Preventieve mondzorg
- 2025
- Boek
- Redacteuren
- Catherine Volgenant
- Katarina Jerković-Ćosić
- Isabelle Laleman
- Monique van der Veen
- Uitgeverij
- BSL Media & Learning
Over dit boek
Dit leerboek bundelt de belangrijkste kennis over preventie van de meest voorkomende mondziekten en geeft handvatten voor de dagelijkse praktijk. Het boek is primair geschreven voor de praktiserende en aankomende mondzorgverleners in Nederland en Vlaanderen. De uitgave is tevens geschikt voor alle andere zorg- en welzijnsprofessionals.
Preventie heeft in toenemende mate een onmisbare plaats in de gezondheidszorg en de mondzorg. Ondanks inspanningen op verschillende niveaus, komen mondziekten zeer frequent voor, met grote gevolgen voor de algemene gezondheid en kwaliteit van leven. Dit boek presenteert de actuele kennis over de preventieve aanpak van de meest voorkomende mondziekten: cariës, parodontale aandoeningen en tanderosie.
Preventieve mondzorg is opgebouwd uit twaalf hoofdstukken, die variëren van epidemiologie, etiologie en detectie tot individuele en collectieve preventie. Er is veel aandacht voor het ontstaansmechanismevan mondziekten, het tijdig opsporen ervan met relevante meetinstrumenten en systemen en het preventief ingrijpen. Preventieve interventies en hulpmiddelen, binnen maar ook buiten de mondzorgpraktijk, zijn uitgebreid beschreven en worden ondersteund met concrete aanbevelingen en voorbeelden uit de praktijk. Het boek presenteert relevante kennis over preventie op een toegankelijke manier en is enig in zijn soort. Het is daarom onmisbaar voor alle (mond)zorgverleners in de eerstelijnszorg en publieke gezondheid.
Vooraanstaande clinici en wetenschappers werkten mee aan deze volledig vernieuwde uitgave onder het redactieteam vanuit de kennisgebieden epidemiologie, cariologie, parodontologie en publieke gezondheid.
Inhoudsopgave
-
Voorwerk
-
1. Preventie
Katarina Jerković-Ćosić, Monique van der VeenSamenvattingDe functie van de mond is enorm belangrijk voor het spreken, het kunnen eten en de sociale contacten. Een goede mondgezondheid draagt daardoor bij aan de algemene gezondheid, de kwaliteit van leven en het algemeen welbevinden van een individu. Preventie in de gezondheidszorg wordt steeds belangrijker, ook in de mondzorg. De begrippen preventie, gezondheid en mondgezondheid komen in dit eerste hoofdstuk aan bod. Voor de huidige maatschappelijke uitdagingen lijken eenvoudige preventieve maatregelen gericht op gedragsverandering niet voldoende om deze uitdagingen op te lossen. Een integrale aanpak in preventie door samenwerking tussen professionals uit verschillende sectoren is noodzakelijk. Om gezond gedrag te stimuleren is een aanpak nodig die gericht is op het individu en het lokale leefklimaat en de sociale omgeving, ondersteund door landelijk of regionaal beleid. Om preventie doelmatig in te zetten is bewijs nodig voor de effectiviteit van preventieve maatregelen. In de mondzorg is er meer bewijs voor de effectiviteit van curatieve handelingen ten opzichte van preventieve handelingen. -
2. Epidemiologie
Jo Frencken, Lea KragtSamenvattingEpidemiologisch onderzoek is belangrijk om de omvang en ernst van ziekten en medische aandoeningen in beeld te brengen, waardoor zorgverleners en beleidsbepalers in staat worden gesteld deze afwijkingen adequaat te bestrijden en in de toekomst te voorkomen. Dit hoofdstuk beschrijft niet-klinische, klinische en economische uitkomstmaten van epidemiologisch mondonderzoek. Verschillende typen van epidemiologisch onderzoek en de uitvoering ervan worden uitgelegd. Het gebruik van gevalideerde meetinstrumenten om afwijkingen te diagnosticeren wordt benadrukt. Verder wordt ingegaan op bekende en nieuwe klinische uitkomstmaten van epidemiologisch onderzoek naar cariës, erosieve slijtage, parodontale aandoeningen en verlies van gebitselementen. Deze afwijkingen worden in historisch perspectief besproken, voornamelijk door gebruikmaking van uitkomsten uit buitenlands onderzoek. Met het bespreken van recente resultaten over deze ziekten en afwijkingen en hun determinanten in Nederland wordt het hoofdstuk afgesloten. -
3. Speeksel en tandplaque
