Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Zorgvuldige diagnostiek vormt de grondslag van adequaat (para)medisch handelen. Dit boek geeft een overzicht van de wetenschappelijke onderbouwing van de anamnese, het lichamelijke onderzoek, specifieke testen en beeldvormend onderzoek bij patiënten met klachten aan het bewegingsapparaat.

Verscheidene vormen van klinisch redeneren passeren in een korte introductie de revue, gevolgd door hoofdstukken over de begrippen ‘validiteit’ en ‘reproduceerbaarheid’ en de validiteit van een enkele test tegenover die van gecombineerde testen. Diverse hoofdstukken behandelen vervolgens de diagnostiek van patiënten met lage rugpijn, aandoeningen aan de heup, knie, nek en schouder en van klachten aan de voet, enkel, elleboog, hand en pols. Elk hoofdstuk begint met een casus en sluit af met een terugblik daarop. Tevens wordt aandacht besteed aan de alarmsignalen (‘rode vlaggen’) die op ernstige pathologie kunnen wijzen.

Evidence based diagnostiek van het bewegingsapparaat biedt een schat aan informatie voor huisartsen, fysiotherapeuten, studenten en overige professionals die belang hebben bij een actuele wetenschappelijke onderbouwing van de diagnostiek van klachten van het bewegingsapparaat.

Inhoudsopgave

Voorwerk

Basisbegrippen

Voorwerk

1. Validiteit

Samenvatting
Dit hoofdstuk behandelt alle facetten van validiteit van diagnostische tests waar een fysiotherapeut mee te maken kan krijgen wanneer hij/zij een wetenschappelijk artikel leest of in de literatuur op zoek gaat naar een goede diagnostische test om een klinisch probleem te benaderen. Verschillende vormen van validiteit worden uitgelegd en begrippen als sensitiviteit en voorspellende waarden komen aan bod. Daarnaast worden ook begrippen als de likelihood ratio, diagnostische odds ratio en ROC-curves (receiver operator curves) uitgelegd, ook al hebben die meer waarde voor het wetenschappelijk onderzoek dan voor de dagelijkse klinische praktijk.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

2. Reproduceerbaarheid

Samenvatting
Dit hoofdstuk behandelt alle facetten van de reproduceerbaarheid van diagnostische tests waar een fysiotherapeut mee te maken kan krijgen. Kennis over kenmerken van de reproduceerbaarheid (betrouwbaarheid) is handig in de dagelijkse praktijk en wanneer hij/zij een wetenschappelijk artikel leest of in de literatuur op zoek gaat naar een goede diagnostische test om een klinisch probleem te benaderen. Verschillende vormen van reproduceerbaarheid worden uitgelegd en begrippen als overeenstemming, Kappa en correlatiecoëfficiënten komen aan bod. Tevens wordt er aandacht besteed aan de interpretatie van al die begrippen.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

3. Test versus model

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus, het verschil uitgelegd tussen wetenschappelijk onderzoek naar individuele tests (klassiek testonderzoek) en het ontwikkelen van klinische predictiemodellen. Er zijn verschillende soorten predictiemodellen, afhankelijk van de uitkomst van zo’n model (diagnose, prognose of behandelkeuze). Tevens wordt aandacht besteed aan de interpretatie van gegevens die veelal in een wetenschappelijk onderzoek naar diagnostiek, en zeker de predictiemodellen worden gepresenteerd.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

Aandoeningen

Voorwerk

4. Lage rug

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus, het klinisch redeneerproces van de fysiotherapeut geschetst vanaf het moment dat de patiënt binnenkomt en de fysiotherapeut nog niet weet wat er aan de hand is. Het hoofdstuk start met algemene informatie over de epidemiologie van lage rugpijn, de risicofactoren en de prognose. Vervolgens wordt besproken wat er wetenschappelijk bekend is over de validiteit van de anamnese, het lichamelijk onderzoek, eventuele provocatietesten en beeldvormende diagnostiek in het valide diagnosticeren van subgroepen van patiënten met lage rugpijn. Aangezien dit het eerste van de acht hoofdstukken is, zijn een aantal begrippen iets uitgebreider beschreven in vergelijking met de volgende hoofdstukken.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

