Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Hoe bied je professionele hulp aan je cliënt in een agressieve of zelfs gewelddadige situatie, zonder je eigen veiligheid uit het oog te verliezen?
Omgaan met agressie geeft inzicht in vormen van agressie en geweld en het ontstaan van agressie. Vier aandachtspunten staan hierbij centraal: leren omgaan met (eigen) agressie, leren herkennen van agressiepatronen bij een cliënt, ontwikkelen van vaardigheden in het omgaan met agressief gedrag, begeleiden van een cliënt bij het leren omgaan met agressie.
Nieuw in deze achtste druk ten opzichte van de zevende druk is de herziene tekst; daarnaast zijn enkele termen en begrippen verduidelijkt of genuanceerd. Dit heeft geleid tot het toevoegen van een schematische weergave over de werking van het geheugen met betrekking tot waarneming en herinnering. Een ander toegevoegd schema betreft negatieve en positieve schakeringen in emotionaliteit. De aandachtspunten met betrekking tot gedwongen opname in Nederland en België zijn geactualiseerd.

Omgaan met agressie besteedt tevens aandacht aan het voorkomen van agressie en geweld door het tijdig opvangen van signalen, de verschillende vormen van agressie waarmee je in aanraking kunt komen bij het begeleiden van zelfstandig wonende cliënten, zoals stalking, mishandeling, seksuele intimidatie en gijzelingsachtige omstandigheden en opvattingen over de verwerking van schokkende en heftig emotionele gebeurtenissen.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Verpleegkundig handelen bij agressie

Samenvatting
In zorg-, hulp- of dienstverlening te maken krijgen met agressie vraagt om het hanteren ervan in de interacties. Om dit zo geweldloos mogelijk te kunnen doen, komt het aan op houding en vooral communicatieve vaardigheden. Het gaat om het optimaal functioneren in stressvolle situaties. Een gevoel van veiligheid in de werksituatie is hiervoor noodzakelijk en daarom is veiligheidsbeleid een absolute voorwaarde. Ten aanzien van houding draait het om de invulling van geweldloos weerbaar zijn, beroepshouding, zelfbeheersing en zelfcontrole. De rol van spiegelneuronen in interacties heeft een functie in relatie tot voorbeeldgedrag. Gedwongen opgenomen worden kan leiden tot conflicten. Enig inzicht in de juridische aspecten in Nederland en België is daarvoor van belang. Veiligheidsbeleid benadrukt de noodzaak tot protocollen voor het omgaan met agressie. Situatieschetsen en tips voor de beroepshouding illustreren de tekst.
Geuk Schuur

2. Vormen van agressie en geweld

Samenvatting
Geweten, wetten, huisregels, driftonderdrukking, opgelegde grenzen en afwegingen bepalen het alledaagse doen en laten. Daarmee is de levensruimte ofwel het territorium als het ware afgegrensd. Het is niet verkeerd om grensverleggend, zonder geweld jegens anderen, bezig te zijn. Het niet kunnen accepteren van de opgelegde grenzen of beperkingen (bijvoorbeeld door ziekte of handicap) kan leiden tot machteloosheid en angst. Het kan agressie als (levens)energie activeren. De negatieve uitingsvorm van agressie wordt hier agressief-gewelddadig gedrag genoemd. Een positieve uiting is bijvoorbeeld strijdbaar zijn tegen een slopende ziekte of het afreageren in opruimen. Niemand wordt zomaar agressief-gewelddadig. Een proces van oorzaken, aanleidingen en redenen van persoonlijke en structurele aard gaat eraan vooraf. Specifieke vormen van geweld zijn onder meer ‘mobbing’, discriminatie, (seksuele) intimidatie, stalken, manipuleren, provoceren en bedreigen. In de tekst zijn situatieschetsen opgenomen. Tips en adviezen ondersteunen de beroepshouding.
Geuk Schuur

3. Provocaties, manipulaties en bedreigingen als levensstijl

Samenvatting
Provoceren, manipuleren en (be)dreigen gebeurt soms als spel, in reclame en ook als therapeutische interventie. Ook in de alledaagse communicatie is provoceren en manipuleren niet ongebruikelijk. Hier wordt het accent gelegd op het grensoverschrijdende van genoemd gedrag als levensstijl. Doorgaans is dit gedrag aangeleerd als een manier van overleven onder moeilijke omstandigheden, als kind, jongere of volwassene. Bij provoceren en manipuleren gaat het erom mensen tegen elkaar uit te spelen, geldende regels en structuren uit te dagen of kwetsbare plekken bij mensen te vinden. Cliënten met dit gedrag als levensstijl, hebben een persoonlijkheidsstoornis. Twee vormen hiervan zijn de antisociale persoonlijkheidsstoornis en de borderlinepersoonlijkheidsstoornis. De cliënten met een antisociale persoonlijkheidsstoornis - en daaronder valt ook psychopathisch gedrag - zijn overwegend man. De meerderheid van de cliënten met een borderlinepersoonlijkheidsstoornis is vrouw. Omgaan met provocerend, manipulerend en bedreigend gedrag noodzaakt tot tips en adviezen voor de beroepshouding.
Geuk Schuur