Floris Bikker, Egija Zaura, Derk Jan Jager, Bastiaan KromSamenvattingNaast goede hygiëne en het dieet is de mondgezondheid verbonden met de aanwezigheid van zowel speeksel als micro-organismen. Speeksel is zeer veelzijdig en speelt een belangrijke rol in het normaal functioneren van de mond en in het voorkómen van ziekten. Verlies van (functies van) speeksel resulteert in xerostomie of hyposalivatie en dit kan leiden tot problemen in de mond, zowel gerelateerd aan de harde als de zachte oppervlakken. Speeksel beschermt de mond enerzijds tegen schadelijke micro-organismen en faciliteert anderzijds de aanwezigheid van de nuttige micro-organismen. Micro-organismen spelen een belangrijke rol in de mondgezondheid wanneer ze in balans zijn met de gastheer en ze veroorzaken problemen wanneer deze balans verdwijnt en omslaat in dysbiose. In dit hoofdstuk worden de functies van speeksel besproken en wordt uitgelegd hoe hyposalivatie vastgesteld kan worden. Daarnaast wordt de relatie tussen speeksel, het tandoppervlak, micro-organismen en tandplaque besproken. -
4. Cariës en erosie
Marie-Charlotte Huysmans, Audrey Hollanders-Roos, Maximiliano CenciSamenvattingDit hoofdstuk gaat in op verschillende aspecten van de twee zuurgerelateerde aandoeningen van de harde tandweefsels. Allereerst gaat het om cariës, waarbij het zuur geproduceerd wordt door bacteriën in de tandplaque, en vervolgens om erosieve slijtage, waarbij het zuur, voornamelijk uit voeding of afkomstig uit de maag, direct de gebitselementen bereikt. Achtereenvolgens worden oorzakelijke factoren, pathologische mechanismen, het voortschrijden van cariëslaesies, diagnostische technieken en de managementopties voor cariës besproken. Er is aandacht voor de rol van fluoride in het cariësproces en voor het ontstaan van cariëslaesies naast bestaande restauraties. Daarna volgt een soortgelijk overzicht voor erosieve slijtage, met aandacht voor de overeenkomsten en verschillen met cariës. -
5. Voeding en mondgezondheid
Liesbeth Haverkort, Cor van LoverenSamenvattingDe mens heeft voeding nodig als bron van energie, voor de opbouw van cellen en voor de afweer. Voedingsstoffen worden grofweg verdeeld in macro- en micronutriënten. De macronutriënten vetten en koolhydraten spelen een grote rol in de energievoorziening van het lichaam, terwijl voldoende inname van eiwitten onmisbaar is voor de groei, het herstel en de immuniteit van het lichaam. De micronutriënten (vitamines, mineralen en spoorelementen) leveren geen energie, maar zijn essentieel voor het behoud van een gezond lichaam. Zij dragen onder andere bij aan het goed laten verlopen van de stofwisseling, groei, weefselherstel, immuniteit, botgezondheid en bloedvorming. Onvoldoende of overmatige inname van bepaalde voedingsstoffen is van invloed op de mondgezondheid. Koolhydraten, met name suikers, spelen een grote rol in de vorming van cariës en worden uitgebreid besproken in dit hoofdstuk. Ook de associaties voeding en tanderosie en voeding en parodontale aandoeningen komen aan bod en er is aandacht voor de gevolgen van ondervoeding en overgewicht in relatie tot aandoeningen van de mond. De mondzorgprofessional heeft als gezondheidsbevorderaar tevens een rol in het bevorderen van een volwaardige voeding van de patiënt om aandoeningen van de harde en zachte weefsels van de mond te voorkomen dan wel zo goed mogelijk te behandelen. Het afnemen van een voedingsanamnese afgestemd op de mondaandoening biedt daarbij handvatten. -
6. Parodontologie
Isabelle Laleman, Véronique ChristiaensSamenvattingEen suboptimale mondhygiëne en de daaropvolgende plaqueaccumulatie kunnen niet enkel ter hoogte van het harde weefsel problemen veroorzaken, maar ook ter hoogte van de zachte weefsels van de mond. De bekendste aandoeningen zijn gingivitis en parodontitis. Rondom implantaten spreken we dan van peri-implantaire mucositis en peri-implantitis. Het betreft inflammatoire ziekten die ontstaan door de interactie van een pathogene biofilm en de immuunrespons van een vatbare gastheer. Een tijdige opsporing van deze problemen is belangrijk. Hiervoor is het gebruik van een parodontale sonde bij een controle onontbeerlijk. Als er sprake is van parodontitis, is voor de diagnostiek en classificatie niet enkel een parodontale sonde, maar ook radiografische beeldvorming nodig. De initiële behandeling van parodontitis berust enerzijds op de ondersteuning en motivatie van de patiënt om de mondhygiënegewoonten te optimaliseren en anderzijds op de subgingivale instrumentatie, waarbij de subgingivale biofilm en tandsteen zo goed mogelijk worden verwijderd. Een levenslange opvolging door een mondzorgprofessional is belangrijk om het parodontium stabiel te houden. -
