Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Deze derde editie van Poliklinieken, jeugdgezondheidszorg en arbodienst is geactualiseerd en uitge­breid met maar liefst tien nieuwe hoofdstukken. Tijdens de research heeft de auteur gesprekken gevoerd met doktersassistenten en begeleiders in het werkveld. Voor wat betreft de intake– en voorlichtingsfunctie van doktersassistenten is gebleken dat er behoefte bestaat aan veel meer medische achtergrondinformatie. Door de nieuwe druk hierop af te stemmen, is het boek perfect toegesneden op de doelgroep: doktersassistenten en degenen die daarvoor worden opgeleid. Bij het beroep 'doktersassistent' denken veel mensen aan de assistente van een huisarts. Maar ook in poliklinieken, in de jeugdgezondheidszorg en bij arbodiensten werken veel doktersassisten­ten. In dit boek staan de kennis, vaardigheden en competenties centraal, die in deze specifieke settings vereist zijn. Het onderdeel poliklinieken geeft een overzicht van de belangrijkste achtergronden van aandoe­ningen en onderzoeken waar een doktersassistente in het ziekenhuis mee te maken kan krijgen. Vele poliklinieken komen aan bod en voor deze derde editie zijn verschillende nieuwe afdelingen beschreven, zoals interne geneeskunde, chirurgie, urologie, dermatologie en verloskunde/gynae­cologie. Het deel over jeugdgezondheidszorg is aangevuld met een hoofdstuk over hoofdluis. De overige hoofdstukken staan vol nieuwe informatie, bijvoorbeeld over tics en diverse aan autisme verwante contactstoornissen. De nieuwste inzichten over de veelbesproken aandoening ADHD zijn eveneens verwerkt.Ook 'Ziekte en arbeidsongeschiktheid' en 'Het medische belang van de arbodienst', de twee hoofd­stukken van het onderdeel arbodienst, zijn aan de ontwikkelingen van de laatste jaren aangepast.Op de bijgaande CD zijn meer dan 900 korte vragen en antwoorden te vinden, bedoeld om de verwerking van de inhoud van het boek te vergemakkelijken.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1 Artsen

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je een overzicht gekregen van de soorten artsen (dokters) die er zijn. Lang niet alle dokters zijn huisarts. Er zijn basisartsen, huisartsen, specialisten en sociaal geneeskundigen.
E.A.F. Wentink

2 Polikliniek interne geneeskunde

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de interne geneeskunde. Als je op een polikliniek interne geneeskunde komt te werken is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

3 Polikliniek cardiologie

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de cardiologie. Als je op een polikliniek cardiologie komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

4 Polikliniek longziekten

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de longgeneeskunde. Bij mensen met astma en/of COPD wordt spirometrie uitgevoerd om de functie van de bronchiën en longen te beoordelen. De patiënt blaast daarvoor in een apparaat en volgt instructies op. Een computer verricht allerlei metingen.
Ook kan de invloed van medicatie worden nagegaan. In verband met de hyperreactiviteit is de invloed van histamineprovocatie of lichamelijke inspanning van belang. In verband met allergie is provocatie met allergeen of ander allergieonderzoek van belang.
Als je bij longartsen komt te werken, is het zinvol dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

5 Polikliniek chirurgie

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de algemene chirurgie. Als je op een polikliniek chirurgie komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

6 Polikliniek urologie

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de urologie. Als je op een polikliniek urologie komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

7 Polikliniek orthopedie

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de orthopedie. Als je op een polikliniek orthopedie komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

8 Polikliniek neurologie

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de neurologie. Als je op een polikliniek neurologie komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

9 Polikliniek oogheelkunde

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de oogheelkunde. Als je op een polikliniek oogheelkunde komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

10 Polikliniek keel-, neus- en oorheelkunde

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de keel-, neus- en oorheelkunde. Als je op een polikliniek KNO komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

11 Polikliniek dermatologie

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de dermatologie. Als je op een polikliniek dermatologie komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

12 Polikliniek verloskunde/gynaecologie

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je kennisgemaakt met een aantal termen, ziekten, onderzoeken en behandelingen op het gebied van de verloskunde en de gynaecologie. Als je op een polikliniek verloskunde/gynaecologie komt te werken, is het zinvol om dit hoofdstuk nog eens extra goed door te nemen. Als je nieuwe begrippen of onderwerpen tegenkomt: wat let je om in andere boeken of op Internet naar aanvullende informatie te zoeken!
E.A.F. Wentink

13 Endoscopie

Samenvatting
Via een lichaamsopening of een snee in de huid kan, zo nodig onder plaatselijke of algehele verdoving, een scopie in het lichaam worden uitgevoerd. Mede door de mogelijkheid tot het verrichten van een punctie of biopsie heeft endoscopie veel diagnostische waarde. Soms wordt tegelijkertijd een behandeling uitgevoerd.
Endoscopieën kunnen op diverse manieren belastend zijn voor de patiënt.
E.A.F. Wentink

