Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Agressie en geweld binnen en buiten het gezin stellen menig opvoeder, leerkracht en hulpverlener voor een dilemma. Met regelmaat wordt gepleit voor een 'hardere' aanpak, maar escalatie ligt op de loer. Een effectief alternatief is te vinden in de basisprincipes van geweldloos verzet.

Dit boek opent met een bespreking van Gandhi's methode van geweldloos verzet en toepassing daarvan in de context van het gezin. Inzicht in escalatieprocessen tussen opvoeders en kinderen kan helpen bij het voorkomen daarvan. Het boek bevat een praktische handleiding met veel voorbeelden en heldere instructies voor het begeleiden van ouders. Daarmee kunnen zij de principes van geweldloos verzet direct in praktijk brengen. Verder wordt aandacht besteed aan specifieke thema's als geweld tegen broers en zusjes, kinderen die het gezin 'terroriseren', het belang van samenwerking tussen ouders en leerkrachten en de toepassing van geweldloos verzet in de maatschappij.

Inhoudsopgave

Voorwerk

Inleiding

Abstract
In de moderne samenleving moeten mensen kiezen uit een veelheid van normen en waarden en uit verschillende benaderingen van de opvoeding van hun kinderen. Ouders kunnen onderling van mening verschillen of het zelfs met zichzelf niet altijd eens zijn. Dit leidt ertoe dat veel ouders met lege handen staan als het gaat om het aanpakken van gewelddadig en zelfdestructief gedrag van kinderen en adolescenten. Zij die zich beroepsmatig bezighouden met het gedrag van kinderen en adolescenten, bijvoorbeeld leraren, therapeuten en jongerenwerkers, zijn het vaak evenmin met elkaar eens over wat de juiste aanpak is van dit gedrag. De met elkaar conflicterende waarden staan vaak radicaal tegenover elkaar: een ‘strenge’ tegenover een ‘softe’ aanpak, ‘eisen stellen’ tegenover ‘acceptatie’, ‘antiautoritair’ tegenover ‘autoritair’ en ‘discipline’ tegenover ‘therapie’.
Haim Omer

1. Geweldloos verzet: een nieuwe benadering van gewelddadig en zelfdestructief gedrag van kinderen en adolescenten

Abstract
Ouders en professionals die worden geconfronteerd met agressief en zelfdestructief gedrag van kinderen staan voor een dilemma. Het gedrag van deze kinderen wordt gekenmerkt door grenzenloosheid, oncontroleerbare uitbarstingen en een steeds grotere bereidheid om tot het uiterste te gaan. De meeste van deze kinderen dulden geen toezicht van of sturing door hun ouders of andere verantwoordelijke volwassenen. Op momenten van confrontatie luidt hun boodschap meestal: ‘Laat me met rust!’ of: ‘Dat bepaal ik zelf wel!’ Onvermijdelijk komen de ouders van dit soort kinderen erachter dat de manier van reageren die ze gewend zijn en de aanpak die doorgaans wordt aanbevolen geen effect hebben. Proberen ze het met standjes, dreigementen en straf, dan reageert het kind in dezelfde toonzetting en escaleert het agressieve gedrag. Kiezen ze voor de weg van overreding, acceptatie en begrip, dan negeert het kind deze welwillende houding en kijkt het op de ouders neer. Het ouderlijk huis, dat een veilige haven voor het gezin zou moeten zijn, verandert in een slagveld waar het kleinste meningsverschil tot een gewelddadige botsing kan leiden. Het is dus niet verwonderlijk dat de ouders op een gegeven moment uitgeput raken en de strijd opgeven, wat in ieder geval tijdelijk wat rust oplevert.
Haim Omer

2. Escalatieprocessen

Abstract
Voor een ieder die met geweld wordt geconfronteerd, is het van cruciaal belang inzicht te hebben in escalatieprocessen. Zoals we eerder al zagen bestaan er twee soorten escalatieprocessen: symmetrische en complementaire (Orford, 1986). In relaties van ouders en kinderen versterken deze twee typen escalatie elkaar; kenmerkend voor gezinnen waar kinderen agressief en zelfdestructief gedrag vertonen is dat de ouders voortdurend heen en weer geslingerd worden tussen toegeven en boos worden (Bugental et al., 1989; Patterson et al., 1984). In dit hoofdstuk proberen we de processen in kaart te brengen die aan deze twee typen escalatie ten grondslag liggen en doen we voorstellen voor methoden ter vermijding ervan.
Haim Omer

3. Handleiding voor ouders

Abstract
Agressieve en zelfdestructieve kinderen en adolescenten vertonen een waslijst aan gedragingen die hun ouders en leerkrachten voor grote problemen Stellen: provocaties, woede-uitbarstingen, risicovol en zelfdestructiefgedrag, geweld jegens anderen, zichzelf en eigendommen, spijbelen of helemaal niet meer naar school gaan, promiscu?teit, drugsmisbruik, liegen, diefstal en chantage, het zijn allemaal voorbeelden van gedrag dat zelfs de geduldigste en meest liefhebbende verzorgers versteld doet staan. Pogingen van ouders om het gedrag van hun kind te veranderen mislukken vaak en werken soms zelfs averechts, ook als zij hiervoor methoden gebruiken die door hulpverleners worden aanbevolen. In hun verwarring kunnen ouders heen en weer geslingerd worden tussen vechten en toegeven, wat alleen maar tot verdere escalatie leidt. Het ouderlijk huis – bedoeld als een veilige haven voor het hele gezin – begint dan steeds meer op een slagveld lijken. Het kleinste meningsverschil kan al tot een heftige uitbarsting leiden.
Uri Weinblatt, Carmelit Avraham-Krehwinkel

