Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Kindertherapeuten, –psychologen, –psychiaters en pedagogen laten zich de laatst jaren steeds meer inspireren door de cognitief georiënteerde gedragstherapieën. De rationeel–emotieve therapie (RET) is zeer praktisch gericht en levert een rijkdom aan gevoels–, gedrags– en cognitieve interventies.

Uit de knoop is het eerste omvangrijke Nederlandstalige boek dat speciaal geschreven is voor toepassingen bij kinderen, jeugdigen en hun ouders.
De praktijk van de therapie staat in dit boek centraal. Het is een handleiding waarmee een cognitieve gedragstherapie vorm gegeven kan worden.

Het boek biedt voor ervaren professionals de mogelijkheid tot herstructurering van hun sessies. Zij vinden in de talloze voorbeelden en dialogen nieuwe wegen om hun cliëntencontacten te intensiveren. Voor professionals met minder ervaring op dit gebied biedt het boek een stap voor stap benadering om een volledige therapie op te bouwen.

Inhoudsopgave

Voorwerk

Inleiding, methoden, relatie

Voorwerk

1 Inleiding

Samenvatting
Albert Ellis, de grondlegger van de rationeel-emotieve therapie (RET), wordt gezien als de grootvader van de cognitieve gedragstherapie (CGT) (American Psychologist, 1986). Ellis zag meteen bij de ontwikkeling van zijn theorie in de jaren vijftig toepassingsmogelijkheden bij kinderen en ouders, en binnen de schoolsituatie. Hij maakte bijvoorbeeld audiobanden van gesprekken met een achtjarig meisje die onder collega’s circuleerden. In de jaren zestig verschijnen er mondjesmaat meer publicaties op het gebied van kind en jeugd van mensen om Ellis heen. Zijn enthousiasme om de cognitieve theorie zo breed mogelijk toepasbaar te maken, kreeg onder meer een vervolg in de oprichting van een kleine particuliere school in 1970, waar de RET-principes door leerkrachten in het lesprogramma werden gebracht. Een decennium later werd er al ruimschoots gepubliceerd over kinderen, jeugdigen en hun ouders (zie voor een overzicht Ellis & Bernard, 1983). Uit de ervaringen binnen het schoolwezen ontstaat bijvoorbeeld het boekje Rational Emotive Education, a manual for elementary schoolteachers van William Knaus (1974), dat later in Nederland zou verschijnen en dat veel bekendheid heeft gekregen (Diekstra, Knaus & Ruys, 1982).
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

2 Cognitief-gedragstherapeutische methoden

Samenvatting
Net als Ellis en Bernard (1983) hebben we ons erover verbaasd dat de RET en andere cognitieve gedragstherapieën in hun toepassingen voor jongere populaties zich relatief afzonderlijk hebben ontwikkeld. De verschillen zijn immers niet zo groot dat afzonderlijke stromingen zich daaruit laten verklaren.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

3 Het fundament van de relatie: bouwstenen en toepassingen

Samenvatting
Het is bekend dat de kwaliteit van de therapeutische relatie een belangrijke rol speelt bij het welslagen van de therapie. Dit geldt voor iedere therapie en zeker ook voor therapie met kinderen. Kinderen weten minder goed wat hun te wachten staat, zijn afhankelijker van derden en hebben er vaak niet zelf voor gekozen om een therapeut te bezoeken.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

Diagnostiek met behulp van het ABC-model

Voorwerk

4 De start: een goed begin is het halve werk

Samenvatting
In de RET-traditie spreekt men van verschillende fasen in de therapie met kinderen: een relatie opbouwen, diagnostiek, vaardigheden aanleren (cognitief, gedragsmatig en emotief), oefenen en toepassen (Bernard & Joyce, 1984, 1993; DiGiuseppe, 1989). Hoewel zij spreken van verschillende fasen in de therapie, is het opvallend dat zij na het rustig vormgeven van een goede werksfeer direct aan het werk gaan en dat de diagnostiek en behandeling hand in hand gaan. Tijdens het eerste gesprek wordt er informatie verzameld, maar wordt ook al begonnen met een stukje behandeling. Er wordt gewerkt vanuit de aanname dat het kind de therapeut leert kennen door de manier waarop die werkt.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

