Skip to main content
main-content
Top

06-04-2016 | Sportgeneeskunde | Nieuws

Atleet met linkerbeenprothese langzamer

Paralympische atleten met een linkerbeenprothese zijn op de 200 meter sprint wel twee tiende van een seconde langzamer dan sporters met een rechterbeenprothese. Atleten met een linkerbeenprothese hebben zo veel méér moeite met de bocht naar links, dat het hen een podiumplaats kan kosten, zegt bewegingswetenschapper Paolo Taboga van de University of Colorado. Hij publiceerde onlangs de resultaten van zijn onderzoek in het wetenschappelijke blad The Journal of Experimental Biology.

Het team van Taboga liet leden van het Amerikaanse en het Duitse paralympische team zowel tegen de klok in als met de klok mee door een bocht sprinten. Ze bleken gemiddeld 4 procent langzamer wanneer hun prothese aan de binnenzijde van de bocht zat. Tweebenige atleten zijn gemiddeld bijna twee procent langzamer als zij rechtsom moeten rennen, waarschijnlijk doordat zij daarop niet hebben getraind.

Bij paralympische atleten is de prothese tijdens het rennen langer in contact met de grond dan de gezonde voet. Dat geldt voor rechte stukken maar ook voor bochten.

Aangezien bij wedstrijden de normale looprichting tegen de klok in is en de bochten naar links lopen, zijn atleten met een linkerbeenprothese in het nadeel ten opzichte van atleten met een rechterbeenprothese. Hoewel het kaliber van de atleet natuurlijk voorop staat, zouden atleten met een linkerbeenamputatie voor een eerlijke race voortaan in de buitenste banen 5 t/m 8 moeten rennen, suggereert Taboga.

Onze productaanbevelingen

BSL Podotherapeut Totaal

Binnen de bundel kunt u gebruik maken van boeken, tijdschriften, e-learnings, web-tv's en uitlegvideo's. BSL Podotherapeut Totaal is overal toegankelijk; via uw PC, tablet of smartphone.

Beeldrechten