Geneesmiddelenkennis voor doktersassistenten
- 2026
- Boek
- Auteur
- Jan van Amerongen
- Uitgeverij
- BSL Media & Learning
Over dit boek
Dit boek biedt doktersassistenten en praktijkondersteuners (in opleiding) gedegen kennis over geneesmiddelen en vertaalt deze kennis naar de praktijk. Dankzij de informatie in dit boek kun je wanneer een patiënt ook medicijnen gebruikt het spoedeisende karakter van een hulpvraag beter bepalen. Bovendien ben je in staat om patiënten voor te lichten en te adviseren over de werking en toepassing van geneesmiddelen.
In deze zevende druk van Geneesmiddelenkennis voor doktersassistenten zijn de verschillende geneesmiddelengroepen en onderliggende medicatie geactualiseerd. Daarnaast is o.a. extra informatie opgenomen over vermageringsmiddelen.
Het boek begint met een algemene inleiding over geneesmiddelen – over o.a. behandelmethodes, de werking en toedieningsvormen – en bespreekt vervolgens uitgebreid de meest gebruikte medicijnen aan de hand van de orgaanstelsels.
Geneesmiddelenkennis voor doktersassistenten is bij uitstek geschikt voor doktersassistenten, praktijkondersteuners en degenen die daarvoor worden opgeleid.
Jan van Amerongen is als arts (niet-praktiserend) betrokken bij de nascholing van doktersassistenten in Noord-Nederland
Inhoudsopgave
-
Voorwerk
-
1. Wat is een geneesmiddel?
Jan van AmerongenSamenvattingDit hoofdstuk gaat over wat geneesmiddelen zijn, hoe de naamgeving tot stand komt en welke regels er zijn voor het voorschrijven. Ook wordt daarbij aandacht besteed aan het preferentiebeleid. -
2. Toepassing van een geneesmiddel
Jan van AmerongenSamenvattingDit hoofdstuk gaat over de algemene kenmerken van geneesmiddelen die in de praktijk van belang zijn bij het gebruik. We staan stil bij de diverse toedieningsvormen en toedieningswegen van geneesmiddelen en bekijken wat er in het lichaam allemaal met een geneesmiddel gebeurt. Om in naslagwerken gevonden informatie over geneesmiddelen goed te kunnen begrijpen, is deze basiskennis nodig. Ook therapietrouw, misbruik van geneesmiddelen en de werking van geneesmiddelen zonder werkzame stoffen komen in dit hoofdstuk aan bod. Ten slotte wordt aandacht gegeven aan nieuwe ontwikkelingen als farmacogenetica en chronotherapie. -
3. Pijn
Jan van AmerongenSamenvattingEr zijn zeer veel verschillende soorten pijn. Pijn kan niet alleen acuut of chronisch zijn, maar ook brandend, stekend, krampend enzovoort. In dit hoofdstuk worden de meest gebruikte pijnstillers behandeld en worden de belangrijkste bijwerkingen, contra-indicaties en interacties van de gangbare middelen genoemd.Daarnaast bestaat ook nog een ander soort pijn, namelijk zenuwpijn. Pijn die veroorzaakt wordt door zenuwbeschadiging. Deze pijn reageert niet op de ‘normale’ pijnstillers maar wordt met andere soorten middelen (bijv. anti-epileptica) behandeld die in dit hoofdstuk verder niet behandeld worden. -
4. Psychische aandoeningen
Jan van AmerongenSamenvattingSlaap- en kalmeringsmiddelen behoren tot de meest gebruikte geneesmiddelen van deze tijd. Ongeveer een op de tien voorschriften heeft betrekking op een geneesmiddel uit deze groep. In dit hoofdstuk worden de slaap- en kalmeringsmiddelen gezamenlijk behandeld, omdat het in de praktijk meestal gaat om een en dezelfde groep geneesmiddelen, namelijk de benzodiazepinen. -
5. Mond, keel, neus en oren
Jan van AmerongenSamenvattingIn dit hoofdstuk houden wij ons bezig met de behandeling van aandoeningen van mond, keel, neus en oren. Deze aandoeningen zul je in de huisartspraktijk regelmatig tegenkomen. Veel van deze aandoeningen lenen zich voor adviezen en het gebruik van zelfzorgmiddelen. -
6. Bloed
Jan van AmerongenSamenvattingBloed brengt voedingsstoffen en zuurstof bij de cellen. Om ervoor te zorgen dat er voldoende rode bloedcellen zijn die het zuurstof allemaal goed kunnen binden, heb je bepaalde vitaminen en ijzer nodig. Tekorten kunnen leiden tot bloedarmoede. Ook de stollingsfunctie van bloed is van levensbelang. Het broze evenwicht in de stolling kan door verschillende oorzaken verstoord raken, met trombose als gevolg. Om dit te voorkomen, is soms een antistollingsbehandeling nodig. -
7. Bloedsomloop
