Ga naar de hoofdinhoud
Top

Echoscopie in de verloskunde en gynaecologie

  • 2025
  • Boek

Over dit boek

Dit boek biedt een rijk geïllustreerd overzicht van alle aspecten van echoscopie binnen de verloskunde en gynaecologie. Al sinds jaren is dit boek vanwege zijn didactische opzet de standaard voor gynaecologen (i.o.), verloskundigen (i.o.) en echoscopisten (i.o) en is daarmee een belangrijk en breed gewaardeerd naslagwerk.

Het innovatieve karakter van de echoscopie maakt deze zesde, geheel herziene editie noodzakelijk. Zeer veel afbeeldingen zijn daarom vernieuwd, zodat ze voldoen aan de huidige standaarden voor hoogwaardige echoscopie-apparatuur en aan nieuwe wetenschappelijke inzichten. De sectie Gynaecologie is volledig herschreven. Daarnaast is het boek geactualiseerd op basis van de recente veranderingen binnen de prenatale screening.

De redactie bestaat uit prof. dr. M.C. Haak, gynaecoloog LUMC Leiden, prof. dr. M.N. Bekker, gynaecoloog UMC Utrecht, prof. dr. J.A.F. Huirne, gynaecoloog Amsterdam UMC en dr. M.A.J. Engels, eigenaar/docent echo- en opleidingscentrum Echoxpert Amsterdam. De auteurs van de hoofdstukken zijn allen experts in hun vakgebied, zowel nationaal als internationaal.

Inhoudsopgave

  1. Voorwerk

  2. 1. Basisprincipes van het ultrageluidsonderzoek

    M. C. Haak
    Samenvatting
    Echoscopie als beeldvormende diagnostische techniek wordt breed toegepast in de geneeskunde. Belangrijke redenen voor de diagnostische toepassing in de gynaecologie en verloskunde zijn de veiligheid in vergelijking met andere beeldvormende technieken, de lage kosten en het gebruiksgemak.
  3. 2. Oriëntatie en technieken voor gynaecologische transvaginale echoscopie

    R. A. De Leeuw, N. B. Burger, J. A. F. Huirne
    Samenvatting
    Binnen de gynaecologische echoscopie is het van belang om te weten hoe men moet oriënteren om de anatomie in beeld te brengen en welke technieken er zijn. Daarnaast is het van belang om een gestructureerde methode te gebruiken om de anatomie te beoordelen, om afwijkingen niet te missen. Dit hoofdstuk geeft een voorbeeld van een dergelijke structuur en geeft uitleg over de basale kenmerken van de transvaginale echo, contrastechoscopie en nieuwere technieken zoals 3D-echoscopie voor toepassing in de gynaecologische praktijk.
  4. 3. Het endometrium

    T. van den Bosch
    Samenvatting
    Echoscopie is het eerstekeuzeonderzoek om het endometrium te evalueren, het risico op endometriumcarcinoom in te schatten en andere oorzaken van abnormaal uterien bloedverlies te detecteren. We geven in dit hoofdstuk aan hoe een gestandaardiseerde beschrijving van de echoscopische kenmerken van het endometrium moet worden opgesteld en beschrijven de typische kenmerken van endometriumpathologie.
  5. 4. Echoscopie van het myometrium

    E. D. Post Uiterweer, T. van den Bosch, J. A. F. Huirne
    Samenvatting
    Echoscopie vormt de eerstelijnsdiagnostiek om het myometrium beoordelen. De meeste afwijkingen van het myometrium kunnen met de huidige echotechnieken goed worden afgebeeld en geclassificeerd. Achtereenvolgens komen in dit hoofdstuk uterus myomatosus, adenomyose, de uteriene niche en de congenitale uteriene afwijkingen aan bod. Van al deze myometriumafwijkingen worden ook de classificaties besproken (o.a. MUSA-, FIGO-, ESHRE/ESGE-, ASRM- en ISUOG-classificatie) om uniforme verslaglegging te faciliteren.
  6. 5. Echoscopie van het adnex

    P. M. A. J. Geomini, W. Froyman, K. Dreyer
    Samenvatting
    Echoscopie speelt een essentiële rol bij het beoordelen van het adnex (ovarium en tuba). Dit hoofdstuk legt de nadruk op het gebruik van eenduidige terminologie en beschrijft de morfologische kenmerken van verschillende ovariële cysten. Er worden modellen besproken die helpen bij het inschatten van het risico op maligniteit. Daarnaast wordt het gebruik van echoscopie bij het beoordelen van de functionaliteit van de tuba toegelicht.
  7. 6. Endometriose

