Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Dit boek biedt de nodige basiskennis over patiëntveiligheid voor verpleegkundigen en andere zorgprofessionals die betrokken zijn bij de directe patiëntenzorg. Het is opgebouwd uit drie delen.

Deel 1 bespreekt de systeembenadering. Waar liggen de risico’s en wat kun je doen om het zelf als verpleegkundige veiliger te maken voor je patiënten? In dit deel is een nieuw hoofdstuk over Patiëntveiligheid in België opgenomen.

Deel 2 geeft inzicht in het MOTTO-model (voorheen het SEIPS-model). MOTTO staat voor de structuur Mens, Organisatie, Taak, Techniek en Omgeving.

Deel 3 behandelt de specifieke zorg vanuit verschillende perspectieven, bijvoorbeeld de zorg op de ok, de polikliniek, de thuiszorg en de psychiatrie.

In Nederland is de afgelopen jaren veel geïnvesteerd om de zorg veiliger te maken. De WHO heeft Patiëntveiligheid hoog op haar lijst staan omdat onveiligheid in de zorg veel schade berokkent. Het kan zelfs leiden tot overlijden en beschadiging van patiënten. Veilige zorg begint bij de directe zorg rond het bed.

Voor het onderwijs aan alle zorgprofessionals zijn patiëntveiligheidscompetenties ontwikkeld die in dit boek zijn vertaald naar praktisch verpleegkundig handelen. Diverse casussen helpen dit te visualiseren.

Patiëntveiligheid in de verpleegkunde is bestemd voor verpleegkundigen in de zorg, zowel intramuraal (ziekenhuizen, zorginstellingen, psychiatrie) als extramuraal (huisarts, thuiszorg) of in opleiding op hbo- en mbo-niveau.

Het volledige boek is ook digitaal beschikbaar met samenvattingen en toetsvragen per hoofdstuk en interessante en verdiepende links.


Inhoudsopgave

Voorwerk

Patiëntveiligheid, de kaders

Voorwerk

1 Inleiding in patiëntveiligheid

Samenvatting
In de zorg voor patiënten in Nederland is de aandacht voor veilige zorg vandaag de dag niet meer weg te denken. Sterker nog: deze aandacht is een van de belangrijkste thema’s binnen de Nederlandse gezondheidszorg. Verpleegkundigen moeten, net als andere zorgprofessionals, zich houden aan geprotocolleerde interventies en strengere veiligheidseisen. Maar wat verstaan we onder veilige zorg en wat betekent veilige zorg voor verpleegkundigen? Welke bijdragen kunnen verpleegkundigen leveren aan de daadwerkelijke borging van patiëntveiligheid?
Karien den Ridder, Yvonne Tuitert-van Asten, Yvonne van der Tuijn, Annelies van Bon

2 Patiëntveiligheid in België

Samenvatting
In het eerste gedeelte wordt het Belgische beleid betreffende gezondheidszorg toegelicht, zowel op federaal als op regionaal niveau. Het gezondheidszorgbeleid is complex, aangezien de bevoegdheden verdeeld zijn tussen het federaal niveau, de gemeenschappen en de gewesten.
Karien den Ridder, Yvonne Tuitert-van Asten, Yvonne van der Tuijn, Annelies van Bon

MOTTO-model

Voorwerk

3 De mens

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de mens in het MOTTO-model, evenals de factoren die de mens beïnvloeden om goed te kunnen presteren. Het MOTTO-model geeft een beeld van de dynamiek tussen mens, organisatie, taak, techniek en omgeving. Het model benadrukt het belang van een goede afstemming daarvan om ervoor te zorgen dat in dit geval de verpleegkundige optimaal kan presteren. Daarmee wordt het maken van fouten zo veel mogelijk beperkt. Het gevolg hiervan is een toename van de veiligheid voor patiënten.
Yvonne van der Tuijn, Bas de Vries

4 De organisatie

Samenvatting
Dagelijks staat het management voor keuzes die van invloed zijn op de patiëntveiligheid. De verpleegkundigen op de werkvloer krijgen met de gevolgen van deze keuzes te maken, maar spelen ook zelf een belangrijke rol in de veiligheid. Stress, hiërarchie, rolongelijkheid, veranderingen, teamverhoudingen: het zijn allemaal factoren binnen de organisatie die hun uitwerking hebben op de patiëntveiligheid.
Karien den Ridder, Yvonne Tuitert-van Asten, Yvonne van der Tuijn, Annelies van Bon

