Skip to main content
main-content
Top

Tip

Swipe om te navigeren naar een ander artikel

01-10-2015 | Uitgave 6/2015

Tijdschrift voor Urologie 6/2015

Praktijkvariatie in de behandeling van LUTS/BPH

Tijdschrift:
Tijdschrift voor Urologie > Uitgave 6/2015
Auteurs:
drs. C.L. Kruydenberg, dr. J.R. Spermon, dr. J.J.H. Beck, dr. P.L.M. Vijverberg, dr. H.H.E. van Melick
Belangrijke opmerkingen
* drs. C.L. Kruydenberg, arts-assistent interne geneeskunde, Groene Hart Ziekenhuis, Gouda
dr. J.R. Spermon, uroloog, afdeling Urologie, Diakonessenhuis, Utrecht
dr. J.J.H. Beck, uroloog, afdeling Urologie, Zuwe Hofpoort Ziekenhuis, Woerden
dr. P.L.M. Vijverberg, uroloog, St. Antonius Ziekenhuis Utrecht/Nieuwegein
dr. H.H.E. van Melick, uroloog, St. Antonius Ziekenhuis Utrecht/Nieuwegein
Correspondentie c.l.kruydenberg@gmail.com

Samenvatting

Introductie:

KPMG/Plexus rapporteerde in de periode 2010- 2013 aanzienlijke praktijkvariatie in de behandeling van LUTS/BPH binnen Nederland. Praktijkvariatie roept vragen op over de ‘passendheid’ van de behandeling, wat in direct verband zou kunnen staan met de kwaliteit van zorg. Diverse gremia gebruiken het Plexus-rapport om druk uit te oefenen op zorgverleners, terwijl er veel vragen bestaan over de oorzaken van praktijkvariatie. Deze studie tracht factoren te identificeren die ten grondslag liggen aan de variatie in behandelkeuze bij nieuw gediagnosticeerde LUTS/BPH-patiënten, in drie ziekenhuizen in dezelfde regio in Midden Nederland.

Materiaal en methoden:

In deze retrospectieve cohortstudie werden nieuwe patiënten met LUTS/BPH geïdentificeerd aan de hand van DBC-codes. De primaire uitkomst was de initiële behandeling (chirurgisch vs. conservatief); de behandeling na drie jaar follow-up was de secundaire uitkomst. De associatie tussen de initiële behandeling en de drie ziekenhuizen werd bepaald door middel van logistische regressie. Casemix- en artsgerelateerde factoren die significant verschillend waren tussen de drie ziekenhuizen werden geïdentificeerd om uitkomsten te kunnen corrigeren.

Resultaten:

Het cohort bestond uit 494 patiënten. De percentages initieel operatief behandelde patiënten waren significant verschillend tussen de ziekenhuizen: 20,6% in het Diakonessenhuis, 8,8% in het St. Antonius Ziekenhuis en 6,0% in het Zuwe Hofpoort Ziekenhuis (p < 0,000). Na de followupperiode van drie jaar verdween de significantie van deze verschillen (32,9% in het Diakonessenhuis, 25,4% in het St. Antonius Ziekenhuis en 25,7% in het Zuwe Hofpoort Ziekenhuis; p = 0,25). Zwaarwegende casemixfactoren waren: sociaal-economische status, vooraf gebruik van prostaatmedicatie, prostaatvolume en urge-incontinentie. Na correctie voor deze factoren lijken de verschillen te verdwijnen in de initiële behandeling.

Conclusies:

Praktijkvariatie kent vele oorzaken en na correctie voor casemixfactoren lijken de verschillen in behandelkeuze te verdwijnen voor de beschreven populatie. Hoewel deze studie retrospectief is en slechts drie ziekenhuizen heeft geanalyseerd, suggereren onze resultaten dat de uitkomsten van KPMG/Plexus met de nodige voorzichtigheid gebruikt moeten worden. Nader onderzoek hiernaar is zeker aangewezen.

Log in om toegang te krijgen

Met onderstaand(e) abonnement(en) heeft u direct toegang:

Tijdschrift voor Urologie

Het Tijdschrift voor Urologie is het enige peer-reviewed Nederlandstalige tijdschrift in het vakgebied. Het verschijnt 8 keer per jaar en bevat naast wetenschappelijke artikelen ook case-reports en de abstracts van de voor- en najaarsvergaderingen van de NVU.

Literatuur
Over dit artikel