Skip to main content
main-content
Top

10-08-2015 | Kinderen | Nieuws

Q & A

Wat is het verschil tussen ACT en ACQ?

Er zijn momenteel twee lijsten in gebruik waarmee de mate van controle van astma bij kinderen kan worden ingeschat. Dit zijn de Asthma Control Test (ACT) (www.asthmacontrol.com) en de Asthma Control Questionnaire (ACQ) (www.qoltech.co.uk/acq.html). Wat is het verschil tussen die twee. De auteurs van Het kinderallergie formularium geven antwoord op die vraag.

De ACT is ontwikkeld voor gebruik in de klinische praktijk. De ACQ is primair voor onderzoeksdoeleinden ontwikkeld.

Te beginnen met de ACT. Deze vragenlijst is opgebouwd uit vijf items met een goede interne consistentie, die goed overeenkomt met de inschatting van de mate van controle van het astma door de behandelend specialist. De vragenlijst kijkt retrospectief naar de afgelopen vier weken en heeft de volgende items:

  1. invloed van astma op dagelijkse activiteiten;
  2. kortademigheid;
  3. nachtelijke klachten;
  4. gebruik van extra luchtwegverwijders;
  5. ingeschatte controle door de patiënt zelf.

De scores per item lopen van 0 tot 5, waarbij de hoogste score overeenkomt met de beste controle. Een score van 19 of minder bleek optimaal voor de selectie van patiënten die niet goed onder controle zijn, zowel in een populatie astmapatiënten in de specialistische praktijk als bij nieuwe patiënten.

ACQ

De ACQ is dus primair voor onderzoeksdoeleinden ontwikkeld en bestaat uit zeven items (vijf items betreffende klachten, één item gebruik van extra luchtwegverwijders, één item FEV1% voorspeld). Elk item scoort op een schaal van 0 (goede controle) tot 6 (slechte controle) en het gemiddelde per item wordt gebruikt. Een verandering van 0,5 wordt als klinisch relevant beschouwd. Ook de 5- en 6-itemversie (respectievelijk zonder longfunctie en gebruik van rescue-medicatie, en zonder longfunctie) zijn gevalideerd. Vergelijking van de 7-item ACQ met klachtenscores en longfunctiegegevens van patiënten in de GOAL-studie resulteerden in een optimaal cut-off point voor ‘well-controlled’ astma van 0,75, terwijl voor slecht ingesteld astma 1,5 kan worden aangehouden.

Andere hulpmiddelen

Als het gaat om andere hulpmiddelen voor de monitoring van astma bij kinderen, is daar allereerst het longfunctieonderzoek. Geadviseerd wordt om ten minste 1 maal per jaar spirometrisch onderzoek en een reversibiliteitsbepaling te laten verrichten. Voor het meten van PEF is geen plaats meer.

Bronchoprovocatietests

Het is niet mogelijk om op basis van de mate van luchtwegreactiviteit de medicamenteuze behandeling van het astma te titreren. De mate van luchtwegreactiviteit op de kinderleeftijd heeft een voorspellende waarde voor het astma op oudere leeftijd. Kinderen met ernstige luchtweghyperreactiviteit hebben een verhoogde kans om op volwassen leeftijd astmaklachten te houden.

Het meten van luchtwegontsteking

Een non-invasieve manier om de mate van luchtwegontsteking in te schatten is het meten van stikstofmonoxide (FeNO) in de uitademingslucht. FeNO is verhoogd bij onbehandelde kinderen met allergisch (eosinofiel) astma . Het daalt over het algemeen naar normale waarden zodra gestart wordt met behandeling met een inhalatiecorticosteroïd (ICS ) . FeNO kan dus gebruikt worden om de therapietrouw te monitoren bij kinderen die met een ICS behandeld worden. FeNO kan niet gebruikt worden om de medicamenteuze behandeling van astma op te titreren. Het gebruik van FeNO resulteert niet in een betere astmacontrole.

Bron: Astma en beperken van astmaexacerbaties, drs. N.W.P. Rutjes, dr. AB. Sprikkelman, dr. E.G. Haarman, prof. dr. W.M.C. van Aalderen, uit Het kinderallergie formularium.

Tips

Onze productaanbevelingen

BSL Huisarts Totaal

Met BSL Huisarts Totaal bouwt u efficiënt aan uw vakkennis. U krijgt digitale toegang tot boeken, veelgestelde vragen, casuïstiek en zes vaktijdschriften voor huisartsen. Daarnaast vindt u praktijkgerichte nascholing: geaccrediteerde e-learnings, web-tv’s en toetsen. Alles om u nóg beter te maken in uw vak.

Beeldrechten