Jan van AmerongenSamenvattingHart- en vaatziekten zijn een belangrijke doodsoorzaak in Nederland. In de huisartspraktijk wordt geprobeerd deze ziekten te voorkomen of te vertragen. Hiervoor wordt o.a. gebruikgemaakt van cardiovasculair risicomanagement (CVRM). Van mensen met een verhoogd risico op hart- en vaatziekten worden daarbij de risicofactoren in kaart gebracht. Waar nodig worden deze mensen vervolgens behandeld met leefstijladviezen en medicijnen. In dit hoofdstuk worden de belangrijkste geneesmiddelengroepen daarvoor behandeld. -
8. Maagdarmkanaal
Jan van AmerongenSamenvattingHet maagdarmkanaal geeft bij veel mensen regelmatig aanleiding tot klachten. Vaak betreft het onschuldige, maar wel vervelende kwalen. Soms gaat het om chronische, invaliderende aandoeningen. In dit hoofdstuk worden de geneesmiddelen bij maagklachten, (chronische) diarree, obstipatie en het prikkelbaredarmsyndroom behandeld. -
9. Luchtwegen
Jan van AmerongenSamenvattingDit hoofdstuk gaat over aandoeningen van de luchtwegen die regelmatig in de huisartspraktijk gezien worden: hoesten, de verschillende vormen van hoest en de middelen die kunnen worden gebruikt om hoestklachten te verlichten. Vervolgens komt het onderwerp allergieën aan bod. Tot slot ligt de nadruk op chronische luchtwegaandoeningen, zoals astma en COPD. -
10. Anticonceptie, zwangerschap en menopauze
Jan van AmerongenSamenvattingVan de geslachtshormonen worden vooral de vrouwelijke hormonen en daarvan afgeleide stoffen als geneesmiddel gebruikt. In verreweg de meeste gevallen gaat het daarbij om of een bevruchting te voorkomen of de innesteling van een bevruchte eicel tegen te gaan. Behalve voor het voorkómen van zwangerschap worden de hormonen ook voorgeschreven bij overgangsklachten. -
11. Stofwisseling
Jan van AmerongenSamenvattingEr zijn in Nederland miljoenen mensen met overgewicht en obesitas. Er zijn meer dan honderd aandoeningen waarop mensen met overgewicht meer kans hebben dan mensen met een normaal gewicht. De alvleesklier en de schildklier zijn belangrijke organen in ons lichaam als het gaat om het regelen van de processen van omzetten en verwerken van voedingsstoffen en het vrijmaken van energie (stofwisseling of metabolisme). Aandoeningen van deze organen zoals suikerziekte of hyperthyreoïdie geven dan ook altijd een verstoring van de normale stofwisseling. Vooral suikerziekte komt steeds vaker voor. Volgens schattingen hebben bijna een miljoen mensen in Nederland diabetes mellitus. Ongeveer 250.000 mensen weten dat nog niet. Diabetes mellitus kan namelijk lang bestaan zonder dat er ernstige klachten zijn. Een te hoog vetgehalte in het bloed verhoogt de kans op hart- en vaatziekten. Die kans wordt nog vele malen groter als er ook diabetes mellitus aanwezig is. Ook jicht is een ziekte van de stofwisseling waarbij er een te hoge urinezuurconcentratie ontstaat. -
12. Huid
Jan van AmerongenSamenvattingEr zijn vele honderden verschillende huidaandoeningen en meer dan een miljoen Nederlanders lijden aan een chronische huidaandoening. In dit hoofdstuk worden alleen die huidaandoeningen behandeld waarmee de assistent in de (huisarts)praktijk het meest in aanraking komt. Voor het gros van de huidmiddelen geldt dat ze in verschillende bases kunnen worden gebruikt. Dit hoofdstuk begint dan ook met een algemene inleiding over de basis van huidmiddelen. Huidaandoeningen hebben overigens niet alleen lichamelijke klachten tot gevolg. Vrijwel altijd hebben ziekten van de huid ook sociale, psychische en relationele gevolgen. -
13. Infectieziekten
Jan van AmerongenSamenvattingVeel patiënten hebben een magisch geloof in antibiotica. Omdat er daarom veel vraag naar is én omdat deze middelen veel gebruikt worden, is het belangrijk dat een doktersassistent deze middelen goed kent. Want resistentie ligt op de loer en vormt wereldwijd een groot probleem, dus onnodig gebruik moet absoluut voorkomen worden. Een deel van de infectieziekten (schimmels, wormen en luizen) leent zich goed voor advisering en gebruik van zelfzorgmiddelen. -
14. Urinewegen