5 Formulering van de gebeurtenis en onderzoek van de gevoelens

Samenvatting
Werkend met kinderen en jeugdigen begint de therapeut altijd met het duidelijk krijgen welke situaties voor het kind belastend zijn en welke emoties daarbij een rol spelen.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

6 Onderzoek van gedrag en de gevolgen van gedrag

Samenvatting
Het kind moet zelf enig idee ontwikkelen over de (dis)functionaliteit van zijn gedrag, wil het bereid en in staat zijn om structurele veranderingen tot stand te brengen. Hoe beter de therapeut de variaties in de gedragingen van het kind kent, hoe beter hij het gedrag klinisch gezien kan inschatten en ideeën kan ontwikkelen over de te volgen behandelingsstrategie.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

7 Onderzoek van gedachten

Samenvatting
In de ontwikkeling van de cognitieve psychotherapie bestaan globaal gezien twee benaderingen van het onderzoek van de gedachten. De ene richting (oorspronkelijk de richting-Beck) komt in feite neer op de vraag ‘hoe neemt de cliënt waar en wat voor gevolgen heeft dat voor het functioneren van de cliënt?’ Het onderzoek is gericht op waarnemingsprocessen, de interventies op het corrigeren van nietjuiste waarnemingen en gevolgtrekkingen.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

Interventies

Voorwerk

8 Cognitieve interventies

Samenvatting
RET- en CGT-therapeuten hebben veel vrijheid van handelen in de interventiefase omdat zij verschillende ingangen kunnen gebruiken om het interventieproces te starten.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

9 Gevoelsinterventies

Samenvatting
De gevoelens van kinderen zijn in het interventiegedeelte vaak het vertrek- en eindpunt van de behandeling. Hoe voelt het kind zich bij aanvang? Welke gevoelens zijn lastig of brengen het in de problemen? En: met welke gevoelens willen we eindigen? Hoe wil je je voelen als we klaar zijn?
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

10 Gedragsinterventies

Samenvatting
De manier waarop iemand over zichzelf, anderen en de wereld denkt, kan leiden tot specifieke gedragsproblemen in de relatie met zichzelf en anderen. Depressieve jongeren zien zichzelf bijvoorbeeld over het algemeen als kwetsbaar, incompetent en oninteressant. Zij ervaren anderen veelal als kritisch en hooghartig. Vanuit deze overtuigingen zijn zij vaak vermijdend in het contact met anderen en meer gericht op individuele activiteiten. Hierdoor kan een gebrek aan bepaalde sociale vaardigheden ontstaan, zoals een gewoon gesprekje beginnen, je mening geven, kritiek verwoorden of een compliment maken.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

Systeem, protocol, casus

Voorwerk

11 Systeemgerichte aanpak

Samenvatting
Het hier volgende citaat uit Woulff (1983, p. 370) geeft goed weer hoe in de rational-emotive family therapy (REFT) systeemgericht werken wordt opgevat:
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

12 Protocollair werken

Samenvatting
Werken in de jeugdzorg volgens richtlijnen en protocollen is een onvermijdelijke ontwikkeling die in de nabije toekomst steeds meer maatgevend zal zijn. … Niemand twijfelt nog aan de noodzaak van systematisering noch aan het toepassen van effectief gebleken behandelmethoden. Protocollen leveren aan deze ontwikkeling een belangrijke bijdrage. Niettemin zijn zij in de jeugdzorg een controversieel onderwerp.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

13 Weergave van een schoolmotivatieprobleem

Samenvatting
Joep (13 jaar, eerste klas MAVO) uit paragraaf 10.7 heeft veel onvoldoendes gehaald en wil toch wel graag over. Als doel is er gesteld dat hij constant wil leren werken. Voorafgaand aan de dialoog hierna is er gesproken over belonen (het is aan te raden de dialoog uit par. 10.7 nogmaals te lezen alvorens hier verder te gaan). De therapeute heeft aangegeven dat ze aan het einde van de sessie een en ander met moeder zal bespreken. Joep is boos op de therapeute die zijn moeder wil coachen om anders met belonen om te gaan. Hier volgt de derde sessie. De cijfers tussen haakjes verwijzen naar interventies die later worden uitgelegd.
Gidia Jacobs, Nicole Muller, Esther ten Brink

Nawerk

Meer informatie