Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Dit boek beschrijft stap voor stap hoe je een Critical Appraisal of a Topic (CAT) naar een verpleegkundig onderwerp uitvoert, op een leuke, eenvoudige manier, die niet veel tijd kost. Het boek helpt bovendien om de resultaten te koppelen aan de verpleegkundige praktijk. Het is daarmee essentieel voor alle (toekomstige) verpleegkundigen, verpleegkundig specialisten en verplegingswetenschappers die de verpleegkundige zorg willen laten aansluiten op evidence-based practice.

Hoe maak ik een CAT. Handleiding voor de verpleegkunde geeft géén theoretische beschouwing van wetenschappelijk onderzoek en EBP, maar biedt juist praktische handvatten voor het uitvoeren van een kort literatuuronderzoek (CAT). Het neemt je aan de hand van praktische tips en voorbeelden mee in alle stappen van het CAT-proces. Bovendien geeft Hoe maak ik een CAT je adviezen over het vertalen van een praktijkvraag naar een beantwoordbare onderzoeksvraag en over het systematisch zoeken, vinden, selecteren en beoordelen van wetenschappelijke artikelen. Je leert hoe je resultaten van je CAT kunt vertalen naar praktische aanbevelingen. Vervolgens geeft deze handleiding je handvatten bij het implementeren van een verandering in de praktijk.

Auteurs van het boek zijn Kim Donachie, Leslie Michielsen en Mirjam Peters. Ze werken alle drie als docent verpleegkunde aan de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Onderzoek en verpleegkunde

Samenvatting
Je wordt als verpleegkundige in de praktijk regelmatig geconfronteerd met onduidelijkheden, vraagstukken of praktijkproblemen. Evidence-based practice (EBP) helpt je om je handelen te onderbouwen. Een Critical Appraisal of a Topic (CAT) is een handige en snelle manier om in de wetenschappelijke literatuur een antwoord te vinden op een praktijkvraag. Je doorloopt bij het uitvoeren van een CAT zes stappen. Stap 1: Je vertaalt je praktijkvraag, -probleem of onzekerheid naar een beantwoordbare onderzoeksvraag. Stap 2: Je verzamelt relevante zoektermen en zoekt systematisch in de wetenschappelijke literatuur. Stap 3: Je verzamelt het beste bewijs voor jouw onderzoeksvraag door de resultaten te screenen en filteren. Stap 4: Je leest de gevonden artikelen kritisch en beoordeelt de kwaliteit. Stap 5: Je formuleert een antwoord op je onderzoeksvraag en neemt daarbij alle pijlers van EBP in acht. Stap 6: Je vertaalt dit antwoord terug naar jouw praktijk.
Kim Donachie, Leslie Michielsen, Mirjam Peters

2. Onzekerheid in de verpleegkundige praktijk

Samenvatting
Voordat je een CAT verricht, controleer je of jouw vraagstuk, probleem of onzekerheid geschikt is voor een CAT. Je beoordeelt of jouw vraag voortkomt uit een kennistekort, het antwoord niet beschreven staat in een recente evidence-based richtlijn, de vraag herkend wordt door anderen, te beantwoorden is met literatuur en valt binnen het verpleegkundig domein. Wanneer je vraag geschikt is voor een CAT, start je met het opstellen van een onderzoeksvraag. Je kunt dit doen met de PICO- of DDO-methode. Dit helpt je om alle onderdelen van je vraag te concretiseren. PICO staat voor problem/patient, intervention, comparison en outcome. DDO omschrijft domain, determinant en outcome. Deze elementen kun je gebruiken om een vraagformule te selecteren die past bij jouw onderzoeksvraag. Je kiest een vraag gericht op interventies, diagnostiek, epidemiologie of prognose. Tot slot formuleer je het doel van jouw CAT met behulp van een doelstelling.
Kim Donachie, Leslie Michielsen, Mirjam Peters

3. Zoekstrategie

Samenvatting
Je wilt er zeker van zijn dat je gebruik maakt van het beste bewijs om je onderzoeksvraag te beantwoorden. Een systematische zoekactie is daarom van belang. Jouw PICO of DDO bestaat uit een aantal elementen en individuele bouwsteentjes. Je start je zoekactie met het verzamelen van zo veel mogelijk relevante zoektermen voor ieder bouwsteentje. Een scopesearch kan je helpen om zoektermen te verzamelen. Naast vrije zoektermen kun je ook gestandaardiseerde zoektermen gebruiken. Bepaal hiervoor eerst in welke databanken je wilt gaan zoeken. Gestandaardiseerde zoektermen vind je via de website van je databank naar keuze. Alle zoektermen die je hebt gevonden kun je in de zoekmachine van je databank combineren met behulp van booleaanse operatoren. Je bouwt een formule, de zoekstring, waarmee de zoekmachine op zoek gaat naar jouw zoektermen. Je definitieve zoekstring levert passende resultaten op en zorgt ervoor dat je geen relevante resultaten mist.
Kim Donachie, Leslie Michielsen, Mirjam Peters

