Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

In dit basiswerk worden alle belangrijke medische hulpmiddelen beschreven die regelmatig via de apotheek worden geleverd. In elk hoofdstuk wordt duidelijk aangegeven wat de rol van de apotheek is. Met dit boek wordt materiaalkennis van hulpmiddelen aangeboden, waarmee de adviesfunctie van apothekersassistent naar behoren kan worden uitgeoefend. 

In deze nieuwe druk zijn alle hoofdstukken geactualiseerd en zijn de weblinks gecontroleerd op beschikbaarheid. De links geven aanvullende productinformatie indien gewenst of vereist. In dit basiswerk komen onder andere aan bod: incontinentiemateriaal, stomaverzorging, wondverzorging, hulpmiddelen bij diabetes mellitus, Parenterale toediening, verneveling en hulpmaterialen bij toediening van sondevoeding. Medische hulpmiddelen is onmisbaar als basisboek voor de opleiding tot apothekers assistent. Daarnaast vervult het boek een nuttige rol als naslagwerk in de praktijk.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Incontinentie en retentie

Inleiding
Zoek in damesbladen, zoals Libelle en Margriet, naar advertenties van absorberend incontinentiemateriaal. Bezoek minimaal drie sites van fabrikanten van dit materiaal (zie links).
R.G.H. Scheurink

2. Stomaverzorging

Inleiding
Wanneer de ontlasting of de urine niet meer via de normale weg het lichaam kan of mag verlaten, wordt door de chirurg en/of uroloog met behulp van darmweefsel een kunstmatige uitgang door de buikwand heen gemaakt. Zo’n kunstmatige uitgang heet een stoma (in het Grieks betekent stoma ‘mond’ of ‘opening’). We kennen een colostoma (uitgang van de dikke darm), ileostoma (uitgang van de dunne darm), urostoma (uitgang van de blaas) en tracheostoma (opening in de keel van de luchtpijp).
R.G.H. Scheurink

3. Wondverzorging

Inleiding
Een wond is een verbreking van de natuurlijke structuur van weefsels. Dit kan de huid zijn, bijvoorbeeld een schaafwond na een val, maar ook orgaanweefsel (een inwendige wond, bijvoorbeeld een door een maagzweer veroorzaakte maagbloeding) (figuur 3.1).
R.G.H. Scheurink

4. Parenterale toediening

Inleiding
Een tweedelige injectiespuit bestaat uit een cilinder en een zuiger. Op de conus, dit is de punt van de cilinder, wordt de injectienaald bevestigd. De cilinder is bedrukt met een maatverdeling, veelal in milliliters (ml), en een merknaam. Andere benamingen voor de zuiger zijn plunjer of stamper. Een driedelige spuit verschilt op slechts één punt van de tweedelige: op de zuiger zit een zwart rubber afsluitdopje (stopper). Dit zorgt voor een goede afsluiting en maakt de schaalverdeling duidelijker afleesbaar. Doordat het dopje een siliconenlaagje heeft, beweegt de zuiger veelal gemakkelijker in de cilinder. Het volume van de spuiten varieert van 1 tot 2, 5, 10, 20 en 50 ml. Met de zuiger wordt de vloeistof of medicatie in de cilinderruimte opgezogen c.q. toegediend.
R.G.H. Scheurink

5. Verneveling

Inleiding
Bij de behandeling van COPD (Chronic Obstructive Pulmonary Disease) wordt de voorkeur gegeven aan het gebruik van geneesmiddelen via inhalatie. Het geneesmiddel komt dan snel op de plaats waar het moet werken en er treden minder systemische bijwerkingen op.
R.G.H. Scheurink

