Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Het Informatorium voor voeding en diëtetiek is een systematisch naslagwerk met alles wat men moet weten op het gebied van voeding en diëtetiek. Dit standaardwerk voor iedere diëtist is online toegankelijk gemaakt via een geavanceerd zoeksysteem, waardoor men altijd snel en efficiënt antwoorden op vragen vindt over voeding en diëtetiek. 

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Voeding bij brandwonden

December 2017
Bij de behandeling van patiënten met brandwonden staan het behoud van leven, het functioneel herstel en het beperken van invaliderende littekens centraal. De behandeling van deze patiënten vraagt om een multidisciplinaire aanpak om de gevolgen van het letsel goed te kunnen behandelen. Voeding speelt een belangrijke rol in de verschillende fasen van de behandeling. Optimale voeding bevordert de wondgenezing en helpt complicaties voorkomen. Om de darmintegriteit te behouden en om tegemoet te komen aan de verhoogde energiebehoefte wordt aangeraden de voedingstherapie zo snel mogelijk te starten. Nauwkeurige registratie van onder andere het lichaamsgewicht, de hoeveelheden toegediend vocht en toegediende voeding en de urineproductie is noodzakelijk. Factoren die de inname van voeding belemmeren, vormen een risico. Te verwachten knelpunten zijn onder andere de vele operaties en wondbehandelingen, vertraagde maagontlediging, verminderde eetlust en psychische belasting. De diëtist zoekt, samen met andere leden van het multidisciplinaire behandelteam, naar oplossingen om te voorkomen dat de patiënt te weinig voeding binnenkrijgt. Iedereen ondersteunt en motiveert de patiënt met brandwonden hierbij.
G. C. Wesseling-Keuning

2. Voeding bij dementie

December 2017
Dementie is een verzamelnaam van ruim vijftig ziekten en komt vooral voor bij ouderen. De meest voorkomende vorm is de ziekte van Alzheimer. Dementie begint meestal sluipend en ontwikkelt zich geleidelijk. Voeding speelt mogelijk een rol bij dementie: er kunnen bij cognitieve achteruitgang tekorten in bepaalde micronutriënten ontstaan die mogelijk bijdragen aan verdere cognitieve achteruitgang. Zowel gewichtsverlies als gewichtstoename worden gezien bij patiënten met dementie. De kans op gewichtsverlies is het grootst bij gevorderde dementie en bij dementie met snelle progressie. Gewichtsverlies is gerelateerd aan verhoogde morbiditeit en mortaliteit. Behalve van gewichtsverlies kan er ook sprake zijn van ongewenste gewichtstoename. Dit kan het gevolg zijn van overmatig en ontremd eten en drinken. De behandeling van dementie inclusief de voedingsproblemen wordt uitgevoerd door een multidisciplinair team en is afgestemd op de individuele situatie van de dementerende. De diëtist speelt een belangrijke rol in het multidisciplinaire team.
P. M. Boot, C. H. A. van den Broek, M. Lautenbach

3. Voeding bij galblaas- en leveraandoeningen

December 2017
De galblaas is de opslagplaats voor de galvloeistof die in de lever wordt gemaakt. Galstenen komen vaker voor bij mensen met overgewicht en/of een verkeerde leefstijl. Het aanpassen van leefstijlfactoren met dieetmaatregelen en een actieve leefstijl kunnen bijdragen aan de preventie van galstenen. De lever is een belangrijk orgaan voor de stofwisseling van koolhydraten, eiwitten en vetten. Bovendien zorgt de lever voor afbraak van schadelijke stoffen, zoals alcohol en medicatie. Chronische ontsteking van de lever kan uiteindelijk leiden tot levercirrose. Levercirrose geeft aanvankelijk weinig klachten, maar hoe verder de leverfunctie achteruitgaat, des te meer klachten en complicaties er ontstaan. Leverkanker is een belangrijke doodsoorzaak onder patiënten met levercirrose. In het eindstadium van levercirrose is levertransplantatie soms de enige behandeling. Ondervoeding en verlies van spiermassa, ofwel sarcopenie, komen bij 40–80 % van de patiënten met levercirrose voor. Er zijn verschillende methoden om de voedingstoestand te bepalen. Dieetmaatregelen dragen onder andere bij aan verbeteren van de leverfunctie en het voorkomen van complicaties. Er is verhoogd risico op vitamine- en mineralendeficiënties, zodat vaak suppletie nodig is. Het aantal patiënten met leververvetting stijgt evenredig met de toename van mensen met obesitas en het metabool syndroom. Voedings- en beweegmaatregelen kunnen de hoeveelheid vet in de lever verlagen.
A. S. Donker

4. Voeding van de oudere mens

December 2017
Als de mens ouder wordt, treden er fysiologische veranderingen op en komen ziekte en beperkingen vaker voor. Deze veranderingen hebben onder meer effect op de energiebehoefte en op de eiwitbehoefte. Volgens de huidige inzichten is van de micronutriënten alleen de behoefte aan vitamine D verhoogd. Deze bedraagt voor 70-plussers 20 μg/dag. Voor ogenschijnlijk gezonde ouderen verandert de behoefte aan andere vitaminen en mineralen nauwelijks. Dat betekent dat bij een verlaagde energie-inneming de vitamine- en mineralendichtheid van de voeding moet toenemen. Dit kan bereikt worden door een verschuiving in de voedselkeuze, wat niet eenvoudig te bereiken is bij ouderen met weinig eetlust. Behalve fysiologische veranderingen en ziekten kunnen medicijngebruik en sociaal-psychologische problemen een effect hebben op de voedingsgewoonten. In dit hoofdstuk worden de meest gesignaleerde problemen in de voeding van ouderen besproken en er worden enkele praktische adviezen gegeven.
C. P. G. M. de Groot, O. van de Rest, A. Haveman-Nies

5. Nederlandse Vragenlijst voor Eetgedrag en de diëtist

December 2017
Slechts bij 10 tot maximaal 20 % van de deelnemers leidt een vermageringsprogramma tot blijvend gewichtsverlies. De rest heeft het verloren gewicht er weer snel aan, soms zelfs met rente: het beruchte jojoën. In dit hoofdstuk komen mogelijke verklaringen voor deze gewichtstoename aan de orde en op welke wijze potentieel succesvolle of niet-succesvolle ‘lijners’ eenvoudig en valide kunnen worden opgespoord met behulp van de Nederlandse Vragenlijst voor Eetgedrag (NVE). Hiertoe worden de achtergrond en toepassing van de NVE besproken, evenals de rol die de diëtist hierbij kan spelen.
T. van Strien
Meer informatie