Ga naar de hoofdinhoud
Top

Tandheelkundige kennis voor tandartsassistenten

  • 2026
  • Boek

Over dit boek

Dit boek geeft tandartsassistenten (in opleiding) de theoretische basis- en achtergrondkennis om hun vak goed te kunnen uitoefenen. Het helpt je te begrijpen waarom je (be)handelingen op een bepaalde manier uitvoert. Zo kun je met inzicht en vertrouwen kwaliteit leveren tijdens het assisteren aan de stoel, aan de balie, bij het triageren en bij het uitvoeren van zelfstandige handelingen.

Vakspecifieke onderwerpen die uitgebreid in dit boek worden behandeld zijn onder andere anatomie van het hoofdhalsgebied, kenmerken en ontwikkeling van het gebit, preventie en parodontologie, anesthesie, conserverende tandheelkunde, endodontologie, mondziekten en aangezichtschirurgie, prothese, implantologie, orthodontie en forensische tandheelkunde.

Tandheelkundige kennis voor tandartsassistenten biedt een compleet overzicht van de belangrijkste tandheelkundige kennis voor een tandartsassistent en sluit aan bij het Kwalificatiedossier Tandartsassistent.

Ieder hoofdstuk start met een inleiding, gevolgd door het theoretische deel met daarbij diverse opdrachten. Deze opdrachten helpen de theorie beter te begrijpen.

Margreet Franke is sinds 2012 werkzaam als docent aan de opleiding tandartsassistent aan Noorderpoort in Groningen. Naast haar functie als docent is ze domeinhouder onderwijs en ontwikkelt ze lesmateriaal. Haar achtergrond ligt in de tandheelkunde, waar ze heeft gewerkt als tandarts-, preventie en orthodontie-assistent. De afgelopen vijf jaar heeft ze als teamleider met trots deelgenomen aan WorldSkills The Finals namens Noorderpoort. Margreet is tevens actief lid van de redactieraad van Dentallect bij BSL Media & Learning.

Inhoudsopgave

  1. Voorwerk

  2. 1. Anatomie en fysiologie van het hoofd-halsgebied

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over de anatomie en fysiologie van het hoofd-halsgebied. Het beschrijft de structuren van de mond, keel en speekselklieren. De mond speelt een belangrijke rol in het eten, spreken en ademhalen. De tong helpt bij het kauwen, slikken en proeven. Het gehemelte heeft een harde en zachte kant en sluit de neus af bij slikken. De keelholte verbindt de mond met de slokdarm en luchtwegen. Het hoofdstuk bespreekt ook bloedvaten, zenuwen en spieren die bewegingen mogelijk maken, zoals kauwen en slikken. Verder wordt uitgelegd hoe het kaakgewricht werkt en welke ziekten voorkomen in het hoofd-halsgebied. Ook het lymfestelsel en infecties zoals hepatitis en herpes komen aan bod. Het benadrukt het belang van goede mondzorg.
  3. 2. Kenmerken en ontwikkeling van het gebit

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over het gebit, de ontwikkeling en kenmerken van tanden en kiezen. Eerst wordt uitgelegd hoe de gebitselementen heten en waar ze zich in de mond bevinden. Er zijn snijtanden, hoektanden, kleine kiezen en grote kiezen, en ze hebben allemaal een Latijnse naam. Het hoofdstuk bespreekt ook het verschil tussen het melkgebit en het blijvend gebit. Kinderen beginnen met twintig melkelementen, die later wisselen naar 32 blijvende elementen. Verder wordt de opbouw van tanden en kiezen behandeld, zoals de kroon, tandhals en wortel. Er wordt uitgelegd hoe elementen vastzitten in de kaak en welke afwijkingen kunnen optreden, zoals verkeerde stand, beschadigingen of ontbrekende tanden. Tot slot wordt de systematische naamgeving van het gebit uitgelegd.
  4. 3. Preventie en parodontologie