6. Enterale toediening

Inleiding
Op voorschrift van arts of diëtist door middel van het ZN-formulier ‘artsenverklaring dieetpreparaten’ kan een patiënt bij een dreigende ondervoeding aanvullende medische voeding gebruiken. Deze wordt uitsluitend vergoed bij ernstige slik-, passage- of resorptiestoornissen of bij ziektegerelateerde ondervoeding. Ondervoeding ligt op de loer als iemand ziek of herstellende is na een operatie of ziekte en onvoldoende voeding tot zich neemt. Het risico op ondervoeding neemt toe bij ouderen (zo halen ze bijvoorbeeld soms onvoldoende boodschappen door verminderde mobiliteit, eten ze minder of eenzijdig door gebitsproblemen en/of eenzaamheid) en uiteraard bij een ernstig ziekte. Hierdoor kunnen smaakveranderingen optreden en neemt de spontane voedselinname af, terwijl er tegelijkertijd een grotere behoefte is aan voedingsstoffen. Zo ontstaat een tekort aan energie en bouwstoffen zoals eiwitten, vitamines en mineralen.
R.G.H. Scheurink

7. Zelfcontrole

Inleiding
Op de website van in ieder geval één apotheekformule in Nederland kan de bezoeker zelf een aantal tests uitvoeren. Die betreffen informatie en advies over onder andere huidproblemen, stoppen met roken, diabetes mellitus, een overactieve blaas, COPD en hartziekte. Deze tests zijn indicatief en er wordt uiteraard verwezen naar de huisarts als uit de test afwijkende resultaten komen. Het aanbod aan zelftests op internet neemt toe omdat het in een groeiende behoefte bij de consument voorziet. Het is tevens een extra mogelijkheid om producten en diensten over het voetlicht te brengen. Indien gekoppeld aan een webshop kan het ook een bijdrage leveren aan de omzet van zelfzorg- en hulpmiddelen.
R.G.H. Scheurink

8. Overige hulpmiddelen

Inleiding
In de openbare apotheek worden via handverkoop, naast de zelfzorgmiddelen en cosmetica, ook hulpmiddelen afgeleverd. Incidenteel worden deze vergoed door de zorgverzekeraar, maar meestal niet. De apotheek neemt artikelen op voorraad naar aanleiding van vragen en bestellingen of voorschrift van een arts. Patiënten en klanten van de apotheek kunnen hiernaar vragen of het verzoek kan via de webshop van de apotheek of apotheekketen binnenkomen. In dit hoofdstuk zijn de producten gerubriceerd naar de volgende groepen: ADL- en verpleegartikelen, diagnostiek, reizen/vakantie, anticonceptie en baby’s/kinderen. Dit hoofdstuk geeft een indruk van de enorme diversiteit en variëteit in artikelen en doelgroepen, zonder te pretenderen volledig te zijn.
R.G.H. Scheurink

9. Vergoeding en verstrekking

Inleiding
De verstrekking van medische hulpmiddelen is geregeld in het Besluit zorgverzekering. De hulpmiddelen waarmee je in de openbare apotheek te maken krijgt, worden onderverdeeld in de groepen verzorgingsmiddelen, verbandmiddelen, injectiespuiten en hulpmiddelen bij diabetes. Onder verzorgingsmiddelen vallen urine-opvangmiddelen, stomamiddelen, stompkousen, katheters, absorberende incontinentiematerialen en spoelapparatuur voor anaalspoelen. Hulpmiddelen zoals zicht- en gehoorhulpmiddelen, loophulpen, pruiken, schoenvoorzieningen en prothesen voor bijvoorbeeld hand of been worden niet door de apotheek geleverd en dus niet behandeld. De door de apotheek verstrekte hulpmiddelen zijn meestal verbruiksgoederen voor eenmalig gebruik. Maar ook herbruikbare gebruiksgoederen zoals een bloedglucosemeter worden geleverd. De zorgverzekeraar verstrekt aan haar verzekerden bepaalde hulpmiddelen soms in bruikleen. Denk hierbij bijvoorbeeld aan een vernevel- of zuurstofapparaat en een tv-loep.
R.G.H. Scheurink

Nawerk

Meer informatie

Extras