Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

In dit boek maakt de lezer kennis met een aantal nieuwe gezondheidsconcepten. Functioneren is het centrale thema en in het bijzonder wordt aandacht besteed aan de toepassingsmogelijkheden van de International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF) van de WHO.
De focus van gezondheidszorg is aan het verschuiven: van genezen van ziekten naar bevorderen van gezondheid en welzijn. Het dagelijks functioneren van mensen wordt centraal gesteld. Het is een beweging waarin het perspectief op gezondheid verbreedt van een beperkt (biomedisch) perspectief naar een meer holistisch (biopsychosociaal) perspectief. In dat perspectief, waarin het mee kunnen doen in de samenleving centraal staat, betekent gezondheid dat je het vermogen en de mogelijkheden hebt om je leven vorm te geven zoals je dat zelf waardevol vindt in het licht van de persoonlijke fysieke, emotionele en sociale uitdagingen. Vanuit dit nieuwe perspectief komt er binnen zorg en welzijn meer aandacht voor het verbeteren en het monitoren van het dagelijks functioneren van mensen en daarmee ook voor de omgevingsfactoren en persoonlijk factoren die op het functioneren van invloed zijn. Functioneren als focus van zorg en welzijn is geschreven voor iedereen werkzaam in zorg en welzijn – zoals de zorgprofessional, arboprofessional, beleidsmaker, ICT-specialist, sociaal en maatschappelijk werkende en onderzoeker - die het nieuwe gezondheidsperspectief wil implementeren in zijn/haar werk. Met de aanschaf van dit boek wordt tevens toegang verkregen tot de e-versie inclusief extra digitaal materiaal, zoals de uitwerking van opdrachten behorende bij de casuïstiek.

Inhoudsopgave

Voorwerk

Algemeen

Voorwerk

1. Inleiding

Samenvatting
Gezondheid is een begrip dat in de loop van de tijd steeds breder is geworden; van een biomedisch model van gezondheid zijn we langzamerhand opgeschoven naar een meer holistisch, biopsychosociaal model van gezondheid. De focus in zorg verbreedt van zoeken naar oorzaken van ziekte (pathogenese) naar het bevorderen van gezondheid (salutogenese). Denk bijvoorbeeld aan programma’s als Lekker Fit! Basisonderwijs (Gemeente Rotterdam). In een holistisch model wordt gezondheid niet alleen gekenmerkt door de aan- of afwezigheid van medische problemen (fysiek en mentaal), maar ook door de mate waarin men in staat is mee te doen aan de samenleving. In plaats van een negatieve insteek, dat wat niet meer kan, wordt ook ingezet op de positieve kant, wat wel kan, op (fysiek en mentaal) floreren, ertoe doen, deelnemen aan de samenleving.
Y. F. Heerkens, H. A. Stallinga

2. Benaderingen van het brede concept gezondheid

Samenvatting
In dit boek staat het begrip functioneren centraal, als basis van gezondheid. Daarbij wordt ingegaan op vier concepten en benaderingen van gezondheid die in de loop van de tijd zijn ontstaan:
Y. F. Heerkens, M. A. S. Huber, A. G. Overgoor, M. C. Aalders, S. van der Veen, H. A. Stallinga

3. PPP Gezondheid: ertoe doen en meedoen

Samenvatting
Om de shift te maken naar een meer op gezondheid en gedrag gerichte benadering is in 2019 het publiek private partnerschap (PPP) ‘Gezondheid: ertoe doen en meedoen’ opgericht.
Y. F. Heerkens, H. A. Stallinga

Functioneren

Voorwerk

4. Het begrip functioneren

Samenvatting
Dit eerste hoofdstuk van deel II beschrijft het begrip functioneren, bespreekt wanneer mensen meer of minder goed functioneren en geeft aan wat de toegevoegde waarde van functioneren als indicator voor gezondheid is. Hoofdstuk 5 gaat in op de daarmee samenhangende paradigmashift van ziekte en zorg naar gezondheid en gedrag. Hoofdstuk 6 geeft aan waarom en hoe het concept van functioneren voor zorg en welzijn is te gebruiken. Dit deel wordt afgesloten met H. 7 waarin een eenvoudige beschrijving wordt gegeven van de ICF en wordt omschreven hoe het begrip functioneren kan worden geoperationaliseerd en gebruikt in het kader van meten en registreren van gezondheid, zowel vanuit het perspectief van de betrokkene en zijn of haar naasten zelf, als vanuit het perspectief van de professional.
H. A. Stallinga, Y. F. Heerkens