4. Innerlijke processen: het eigen structurerend systeem structurerend systeem als zekerheid

Samenvatting
Kennis, kunde en opgedane positieve en negatieve ervaringen hebben geleid tot zekerheden. Weet hebben van bepaalde onzekerheden is ook een zekerheid. Door nieuwe ervaringen kan iemand zekerheden ontwikkelen. Zekerheden bepalen het eigen innerlijk structurerend systeem, dat bepalend is voor het doen en laten. Het structurerend systeem in de mens is een permanent veranderend proces. Dit proces is onderhevig aan wisselwerkingen tussen waarneming en indrukvorming, fysiologische reacties, het opslaan in de verschillende stadia van het geheugen, opgeslagen herinneringen en corrigerend systeem. In dit complexe proces ontstaat de cognitieve programmering ofwel het innerlijk structurerend systeem van kennis, kunde, (on)zekerheden, zelfvertrouwen en zelfbeeld. Dit leidt tot het gedrag, de wijze van bejegenen en handelen, wat ook door de ander waargenomen wordt. Bij die ander voltrekt zich een soortgelijk proces. Beschadigingen in het systeem kunnen ingrijpend zijn voor het gedrag.
Geuk Schuur

5. Als een meningsverschil escaleert

Samenvatting
Eén verkeerd woord kan al voldoende zijn om een gesprek te doen escaleren. Bij een klacht, meningsverschil of onvrede over de behandeling spelen belangen, macht en inzicht een rol. Welke kant het opgaat met de communicatie tussen personen draait vooral om uitingen en gedachten als: ‘Wie heeft er gelijk?’ (verliesaspect), ‘Ik heb er recht op’ (ontberingsaspect), ‘Daar heb jij niets mee te maken’ (aantastingsaspect) en ‘Ik weet je te vinden, je hoort nog wel van mij’ (bedreigingsaspect). Wraakgevoelens en krenking kunnen escalatie in de hand werken. Communicatie is een proces van volgen (wat bedoelt zij, wat wil hij) en leiden (ik wil …, ik vind …). Vaak kan zwijgen een krachtige verweervorm zijn. Niet begrepen worden, andere omgangsvormen, de toon van spreken, tijdens een gesprek oogcontact maken of juist niet: het zijn wezenlijke aspecten in de (interculturele) communicatie, die ook misverstanden teweeg kunnen brengen.
Geuk Schuur

6. Zelfcontrole: hanteren van agressie in de interactie

Samenvatting
Zelfcontrole is voor de beroepsbeoefenaar van groot belang bij het omgaan met agressieve uitingen van cliënten. De ingrediënten voor die zelfcontrole zijn zicht hebben op beroepshalve in de slachtofferpositie terechtkomen en op te nemen slachtofferrollen, maar ook de communicatie van de tweede orde. Daarbij gaat het om onlogische verrassende reacties wat betreft leiding houden over jezelf en zo mogelijk ook over de situatie. Daarmee wordt de slachtofferpositie veranderd of opgeheven. De aanvaller dient van de wijs gebracht of op het ‘verkeerde been’ gezet te worden. Communicatie biedt hiervoor tal van mogelijke handelingsalternatieven en houdingsaspecten. Aan de hand van voorbeelden wordt duidelijk waar het om gaat. Uiteraard dient er na een agressief-gewelddadig incident zowel voor de cliënt als de (verpleegkundige) beroepsbeoefenaar ruimte te zijn voor een goede afwikkeling of verwerking.
Geuk Schuur

