Skip to main content
main-content
Top

28-02-2018 | Tandheelkunde | Nieuws

Boze en invoelende reacties

Auteur:
Marijke Simons

Het NRC-artikel ‘Weg met de heroïsche tandarts’ van 17 februari jongstleden, waarin een pleidooi gehouden werd voor een radicale omslag in de mondzorg heeft nogal wat stof doen opwaaien. Zozeer, dat NRC in de volgende wetenschapsbijlage (d.d. 24 februari) daar opnieuw een artikel aan wijdde.


Trammelant in tandartsland

Onder de titel ‘Trammelant in tandartsland’ werden reacties geplaatst op het artikel waarin tandartsen pleitten voor mondzorg die zich meer richt op preventie dan op curatie (zie eerder Nieuwsbericht). De reacties van kopstukken uit de tandheelkundige wereld, de politiek en het verzekeringswezen geven een verdeelde opvatting over dit onderwerp weer. Hieronder volgt een samenvatting van enkele van de reacties die NRC op dit artikel ontvangen heeft.

Smaad

Voorzitter Jan Willem Vaartjes van de Associatie Nederlandse Tandartsen (ANT) reageert zeer verontwaardigd en stelt dat in het gewraakte NRC-artikel ‘bijna geen mogelijkheid werd nagelaten om de tandarts van nu in een negatief daglicht te plaatsen, aanschurkend tegen smaad. Alsof tandartsen expres gaatjes laten ontstaan bij kinderen om er later aan te kunnen verdienen (...) Er wordt door tandartsen bij kinderen onder de 11 jaar nauwelijks geboord, in tegenstelling tot wat de tandartsen in het artikel beweren.’

Verwijten

Wolter Brands, voorzitter van de Koninklijke Nederlandse Maatschappij tot bevordering der Tandheelkunde (KNMT) is ook niet blij met het artikel: ‘Het NRC-artikel suggereert dat tandartsen niet zo veel aan preventie doen omdat ze het niet aantrekkelijk vinden en het nooit in hun opleiding hebben geleerd. Maar tandartsen doen wel degelijk aan preventie. Het is volslagen onnodig om de tandarts zwart te maken. De strekking van het verhaal blijft ook overeind zonder de verwijten.’

Niet door ministerie onderkend

De directeur van het Academisch Centrum Tandheelkunde Amsterdam (ACTA), Albert Feilzer, constateert dat de lans die in het NRC-artikel gebroken wordt voor meer preventie vast niet door Volksgezondheid wordt onderkend, daar het ministerie juist ijvert om de mondhygiënist te laten boren, waardoor het perspectief van de enige voor preventie echt goed opgeleide hulpkracht van preventie naar curatie gericht wordt.

Preventie is lonend

Iemand die zich wel in het pleidooi kan vinden is Hellen Blom, voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Kindertandheelkunde (NVvK): ‘Zoals het NRC-artikel ook zegt, is niet alleen de mondzorg maar de hele gezondheidszorg bezig de omslag te maken van het behandelen van ziekte naar het voorkomen van ziekte. Ik ben er persoonlijk van overtuigd dat het lonend is meer te investeren in preventie.’

Preventie moet beter

De reactie van Katarina Jerkovic-Cosic, lector Innovaties Preventieve Zorg van de Hogeschool Utrecht laat zich raden: ‘Preventie in de mondzorg moet zeker beter.’ Zij gaat in op het onderzoeksproject ‘Gezonde peutermonden’: ‘Verreweg de meeste mondzorgcoaches in ons project zijn mondhygiënisten. Zij zijn vooral op preventie gericht.’ De lector laat zich verder niet uit over de rol van de tandarts in deze.

Betalen voor resultaten

Aukje de Vries, Lid Tweede Kamer, VVD, stelt: ‘Tandartsen en andere zorgverleners moeten ouders actiever voorlichten over het belang van goed poetsen en het op tijd bezoeken van de tandarts met je kinderen. Ook moeten ouders er meer op worden gewezen dat kinderen automatisch zijn verzekerd voor de tandarts’ en: ‘Tandartsen moeten worden betaald voor de resultaten die ze boeken. Niet voor het aantal behandelingen. Dat geeft een prikkel om meer aandacht te hebben voor preventie.’

Perverse prikkel

Inkoper Mondzorg bij Zorgverzekeraar CZ, Ivo Koenen, pleit ook voor meer preventie: ‘Ik heb er geen moeite mee om nu meer uit te geven in de basisverzekering, als je er later op kunt besparen op het gebied van restauratie van het gebit. Er zit helaas een perverse prikkel in het vergoedingensysteem, waardoor de tandarts die veel vult uiteindelijk het meeste geld overhoudt.’ Daarom is CZ in 2014 samen met ACTA en Ivoren Kruis het project ‘Gewoon Gaaf’ gestart, waarbij praktijken die meer aan preventie doen vijf procent toeslag krijgen. ‘Het lastige van preventie is dat het resultaat van de inspanningen pas over vijf tot tien jaar zichtbaar is.’

Geen consensus

Geen consensus dus, concludeert Sander Voormolen, de auteur van ‘Trammelant in tandartsenland’ maar de betrokken partijen hebben wel hetzelfde doel voor ogen, namelijk het voorkomen van gaatjes in kindergebitten. De meningen verschillen alleen over hoe dit dan moet gebeuren.

Bron: NRC

Tip

Aanbevolen

21-02-2018 | Tandheelkunde | Nieuws

Preventieprioriteit

In de Wetenschapsbijlage van NRC’s weekenduitgave (d.d. 17 en 18 februari) verscheen een opmerkelijk pleidooi voor Preventie als prioriteit nummer één in de tandartspraktijk. Het hoofdartikel van Sander Voormolen met de intrigerende titel ‘Weg met de heroïsche tandarts’ werd paginagroot aangekondigd op de voorpagina van het wetenschapskatern onder de kop ‘Poetsen moet je leren’.



Onze productaanbevelingen

BSL Tandarts Totaal

Met BSL houdt u eenvoudig en efficiënt uw vak bij. Met een online abonnement heeft u toegang tot een groot aantal boeken, tijdschriften en online nascholing, zoals e-learnings en web-tv's. Zo kunt u op uw gemak en wanneer het u het beste uitkomt verdiepen in uw vakgebied.

Beeldrechten