5. Functioneren in het kader van gezondheidszorg, de paradigmashift

Samenvatting
Zoals in H. 1 is aangegeven, verschuift de opvatting over wat gezondheid is in de afgelopen decennia naar meer integrale gezondheidsconcepten. Daarin gaat het niet meer alleen om genezen en voorkomen van ziekten, maar om het bevorderen van gezondheid, waarbij het uiteindelijke doel is (samen) leven waarbij mensen ‘ertoe doen en meedoen’. Dit hoofdstuk beschrijft hoe het concept functioneren past binnen die paradigmaverschuiving in de gezondheidszorg van een biomedisch naar een biopsychosociaal perspectief.
H. A. Stallinga, C. P. M. de Brouwer, Y. F. Heerkens

6. Hoe te werken met het begrip functioneren

Samenvatting
Om functioneren te kunnen gebruiken binnen zorg en welzijn, is het belangrijk dat het als concept benoemd en (h)erkend wordt. Immers: ‘If we cannot name it, we cannot control it, finance it, research it, teach it or put it into policy’ (Clark en Lang 1992). Functioneren blijkt, in tegenstelling tot ziekte, nog geen eenduidig concept en begrip (Chou en Kröger 2017). Om dat te bereiken is een begrippenkader nodig. Binnen de biomedische (pathogenetische) praktijkvoering worden bijvoorbeeld de ICD/International Classification of Diseases, de DSM/Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders of de ICPC/International Classification of Primary Care, als begrippenkader gebruikt om de ‘ziektestatus’ te beschrijven. Zo is binnen de biopsychosociale (brede gezondheidsconcepten) praktijkvoering ook een begrippenkader nodig om het functioneren en de contextuele factoren die op dat functioneren van invloed zijn te beschrijven. Hiervoor is door de WHO de International Classification of Functioning, Disability and Health (ICF) ontwikkeld: een classificatie waarmee het functioneren en de factoren die daarop van invloed zijn beschreven kunnen worden. Functioneren is de overkoepelende term voor functies, anatomische eigenschappen, activiteiten en participatie. In deze context levert het concept functioneren, naast sterfte (mortaliteit) en ziekte (morbiditeit) een indicator voor gezondheid. In termen van de ICF kan ook functioneren in maat en getal de gezondheid weergeven op zowel individueel als populatieniveau (Stucki en Bickenbach 2017).
H. A. Stallinga, E. R. C. Janssen, Y. F. Heerkens

7. De ICF

Samenvatting
De ICF is de classificatie die door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) (RIVM 2002, update 2018; WHO 2001) is ontwikkeld als de internationale standaardterminologie voor functioneren en omgevingsfactoren. De WHO publiceerde de ICF tezamen met het conceptuele model van gezondheid (zie fig. 7.1) dat gebaseerd is op het biopsychosociale model. In het model wordt zichtbaar dat de ICF tezamen met de ICD (of DSM/ICPC) weergeeft dat gezondheid het resultaat is van een dynamische interactie tussen functioneren, ziekte (of aandoening) en contextuele factoren. In de volgende paragraaf wordt op eenvoudige wijze de opbouw van de ICF beschreven naar model en standaardterminologie.
H. A. Stallinga, Y. F. Heerkens

Toepassingsmogelijkheden

Voorwerk

8. Beschrijving van toepassingsmogelijkheden

Samenvatting
In dit deel komt als voorbeeld een aantal toepassingsmogelijkheden aan bod waarbij het begrip functioneren als centrale uitkomstmaat gehanteerd wordt en waarbij de focus ligt op het meetbaar maken van functioneren aan de hand van het begrippenkader van de ICF. Door deze voorbeelden wordt inzichtelijk gemaakt dat de ICF in een gezamenlijke taal voorziet om gegevens verzameld vanuit brede gezondheidsbenaderingen te kunnen registreren en monitoren, waarmee deze gegevens een plaats in het domein van zorg en welzijn kunnen krijgen naast de reeds geregistreerde gegevens op het gebied van morbiditeit en mortaliteit.
Y. F. Heerkens, C. P. M. de Brouwer, S. van der Veen, O. K. C. B. Engelse-Thomas, P. C. Zwijgers, H. A. Stallinga

Opdrachten

Voorwerk

9. Casuïstiek

Samenvatting
Hieronder worden een tweetal casus gepresenteerd. Iedere casus schetst de situatie van een persoon en er wordt gevraagd om de situatie van die persoon op het gevraagde moment in de tijd te plotten in een ICF-schema (een ‘foto’). Daarbij kan gebruik worden gemaakt van de ICF of de ICF-CY-browser van het RIVM en van Bijlage 3 voor zover het persoonlijke factoren betreft. Gevraagd wordt om de code van de geselecteerde categorieën te noteren met de bijbehorende titel en om – waar mogelijk – de relevante typeringen (zie Bijlage 2) toe te voegen.
H. A. Stallinga, Y. F. Heerkens

10. Linken van termen aan de ICF

Samenvatting
In par. 10.1 wordt gevraagd om de items van twee meetinstrumenten te linken aan de ICF met de geüpdatete en daarna verder verfijnde linking rules van Cieza et al. (2005, 2019).
H. A. Stallinga, Y. F. Heerkens

Nawerk

Meer informatie