Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Nederland telt meer dan 850.000 ouders met een psychische stoornis. Zo'n ziekte heeft uiteraard invloed op de jeugd van hun kinderen. Een groot deel van deze kinderen groeit desondanks op tot evenwichtige volwassenen, terwijl een ander deel vroeg of laat in het leven te maken krijgt met de uiteenlopende gevolgen van hun jeugdervaringen. In dit boek komen de factoren die hierbij een rol spelen ruimschoots aan bod.In Leven met een psychisch zieke ouder laat gezondheidspsycholoog Sandra van Gameren zien hoe je deze kinderen – ook wel aangeduid met 'koppers' (kopp kinderen van ouders met psychiatrische problemen) – kunt helpen hun veerkracht te behouden. Aan de hand van een tiental ervaringsdeskundigen weet zij een goed beeld te schetsen van de realiteit van een kopp–jeugd en de uitwerking die zo'n jeugd kan hebben op de rest van iemands volwassen leven. Het boek laat zien hoe, naast de zieke en gezonde ouder, andere volwassenen een kopper tijdens zijn/haar jeugd kunnen bijstaan en er zo voor kunnen zorgen dat het kind een manier vindt om met de thuissituatie om te gaan.

Inhoudsopgave

Voorwerk

Inleiding

Inleiding

Abstract
Ik heb gezondheidspsychologie gestudeerd en heb een passie voor preventie. Afwachten tot iemand in een put valt en hem of haar daarna oplappen is niet mijn ding. Zeker als het mensen betreft die om wat voor reden dan ook meer kans hebben in zo’n put te geraken. De reden voor mijn liefde voor het preventievak heeft waarschijnlijk veel te maken met mijn jeugd. Toen mijn moeder permanent opgenomen werd, was ik drie jaar oud. Hoewel zij voor mijn geboorte al niet gezond was, is het erna snel bergafwaarts gegaan. Ik bracht mijn jeugd daarom bij mijn opa en oma van vaderskant door. Zij boden mij een veilig en liefdevol thuis in een dorp waar men omkeek naar elkaar en naar mij. De weekenden was ik bij mijn vader die in hetzelfde dorp woonde. Extra bijzonder is het dat mijn zeer gelovige oma zich hierbij ook geleid voelde: ze zei me vaak dat God haar op het hart had gedrukt goed voor mij te zorgen. Je zo geliefd weten door je Schepper, opvoeders, vader en andere familieleden zoals de opa en oma van moederskant maakten mij tot een rijk kind. Mijn moeder zag ik meer als een soort verre tante. Hoewel de bezoeken aan haar in de inrichting en later in een vervangende woonvorm, me vaak gespannen en angstig maakten en we thuis nooit praatten over wat er met mijn moeder aan de hand was, was ik me terdege bewust van mijn zegeningen. In de preventiewereld noem je dit beschermende factoren. Helaas kreeg ik wel mijn portie aan ingrijpende levensgebeurtenissen.
Sandra van Gameren

Praktijk

Voorwerk

1. Interview Olga Millenaar

Abstract
“Ik ben getrouwd, zesenvijftig jaar en moeder van een zoon. Ik houd van fietsen en tuinieren en mijn werk als docente dramatische expressie. Ik kom uit een gezin met twee oudere broers. Als jongste en enige dochter groeide ik op in de vogelwijk in Den Haag. Mensen hadden daardoor een positief beeld van ons gezinsleven: mijn vader had een goede baan en we woonden in een nette buurt. Maar er was veel wat de buitenwereld niet wist.
Sandra van Gameren

2. Interview Francis Schokker

Abstract
“Ik ben zesendertig jaar en ik werk in het theater. Voorheen deed ik overigens iets geheel anders. Ik houd wel van veranderingen in mijn leven.
Sandra van Gameren

3. Interview Jesse

Abstract
“Ik ben nu vijftien jaar en twee jaar geleden werd mijn vader ziek. Ik zat in de tweede klas van de middelbare school. Ik merkte er natuurlijk veel van. Er was veel ruzie en spanning in huis. Op school had ik daar last van en daarom heb ik de havo niet afgemaakt. Thuis hadden we altijd ruzie en er was soms een beetje gezeur enzo. Dat was niet fijn en op school wisten ze het ook nog eens. Dan gaan ze toch anders naar je kijken. Als ze weten dat je ouders gaan scheiden, dan krijg je van die praatjes. Ik kon me niet meer concentreren. Ik ben toen de mavo gaan doen. Het is zo gelopen en daar baal ik nu nog steeds van.
Sandra van Gameren

