Ga naar de hoofdinhoud
Top

Traumatologie van extremiteiten en bekken

  • 2020
  • Boek

Over dit boek

Dit leerboek bestaat uit zeven delen die achtereenvolgens behandelen: de algemene principes en richtlijnen van dit specialisme, osteosynthesematerialen en diverse fracturen ‘van clavicula tot teen’. Nieuw voor deze uitgave is dat oudere implantaten, zoals het DCP, zijn verdwenen en plaats hebben gemaakt voor nieuwere implantaten en alle operatieverslagen opnieuw kritisch onder de loep genomen en deels zijn herschreven.
Traumatologie van extremiteiten en bekken, dat in de eerste plaats is geschreven als leerboek voor de operatieassistent, heeft als doel de lezer bekend te maken met de verschillende osteosynthesetechnieken. Daarnaast is het geschikt als naslagwerk voor andere beroepsgroepen in de gezondheidszorg.
De reeks ‘Operatieve Zorg en Technieken’ is bestemd voor de opleiding tot operatieassistent. Naast hetbasisboek bestaat de reeks uit een aantal vervolgdelen, waarin de verschillende subspecialismen van dechirurgie worden behandeld.
Elk deel in de reeks heeft dezelfde indeling. Ieder hoofdstuk begint met een inleiding, gevolgd door eenuitwerking van de pre-, per- en postoperatieve fase van de operatie. Bij alle operatiebeschrijvingen staande operatie-indicatie en het doel van de operatie vermeld. De opstelling van het operatieteam wordt peroperatiebeschrijving verduidelijkt door een afbeelding.

Inhoudsopgave

  1. Voorwerk

  2. Algemene principes en richtlijnen

    1. Voorwerk

    2. 1. Positionering van de patiënt

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Het positioneren van de patiënt is een samenspel tussen anesthesioloog, operateur, anesthesiemedewerker en operatieassistent. Zij zorgen ervoor dat de patiënt geen complicaties overhoudt aan zijn positionering tijdens de operatie.
    3. 2. Opstellingen van het operatieteam

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk worden zeven mogelijke opstellingen van het operatieteam weergegeven bij de verschillende traumatologische ingrepen. Er zijn uiteraard allerlei variaties mogelijk.
    4. 3. Basiselementen van de fractuurleer

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk wordt de basis gelegd die nodig is om de rest van het boek goed te kunnen begrijpen. Een aantal cruciale elementen van de fractuurleer wordt achtereenvolgens beschreven. De nadruk ligt hierbij op de fractuurbehandeling.
    5. 4. Mechanische basisprincipes bij fixatie

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Doeltreffende fixatie van een fractuur kan gebaseerd zijn op twee basisprincipes: interfragmentaire compressie en spalken. Elk principe heeft zijn eigen indicaties en contra-indicaties. Er zijn verschillende methoden om deze principes toe te passen. Ze kunnen ook met elkaar gecombineerd worden; in sommige situaties is dat noodzakelijk om een goede fixatie te verkrijgen.
    6. 5. Boorsystemen

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Boorsystemen zijn ontwikkeld voor de behandeling bij traumatologische en orthopedische chirurgie, dat wil zeggen voor het boren, reamen en het inbrengen van Kirschner-draden.
    7. 6. Specifiek instrumentarium en benodigdheden

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Naast het basisinstrumentarium wordt bij iedere osteosynthese gebruikgemaakt van specifieke instrumenten. Hier wordt het instrumentarium besproken dat gebruikt wordt bij een plaatosteosynthese met trekschroef, het inbrengen van een intramedullaire pen en een zuggurtungosteosynthese.
    8. 7. De traumapatiënt

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Traumachirurgie is een specialistisch vakgebied dat zich bezighoudt met de behandeling van patiënten met letsels veroorzaakt door ongevallen of ander geweld. Het gaat hierbij om letsels van het bewegingsapparaat, maar er kunnen ook organen bij betrokken zijn.
  3. Osteosynthesemateriaal

    1. Voorwerk

    2. 8. Diverse soorten materialen

      Hendries Boele
      Samenvatting
      De afkorting AO staat voor Arbeitsgemeinschaft für Osteosynthesefragen. Deze organisatie is in 1958 ontstaan als studiegroep van een aantal Zwitserse chirurgen en ingenieurs. Tegenwoordig bestaat de AO uit een groot aantal gerenommeerde traumachirurgen en orthopeden uit de hele wereld. Zij heeft in de afgelopen jaren tal van osteosynthesetechnieken ontwikkeld.
    3. 9. Biomaterialen

      Hendries Boele
      Samenvatting
      De laatste jaren wordt binnen de traumatologie, de orthopedie en de plastische chirurgie steeds vaker gebruikgemaakt van biomaterialen. Autograft is jarenlang de geaccepteerde standaard voor bot-grafting geweest. Dit heeft echter enkele nadelen: het betekent verlenging van de operatieduur, het geeft meer bloedverlies en de verkrijgbaarheid is beperkt.
    4. 10. Verwijderen van osteosynthesemateriaal

