Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Veel fysiotherapeuten vinden het lastig adequaat om te gaan met psychosociale factoren, hoewel Nederlandse en Belgische fysiotherapeuten in toenemende mate erkennen dat juist deze factoren herstelbelemmerend kunnen zijn. Het herkennen, bespreekbaar maken en mogelijk inspelen op belevingsaspecten, gedragsaspecten en levensomstandigheden van de patiënt zou door iedere fysiotherapeut in voldoende mate moeten worden beheerst om methodisch verantwoord te kunnen handelen.

Deel 2 van Gezondheidspsychologie voor de fysiotherapeut sluit aan bij robuuste internationale ontwikkelingen binnen de (gezondheid)psychologie en vertaalt dit naar de praktijksituatie van de fysiotherapeut. De fysiotherapeut kan zijn psychologisch inzicht en handelen aan de hand van de volgende thema's verbreden: eerst wordt het herkennen en het omgaan van persoonlijkheid en persoonlijkheidstoornissen binnen het fysiotherapeutische zorgproces toegelicht. In het hoofdstuk over communicatie worden niet-alledaagse communicatieve interventies voor niet-alledaagse praktijksituaties toegelicht. Te denken valt aan overmatig klaaggedrag of weerbarstige patiënten. Het gaat hier om systeemtheoretische en directieve interventies.

Het volgende hoofdstuk gaat over "positieve psychologie". Dit nieuwe wetenschapsgebied kan de fysiotherapeut inspireren meer aandacht te schenken aan algemene herstelbevorderende factoren. Een hoofdstuk gaat over het belangrijke thema "motivatie". Motivatie staat centraal bij het begeleiden van de patiënt naar een verandering in gezondheidsgedrag. Ontwikkelingen in de motivational science worden besproken om de fysiotherapeut meer genuanceerde aangrijpingpunten te bieden. De behoefte aan cognitief-gedragsmatige benaderingen neemt binnen de fysiotherapie sterk toe. Een hoofdstuk richt zich op het toepassen van de rational emotive behavioral therapy (REBT) binnen de fysiotherapie. Daarmee kan disfunctioneel denken ("catastroferen") worden aangepakt. In het laatste hoofdstuk wordt het bevorderen van zelfregulatie en het probleemoplossend vermogen van de patiënt uitgewerkt.

Deel 2 vult deel 1 aan, maar kan geheel als een op zichzelf staand werk worden gelezen.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Persoonlijkheid: de ene patiënt/fysiotherapeut is de andere niet

Peter Verschaar heeft acuut ontstane pijn in de schouder. Hij stapt de wachtkamer binnen van een praktijk voor fysiotherapie in Helmond. Het is voor hem de eerste keer dat hij bij deze fysiotherapeut komt. Fysiotherapeut Eric Marens heeft zijn pauze er bijna op zitten en maakt zich klaar voor zijn volgende patiënt. Deze patiënt is nieuwe voor hem …
P. van Burken

2. De communicatie tussen fysiotherapeut en patiënt vanuit systeem theoretisch perspectief

In het voorgaande hoofdstuk werd de patiënt als relatief geïsoleerd persoon met bepaalde kenmerkende eigenschappen besproken. Sommige van deze eigenschappen bleken gunstig voor het interactie- en het zorgproces, andere ongunstig. In dit hoofdstuk staat een systeem-theoretische benadering van de patiënt en zijn omgeving centraal. Dat betekent dat gunstig of ongunstig gedrag niet (alleen) beschouwd wordt vanuit de kenmerkende eigenschappen van personen, maar gezien wordt als product van de wisselwerking tussen twee of meer personen. Een voorbeeld.
P. van Burken