4. Interview Mike

Abstract
“Ik ben vijftien jaar. Ik ben de tweelingbroer van Jesse en heb nog een zusje. Ik woon bij mijn moeder. Mijn ouders zijn uit elkaar. Twee jaar geleden ben ik in de tweede klas blijven zitten. Dat had te maken met alle drukte rondom de scheiding van mijn ouders. ’s Ochtends breng ik kranten rond, ook bij mijn vader. Daardoor zie ik hem iedere dag. Hij woont in het huis waar we eerst met z’n allen woonden. Dus dat is wel handig. Even een praatje met hem maken, doe ik sowieso. Of ik ga uit school bij hem langs. En op vrijdag eten we daar. Met de kinderen, zeg maar.
Sandra van Gameren

5. Interview Gerda Wijnker-Wens

Abstract
“Ik ben een vrouw van zesendertig jaar. Ik ben zeven jaar getrouwd met de man met wie ik al bijna negentien jaar samen ben. Ik werk al bijna twintig jaar in de gezondheidszorg: mensen in en uit bed helpen, douchen en medicijnen geven. De laatste tijd denk ik erover om wat anders te gaan doen. Ik zou wel bij een veilinghuis willen werken. Ik ben gek op antiek en oude dingen.
Sandra van Gameren

6. Interview Wessel van Dam

Abstract
“Ik ben een man van 53 jaar. Ik woon alleen en ik werk al tientallen jaren met veel plezier in de plantsoenendienst. Daarnaast ben ik ook jaren actief geweest in de cliëntenraad van een GGZ-instelling.
Sandra van Gameren

7. Interview Loes L.

Abstract
“Ik ben 42 jaar, getrouwd met mijn jeugdliefde en moeder van twee jonge kinderen. Ik ben met mijn man van het noorden naar het westen van het land verhuisd. Ik vermoed dat ik die keuze onbewust heb gemaakt om wat meer afstand te scheppen tussen mijn zieke moeder, mijn familie en mijn eigen leven. Ik kom uit een gezin van vijf kinderen waarvan ik de op een na oudste ben. Mijn vader is ruim tien jaar geleden overleden aan kanker. Ik heb heel lang gewerkt als sociaal psychiatrisch verpleegkundige, maar heb sinds kort een nieuwe baan als preventiewerker bij de GGZ. Ik werk voor het thema waar we nu over praten. Wij korten dat af als ‘kopp’, dat staat voor kinderen van een ouder met psychische problemen.
Sandra van Gameren

8. Interview Hakime Q.

Abstract
“Ik ben een gescheiden moeder van drieënveertig jaar. Ik ben in Turkije geboren. Ik heb twee zonen die zeventien en drieëntwintig jaar oud zijn. Ik werk op het moment niet. Ik lees graag, vooral over gezondheid. Mijn moeder had toen ik kind was al psychische problemen, ze was niet gelukkig in het leven. Ik dacht altijd dat ze alleen lichamelijk ziek was. Ze was vaak ziek, had bijvoorbeeld zwakke longen en kon dan niet koken of voor ons zorgen. Ik merkte dat ze moeite had om voor haar drie dochters te zorgen. Het was ook moeilijk voor haar, want mijn vader was in Nederland. Hij kwam alleen in de vakanties naar ons toe.
Sandra van Gameren

9. Interview Lara de Groot

Abstract
“Ik ben een vrouw van tweeëndertig jaar. Ik woon samen en ben werkzaam als programmeur. Ik heb één zusje die drie jaar jonger is. In mijn jeugd zijn wij zes jaar een pleeggezin geweest voor een jongen. Toen ik acht jaar was, werd mijn vader depressief en psychotisch. Twee jaar later is de diagnose manische depressiviteit gesteld. Nadat hij lithium kreeg, heeft hij nooit meer een complete psychose gehad. Maar de manische en depressieve perioden bleven wel komen en gaan, dus beter was hij nog niet. Voor de rest van de familie lag dat anders. Dat hij depressief en psychotisch was geweest en dat hij twee jaar werd opgenomen dat geloofde iedereen wel, maar voor hen is zijn ziekte heel erg afgebakend geweest tot die periode. Omdat hij medicijnen kreeg, was het in hun ogen weer helemaal goed met hem.
Sandra van Gameren