Jan van AmerongenSamenvattingIn de huisartspraktijk zijn urine-incontinentie en blaasontsteking verreweg de meest voorkomende klachten op het gebied van de urologie. Urine-incontinentie is een taboeonderwerp. Dat blijkt al als je nagaat dat er meer dan 600.000 Nederlanders (ongeveer 1 op de 25) last van hebben en er nauwelijks over gesproken wordt. Uit onderzoek is gebleken dat een grote groep van de oudere vrouwen met urine-incontinentie hiervoor geen hulp zoekt. Voor ons betekent dit, dat we extra alert moeten zijn op het bestaan van urine-incontinentie bij deze groep. Dat kan bijvoorbeeld met een extra vraag op het invulformulier voor urineweginfecties. Dit hoofdstuk gaat over urine-incontinentie en de wat minder vaak voorkomende aandoeningen van de urinewegen en mannelijke geslachtsorganen, zoals goedaardige prostaatvergroting en erectieproblemen. -
15. Oog
Jan van AmerongenSamenvattingIn dit hoofdstuk worden de belangrijkste geneesmiddelen behandeld die gebruikt worden bij irritatie en oogontsteking, bij ooginfecties en glaucoom. Tevens wordt aandacht geschonken aan de eisen waaraan middelen moeten voldoen die in of rond het oog worden toegepast. -
16. Psychiatrische aandoeningen
Jan van AmerongenSamenvattingIn dit hoofdstuk worden de belangrijkste psychiatrische aandoeningen behandeld. Bij elke groep wordt aandacht geschonken aan de geneesmiddelengroepen die daarbij toegepast kunnen worden. -
17. Aandoeningen van het zenuwstelsel
Jan van AmerongenSamenvattingAandoeningen waarvan de oorzaak in het zenuwstelsel ligt, worden neurologische aandoeningen genoemd. Een neurologische aandoening wordt onderscheiden van een psychiatrisch ziektebeeld. Bij de neurologische aandoeningen staan de lichamelijke uitingen voorop, bij de psychiatrische ziektebeelden de gedragsstoornissen. Dit hoofdstuk gaat in op de behandeling van epilepsie en koortsconvulsies, migraine, de ziekte van Parkinson en duizeligheid (vertigo). -
18. Auto-immuunziekten en kwaadaardige aandoeningen
Jan van AmerongenSamenvattingBij zowel het ontstaan van auto-immuunziekten als bij het ontstaan van kwaadaardige aandoeningen speelt het afweersysteem een belangrijke rol. Bij auto-immuunziekten reageert het te heftig en bij kwaadaardige aandoeningen niet heftig genoeg. Bij auto-immuunziekten worden door een te heftige reactie delen van het eigen lichaam aangevallen door de eigen afweer. Bij kwaadaardige aandoeningen is het de afweer niet gelukt om ongeremd delende cellen uit te schakelen. Er bestaan heel veel verschillende auto-immuunziekten en vormen van kanker. Bij de behandeling zijn er, naast vele verschillen, echter ook veel gemeenschappelijke elementen te noemen. Over deze gemeenschappelijke kenmerken gaat het in dit hoofdstuk. -
19. Spelvormen
Jan van AmerongenSamenvattingWerken met geneesmiddelen is voor een doktersassistent een belangrijke competentie. Niet alleen omdat er iedere werkdag herhaalrecepten worden aangeboden, maar ook omdat medicijnen een grote plaats innemen bij behandelingen in de reguliere geneeskunde. In de huisartspraktijk wordt daarnaast ook steeds meer gebruikgemaakt van episodegericht registreren. Daarbij worden de recepten gekoppeld aan episoden en soms ook aan problemen. Bij het inbrengen van door een specialist voorgeschreven medicijnen, is dit koppelen vaak een taak van de doktersassistent. Om die reden is het niet alleen handig, maar zelfs noodzakelijk dat de geneesmiddelen herkend en gekend worden. Het leren herkennen van geneesmiddelen is een moeilijke klus die doorzettingsvermogen en tijd vraagt. Er is gelukkig een aantal methoden om het leren voor jezelf aangenamer en effectiever te maken. De ervaring leert dat een spelletje een heel wat effectievere manier van leren is dan een boek lezen. Daarom hierna drie spellen. Veel succes! -
20. ICPC-codes
Jan van AmerongenSamenvattingBij het inbrengen van voorgeschreven medicijnen, moet er ook een koppeling aan een ICPC-code gemaakt worden. In dit hoofdstuk worden, als hulp daarbij, per stofnaam de meest gebruikelijke ICPC-codes aangegeven. -
Nawerk
- Titel
- Geneesmiddelenkennis voor doktersassistenten
- Auteur
-
Jan van Amerongen
- Copyright
- 2026
- Uitgeverij
- BSL Media & Learning
- Elektronisch ISBN
- 978-90-368-3220-5
- Print ISBN
- 978-90-368-3219-9
- DOI
- https://doi.org/10.1007/978-90-368-3220-5