Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Door de toenemende incidentie van huidkanker, multipele tumoren bij patiënten en regelmatige controles neemt het beslag dat dermato-oncologische problematiek op huisartsen legt sterk toe. Het aantal consulten voor patiënten met (vermoeden op) huidkanker stijgt dan ook in rap tempo. Om zo efficiënt mogelijk aan de toegenomen zorgvraag te kunnen voldoen en de patiënten optimale zorg te kunnen bieden, is een gedegen kennis van de presentatievormen van huidkanker,hun prognose, therapieën, controles en preventie noodzakelijk. De onmisbare kennis hiervoor is in dit boek gebundeld en wordt op een praktische manier gepresenteerd en aanschouwelijk gemaakt door een groot aantal klinische afbeeldingen. Niet alleen worden de meest voorkomende vormen van huidkanker beschreven, zoals het basaalcelcarcinoom, plaveiselcelcarcinoom en het melanoom, maar ook de wat minder frequent optredende maligniteiten passeren de revue. Ook wordt ruim aandacht besteed aan de premaligne aandoeningen, waaruit huidkanker kan ontstaan, met de actinische keratose als bekendste en meest voorkomende representant. Daarnaast bevat dit boek hoofdstukken over erfelijke aandoeningen die met een verhoogd risico op huidkanker gepaard gaan (zoals het familiair dysplastisch naevussyndroom) en over huidafwijkingen die kunnen optreden bij kanker in andere organen. Uiteraard ontbreken hoofdstukken over epidemiologie, risicofactoren, preventie en therapie niet. Kanker en Huid is in eerste instantie bedoeld voor huisartsen, huisartsen in opleiding en studenten geneeskunde. Maar ook andere artsen, praktijkondersteuners, nurse practitioners en(al dan niet gespecialiseerde) verpleegkundigen zullen in hun werk regelmatig met huidkanker of voorstadia daarvan worden geconfronteerd, zodat dit boek ook voor hen waardevol zal zijn. Over de auteurs Kanker en huid, dermato-oncologie voor de huisarts is geschreven door dr. Anton C. de Groot(1951) en dr. Johan Toonstra (1949). De Groot heeft van 1980 tot 2002 als dermatoloog gepraktiseerd in het Carolus Ziekenhuis en het Willem Alexander Ziekenhuis in s-Hertogenbosch en was daarnaast actief als hoofdredacteur van het Nederlands Tijdschrift voor Dermatologie en Venereologie. Hij is auteur van 4 boeken en meer dan 350 publicaties. Dr. Johan Toonstra is sinds 1983 als dermatoloog verbonden aan het Meander Medisch Centrum. Sinds 1983 is hij tevens werkzaam als staflid in het UMCU, waar hij de Summa-poli leidt. Toonstra is actief als redacteur van de rubriek Leerzame Ziektegeschiedenissen van het Nederlands Tijdschrift voor Dermatologie en Venereologie, heeft meegewerkt aan een tiental boeken en is (mede)auteur van ongeveer 150 publicaties.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Huidkanker in Nederland

Samenvatting
Huidkanker neemt in Nederland epidemische vormen aan en het einde is voorlopig niet in zicht. Tussen 1989 en 2006 is het aantal patiënten bij wie een vorm van huidkanker werd geconstateerd met 140% toegenomen. Door de goede prognose van de meeste huidtumoren leidt deze aandoening niet zozeer tot sterfte als wel tot ziektelast (morbiditeit), cosmetische problemen en zorgconsumptie (met daaraan gerelateerde kosten). Huidkanker is daardoor een groot volksgezondheidsprobleem geworden, zowel in termen van incidentie en prevalentie, als ook in termen van beslag op de medische middelen en menskracht. Plaveiselcelcarcinomen en basaalcelcarcinomen komen vaak in het gezicht voor, waar de behandeling soms voor grote littekens zorgt, met bijbehorende functionele en cosmetische morbiditeit. Bijna de helft van de patiënten met een basaalcelcarcinoom – met 75% van het totaal verreweg de meest voorkomende vorm van huidkanker – krijgt meerdere huidtumoren, met navenante zorg. In de praktijk worden bij deze patiënten vaak verschillende basaalcelcarcinomen op dezelfde dag gevonden, soms meer dan tien. In verband met de kans op recidieven, multipele tumoren en – in het geval van plaveiselcelcarcinomen en melanomen – metastasering, staan veel patiënten met huidkanker onder langdurige medische controle. Ook is huidkanker, ondanks de goede prognose van de meeste tumoren, vaak aanleiding tot hospitalisatie: in de periode 2003-2007 steeg het aantal ziekenhuisopnamen voor huidkanker van 6900 naar 17 900. De opnamen vinden vooral plaats in de hogere leeftijdsgroepen met een sterke stijging bij mannelijke 75-plussers. De groei wordt nagenoeg geheel veroorzaakt door dagopnames voor fotodynamische therapie van huidkanker. Door al deze factoren neemt de druk op de zorgverleners in de preventieve en curatieve zorg sterk toe. Bij huisartsen, dermatologen en (plastisch) chirurgen dreigt zo een toenemende discrepantie tussen vraag naar en aanbod van zorg te ontstaan.
A.C. de Groot, J. Toonstra

2. Risicofactoren

Samenvatting
Er zijn veel risicofactoren voor het ontwikkelen van huidkanker, die per tumortype verschillend kunnen zijn of verschillend zwaar wegen (tabel 2.1). Zongevoelige huid (huidtypen I en II) en overmatige blootstelling aan ultraviolette straling spelen in de cutane carcinogenese een zeer belangrijke rol.
A.C. de Groot, J. Toonstra