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In een aantal situaties wordt het aangebrachte osteosynthesemateriaal weer verwijderd. Indicaties hiervoor zijn bijvoorbeeld consolidatie van de fractuur, vooral bij jonge mensen, optreden van een infectie, last van uitstekende delen van de osteosynthese of een implantaatbreuk.
  4. Bovenste extremiteiten

    1. Voorwerk

    2. 11. Anatomie en algemene traumatologische aspecten van de bovenste extremiteit

      Hendries Boele
      Samenvatting
      De schoudergordel verbindt de bovenste extremiteiten met de romp en is opgebouwd uit twee sleutelbeenderen, de claviculae, en twee schouderbladen, de scapulae. Het schouderblad is een plat, driehoekig botstuk dat achter op de ribben ligt. Het schouderblad vormt de aanhechtingsplaats voor vele spieren. Aan de voorzijde bevindt zich de processus coracoideus en het acromion vormt de laterale uitloop van het proximale deel van de spina scapulae.
    3. 12. Letsels van schouder en humerus

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk worden de volgende letsels beschreven en wordt hun behandeling kort aangestipt: claviculafractuur, scapulafractuur, humerusfractuur (proximaal en schacht), sternoclaviculaire luxatie, acromioclaviculaire luxatie (AC-luxatie), schouderluxatie en bicepspeesruptuur. Vervolgens worden enkele operatieve technieken uitgebreider behandeld: het inbrengen van een proximale humerusplaat (philosplaat) en het inbrengen van een humeruspen.
    4. 13. Letsels van elleboog, onderarm en pols

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk wordt ingegaan op verschillende letsels en fracturen van de elleboog, onderarm en pols. Achtereenvolgens worden de supra- en trans/intracondylaire humerusfractuur, de olecranonfractuur, de radiuskopfractuur, de elleboogluxatie, de geïsoleerde radius- of ulnaschachtfractuur, de antebrachiifractuur, de Monteggia-fractuur, de Galeazzi-fractuur en de distale radiusfractuur beschreven. Er wordt kort uitleg gegeven over de fractuur, waarna de meest gebruikte osteosynthesematerialen genoemd worden.
    5. 14. Operatietechnieken bij traumatische letsels van de elleboog en pols

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk wordt de zuggertungtechniek besproken als behandeling van een olecranonfractuur. Verder komen aan de orde: de distale radiusplaat en de fixateur externe als behandeling van een distale radiusfractuur.
    6. 15. Letsels van de hand

      Hendries Boele
      Samenvatting
      De volgende handletsels worden in dit hoofdstuk beschreven: carpale fracturen/luxatie (os naviculare, os lunatum), metacarpale fracturen (Bennett-fractuur, Rolando-fractuur), ‘skiduim’, falanxfracturen en mallet finger. In de laatste paragraaf wordt ingegaan op het specifieke osteosynthesemateriaal voor handfracturen.
  5. Bekken en acetabulum

    1. Voorwerk

    2. 16. Anatomie en traumatische letsels van het bekken

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk worden achtereenvolgens besproken: de anatomie van het bekken, het ontstaan van bekkenfracturen, de diagnostiek van bekkenfracturen, de classificatie van bekkenfracturen, de behandeling van bekkenfracturen en begeleidende letsels bij bekkenfracturen.
    3. 17. Anatomie en traumatische letsels van het acetabulum

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk komt eerst de anatomie van het acetabulum aan de orde en wordt vervolgens een aantal behandelingsmethoden bij acetabulumfracturen besproken.
  6. Onderste extremiteiten

    1. Voorwerk

    2. 18. Anatomie en algemene traumatologische aspecten van de onderste extremiteit

      Hendries Boele
      Samenvatting
      De onderste extremiteit (fig. 18.1) wordt verdeeld in bekkengordel, boven- en onderbeen en voet. De anatomie van de bekkengordel is al beschreven in deel IV. De onderste extremiteiten zijn verantwoordelijk voor de voortbeweging en geven het lichaam steun en stabiliteit. De benige componenten moeten het lichaamsgewicht dragen en zijn daardoor dikker en sterker dan die van de bovenste extremiteit.
    3. 19. Letsels van het proximale femur

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk wordt ingegaan op verschillende letsels en fracturen van het proximale femur. Fracturen in dit gebied komen veelvuldig voor, vooral bij oudere mensen. Ongeveer 75 % van de personen met een proximale femurfractuur is ouder dan 75 jaar.
    4. 20. Operatietechnieken bij trauma van het proximale femur

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk worden volgende technieken besproken: het inbrengen van een kop-halsprothese, gecanuleerde schroeven, Femoral Neck System, dynamische heupschroef, gamma nail en trochanteric fixation nail systeem.
    5. 21. Letsels van femurschacht en distale femur