5. Heup

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus over een patiënt met klachten aan de heup, het klinisch redeneerproces van de fysiotherapeut geschetst vanaf het moment dat de patiënt binnenkomt en de fysiotherapeut nog niet weet wat er aan de hand is.
Het hoofdstuk start met algemene informatie over de epidemiologie van heupklachten, de risicofactoren en de prognose. Vervolgens wordt besproken wat er wetenschappelijk bekend is over de validiteit van de anamnese, het lichamelijk onderzoek, provocatietesten en beeldvormende diagnostiek in het valide diagnosticeren van subgroepen van patiënten met heuppijn.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

6. Knie

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus, het klinisch redeneerproces van de fysiotherapeut geschetst vanaf het moment dat de patiënt binnenkomt en de fysiotherapeut nog niet weet wat er aan de hand is. Het hoofdstuk start met algemene informatie over de epidemiologie van kniepijn, de risicofactoren en de prognose. Vervolgens wordt besproken wat er wetenschappelijk bekend is over de validiteit van de anamnese, het lichamelijk onderzoek, provocatietesten en beeldvormende diagnostiek in het valide diagnosticeren van subgroepen van patiënten met kniepijn.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

7. Enkel/voet

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus, het klinisch redeneerproces van de fysiotherapeut geschetst vanaf het moment dat de patiënt binnenkomt en de fysiotherapeut nog niet weet wat er aan de hand is. Het hoofdstuk start met algemene informatie over de epidemiologie van pijn aan de enkel of voet, de risicofactoren en de prognose. Vervolgens wordt besproken wat er wetenschappelijk bekend is over de validiteit van de anamnese, het lichamelijk onderzoek, provocatietesten en beeldvormende diagnostiek in het valide diagnosticeren van subgroepen van patiënten met enkel- en voetpijn.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

8. Nek

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus, het klinisch redeneerproces van de fysiotherapeut geschetst vanaf het moment dat de patiënt binnenkomt en de fysiotherapeut nog niet weet wat er aan de hand is. Het hoofdstuk start met algemene informatie over de epidemiologie van nekpijn, de risicofactoren en de prognose. Vervolgens wordt besproken wat er wetenschappelijk bekend is over de validiteit van de anamnese, het lichamelijk onderzoek, provocatietesten en beeldvormende diagnostiek in het valide diagnosticeren van subgroepen van patiënten met nekpijn.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

9. Schouder

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus, het klinisch redeneerproces van de fysiotherapeut geschetst vanaf het moment dat de patiënt binnenkomt en de fysiotherapeut nog niet weet wat er aan de hand is. Het hoofdstuk start met algemene informatie over de epidemiologie van schouderpijn, de risicofactoren en de prognose. Vervolgens wordt besproken wat er wetenschappelijk bekend is over de validiteit van de anamnese, het lichamelijk onderzoek, provocatietesten en beeldvormende diagnostiek in het valide diagnosticeren van subgroepen van patiënten met schouderpijn. Met name de specifieke testen komen uitgebreid aan de orde.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

10. Elleboog

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus, het klinisch redeneerproces van de fysiotherapeut geschetst vanaf het moment dat de patiënt binnenkomt en de fysiotherapeut nog niet weet wat er aan de hand is. Het hoofdstuk start met algemene informatie over de epidemiologie van pijn aan de elleboog, de risicofactoren en de prognose. Vervolgens wordt besproken wat er wetenschappelijk bekend is over de validiteit van de anamnese, het lichamelijk onderzoek, provocatietesten en beeldvormende diagnostiek in het valide diagnosticeren van subgroepen van patiënten met pijn aan de elleboog.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

11. Pols/hand

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt, aan de hand van een casus, het klinisch redeneerproces van de fysiotherapeut geschetst vanaf het moment dat de patiënt binnenkomt en de fysiotherapeut nog niet weet wat er aan de hand is. Het hoofdstuk start met algemene informatie over de epidemiologie van pijn aan de hand en pols, de risicofactoren en de prognose. Vervolgens wordt besproken wat er wetenschappelijk bekend is over de validiteit van de anamnese, het lichamelijk onderzoek, provocatietesten en beeldvormende diagnostiek in het valide diagnosticeren van subgroepen van patiënten met pijn aan de hand en pols.
Arianne Verhagen, Jeroen Alessie

Nawerk

Meer informatie

Extra’s