    R. A. De Leeuw, V. Mijatovic
    Samenvatting
    In het diagnostisch proces naar endometriose heeft de transvaginale echoscopie een onmisbare positie ingenomen. Met name voor de beoordeling van endometriomen, adhesies en diepe endometriose is de echoscopie, in ervaren handen, betrouwbaar en reproduceerbaar. Het IDEA-systeem geeft handvatten voor het bepalen welke onderdelen moeten worden beoordeeld.
  8. 7. Echoscopie van de bekkenbodem

    A. B. Steensma, I. M. A. van Gruting, L. de Jong-Speksnijder
    Samenvatting
    Beschadiging van de structurele anatomische en neurogene elementen van de bekkenbodem kan leiden tot diverse klachten van de bekkenbodem. Voor een doeltreffende behandeling zijn gedegen begrip van de normale bekkenbodemanatomie en het herkennen van afwijkingen essentieel. Er zijn diverse echoscopische technieken waarmee bekkenbodemproblemen en bekkenbodemschade effectief kunnen worden gevisualiseerd, zoals transperineale (synoniem: translabiale), endovaginale en endoanale echoscopie.
  9. 8. De jonge zwangerschap

    N. B. Burger, M. L. P. van der Hoorn
    Samenvatting
    Een van de belangrijkste aspecten bij een jonge zwangerschap is het tijdig en correct bepalen van de lokalisatie en vitaliteit van de zwangerschap. Door het verrichten van gestandaardiseerd transvaginaal echoscopisch onderzoek kan eventuele pathologie in een vroeg stadium worden gedetecteerd en juist worden behandeld.
  10. 9. Embryonale ontwikkeling en datering

    M. Rousian, M. A. J. Engels
    Samenvatting
    Het eerste trimester van de zwangerschap begint bij de conceptie kort na de ovulatie (CD 14 = 2+0 weken amenorroe). De embryonale periode begint bij de conceptie en duurt tot 58 dagen daarna (= 8 weken en 2 dagen embryonale leeftijd). Standaard wordt tweedimensionale (2D) transvaginale echoscopie gebruikt om de embryonale periode te vervolgen. Met behulp van innovatieve technieken, zoals driedimensionale (3D) echoscopie en virtualrealitytechnieken, is het mogelijk om de embryonale morfologie nu ook in-utero in detail te vervolgen.
  11. 10. Foetale groei

    M. N. Bekker, P. L. J. DeKoninck
    Samenvatting
    Het meest uitgevoerde echoscopisch onderzoek in de verloskunde is het vaststellen van de foetale biometrie ter beoordeling van de foetale groei. Daarnaast spelen de foetale doorstromingsprofielen middels dopplermetingen tezamen met de bepaling van de hoeveelheid vruchtwater een belangrijke rol bij het beoordelen van de conditie van een foetus met een (verdenking op) foetale groeirestrictie.
  12. 11. De placenta en de navelstreng

    J. van Drongelen, E. Sikkel, A. Beverdam
    Samenvatting
    Doorgaans komt bij elk echoscopisch onderzoek in de zwangerschap de placenta in beeld. Belangrijke pathologieën zijn in dit kader vooral abnormale lokalisatie en abnormale placentatie. Tijdige herkenning kan maternale morbiditeit en zelfs mortaliteit voorkomen. Velamenteuze insertie met vasa previa van de navelstreng is een ander zeldzaam, maar belangrijk probleem waarbij tijdige detectie foetale sterfte kan voorkomen.
  13. 12. Echoscopie in het kader van prenatale screening

    N. C. J. Peters, M. A. J. Engels
    Samenvatting
    Echoscopie in het kader van prenatale screening vindt in Nederland plaats middels structureel echoscopisch onderzoek (SEO). Dit screeningsonderzoek heeft als primair doel de tijdige detectie van structurele aangeboren afwijkingen. Het SEO is niet bedoeld voor de detectie van een foetus met een chromosomale afwijking. Prenatale screening voor de detectie van chromosomale afwijkingen vindt plaats via een niet-invasieve prenatale test (NIPT).
  14. 13. Het centraal zenuwstelsel

    G. T. R. Manten, M. Cohen de Lara
    Samenvatting
    In dit hoofdstuk wordt de beeldvorming van het centrale zenuwstelsel (CZS) bij standaard echoscopisch onderzoek besproken. Daarnaast wordt ingegaan op de geavanceerde neurosonografie en wordt een aantal veelvoorkomende afwijkingen van het CZS besproken.
  15. 14. Echoscopie van het aangezicht

    M. N. Bekker, C. Brantner
    Samenvatting
    Van alle echoscopische beelden van de foetale anatomie zijn afbeeldingen van het foetale gelaat voor de zwangere en haar omgeving het herkenbaarst. Afwijkingen aan het aangezicht kunnen geïsoleerd voorkomen of onderdeel zijn van een syndromale afwijking. Daarnaast kunnen faciale dysmorfieën wijzen op een onderliggende aandoening.
  16. 15. Thorax, diafragma en nek