7. Inschatting van het risico op mondziekten
Martijn Lambert, Renske ThomasSamenvattingIn dit hoofdstuk worden de verschillende factoren beschreven die geassocieerd zijn met cariës en parodontale aandoeningen. Tevens wordt aangegeven op welke wijze de betekenis, de richting en de sterkte van het verband beoordeeld worden. Een eerste leerdoel is dat niet elk verband (associatie) een oorzakelijk verband is, maar dat de gevonden associatie ook te wijten kan zijn aan toeval, een meetfout of een bijkomende onbekende verstorende factor (confounder). Zelfs wanneer een oorzakelijk verband onzeker is, kunnen associaties helpen bij het identificeren van patiënten met een grotere kans op cariës of parodontitis. Hiervoor dient de associatie tussen de risicofactor (oorzakelijk verband) of de risico-indicator (geen oorzakelijk verband) en de ziekte voldoende sterk te zijn. Meetinstrumenten om het risico van mondaandoeningen te bepalen zijn meestal samengesteld uit een combinatie van verschillende risicofactoren. In dit hoofdstuk wordt op zoek gegaan naar gevalideerde meetinstrumenten met voldoende voorspellende waarde om te kunnen gebruiken in de dagelijkse praktijk. -
8. Mechanische plaqueverwijdering
Fridus van der Weijden, Cor van LoverenSamenvattingDagelijkse mondhygiëne is een essentieel onderdeel van onze zelfzorg voor een gezonde mond, witte tanden en een frisse adem. Voorlichting over mondhygiëne is een integraal onderdeel van de patiëntenbehandeling. Allereerst moet de patiënt weten dat er een oorzakelijk verband is tussen de bacteriën in tandplaque en mondaandoeningen. De patiënt moet ook weten dat die mondaandoeningen behandelbaar zijn, maar dat het succes afhangt van het eigen niveau van mondhygiëne. Het begint met het kiezen van de juiste tandenborstel en het kennen van de juiste poetstechniek om effectief de tandplaque te verwijderen en poetstrauma (door te hard poetsen) te voorkomen. Naast de tandenborstel zijn er andere hulpmiddelen beschikbaar voor een grondige gebitsreiniging, zoals flosdraad, tandenstokers, interdentale ragers en de monddouche. Deze zijn vooral nuttig voor het verwijderen van tandplaque op moeilijk bereikbare plaatsen. De tong poetsen of schrapen helpt om ademgeur en tongbeslag te verminderen. Op dit moment zijn de aanbevelingen voor zelfzorg rondom tandheelkundige implantaten gebaseerd op de kennis die beschikbaar is met betrekking tot het reinigen van natuurlijke gebitselementen. Voor de evaluatie van de verschillende mondhygiënische hulpmiddelen wordt gebruikgemaakt van relevante en klinisch bewezen plaquescore-indices om tot evidence-based aanbevelingen te komen. -
9. Chemische plaqueverwijdering
Tandpasta’s en mondspoelmiddelen Fridus van der Weijden, Cees ValkenburgSamenvattingMondhygiëne is van essentieel belang voor het behoud van gezonde tanden en tandvlees. Het dagelijks poetsen van het gebit met tandpasta is een belangrijk onderdeel van een goede mondhygiëne. Regelmatig poetsen helpt om tandbederf en andere mondproblemen te voorkomen. Tandpasta bevat actieve ingrediënten om tandbederf tegen te gaan. Momenteel lijkt tinfluoride hierbij het geschiktste ingrediënt omdat tinfluoride ook antibacteriële eigenschappen heeft. Hoewel tandpasta-ingrediënten nuttig zijn bij het bevorderen van een goede mondhygiëne, is het belangrijk om op te merken dat ze bij sommige mensen bijwerkingen kunnen geven. Het bekendste ingrediënt hierbij is natriumlaurylsulfaat. Dit is een schuimmiddel dat slijmvliezen kan irriteren. Naast tandpasta kan het gebruik van een mondspoelmiddel helpen bij het bevorderen van een goede mondhygiëne. De meest effectieve mondspoelmiddelen bevatten chloorhexidine. Al met al dragen tandpasta’s en mondspoelmiddelen bij aan een goede mondhygiëne. -