5 De taak

Samenvatting
Dit hoofdstuk behandelt het aspect taak in het MOTTO-model, evenals de factoren die het uitvoeren van die taak kunnen beïnvloeden (zie figuur 5.1). Door de taak, techniek, organisatie en werkomgeving op elkaar af te stemmen zal de mens, in dit geval de verpleegkundige, optimaal kunnen presteren. Daarmee wordt het maken van fouten zo veel mogelijk beperkt. Het gevolg hiervan is een toename van de veiligheid voor patiënten.
Yvonne Tuitert-van Asten

6 De techniek

Samenvatting
In dit hoofdstuk is er aandacht voor het onderdeel techniek uit het MOTTO-model. Na een toelichting van wat techniek inhoudt, wordt stilgestaan bij de risico’s van toepassing van techniek. Ook komen de rol van de fabrikant en de introductie van nieuwe technologie aan bod. Het hoofdstuk sluit af met aandacht voor de toenemende rol van IT in de zorg. Dit heeft gevolgen voor het werk van verpleegkundigen.
Annelies van Bon, Ingeborg Griffioen

7 De zorg- en werkomgeving

Samenvatting
Waarom werk je in sommige ruimten prettig en in andere niet? Waarom kun je in de ene ruimte automatisch je weg vinden en moet je elders de weg vragen? De antwoorden op deze vragen hebben allemaal te maken met omgevingsfactoren, zoals het ontwerp van de ruimte, het licht, het geluid, de kleur en de bewegwijzering. In de voorgaande hoofdstukken zijn al enkele onderdelen van het MOTTO-model ter sprake gekomen. Door de (zorg)omgeving, techniek, taak en organisatie op elkaar af te stemmen zal de mens, in dit geval de verpleegkundige, optimaal kunnen presteren en wordt het maken van fouten zo veel mogelijk beperkt. In dit hoofdstuk wordt ingegaan op de invloed van de (interne) omgeving op de veiligheid voor zorgverleners en -vragers (zie figuur 7.1).
Ingeborg Griffioen, Karien den Ridder

8 De externe omgeving

Samenvatting
De afdeling, het gebouw of de ruimte waarin een zorgprofessional werkt, is feitelijk de fysieke werkomgeving. Binnen het MOTTO-model is dit de interne omgeving genoemd. Hoe de interne werkomgeving kan bijdragen aan veilige zorg, is beschreven in hoofdstuk 7. Daarnaast heeft de zorgprofessional te maken met een heleboel wetten, regels en normen, en niet op de laatste plaats betrokkenheid van de patiënt zelf. Dit heet de externe omgeving. Dit hoofdstuk gaat in op de externe omgeving (zie figuur 8.1) en de invloed die deze heeft op de patiëntveiligheid. Door inzicht hierin te krijgen ontstaan er mogelijkheden de eigen zorgomgeving te verbeteren.
Karien den Ridder, Yvonne Tuitert-van Asten, Yvonne van der Tuijn, Annelies van Bon

Specifieke zorg

Voorwerk

9 Veiligheid in de praktijk

Samenvatting
Is patiëntveiligheid anders in een ggz-instelling dan op een afdeling Spoedeisende Hulp? In grote lijnen niet, maar er zijn wel specifieke risico’s die te maken hebben met de zorg die men verleent. In dit hoofdstuk vertellen verschillende auteurs waar de patiëntveiligheidsrisico’s liggen in hun specialisme. Het vertrekpunt daarbij is hun specialisme en een aantal keren hun eigen afdeling. Hiervoor is casuïstiek gebruikt als voorbeeld. Al deze casuïstiek is een bewerking van situaties die gebeurd zijn op soortgelijke afdelingen in Nederland en België. Ook hebben Belgische auteurs in enkele paragrafen een toelichting gegeven op de situatie in België voor het desbetreffende specialisme.
Karien den Ridder, Yvonne Tuitert-van Asten, Yvonne van der Tuijn, Annelies van Bon

Nawerk

Meer informatie

Extra’s