4. Selectie van artikelen

Samenvatting
Het invoeren van je definitieve zoekstring in de databank leidt tot een aantal relevante zoekresultaten. Je start met het screenen van deze resultaten om ruis te verwijderen. De resterende artikelen filter je op basis van de inclusie- en exclusiecriteria die je hebt opgesteld. Zo zorg je ervoor dat jouw resultaten voldoende aansluiten bij jouw dagelijkse praktijk. De artikelen die overblijven na het screenen en filteren zijn allemaal geschikt voor het beantwoorden van jouw onderzoeksvraag. Soms gebruik je alle artikelen, maar vaak maak je hieruit nog een laatste selectie. Je gebruikt alleen die artikelen die volgens jou gezamenlijk het best beschikbare bewijs vormen. Bijvoorbeeld omdat zij de hoogste bewijskracht hebben, het meest recent of relevant zijn.
Kim Donachie, Leslie Michielsen, Mirjam Peters

5. Onderdelen van een wetenschappelijk artikel

Samenvatting
Een wetenschappelijk artikel kent een vaste opbouw en inhoud, de IMRaD-structuur. In de introductie tref je de aanleiding voor het onderzoek. Daarin wordt beschreven welke kennis dit onderzoek oplevert en waarom dit noodzakelijk is. Tevens wordt de onderzoeksvraag of doelstelling beschreven. De methodesectie beschrijft de wijze waarop het onderzoek is uitgevoerd. Op basis van een goede methode zou je het onderzoek als lezer kunnen reproduceren. De resultaten geven een weergave van de verzamelde gegevens. Deze gegevens kunnen kwalitatief en kwantitatief van aard zijn. Kwantitatieve gegevens worden met behulp van beschrijvende statistiek gepresenteerd en kunnen met behulp van toetsende statistiek verder geanalyseerd worden. Op basis van de resultaten wordt de onderzoeksvraag in de conclusie beantwoord. De discussie biedt de lezer een interpretatie van de resultaten en betekenis voor de praktijk.
Kim Donachie, Leslie Michielsen, Mirjam Peters

6. Beoordelen literatuur

Samenvatting
De bewijskracht van een onderzoek geeft een indicatie voor de zekerheid waarmee de uitkomsten geïnterpreteerd kunnen worden. Een goede methodologische kwaliteit is daarbij wel een belangrijke voorwaarde. De methodologische kwaliteit bepaalt de waarde van de resultaten. Ieder type onderzoek heeft bepaalde methodologische richtlijnen. Om de kwaliteit te beoordelen, onderzoek je de betrouwbaarheid, validiteit en toepasbaarheid. Daarom zijn er standaardinstrumenten voor kwaliteitsbeoordeling. Voor een CAT ga je op zoek naar het best beschikbare bewijs. Er wordt vaak gekozen voor een SR of RCT. Bij een SR let je op de vraagstelling, zoekactie, selectie van artikelen, kwaliteitsbeoordeling, dataverzameling, beschrijving van de kenmerken van de ingesloten onderzoeken en de heterogeniteit. Voor een RCT beoordeel je de betrouwbaarheid en sluit je bias uit. Je bepaalt of er randomisatie, blindering en allocation concealment heeft plaatsgevonden. Ook wil je selectieve publicatie uitsluiten en lezen hoe de onderzoekers omgegaan zijn met incomplete data.
Kim Donachie, Leslie Michielsen, Mirjam Peters

7. Conclusie en aanbevelingen

Samenvatting
Je conclusie geeft beknopt antwoord op je CAT-onderzoeksvraag. Daarbij zijn de bewijskracht en kwaliteit belangrijk om vast te stellen hoe sterk het bewijs is voor je conclusie. Deze conclusie heeft implicaties voor jouw praktijk. Daarbij neem je de andere pijlers van EBP ook mee. Uit deze afweging wordt misschien duidelijk dat het noodzakelijk is om je werkwijze te veranderen. Voordat je hiermee aan de slag gaat, is het belangrijk om vast te stellen of de voorgestelde verandering toepasbaar en haalbaar is. Je kijkt daarbij naar factoren die mogelijk belemmerend kunnen zijn. Als duidelijk is wat er moet gebeuren, stel je aanbevelingen op voor de praktijk. Daarin neem je mee wat er volgens jou noodzakelijk is om de verandering door te voeren. Indien een methodische implementatie wenselijk is, start je deze op.
Kim Donachie, Leslie Michielsen, Mirjam Peters

8. Terugkoppeling naar de praktijk

Samenvatting
Het verspreiden van informatie over een verandering (disseminatie) leidt niet automatisch tot een duurzame verandering. Voor een succesvolle implementatie is het vaak noodzakelijk een verandering methodisch in te voeren. De PDCA-cyclus van Deming beschrijft de belangrijkste stappen binnen het methodisch implementatieproces. Voorafgaand aan het invoeren van een verandering wordt gestart met een contextanalyse. De belangrijkste kenmerken van de context breng je hiermee in beeld. Denk aan de teamcultuur, de stakeholders, de kosten en baten en belemmerende factoren. Het is belangrijk om bij de invoering van je implementatie rekening te houden met de aandachtspunten van de contextanalyse. Hiervoor heb je implementatiestrategieën. Een concrete planning met actiepunten helpt je om je doelstelling te behalen. Tussentijdse evaluatie op het product en proces maakt het mogelijk om je implementatieplan bij te stellen. Wees je bij het invoeren van een verandering bewust van eventuele weerstand. Zorg dat je deze weestand tijdig herkent, benoemt en bespreekt.
Kim Donachie, Leslie Michielsen, Mirjam Peters

Nawerk

Meer informatie