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over preventie en parodontologie, oftewel hoe je je gebit gezond kunt houden en tandvleesproblemen kunt voorkomen. Er wordt uitgelegd hoe tandplaque ontstaat en hoe bacteriën in tandplaque suikers omzetten in zuur, wat kan leiden tot gaatjes (cariës). Tandsteen ontstaat wanneer tandplaque niet op tijd wordt verwijderd. Daarnaast behandelt het hoofdstuk tandvleesontstekingen zoals gingivitis en parodontitis, en hoe deze kunnen verergeren als ze niet worden aangepakt. Fluoride helpt bij het versterken van tandglazuur. Een gezonde mondhygiëne, inclusief goed tandenpoetsen en interdentaal reinigen, is essentieel voor een gezond gebit. Tot slot komen parodontale behandelingen, halitose (slechte adem) en xerostomie (droge mond) aan bod.
  5. 4. Anesthesie

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over anesthesie in de tandheelkunde en hoe verdoving wordt toegepast om pijn te verminderen. Er zijn drie hoofdvormen van anesthesie: algehele anesthesie, waarbij de patiënt volledig bewusteloos is, sedatie, waarbij het bewustzijn tijdelijk wordt verlaagd, en lokale anesthesie, waarbij alleen een klein deel van het lichaam wordt verdoofd. Algehele anesthesie wordt vooral gebruikt bij grote operaties en verloopt in verschillende fases. Sedatie, zoals lachgas, helpt patiënten te ontspannen zonder hun bewustzijn volledig uit te schakelen. Lokale anesthesie wordt het meest gebruikt en kent verschillende varianten zoals: oppervlakteanesthesie, intraligamentaire anesthesie, infiltratieanesthesie en geleidingsanesthesie. Dit hoofdstuk bespreekt ook verdovingsmiddelen, de werking van bloedvatvernauwers en mogelijke complicaties zoals zenuwschade of bijttrauma. Het benadrukt het belang van een juiste techniek bij het toedienen van verdoving.
  6. 5. Conserverende tandheelkunde

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over conserverende tandheelkunde, oftewel het behandelen en herstellen van beschadigde tanden en kiezen. Het belangrijkste onderwerp is cariës (gaatjes). Dit ontstaat door bacteriën in tandplaque die suikers omzetten in zuur en zo het tandglazuur aantasten. Cariës wordt vaak gevonden op specifieke plekken, zoals in groeven (fissuren), tussen tanden (approximale vlakken) en langs het tandvlees. De tandarts kan cariës opsporen met speciale hulpmiddelen, zoals röntgenfoto’s en een sonde. Bij het verwijderen van cariës wordt eerst het aangetaste weefsel weggenomen, waarna een vulling wordt aangebracht. Er zijn verschillende soorten vullingen, zoals composiet en glasionomeercement, elk met unieke eigenschappen. Daarnaast bespreekt het hoofdstuk kronen, bruggen en de esthetische tandheelkunde, waarmee het gebit niet alleen wordt hersteld, maar ook mooier wordt gemaakt. Goede mondzorg blijft essentieel om problemen te voorkomen!
  7. 6. Endodontologie

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over endodontologie, oftewel de wortelkanaalbehandeling. Het legt uit hoe de pulpa is opgebouwd en welke functie deze heeft. Daarnaast beschrijft het hoofdstuk verschillende aandoeningen aan de pulpa, zoals pulpitis en pulpanecrose, inclusief bijbehorende klachten en behandelingen. De wortelkanaalbehandeling is een belangrijke procedure om ontstekingen in de pulpa te behandelen. Er wordt uitgelegd hoe de lengte van het wortelkanaal wordt bepaald en hoe het gevuld wordt met guttapercha. Verder komen speciale behandelingen aan bod, zoals bleken van verkleurde elementen en apexresectie. Het hoofdstuk benadrukt het belang van een juiste diagnose en goede mondzorg om ernstige complicaties te voorkomen.
  8. 7. Mondziekten en kaak- en aangezichtschirurgie