4. Geweldloos verzet in de praktijk

Abstract
Alvorens een aantal voorbeeldcasussen van geweldloos verzet te bekijken, willen we eerst stilstaan bij enkele gebruikelijke aannames over agressief gedrag van kinderen die eraan bijdragen dat ouders hiertegen niet effectief optreden. Hoewel deze aannames in de literatuur al veel zijn besproken en weerlegd, bestaan de misverstanden erover nog steeds en willen wij hierover nog een keer duidelijkheid scheppen.
Haim Omer

5. Geweld tegen broers en zusjes

Abstract
Lange tijd was het onderwerp kindermishandeling een taboe. Hoe vaak het voorkwam dat ouders hun kinderen mishandelden en hoe ernstig die mishandeling kon zijn bleef lang onduidelijk. De mist van ontkenning en bagatellisering was zo dik dat artsen, therapeuten en de maatschappij als geheel er moeite mee hadden te geloven dat kindermishandeling echt voorkwam, al verschenen er regelmatig kinderen op eerstehulpposten met verwondingen en botbreuken die duidelijk door mishandeling veroorzaakt leken en vertelden volwassenen als kind te zijn gestagen of mishandeld door hun ouders. Dat dit taboe werd doorbroken was te danken aan het pionierswerk van artsen, feministische organisaties, therapeuten die hun nek durfden uit te steken en publieke figuren die durfden te vertellen dat ze als kind waren mishandeld. Tegenwoordig staat men er in de westerse wereld steeds meer voor open dat kindermishandeling bestaat en wordt het hardnekkige verschijnsel geweld van ouders en andere volwassenen tegen kinderen bestreden. Dat neemt niet weg dat onder professionals en in de samenleving als geheel voor een zeer nauw aan kindermishandeling verwant onderwerp – namelijk geweld tegen broers en zusjes – nog wel veel te weinig aandacht bestaat. Al het beschikbare onderzoek hierover geeft aan dat geweld tegen broers en zusjes veel vaker voorkomt dan geweld van ouders tegen hun kinderen en ook zeker niet minder ernstig is. Finkelhor en Dziuba-Leatherman (1994) vonden in een breed opgezet onderzoek dat de daders van fysieke mishandeling en seksueel misbruik van kinderen het vaakst de broers of zussen zijn. Ditzelfde was ook al in een eerder onderzoek gevonden. Uit diverse studies over seksueel misbruik in het gezin komt naar voren dat misbruik door broers of zussen vaker voorkomt, langer doorgaat en niet minder traumatisch is dan misbruik door ouders (Alpert, 1991; Boney-McCoy & Finkelhor, 1995; DeJong, 1989; Finkelhor, 1980; Laviola, 1992; O'Brien, 1991; Smith & Israel, 1987).
Haim Omer

6. Kinderen die de baas in huis worden

Abstract
Onder de vele ouders die naar ons toe kwamen voor hulp in verband met het agressieve gedrag van hun kind bevond zich een groep (ong. 20% van de gevallen) voor wie gold dat de agressiviteit van het kind zich bijna nooit buitenshuis voordeed, maar onderdeel was van het streven van het kind om de gang van zaken thuis te bepalen of zichzelf op te sluiten in het ‘fort’ van de eigen kamer. Pogingen van de ouders om op te treden tegen de dominantie van het kind of zijn zelfopsluiting werden tegemoet getreden met agressie. De meeste van deze kinderen vertoonden tevens symptomen van een obsessieve-compulsieve stoornis (OCD) of trekken van een obsessieve-compulsieve persoonlijkheid.
Haim Omer

7. Ouders en leerkrachten: samen sterk

Abstract
Ouders en leerkrachten hebben veel met elkaar gemeen als het gaat om kinderen met gedragsproblemen: (1) het kind vertoont op school vaak dezelfde gedragsproblemen als thuis; (2) het gezag van ouders en leerkrachten is op dezelfde grondslagen gebaseerd en (3) van ouders en leerkrachten wordt ongeveer hetzelfde verwacht (en ze krijgen ook vaak dezelfde kritiek). Ouders en leerkrachten zijn in het uitoefenen van hun taak zo van elkaar afhankelijk dat ze die eigenlijk niet kunnen uitoefenen zonder steun van elkaar. Dat neemt niet weg dat de onderlinge relatie vaak onder grote spanning staat (Uziel, 2001)
Haim Omer

8. Geweldloos verzet in de gemeenschap

Abstract
In de voorgaande hoofdstukken spraken we over de toepassing van geweldloos verzet in gezinnen, een methode die oorspronkelijk werd ontwikkeld voor de strijd tegen onderdrukking en geweld in de sociaal-politieke sfeer. In dit hoofdstuk keren we terug naar het maatschappelijke niveau en onderzoeken we wat geweldloos verzet kan betekenen voor behandel- en preventieprogramma’s in de gemeenschap. Het gaat in dit hoofdstuk niet om individuen, maar om negatieve normen die door grote groepen overgenomen zijn of dreigen te worden overgenomen. Voorbeelden hiervan zijn feesten met alcohol en drugs van jongeren, autorijden zonder rijbewijs, het buitensluiten of mishandelen van bepaalde individuen en groepen en het met twijfelachtige bedoelingen’s avonds op straat rondhangen. In dit hoofdstuk onderzoeken we enkele mogelijkheden die geweldloos verzet biedt in de omgang met dit negatieve gedrag.
Haim Omer

Nawerk

Meer informatie