Skip to main content
main-content

07-07-2016 | Huisartsgeneeskunde | Nieuws

Welke predisponerende factoren zijn er voor pancreascarcinoom?

Q&A

Pancreascarcinomen en de carcinomen in het periampullaire gebied (carcinomen uitgaande van de papil van Vater, het duodenum of de distale galweg) zijn de meest voorkomende hepatopancreatobiliaire tumoren. De meeste tumoren (95%) zijn adenocarcinomen. De overige tumoren (endocrien, metastasen, sarcoom, lymfoom) zijn alle zeldzaam. Wat zijn de predisponerende factoren?


Predisponerende factoren zijn chronische pancreatitis , hereditaire pancreatitis , familiair pancreascarcinoom (5-10%) en genetische syndromen zoals het peutz-jegherssyndroom , FAMMM (familial atypical multiple mole melanoma syndrome ), familiaire adenomateuze polyposis (FAP) en intraductaal papillair mucineus neoplasma (IPMN ) .

Roken

Een belangrijke exogene factor is het roken van sigaretten; andere exogene factoren zijn niet eenduidig geassocieerd met een hoger risico. 

Pancreascarcinoom is de vijfde oorzaak van kankergerelateerde mortaliteit in de westerse wereld. De incidentie van het pancreascarcinoom is ongeveer 10 à 12 per 100.000 per jaar. Ongeveer 70-80% van de ductale adenocarcinomen bevindt zich in de pancreaskop, 10% in het corpus en 10-15% in het staartgebied. Deze tumoren zijn zeldzaam bij personen jonger dan 40 jaar; de incidentie is het hoogst in de leeftijd tussen 60 en 70 jaar.

Vage klachten

De klachten zijn aanvankelijk vaag en aspecifiek, waardoor de diagnose meestal pas laat wordt gesteld. De belangrijkste klinische symptomen zijn pijn, eventueel doorstralend naar de rug (door ingroei in de plexus coeliacus), gewichtsverlies en pijnloze icterus door afsluiting van de galwegen (ductus choledochus). Pijnloze icterus en een palpabele galblaas (teken van Courvoisier) zijn typisch voor een pancreas- of periampullaire tumor. Vaak treden hierbij jeukklachten op.
Soms zijn insufficiëntie van de exocriene pancreasfunctie (steatorroe ) en endocriene disfunctie resulterend in diabetes begeleidende verschijnselen.
Pas later zijn er verschijnselen van obstructie van het duodenum (misselijkheid, braken) en afsluiting van de bloedvaten (vena portae) met ascitesvorming. Doordat bij de pancreascorpus- en staarttumoren geen icterus optreedt, wordt hier vaak in een nog later stadium de diagnose gesteld (vage buikklachten, algemene malaise, gewichtsverlies).

Bron: Het oncologie formularium, een praktische leidraad, J. van der Hoeven, E. Lubbers

Tip

Aanbevolen door de auteur(s)

2011 | Boek

Oncologie

Sinds 2009 is kanker doodsoorzaak nummer één in Nederland. Toch is de levensverwachting voor mensen met kanker toegenomen. 

Aanbevolen door de auteur(s)

2016 | wo | Boek

Maag-, darm- en leverziekten

Als zelfstandige discipline is het specialisme Maag-, Darm- en Leverziekten een betrekkelijk jong vak. In korte tijd is veel kennis over de (patho)fysiologie, de diagnostiek en therapie verworven. Vertaling hiervan naar de huisartsenpraktijk is een grote wens.

Aanbevolen door de auteur(s)

2014 | wo | Boek

Ontwikkelingen in de oncologie

Klinische relevantie voor de huisarts

Wanneer iemand te horen krijgt dat hij kanker heeft, is de veronderstelling vaak dat hij daar snel aan zal overlijden. Tot voor kort was dat vaak waar, maar dat wordt steeds minder. De behandeling van kanker is de afgelopen 15 jaar sterk veranderd

Onze productaanbevelingen

BSL Huisarts Totaal

Met BSL Huisarts Totaal bouwt u efficiënt aan uw vakkennis. U krijgt digitale toegang tot boeken, veelgestelde vragen, casuïstiek en zes vaktijdschriften voor huisartsen. Daarnaast vindt u praktijkgerichte nascholing: geaccrediteerde e-learnings, web-tv’s en toetsen. Alles om u nóg beter te maken in uw vak.