14 Beeldvormend onderzoek

Samenvatting
Er zijn vier soorten beeldvormend onderzoek, namelijk:
  • echo (geluidsgolven);
  • X (röntgenstralen);
  • CT (röntgenstralen);
  • MRI (magnetische velden).
Bij echo zijn bewegende beelden te verkrijgen door de combinatie met Doppler.
Bij X, CT en MRI wordt, voor een betere afbeelding, soms contraststof gebruikt. Ieder onderzoek heeft zijn eigen indicaties. Dit hangt af van wat men in beeld wil brengen, van de belasting, de risico’s en de kosten.
Op een echo is veel te zien, tenzij bot het geluid tegenhoudt.
Op een X is bot wit en lucht zwart. Grove afwijkingen kunnen worden beoordeeld. Met CT krijgt men dwarsdoorsneden. Verschillen tussen weefsels zijn hierop goed te zien. Bot is goed te beoordelen.
Met MRI kan men alle soorten doorsneden maken. Verschillen tussen weefsels zijn beter te zien dan op CT. Alleen bot is niet goed te beoordelen.
Echo en MRI zijn niet schadelijk. X en CT wel (een beetje). Voor MRI bestaan wel speciale contra-indicaties.
De belasting van het onderzoek hangt af van de manier waarop de afbeelding wordt verkregen.
E.A.F. Wentink

15 Scintigrafie

Samenvatting
Met licht radioactief gemaakte stoffen kan men een indruk krijgen van de functie van bepaalde organen. Voorbeelden zijn hartscintigrafie bij vernauwde kransslagaderen, schildklierscintigrafie bij schildklierproblemen, botscintigrafie bij botziekten en (verdenking op) botmetastasen, ventilatie- en perfusiescan bij (verdenking op) longembolie.
Scintigrafie is nauwelijks belastend maar geeft wel een beetje stralingsbelasting.
E.A.F. Wentink

16 Cel- en weefselonderzoek

Samenvatting
Om met grote of volledige zekerheid de aan- of afwezigheid van ziekte vast te stellen, is nogal eens cel- of weefselonderzoek, ofwel ‘PA’, nodig. Vaak gaat het dan om kanker.
E.A.F. Wentink

17 Contactmomenten in de jeugdgezondheidszorg

Samenvatting
Een goed uitgevoerde anamnese, screening en lichamelijke beoordeling tijdens het periodiek geneeskundig onderzoek op de basisschool en in het voortgezet onderwijs kan een globaal beeld geven van de lichamelijke en geestelijke gezondheid van het kind op dat moment.
E.A.F. Wentink

18 Groei

Samenvatting
Bij meisjes begint de puberteit met de groei van de borsten. Daarna komt het schaamhaar. Dunne meisjes komen gemiddeld wat later in de puberteit dan dikke meisjes. Bij jongens begint de puberteit met de groei van penis en testikels. Daarna komt het schaamhaar.
Hoe eerder de puberteit begint, hoe minder lang het kind uiteindelijk zal worden.
Lengte en gewicht worden regelmatig vastgelegd in het groeidiagram. Een afbuigen van de curve naar boven of beneden kan wijzen op allerlei lichamelijke of psychische problemen.
Lengte en gewicht zijn voor kinderen gevoelige onderwerpen.
E.A.F. Wentink

19 De ogen van kinderen

Samenvatting
Anamnese en onderzoek van visus, dieptezien en kleurenzien zijn nodig om aandoeningen zoals brekingsafwijkingen (myopie, hypermetropie, astigmatisme), amblyopie en kleurenblindheid te kunnen vaststellen. Amblyopie is bij een vroege diagnose te behandelen. Dit kan gebeuren door afplakken en/of een bril. Kinderen met sterk strabisme worden bovendien geopereerd.
E.A.F. Wentink

20 Het gehoor bij kinderen

Samenvatting
Een goed gehoor is van belang voor de sociale ontwikkeling en de ontwikkeling van taal. Tijdelijke geleidingsdoofheid komt meestal door OME. In ernstige of zeer langdurige gevallen krijgt een kind adenotomie en/of buisjes.
Audiometrie is vooral gericht op het vinden van perceptiedoofheid. Dit is niet te genezen, maar een gehoorapparaatje is belangrijk. In de omgang met het kind moet met het verminderde gehoor rekening gehouden worden.
E.A.F. Wentink

21 AD(H)D

Samenvatting
Als er bij zorgvuldige observatie op twee of meer plaatsen sprake is van blijvende, niet bij de leeftijd passende hyperactiviteit, impulsiviteit en/of aandachtstekort, dan is er sprake van ADHD. Dit is een veelvoorkomend (kinder)psychiatrisch probleem. Het kind heeft er zelf last van. Het krijgt problemen met zichzelf, ouders, leerkrachten en leeftijdgenootjes. Vooral genetische factoren spelen in het ontstaan van ADHD een rol. Als behandeling is medicatie belangrijk, naast een op het kind afgestemde opvoeding en psychologische begeleiding.
E.A.F. Wentink

