubMed
8.
go back to reference 8 NHG-standaard Hormonale anticonceptie. M02. 8 NHG-standaard Hormonale anticonceptie. M02.
9.
go back to reference Hylckama Vlieg A van, Helmerhorst FM, Rosendaal FR. The risk of deep venous thrombosis associated with injectable dmpa contraceptives or a Levonorgestrel intrauterine device. Arterioscler Thromb Vasc Biol 2010; 30: 2297–300. PubMedCrossRef Hylckama Vlieg A van, Helmerhorst FM, Rosendaal FR. The risk of deep venous thrombosis associated with injectable dmpa contraceptives or a Levonorgestrel intrauterine device. Arterioscler Thromb Vasc Biol 2010; 30: 2297–300. PubMedCrossRef
10.
go back to reference Hylckama Vlieg A van, Middeldorp S. Hormone therapies and venous thromboembolism: where are we now? J Thromb Haemost 2011; 9: 957–66. Hylckama Vlieg A van, Middeldorp S. Hormone therapies and venous thromboembolism: where are we now? J Thromb Haemost 2011; 9: 957–66.
11.
go back to reference Canonico M, Plu-Bureau, Lowe GD, Scarabin PY. Hormone replacement therapy and risk of venous thromboembolism in postmenopausal women: systematic review and meta-analysis. BMJ 2008; 336: 1227–31. PubMedCrossRef Canonico M, Plu-Bureau, Lowe GD, Scarabin PY. Hormone replacement therapy and risk of venous thromboembolism in postmenopausal women: systematic review and meta-analysis. BMJ 2008; 336: 1227–31. PubMedCrossRef
12.
go back to reference Hoibraaten E, Qvigstad E, Arnesen H, Larsen S, Wickstrom E, Sandset PM. Increased risk of recurrent venous thromboembolism during hormone replacement therapy. Results of the randomized, double-blind, placebo-controlled estrogen in venous thromboembolism trial (evtet). Thromb Haemost 2000; 84: 961–67. PubMed Hoibraaten E, Qvigstad E, Arnesen H, Larsen S, Wickstrom E, Sandset PM. Increased risk of recurrent venous thromboembolism during hormone replacement therapy. Results of the randomized, double-blind, placebo-controlled estrogen in venous thromboembolism trial (evtet). Thromb Haemost 2000; 84: 961–67. PubMed
13.
go back to reference Roeters van Lennep J, Meijer E, Klumper FJ, Middeldorp JM, Bloemenkamp KW, Middeldorp S. Prophylaxis with low-dose low-molecular-weight-heparin during pregnancy and postpartum: is it effective? J Thromb Haemost 2011; 9: 473–80. CrossRef Roeters van Lennep J, Meijer E, Klumper FJ, Middeldorp JM, Bloemenkamp KW, Middeldorp S. Prophylaxis with low-dose low-molecular-weight-heparin during pregnancy and postpartum: is it effective? J Thromb Haemost 2011; 9: 473–80. CrossRef
14.
go back to reference Middeldorp S, Hylckama Vlieg A van. Does thrombophilia testing help in the clinical management of patients? Br J Haematol 2008; 143: 321–35. PubMedCrossRef Middeldorp S, Hylckama Vlieg A van. Does thrombophilia testing help in the clinical management of patients? Br J Haematol 2008; 143: 321–35. PubMedCrossRef
Metagegevens
Titel
Vrouwspecifieke Aspecten van Veneuze Trombo-Embolie
Auteurs
Prof. Dr. Saskia Middeldorp
Dr. Miriam de Kleijn
Copyright
2011
Uitgeverij
Bohn Stafleu van Loghum
DOI
https://doi.org/10.1007/978-90-313-8782-3_8