Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Klinische zorg Deelkwalificatie 412

Inhoudsopgave

Voorwerk

Causes 1: Gerard van Deventer

Samenvatting
Gerard van Deventer zit wat vermoeid in de tuinstoel. Hij moet even uitrusten na het schoffelen. Zijn vrouw kijkt hem wat verbaasd aan. ‘Dat hij nu alweer gaat zitten’, denkt ze. ‘Maar ja, ik ben ook 10 jaar jonger’. Ze stopt met het snoeien van de rozen en gaat bij hem zitten. ‘Zouden we nu toch niet eens naar de huisarts gaan?’ vraagt ze bezorgd.
Margreet van der Cingel

Causes 2: Mevrouw Gesina Klaassen

Samenvatting
Mevrouw Gesina Klaassen is 82 jaar. Gisteren is ze gevallen terwijl ze in de tuin was. Haar jongste dochter Jannie heeft haar gevonden. Mevrouw Klaassen heeft twee dochters, een zoon en vier kleinkinderen. Jannie woont vlak in de buurt en komt elke dag wel even aanwaaien sinds haar vader Joep Klaassen vorig jaar overleden is. ‘Ze lag er maar hulpeloos bij’, vertelt Jannie op de spoedeisende hulp waar ze met de ambulance naartoe gereden zijn, nadat ze in paniek 112 had gebeld. ‘Ze kon haar rechter lichaamshelft niet meer bewegen, leek heel misselijk en ze braakte ook’. Op de vraag of haar moeder aanspreekbaar was, vertelt Jannie dat ze wel helder uit de ogen keek maar wartaal uitsloeg; ze kon helemaal niet uit haar woorden komen. Daar schrok Jannie nog het meest van. Mevrouw Klaassen wordt uitvoerig onderzocht door de dienstdoende neuroloog. Ze heeft inderdaad nog steeds een halfzijdige verlamming. Ook nu brabbelt ze woorden en zinnen waar maar moeilijk iets van te maken lijkt. Maar toch weet ze, op vragen van de neuroloog, duidelijk te maken dat ze inderdaad hoofdpijn heeft en erg wazig ziet. Mevrouw Klaassen krijgt direct een verblijfskatheter en een infuus. Ook wordt er een CT-scan gemaakt, laboratoriumonderzoek verricht (o.a. elektrolyten en bloedstolling) en een ECG gemaakt. De neuroloog stelt de diagnose: een bloeding in de linker hemisfeer. Hij vertelt dit aan Jannie en mevrouw zelf. Mevrouw Klaassen wordt opgenomen op afdeling neurologie.
Margreet van der Cingel

Causes 3: Herman Kasteels

Samenvatting
Herman Kasteels moet onder het mes. Hij vindt het niks, maar zijn beide grote tenen geven hem veel te veel last. Hij is opgenomen op de kortdurende zorg; een afdeling in combinatie met dagbehandeling waar allerlei specialismen vertegenwoordigd zijn. Zo ook orthopedie, het specialisme waar Herman voor opgenomen is. Herman is een joviale veertiger en woont samen met Sandra, met wie hij twee jongens van 9 en 11 jaar heeft. Hij werkt bij de KPN als administratief medewerker en vertelt dat hij eigenlijk nog nooit ziek is geweest. Vanaf zijn 19e heeft hij al vergroeiingen aan beide voeten. Hij is daarvoor onder behandeling van de orthopeed geweest die steunzolen heeft laten aanmeten. Herman heeft die altijd trouw gedragen en verdere controle was nooit nodig. Totdat hij last kreeg van kneuzingen in zijn voet, opgelopen bij het hardlopen. Dat was erg pijnlijk. Harry Winters, de orthopeed die Herman vanaf zijn 19e dus al kent, moest hem vertellen dat een operatie noodzakelijk was. Herman sport graag: hardlopen en skiën. Hij heeft dit uiteindelijk moeten opgeven, omdat het te pijnlijk werd. Hij kreeg steeds meer last van kneuzingen en het schuren van de tenen over elkaar heen, waardoor blaren op de tenen ontstonden. Hij kon trouwens op een gegeven moment ook geen gewone schoenen meer dragen en heeft altijd sportschoenen met steunzolen aan. Hij vindt zelf ook wel dat er nu maar eens wat aan moet gebeuren. Hij is trouwens wel actief bezig in het vinden van oplossingen voor zijn probleem. Hij had bijvoorbeeld in Duitsland spalkjes gezien die je op de voet kon zetten.
Margreet van der Cingel

Causes 4: je eigen casus

Samenvatting
Deze laatste casus van dit werkboek is een casus die je zelf kiest vanuit je stage- of praktijkervaring. Je kiest een zorgvrager die je zelf in zorg hebt in de differentiatiefase en maakt hiervan een casus. Hiervoor heb je veel gegevens over de zorg nodig. Ook wordt van je gevraagd een redelijk volledig beeld te geven van een zorgvrager in de klinische setting. Dat betekent dus dat de zorgvrager die je kiest, voldoende tijd in zorg moet zijn en dat je wellicht ook op andere afdelingen informatie moet verzamelen. Het is dus van belang op tijd een keus te maken!
Margreet van der Cingel

Nawerk

Meer informatie