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk wordt ingegaan op verschillende fracturen van de femurschacht en het distale femur. Achtereenvolgens worden femurschachtfracturen en supracondylaire en condylaire femurfracturen beschreven. Er wordt kort uitleg over de fracturen gegeven, waarna de meest gebruikte osteosynthesematerialen genoemd worden.
    6. 22. Operatietechnieken bij trauma van de femurschacht en het distale femur

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Deze anatomisch voorgevormde femurpen heeft een linker- en een rechtervariant en bestaat uit een titaniumlegering. Door dit materiaal is de pen minder star en kan deze ongeboord in de femurmergholte gebracht worden. Omdat alle pennen gecanuleerd zijn, is het ook mogelijk om ze over een voerdraad in te brengen.
    7. 23. Letsels van patella en tibia

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Door een val op de knie kan een patellafractuur optreden. Deze fractuur kan onderverdeeld worden in enkelvoudig, dwars, verticaal en comminutief. Als er geen sprake is van dislocatie, ofwel het strekapparaat is nog intact, kan met een conservatieve behandeling volstaan worden. In alle andere gevallen volgt operatief ingrijpen.
    8. 24. Operatietechnieken bij trauma van patella en tibia

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit operatieverslag wordt een zuggurtungosteosynthese van cerclagedraad en K-draden beschreven bij een patellafractuur. Het verslag wordt afgesloten met een opsomming van alternatieve osteosynthesetechnieken voor behandeling van patellafracturen.
    9. 25. Letsels van enkel en voet

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk wordt ingegaan op verschillende letsels en fracturen van de enkel en de voet. Achtereenvolgens worden malleolaire fracturen, enkelbandletsels, achillespeesrupturen, talusfracturen, calcaneusfracturen, fracturen van de middenvoet, tarsometatarsale luxaties, metatarsaalfracturen en teenfracturen beschreven. Er wordt kort uitleg gegeven over de fractuur of het letsel, waarna de meest gebruikte osteosynthesematerialen genoemd worden. 
    10. 26. Operatietechnieken bij trauma van enkel en voet

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de operatietechnieken bij een enkelfractuur en worden diverse osteosynthesetechnieken besproken. Verder komen aan de orde: de Mitek®-tenodese bij een achillespeesruptuur, de behandeling van een calcaneusfractuur en het osteosynthesemateriaal dat in aanmerking komt voor fracturen van de middenvoet en de metarsalia. 
  7. Fracturen bij kinderen

    1. Voorwerk

    2. 27. Fractuurbehandeling bij kinderen

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Een kinderfractuur wordt gedefinieerd als een botbreuk bij een kind of een jonge adolescent waarbij er sprake is van een open epifysaire groeischijf. Een kinderbot bestaat uit een diafyse, die omgeven is door een stevig en goed gevasculariseerd periost, met aan beide uiteinden een epifyse met een groeischijf.
  8. Overige fracturen

    1. Voorwerk

    2. 28. Pathologische fracturen

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Een pathologische fractuur, ook wel een spontane fractuur genoemd, treedt meestal op na een gering trauma. Een botlaesie als gevolg van een lokale verzwakking of systemische ziekte ligt hieraan ten grondslag.
    3. 29. Ribfracturen

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Een ribfractuur ontstaat meestal door een ongeval waarbij de borstkas met kracht wordt ingedrukt. Zo kunnen een of meer ribben breken door een val op een harde ondergrond, bijvoorbeeld bij het wielrennen of schaatsen of bij een auto-ongeval. Soms kan hoesten tot een ribfractuur leiden. Wanneer verschillende ribben naast elkaar op twee plaatsen zijn gebroken, hetzij aan de één kant, hetzij aan beide kanten van het sternum, kan dit leiden tot een fladderthorax.
    4. 30. Specifiek instrumentarium

      Hendries Boele
      Samenvatting
      In dit hoofdstuk zijn enkele specifieke instrumenten opgenomen die binnen de traumatologie worden gebruikt naast het standaard basisinstrumentarium. Het betreft een globaal overzicht. Instrumentarium bij de diverse osteosynthesesets wordt beschreven bij de desbetreffende ingreep.
    5. 31. Synthes® AO/ASIF-boorschema

      Hendries Boele
      Samenvatting
      Synthes® AO/ASIF-boorschema: corticalis/spongiosaschroeven 2,7–6,5 mm, cortexschroeven 1,0–2,7 mm, hoekstabiele schroeven 2,0–5,0 mm, gecanuleerde schroeven 1,1–7,3 mm.
  9. Nawerk

Titel
Traumatologie van extremiteiten en bekken
Auteur
Hendries Boele
Copyright
2020
Uitgeverij
Bohn Stafleu van Loghum
Elektronisch ISBN
978-90-368-2281-7
Print ISBN
978-90-368-2280-0
DOI
https://doi.org/10.1007/978-90-368-2281-7