Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Dit boek geeft praktische informatie over inspanningstests aan studenten fysiotherapie en bewegingswetenschappen, en aan professionals in de (sport)gezondheidszorg zoals medici, paramedici en bewegingswetenschappers. Zij kunnen dit boek gebruiken om meteen aan de slag te gaan met inspanningstests. Inspanningstests zijn essentieel in op maat gesneden trainingsprogramma’s voor mensen met een chronische aandoening. Ze zijn nodig voor een goede evaluatie en maken een training effectiever. Daardoor worden de motivatie en therapietrouw van de patiënt vergroot.
Inspanningstests is een praktisch boek. Het behandelt eerst de theorie van de fysiologie achter de tests en het instrumentarium dat de fysieke prestaties meet. Daarna bespreekt de auteur verschillende typen inspanningstests en de manier waarop de resultaten ervan geïnterpreteerd moeten worden. Ook gaat het boek in op inspanningstests voor specifieke doelgroepen zoals kinderen en chronisch zieken. Tot slot geeft Inspanningstests een handige vragenlijst en een uitvoerige literatuurlijst.
In deze vierde, herziene druk staan nieuwe paragrafen over onder meer de intervalshuttleruntest, de endurance shuttleruntest, het Dubowy loopband protocol en de Fitkids loopbandtest. Ook is er een stappenplan voor een systematische interpretatie van inspanningstests toegevoegd.
Auteur Tim Takken is klinisch inspanningsfysioloog en verbonden aan het Kinderbewegingscentrum van het Wilhelmina Kinderziekenhuis van het Universitair Medisch Centrum Utrecht. Takken promoveerde in 2003 aan de faculteit Geneeskunde van de Universiteit Utrecht. Hij publiceerde ruim 200 artikelen in diverse nationale en internationale vaktijdschriften. Eerder verschenen de boeken Wielrennen en Wetenschap en Inspanningsfysiologie bij kinderen van zijn hand.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Inspanning en inspanningstests

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt in het kort de fysiologische achtergrond van de inspanningstest beschreven. Belangrijk daarin is de Fick-vergelijking, waarmee de relatie tussen hartminuutvolume, zuurstofverbruik door de weefsels en zuurstofopname van het lichaam wordt beschreven. Tijdens inspanning zien we dat er diverse energieleverende systemen actief zijn, afhankelijk van duur en intensiteit van de inspanning, en de voedingstoestand. Deze systemen kunnen behoorlijk worden beïnvloed door ziekten aan de ene kant en door training aan de andere kant. Ofschoon er al veel inspanningsfysiologisch onderzoek verricht is, is de precieze regulatie tijdens inspanning een relatief onontgonnen terrein en zijn diverse vragen nog onbeantwoord.
Tim Takken

2. Instrumentarium voor inspanningstests

Samenvatting
In dit hoofdstuk zullen we ingaan op de verschillende meetopties tijdens een inspanningstest. Een aantal methoden valt buiten het bestek van dit boek, omdat ze te duur of in de praktijk niet haalbaar zijn. Dat geldt voor diverse geavanceerde methoden, zoals het gebruik van gelabelde isotopen, het afnemen van spierbiopten en het meten van de bloedstroom door middel van Doppler-echoapparatuur, lichaamstemperatuur en hartminuutvolume.
Tim Takken

3. Anaerobe inspanningstests

Samenvatting
In dit hoofdstuk beschrijven we een groot aantal anaerobe inspanningstests die zowel in het laboratorium als in het veld gebruikt kunnen worden. Het is goed mogelijk om het anaerobe inspanningsvermogen bij sporters te meten op beide soorten locaties. Men hoeft zich dus niet te beperken tot het uitvoeren van een Wingate-test. De meting wordt betrouwbaarder en meer valide door het uitvoeren van sportspecifieke anaerobe hardlooptests. Deze zijn ontwikkeld voor hardlopers of spelsporters.
Tim Takken

4. Maximale aerobe inspanningstests

Samenvatting
In dit hoofdstuk bespreken we protocollen om de aerobe fitheid te bepalen van een persoon. Gestandaardiseerde protocollen voor fietsergometer, loopband en armergometer worden gegeven. In de meeste protocollen wordt voor het bepalen van de V̇O2max ook ademgasanalyseapparatuur gebruikt. Voor een aantal tests is dat niet noodzakelijk en kan aan de hand van de volhoudtijd of maximale snelheid of belasting een schatting worden gemaakt van de aerobe fitheid. Voor deze schatting wordt dan vaak wel een stuk meetnauwkeurigheid ingeleverd.
Tim Takken

5. Submaximale tests en duurinspanningstests

Samenvatting
Submaximale tests vormen een alternatief indien het uitvoeren van maximale inspanningstests niet mogelijk of onwenselijk is. Er bestaan diverse inspanningstests om het submaximale en duurinspanningsvermogen te onderzoeken. Sommige tests maken gebruik van een omrekening van de testuitslag naar een voorspelde \( {\dot{\text{V}}\text{O}}_{ 2} \hbox{max} \), terwijl bij andere deze omrekening niet wordt gemaakt en de testuitslag met zichzelf of met referentiewaarden wordt vergeleken. De tests die gebruikmaken van een schatting van de \( {\dot{\text{V}}\text{O}}_{ 2} \hbox{max} \) hebben een redelijke onnauwkeurigheid, veelal 10 tot 15 %. Hiermee moet rekening worden gehouden bij de interpretatie van de testuitslagen.
Tim Takken

6. Interpretatie, analyse en toepassing

Samenvatting
Inspanningstests zijn van groot belang bij diagnostiek en evaluatie van patiënten met chronische ziekten. In dit hoofdstuk staat een groot aantal manieren beschreven om naar verschillende parameters tijdens inspanning te kijken, om zo de waarde van inspanningsdiagnostisch onderzoek te verbeteren. Normalisatie is niet altijd mogelijk, omdat patiënten met een bepaalde aandoening soms sterk van de normaalwaarden afwijken en, gezien hun aandoening, nooit zullen kunnen voldoen aan de eisen van verschillende parameters. Trainingsparameters voor gezonde kinderen en ouderen zijn beschreven. Deze kunnen ook als handvat dienen voor mensen met een chronische aandoening. Ze zullen echter wel aangepast moeten worden aan de capaciteiten van de individuele patiënt teneinde ‘zorg op maat’ aan te kunnen bieden.
Tim Takken

Nawerk

Meer informatie

Extras