7. Zelfbescherming: fysieke verweervormen in de communicatie

Samenvatting
Met fysieke verweervormen worden hoofdzakelijk bevrijdingstechnieken bedoeld en niet zelfverdedigingstechnieken. Het onderscheid is uiterst vaag. Bij bevrijdingstechnieken gaat het om de intentie jezelf te bevrijden en eventueel weg te komen, zonder daarbij de aanvaller te vloeren of schade toe te brengen. Zo geweldloos mogelijk blijven moet voorkomen dat de cliënt gaat worstelen met gevoelens van gezichtsverlies, wraak of slachtofferschap. Voor fysieke verweervormen is vooral psychische kracht nodig ofwel het uitstralen van zekerheid en zelfvertrouwen. Psychische kracht is een manier van stevig (geaard) staan, controle hebben over de (buik)ademhaling en de gedachten kunnen sturen, om leiding over jezelf te houden. Fysiek moeten ingrijpen bij een agressief-gewelddadige cliënt is een ingrijpende gebeurtenis voor alle betrokkenen. Daarom moet er in het veiligheidsbeleid aandacht zijn voor stoom afblazen. Let op: verkeerde agressiebeteugeling kan levensbedreigend zijn voor de betreffende cliënt.
Geuk Schuur

8. Uitdaging en motivatie

Samenvatting
De motivatie voor een beroep in de zorg-, hulp- of dienstverlening ligt in de uitdaging van het omgaan met cliënten. Dat sommige cliënten grensoverschrijdend of agressief-gewelddadig gedrag kunnen vertonen, levert in het contact zowel uitdaging als vermijding op, maar ook vervelende ervaringen. Die vervelende ervaringen kunnen zelfs schokkend zijn. Angst en spanning bepalen hoe de verdere omgang met die cliënten zal verlopen. Wat angst is en doet, wordt als het ware onder een vergrootglas gelegd. Dat geldt ook voor het belang van spanningsbehoefte en aspecten als positieve en negatieve stress, emotionele schakeringen en (naasten)liefde als motiverende kracht.
Geuk Schuur

9. Sociale steun, collegialiteit en veiligheidsgevoel

Samenvatting
Sociale ofwel collegiale steun is onontbeerlijk voor het veiligheidsgevoel tijdens het werk. Sociale steun werkt op drie niveaus: het macroniveau staat voor het veiligheidsbeleid van de instelling, het mesoniveau betreft de directe werksituatie van het team en de collega’s, het microniveau staat voor de privésituatie en heeft betrekking op het sociale netwerk en de vrijetijdsbesteding. De samenhang van deze niveaus is in grote mate bepalend voor de negatieve effecten (zoals burn-out, stress en ziekteverzuim), zeker als deze het gevolg zijn van het werken in een getraumatiseerd team of van een slechte opvang en verwerking na een heftig emotionele gebeurtenis. Het kunnen voeren van een collegiaal opvanggesprek is een essentieel onderdeel van het veiligheidsbeleid. Coaching en een werkwijze voor probleemoplossing vormen een goede aanvulling. Speciale aandacht is er voor fysiek geweld in relatie tot cliënten met HBV, hiv-besmetting of aids.
Geuk Schuur

10. Leren hanteren van agressie

Samenvatting
De met agressief-gewelddadig gedrag samenhangende aspecten vormen tezamen een analysemodel, om antwoorden te vinden op de vier vragen waarop omgaan met agressie gebaseerd is. Ten eerste: hoe ga ik om met mijn eigen agressie, vooral in relatie tot en/of interactie met de cliënt? Ten tweede: hoe gaat de cliënt om met de eigen agressie (agressieve energie)? Ten derde: wat moet ik of wil ik beroepshalve (als verpleegkundige) met de agressie of agressief-gewelddadige uitingen van de cliënt? En ten vierde: kan ik de cliënt constructief (positief) leren omgaan met eigen agressie (agressieve energie), en zo ja, hoe? Het antwoord op de laatste vraag is vervat in een programma van zes gebieden, die hier Agressie Programma Aspecten Methode is gedoopt. Het uiteindelijk doel hiervan is door zelfbeïnvloeding via gewenning te komen tot zelfverplichting. De werkwijze wordt uitgebreid toegelicht.
Geuk Schuur

11. Agressie en werkplek

Samenvatting
Op de werkplek kan bij cliënten met verschillende ziekteprocessen, toestandsbeelden en stoornissen agressie voorkomen. Dat brengt met zich mee dat een algemene manier van reageren op agressie ofwel grensoverschrijdend gedrag niet mogelijk en niet zinvol is. De opsomming van een reeks aandachtspunten om beroepshalve rekening mee te houden is handig. Bijvoorbeeld als het gaat om cliënten met de ziekte van Alzheimer, een agressieve cliënt bij thuisbezoek, een cliënt die in een psychotische toestand verkeert, een drugsverslaafde cliënt, een cliënt met een verstandelijke handicap en autistisch gedrag of een zichzelf beschadigende cliënt. Uiteindelijk zijn het eigen welbevinden, het veiligheidsgevoel en het zich gesteund weten door leidinggevenden en collega’s belangrijk om optimaal te kunnen functioneren op de werkplek.
Geuk Schuur

Nawerk

Meer informatie