3. Premaligne aandoeningen

Samenvatting
Premaligne aandoeningen zijn huidafwijkingen waarin zich een vorm van huidkanker kan ontwikkelen. De kans op maligne degeneratie en het type tumor verschillen sterk tussen de diverse premaligniteiten.
A.C. de Groot, J. Toonstra

4. Maligne tumoren beperkt tot de epidermis

Samenvatting
Sommige vormen van huidkanker zijn in hun uitbreiding beperkt tot de epidermis; hiervoor wordt ook vaak de term in situ gebruikt. De belangrijkste vormen zijn het intra-epidermale plaveiselcelcarcinoom en de intra-epidermale variant van het melanoom, de lentigo maligna. In deze in situ fase bestaat er geen risico op metastasering, omdat de epidermis immers geen bloedvaten of lymfevaten bevat. Wel kan de maligniteit op een bepaald moment door de basaalmembraan heen breken, waardoor een infi ltratief groeiend plaveiselcelcarcinoom of melanoom ontstaat. Hieraan moet vooral gedacht worden bij verdikking van de laesies, bij tumorgroei of het ontstaan van ulceratie.
A.C. de Groot, J. Toonstra

5. Maligne huidtumoren

Samenvatting
Het basaalcelcarcinoom (synoniemen: basalecelcarcinoom, basocellulair carcinoom, basalioom) is de meest voorkomende maligne tumor bij de mens. Dit carcinoom ontleent zijn naam aan de gelijkenis van de tumorcellen met de cellen in de basale cellaag van de epidermis en ontstaat uit onvolledig gedifferentieerde immature keratinocyten van de epidermis of de huidaanhangselen.
A.C. de Groot, J. Toonstra

6. Genodermatosen met een verhoogd risico op huidtumoren

Samenvatting
Een aantal – weinig voorkomende tot zeldzame – genodermatosen gaat gepaard met een verhoogd risico op het ontstaan van kwaadaardige tumoren van de huid. Patiënten met het familiair dysplastisch naevussyndroom hebben een grote kans op het ontwikkelen van een of meer melanomen, bij het basaalcelnaevussyndroom gaat het om basaalcelcarcinomen.
A.C. de Groot, J. Toonstra

7. De huid en interne maligniteiten

Samenvatting
Bij sommige patiënten met een inwendige (= niet-cutane) maligniteit ontstaan verschijnselen aan de huid. Zo kan een mammacarcinoom in de huid ingroeien, bijvoorbeeld in de vorm van de ziekte van Paget. Ook kunnen metastasen in de huid ontstaan. Het bekendste voorbeeld daarvan is de Sister Mary Joseph nodule , een metastase van een tumor van de maag, het colon of de pancreas in de navel. Ook komen infi ltraten van maligne lymfocyten in de huid bij lymfomen regelmatig voor. Daarnaast zijn er de zogeheten paraneoplasieën, niet-maligne huidafwijkingen die (altijd of in een groot deel van de gevallen) worden veroorzaakt door een interne maligniteit. Ook kent de dermatologie een groot aantal dermatosen waaraan incidenteel een maligne proces ten grondslag ligt. Tenslotte is er een aantal zeer zeldzame genodermatosen die gepaard gaan met een verhoogd risico op interne maligniteiten, bijvoorbeeld door mutaties in een tumorsuppressorgen (syndroom van Gardner), in een groeicontrolegen (syndroom van Peutz-Jeghers ) of door mutaties in een DNA-herstelgen (Muir-Torre-syndroom) (deze worden hier niet verder besproken).
A.C. de Groot, J. Toonstra

8. Preventie

Samenvatting
Huidkanker is in principe grotendeels een vermijdbare aandoening, aangezien de meeste huidtumoren het gevolg zijn van overmatige blootstelling aan ultraviolette (UV) straling bij mensen met een zongevoelige huid. Vermijden van die straling of vermindering daarvan is logischerwijs een belangrijk aspect van de preventie van huidkanker.
A.C. de Groot, J. Toonstra

9. Behandeling

Samenvatting
Er zijn diverse mogelijkheden om huidkanker of de voorstadia daarvan te behandelen. De keuze van de therapie is afhankelijk van onder meer de diagnose, diepte van de tumor, (histologische) groeiwijze, grootte, lokalisatie, primaire tumor of recidief, eventuele uitzaaiingen, leeftijd en conditie van de patiënt. In de huisartsenpraktijk bestaat het grootste deel van de dermato-oncologie uit drie maligne aandoeningen (basaalcelcarcinoom, plaveiselcelcarcinoom, melanoom) en de premaligne actinische keratosen. Bij de overgrote meerderheid van de patiënten kan de huisarts de (eerste) behandeling zelf uitvoeren, waarbij chirurgische excisie voor de maligne tumoren en cryotherapie voor actinische keratosen als standaardtherapie beschouwd worden. Bij goede indicatiestelling en zorgvuldige lege artis uitvoering daarvan, is de eerstelijnszorg voor dermato-oncologische patiënten effectief, efficiënt, patiëntvriendelijk en goedkoop. Een groot voordeel van chirurgie is dat histologische verifi catie van de diagnose en van radicaliteit kan plaatsvinden. Andere behandelmodaliteiten komen alleen in aanmerking wanneer de standaardtherapie door tumor- of patiëntkarakteristieken minder wenselijk of geschikt is. Hierna worden zowel de behandelmethoden die door de huisarts kunnen worden uitgevoerd als enkele therapiemogelijkheden voor de tweede lijn kort besproken. Therapie voor zeldzame aandoeningen en gemetastaseerde kanker valt buiten het bestek van dit boek. Behandelingen voor individuele diagnosen zijn beschreven bij de betreffende ziektebeelden.
A.C. de Groot, J. Toonstra

Nawerk

Meer informatie