10. Fluoride
Cor van LoverenSamenvattingAan het begin van de vorige eeuw werd in de zoektocht naar de oorzaak van gevlekt en beschadigd glazuur ontdekt dat fluoride in het drinkwater deze afwijkingen aan het glazuur kon veroorzaken, maar ook aanleiding gaf tot veel minder cariës. Vanaf dat moment is gezocht naar de optimale fluoridetoediening met een maximale bescherming tegen cariës, zonder het risico van gevlekt en beschadigd glazuur. Aanvankelijk werd geëxperimenteerd met toevoeging van fluoride aan het drinkwater. In Nederland werd een zeer succesvol experiment met gefluorideerd drinkwater uitgevoerd in Tiel. Landelijke invoering werd echter praktisch onmogelijk gemaakt door de eis dat ongefluorideerd drinkwater even gemakkelijk bereikbaar moest zijn als gefluorideerd drinkwater. Na een lange en moeizame ontwikkeling kwamen er in de jaren zeventig van de vorige eeuw effectieve fluoridetandpasta’s op de markt met verschillende fluorideverbindingen. Als fluoridetandpasta tweemaal per dag gebruikt wordt om zorgvuldig het gebit te reinigen, kan cariës voor een zeer groot deel voorkomen worden. De uitdaging is iedereen te motiveren en te begeleiden in deze kwaliteit van mondhygiëne. Zolang dit niet geheel lukt, kan dit ondersteund worden met fluoridebehandelingen door de mondzorgverlener. Door de lange onderzoeksgeschiedenis van de toepassing van fluoride is ook duidelijk dat het gebruik van fluoride zoals geadviseerd voor de preventie van cariës geheel veilig is. -
11. Individuele voorlichting en gedragsverandering
Albert Smith, Maddelon de Jong-LentersSamenvattingAan veel aandoeningen die in de mond voorkomen, ligt menselijk gedrag ten grondslag. Dit gedrag wordt aangeleerd – meestal door conditionering, soms ook zonder dat men zich bewust is van de consequenties van dat gedrag. Individuele voorlichting en gedragsverandering zijn noodzakelijk om de mondgezondheid te herstellen of, in het geval dat nog geen aandoening aanwezig is, te voorkomen dat bij onveranderd gedrag pathologie ontstaat. In dit hoofdstuk wordt aandacht geschonken aan hoe gedrag ontstaat en welke gedragsdeterminanten daarbij een rol spelen. Er worden enkele theoretische modellen en gesprekstechnieken besproken die de mondzorgverlener erbij kunnen helpen patiënten tijdens het veranderen van hun gedrag te begeleiden. Technieken als motiverende gespreksvoering worden toegesneden op de motivatiefase waarin de patiënt zich bevindt. Casuïstiek en voorbeeldvragen en -gesprekken dienen om mondzorgverleners een idee te geven hoe zij een gesprek met de patiënt over die gedragsverandering kunnen aangaan. Daarbij worden specifieke patiëntgroepen nader belicht. -
12. Collectieve preventie en public health
Denise Duijster, Jacques VanobbergenSamenvattingIn dit hoofdstuk wordt de mondgezondheid benaderd vanuit een maatschappelijk perspectief. Het gaat in op de belangrijkste concepten van oral public health; het vakgebied dat zich bezighoudt met de preventie van mondziekten en de bevordering van mondgezondheid op populatieniveau door georganiseerde inspanningen vanuit de samenleving. Eerst wordt toegelicht wat wordt verstaan onder mondgezondheid en zorgbehoeften – bezien vanuit een maatschappelijk perspectief – en welke kwetsbare groepen in de samenleving een grotere kans hebben op mondgezondheidsproblemen (ongelijkheid). Ook wordt ingegaan op de factoren (sociale determinanten) die ongelijkheid in mondgezondheid kunnen verklaren. Vervolgens worden voorbeelden uitgelicht van collectieve preventiestrategieën, gericht op het wegnemen van risicofactoren voor (mond)ongezondheid in de populatie. Daarnaast worden de basisprincipes voor gezondheidsbevordering beschreven, toegelicht aan de hand van enkele voorbeelden vanuit de mondgezondheid. Afsluitend wordt beknopt ingezoomd op de vroegere en huidige situatie van oral public health in Nederland en Vlaanderen. -
Nawerk
- Titel
- Preventieve mondzorg
- Redacteuren
-
Catherine Volgenant
Katarina Jerković-Ćosić
Isabelle Laleman
Monique van der Veen
- Copyright
- 2025
- Uitgeverij
- BSL Media & Learning
- Elektronisch ISBN
- 978-90-368-2984-7
- Print ISBN
- 978-90-368-2983-0
- DOI
- https://doi.org/10.1007/978-90-368-2984-7