22 Gehandicapte kinderen

Samenvatting
Een verstandelijke of lichamelijke handicap kan vele oorzaken hebben. Bij alle kinderen moeten de motoriek, de spraak en de communicatie worden gevolgd. Bij een mogelijke stoornis zijn multidisciplinair onderzoek en begeleiding van kind (en ouders) noodzakelijk, waarna het kind wel of niet thuis kan wonen en wel of niet naar een gewone school gaat.
E.A.F. Wentink

23 Vaccinaties

Samenvatting
Als de ouders het goed vinden, wordt bij kinderen van acht of negen jaar de vaccinatie tegen bof, mazelen, rodehond, difterie, tetanus en polio afgesloten. Het kind krijgt twee prikken in de bovenarm, een (pijnlijke) BMR subcutaan en een DTP intramusculair. In zeldzame gevallen bestaat een contra-indicatie. Wel wordt de vaccinatie nogal eens uitgesteld. Als bijwerking kan een plaatselijke reactie optreden. Ook is er de kans op flauwvallen. Ernstige bijwerkingen zijn zeldzaam. Vreemde of ernstige verschijnselen moeten gemeld worden.
E.A.F. Wentink

24 Kindermishandeling

Samenvatting
Bij signalen van mogelijke lichamelijke en/of psychische mishandeling en/of verwaarlozing en/of seksueel misbruik kan melding bij een Advies- en Meldpunt Kindermishandeling ertoe leiden dat hulp wordt geboden.
E.A.F. Wentink

25 Hoofdluis

Samenvatting
In dit hoofdstuk heb je gelezen over hoofdluis en vooral over de bijdrage van de jeugdgezondheidszorg aan de bestrijding daarvan. De diagnostiek vindt plaats door het aantonen van neten of luizen. Op scholen spelen luizenmoeders hierbij een rol. Behandeling is mogelijk zonder bestrijdingsmiddelen maar in de praktijk wordt hier wel veel gebruik van gemaakt. Het meest effectief is malathion. Een andere mogelijkheid is permetrine.
E.A.F. Wentink

26 Varia uit de jeugdgezondheidszorg

Samenvatting
Problemen die het kind door motivatie kan overwinnen zijn geschikt voor de kalendermethode.
Spraakproblemen kunnen ontstaan door verminderd gehoor, of door een lichamelijke of verstandelijke handicap. Er zijn ook speciale spraakproblemen zoals stotteren. Als stotteren niet onschuldig lijkt, moet snel behandeld worden. In alle gevallen kan logopedie nuttig zijn.
Kinderen kunnen om allerlei redenen slecht slapen. Daarnaast bestaan onschuldige stoornissen zoals nachtmerries, paniekaanvallen en slaapwandelen. Dit kan allemaal geen kwaad, afgezien van ongelukken door slaapwandelen.
Ernstige motorische problemen kunnen komen door hersenbeschadiging.
Kinderen zijn in wisselende mate motorisch begaafd. Een slechte houding komt meestal door slappe of verkeerd gebruikte spieren. Sport en/of fysiotherapie kunnen nuttig zijn.
De buktest is gericht op afwijkingen van de wervelkolom, vooral scoliose. Bij scoliose volgt een verwijzing.
Niet-voelbare balletjes zijn meestal wel ingedaald, maar retractiel. Dit is onschuldig.
Onschuldige phimosis zonder klachten hoeft niet behandeld te worden.
Bij allochtone kinderen komen speciale ziekten voor. Allochtone ouders denken soms anders over ziekte en gezondheid.
Angststoornissen komen erg veel voor en kunnen behandeld worden.
Tics variëren van onschuldig tot ernstig en invaliderend. Behandeling is mogelijk.
E.A.F. Wentink

27 Ziekte en arbeidsongeschiktheid

Samenvatting
Veel medische en niet-medische oorzaken leiden tot ziekte(verzuim) of arbeidsongeschiktheid (in de zin van de WAO). Een zorgvuldige individuele beoordeling is in alle gevallen belangrijk. Het streven naar reïntegratie in eigen of ander werk is een belangrijk uitgangspunt.
E.A.F. Wentink

28 Het medische belang van de arbodienst

Samenvatting
Beroepsziekten zoals lawaaidoofheid, eczeem en OPS ontstaan geheel of grotendeels door invloeden op het werk. Beroepsgebonden aandoeningen hebben in ieder geval voor een gedeelte met het werk te maken, bijvoorbeeld psychische klachten en klachten van het bewegingsapparaat zoals rugpijn. Altijd moeten andere oorzaken zo goed mogelijk worden uitgesloten.
Genezing is niet altijd mogelijk. Dit maakt preventie extra belangrijk. Daarvoor dienen bijvoorbeeld de RIE’s en de PAGO’s. Aanstellingskeuringen kunnen mensen uitsluiten die niet voldoen aan specifieke functie-eisen.
Een en ander illustreert het belang van de arbodienst voor veiligheid, gezondheid en welzijn van de werknemers. Dit is ook voor de werkgevers belangrijk.
E.A.F. Wentink

Nawerk

Meer informatie