3. De patiënt positief psychologisch benaderd

Van fysiotherapeuten mag een visie op diagnostiek en therapie verwacht worden, zodanig dat zij een prognostisch gezondheidsprofiel van de patiënt kunnen maken. Een prognostisch gezondheidsprofiel is een beschrijving van het gezondheidsprobleem van de patiënt inclusief de relatie met onderliggende factoren en de onderlinge samenhang tussen die factoren. De toevoeging ‘prognostisch’ verwijst naar het benoemen van herstelbelemmerende en/of herstelbevorderende factoren die van invloed zijn op het beloop van het gezondheidsprobleem1. De herstelbelemmerende factoren krijgen in de fysiotherapie mime aandacht. Men kan daarbij denken aan een toestand van chronische stress of bijvoorbeeld aan disfunctionele ziekteopvattingen van de patiënt2. De introductie van herstelbevorderende factoren is nieuw en uitermate relevant. Een parallel met recente ontwikkelingen in de psychologie dringt zich hier op. De klinische psychologie werd vanaf zijn ontstaan gedomineerd door het medische model oftewel het ziekte-model. Problemen met het dagelijks leven, zoals relatieproblemen en seksuele moeilijkheden werden al snel geëtiketteerd als ‘stoornissen’. Stoornissen die met psychotherapie behandeld moesten worden.
P. van Burken

4. Motivationele processen

Denken en doen van de patiënt worden als belangrijke herstelbelemmerende of herstelbevorderende factoren gezien. Coachen van gezondheidsgedrag in de gewenste richting is niet gemakkelijk omdat er een brede kloof gaapt tussen weten en doen: de patiënt weet dat sporten goed voor hem is maar ligt toch elke avond uitgezakt op de bank. Motivatie is het construct dat dit gat kan dichten, motivational science is de tak van wetenschap die de kennis over motivationele processen aan-draagt. In dit hoofdstuk wordt een aantal theoretische aspecten van motivatie besproken en worden de praktische implicaties voor de fysiotherapie toegelicht.
P. van Burken

Inleiding tot hoofdstuk 5 en 6

Deze inleiding licht twee cognitief-gedragsmatige benaderingen in de fysiotherapie toe die in de volgende hoofdstukken besproken worden. Bovendien wordt de onderlinge verhouding verhelderd. Het gaat om de Rational Emotive Behavioral Therapy (rebt) van Albert Ellis die in hoofdstuk 5 besproken wordt en de Problem Solving Therapy van D’Zurila die in hoofdstuk 6 aan bod komt.
P. van Burken

5. Rational Emotive Behavioral Therapy (REBT): anders denken is anders voelen en doen

Zoals de naam aangeeft richten de cognitief-gedragsmatige benaderingen zich op het veranderen van disfunctioneel denken en gedrag. rebt is daar een bekende vertegenwoordiger van. In dit hoofdstuk wordt uitgewerkt hoe men vanuit rebt tegen disfunctionele emoties en gedragingen aankijkt en wat de centrale rol van het denken daarin is. Daarna wordt stap voor stap de rebt-methodiek toegelicht. Nu wordt eerst het ontstaan van rebt toegelicht.
P. van Burken

6. De zelfregulatie en het zelfmanagement van de patiënt bevorderen: probleemoplossingsvaardigheden

In dit hoofdstuk wordt het bevorderen van de zelfregulatie bij de patiënt verder uitgewerkt. Daarbij wordt gekozen voor een algemeen cybernetisch procesmodel dat bestaat uit beschrijven van de gewenste situatie, waarnemen van de huidige situatie, analyseren van het verschil, uitvoeren van correctieve acties, en evalueren van het gehele proces. Daarbinnen wordt het common sense model (csm) van Leventhal toegelicht als een soortgelijk model maar met het accent op de inhoud van de ziekteopvattingen en het ziektegedrag. In dit hoofdstuk staat probleem-oplossen centraal als element in de zelfregulatie. Immers, als een ongewenste huidige toestand niet vanzelf overgaat in een gewenste toestand kan men spreken van een probleem. Probleemoplossingsvaardigheden moeten dan ingezet worden in de zelfregulatielus. Omdat bij chronisch zieken vooruitkijken extra belangrijk is wordt ook aandacht geschonken aan proactieve copingvaardigheden, dat wil zeggen probleem-voorkomende vaardigheden.
P. van Burken

Nawerk

Meer informatie