10. Interview Elisa L’Adrese

Abstract
Ik ben drieëntwintig jaar en vijfdejaars student aan de faculteit kunsten cultuurwetenschappen. Daarnaast heb ik een leuk bijbaantje voor twee dagen in de week.
Sandra van Gameren

11. Interview Kees Nielens

Abstract
“Ik ben vijfenveertig jaar, gescheiden en vader van een zoon. Ik werk als onderzoeksmedewerker op hbo-niveau. Mijn zoon heb ik een kwart van de tijd bij me in huis.
Sandra van Gameren

12. Interview Sabine Hendrickx

Abstract
“Ik ben zesentwintig jaar en woon samen met mijn vriend en huisdieren. Ik ben student.
Sandra van Gameren

13. Interview Lisa de Jong

Abstract
“Ik ben vijfentwintig jaar. Ik ben student en werk parttime als secretaresse. In het dagelijkse leven heb ik veel passies zoals kunst, tekenen, schilderen, schrijven en dansen.
Sandra van Gameren

14. Interview Paulien Bosch

Abstract
“Ik ben een vrouw van dertig jaar. Ik ben getrouwd en heb leuk werk. Mijn passie is toneelspelen.
Sandra van Gameren

Wetenschap

Voorwerk

1. Confrontatie

Abstract
In het eerste deel van het boek lazen we de verhalen van ervaringsdeskundigen. Ze spreken voor zich. Er valt maar weinig aan toe te voegen. De mythe dat kinderen niets merken van wat er zich thuis afspeelt, wordt door de verhalen ontkracht. De ziekte van een ouder is niet iets wat alleen de ouder beïnvloedt. Het hele gezin kan ziek worden. In figuurlijke zin, maar ook letterlijk.
Sandra van Gameren

2. Opgroeien

Abstract
De diagnose van een ouder zegt niets over het risico dat het kind loopt of de ernst van de situatie. Er is voor psychische stoornissen geen hiërarchie in de mate van lijden, ouderlijke beperkingen en invloed op de kinderen. Niet de aard van de stoornis, maar de ernst en de chroniciteit ervan bepalen in welke mate het leven van de ouders en de kinderen ontwricht raakt. De ernst laat zich zien in symptomen en een negatieve spiraal van opeenstapelende gevolgen. Tegelijkertijd gaat het om de chroniciteit van het ontwrichtte dagelijkse leven: dag in, dag uit, jaar in, jaar uit. Hoewel wij geneigd zijn te denken in diagnosen en stoornissen, is het belangrijk te beseffen dat een gezin met een psychisch zieke volwassene vooral te lijden heeft onder de dagelijkse confrontatie met bepaalde symptomen. Denk maar aan angsten, somberheid, achterdocht, apathie, dingen zien en horen die er niet zijn, verwaarlozing, drugs of alcoholgebruik, moeheid, huilbuien, zich in huis opsluiten, woede, vreemd doen, ’s nachts wakker zijn. Het zijn de uitingsvormen van de ernstige chronische stoornis die zo bizar, beangstigend en onbegrijpelijk zijn, dat ze het dagelijks gezinsleven ernstig verstoren. En het zijn de symptomen die het leven en de persoonlijkheid van de zieke ouder zodanig ontwrichten dat het de ouderlijke kwaliteiten negatief beïnvloedt. Dit laatste is belangrijk. Dit boek gaat niet zozeer over kinderen van een ouder met een psychiatrisch etiket.
Sandra van Gameren

3. Volwassen

Abstract
En dan is het kind volwassen. En de ouder vaak nog steeds ziek. Levensfasen wisselen zich in hoog tempo af en levensomstandigheden zijn veranderd. Maar de rolpatronen die vanaf kindertijd zijn ontstaan buigen niet altijd even gemakkelijk mee. Soms verandert de doorgetikte tijd niets aan relaties. Ouders kunnen nog steeds veeleisend zijn. Emotionele of fysieke zorg en aandacht vragen. Soms manipulatief te werk gaan. Kinderen blijven zich bekommeren om het welzijn van de ouders. Zij maken zich zorgen als het niet goed gaat. De jonge mantelzorger wordt een volwassen mantelzorger. En hoewel zij inmiddels misschien wel weten niet voor het geluk van de ouders verantwoordelijk te zijn, kan het moeilijk zijn naar dit inzicht te handelen. Hoe oud men ook geworden is, de loyaliteit blijft.
Sandra van Gameren

Nawerk

Meer informatie