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over mondziekten en kaakchirurgie. Het bespreekt hoe een MKA-chirurg werkt en welke operaties hij of zij uitvoert, zoals verwijdering van verstandskiezen, plaatsen van implantaten en verrichten van kaakcorrecties. Ook komt het trekken van tanden en kiezen aan bod, inclusief eenvoudige en gecompliceerde extracties. Er wordt uitgelegd waarom sommige verstandskiezen preventief worden verwijderd en hoe de nazorg verloopt. Daarnaast behandelt het hoofdstuk risico’s bij operaties, zoals nabloedingen, infecties en zenuwbeschadiging. Ook schisis en speekselklierproblemen worden besproken.
  9. 8. Prothese

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over protheses en hoe ze worden gemaakt en onderhouden. Het legt uit wat edentaat betekent: een kaak zonder tanden. Het verlies van tanden heeft verstrekkende gevolgen zoals moeite met kauwen, kaakgewrichtsklachten en veranderingen in het uiterlijk. Er zijn verschillende soorten protheses, zoals volledige protheses, partiële protheses, overkappingsprotheses en implantaatprotheses. De tandarts doet eerst een vooronderzoek en neemt de anamnese af om voor elke patiënt de beste oplossing te kunnen bepalen. Daarna worden afdrukken van de kaak gemaakt en wordt de prothese stap voor stap gevormd. De patiënt leert hoe hij de prothese moet dragen en schoonhouden. Het hoofdstuk bespreekt ook het slinken van de kaak na extracties en hoe prothesedragers klachten kunnen ervaren, zoals irritatiehyperplasie. Het belang van goede mondhygiëne wordt benadrukt, vooral bij protheses op implantaten. Kortom, het hoofdstuk geeft een compleet beeld van protheses en hun invloed op het gebit en de kaak.
  10. 9. Implantologie

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over implantologie, oftewel het plaatsen van kunstmatige wortels in de kaak om ontbrekende tanden te vervangen. Implantaten zijn meestal gemaakt van titanium, omdat dit materiaal goed door het lichaam wordt verdragen en botgroei stimuleert (osseo-integratie). Implantaten vormen een stevige basis voor kronen, bruggen en protheses. Niet iedereen komt in aanmerking voor een implantaat. Er wordt uitgelegd welke contra-indicaties er zijn en wat de gevolgen zijn van de contra-indicatie. Soms is een sinuslift nodig om het kaakbot op te hogen. Goede nazorg is cruciaal! Mondhygiëne voorkomt ontstekingen als peri-implantitis die het implantaat kunnen beschadigen. Regelmatige controles helpen om problemen vroeg te ontdekken.
  11. 10. Orthodontie

    Margreet Franke-van Kleef
    Samenvatting
    Dit hoofdstuk gaat over orthodontie, een speciaal onderdeel van de tandheelkunde dat zich richt op de stand en groei van tanden en kaken. Orthodontisten en tandartsen behandelen scheve tanden en kaakafwijkingen met beugels en andere apparatuur. Het hoofdstuk bespreekt oorzaken van orthodontische afwijkingen, zoals erfelijke factoren, duimzuigen en vroegtijdig verlies van melktanden. Er wordt uitgelegd hoe een behandelplan wordt opgesteld, inclusief röntgenfoto’s en gebitsmodellen. Ook de verschillende soorten beugels, zoals plaatapparatuur, Invisalign® en slotjesbeugels, worden besproken. Verder wordt ingegaan op de invloed van groei op een behandeling, het verschil tussen orthodontie voor kinderen en voor volwassenen, en de rol van chirurgie bij ernstige afwijkingen. Tot slot benadrukt het hoofdstuk het belang van een goede mondhygiëne tijdens de behandeling.
  12. Nawerk

Titel
Tandheelkundige kennis voor tandartsassistenten
Auteur
Margreet Franke-van Kleef
Copyright
2026
Uitgeverij
BSL Media & Learning
Elektronisch ISBN
978-90-368-3160-4
Print ISBN
978-90-368-3159-8
DOI
https://doi.org/10.1007/978-90-368-3160-4