    F. Russo, R. Devlieger
    Samenvatting
    De foetale thorax kan gedurende de hele zwangerschap goed met echoscopie worden gevisualiseerd. Afwijkingen in deze regio dienen bij voorkeur prenataal te worden opgespoord omdat afwijkingen in de thorax hun weerslag kunnen hebben op de levensbelangrijke functies van het hart en de longen, waarvoor gerichte neonatale opvang vereist is. Daarnaast zijn er foetale thoracale afwijkingen die in aanmerking komen voor een levensreddende foetale behandeling.
  17. 16. Hart

    M. C. Haak
    Samenvatting
    Aangeboren hartafwijkingen zijn met een prevalentie van 6–8 per 1.000 levendgeborenen de meest voorkomende foetale afwijkingen. Er bestaat een zeer grote variatie in hartafwijkingen, waardoor de herkenning bemoeilijkt wordt. Door elk vlak systematisch en in vaste volgorde te onderzoeken en te vergelijken met de kennis van de normale anatomie, kan het merendeel van de afwijkingen voor de geboorte herkend worden. Dit kan mortaliteit en morbiditeit voorkomen.
  18. 17. Tractus digestivus en buikwanddefecten

    C. Willekes, S. A. M. Wirjosoekarto, I. Witters
    Samenvatting
    De buik komt met de routinebuikomtrekmeting bij nagenoeg elk echoscopisch onderzoek in beeld. Afwijkingen van de tractus digestivus kenmerken zich echter doordat deze vaak laat in de zwangerschap zichtbaar worden of doordat hiervoor alleen indirecte aanwijzingen zijn, zoals een veranderde hoeveelheid vruchtwater of een afwijkende maagvulling. Buikwanddefecten kunnen echter al in een vroege fase gezien worden.
  19. 18. Aangeboren afwijkingen van de nieren en urinewegen

    L. K. Duin, P. N. Adama van Scheltema
    Samenvatting
    Afwijkingen aan nieren en urinewegen die antenataal zijn ontstaan, noemen we CAKUT (congenital anomalies of the kidney and urinary tract). Deze aangeboren afwijkingen komen relatief veel voor; bij ongeveer 3 op de 1.000 pasgeborenen. Samen met hartafwijkingen, ledemaatafwijkingen en afwijkingen van het centrale zenuwstelsel vormen ze driekwart van alle congenitale afwijkingen.
  20. 19. Skelet

    C. L. van Velzen, G. T. R. Manten
    Samenvatting
    Er zijn veel verschillende soorten skeletafwijkingen, die nagenoeg allemaal zeer zeldzaam zijn. Korte lange pijpbeenderen zijn een frequente echoscopische bevinding. Dit kan wijzen op een chromosomale dan wel syndromale afwijking, intra-uteriene groeirestrictie of een skeletafwijking.
  21. 20. Tractus genitalis

    E. Pajkrt
    Samenvatting
    De echoscopische beoordeling van de genitaliën gebeurt vaak op verzoek van de ouders omdat zij het geslacht van hun foetus willen weten. Het genitaal kan achter ook afwijkend aangelegd zijn. Een geslachtsbepaling is tevens van waarde in zwangerschappen met een verhoogd risico op een X-linked aandoening bij de foetus.
  22. 21. Hydrops foetalis

    E. J. T. Verweij, A. K. K. Teunissen
    Samenvatting
    Hydrops foetalis komt voor als symptoom bij verschillende foetale aandoeningen. De diagnose hydrops foetalis wordt gesteld bij een vochtophoping in twee of meer compartimenten in de foetus. Deze compartimenten zijn huid, thorax (waarbij onderscheid gemaakt wordt tussen pericardvocht en pleuravocht) en buikholte. In grote series wordt een mortaliteit van 50–98 % beschreven. Dit komt doordat hydrops vaak het eindstadium van een ziekteproces is. Bij sommige oorzaken van hydrops is foetale therapie mogelijk en daarom is het altijd een reden tot een spoedverwijzing naar een derde -of vierdelijnscentrum.
  23. 22. Meerlingen

    F. Slaghekke, P. G. Scheffer
    Samenvatting
    Met behulp van echoscopisch onderzoek kunnen bij een meerlingzwangerschap: het aantal foetussen bepaald worden; de chorioniciteit en de amnioniciteit bepaald worden door het tussenschot te onderzoeken in het eerste trimester; de intra-uteriene situs met lokalisatie van de foetussen en placenta’s geschetst worden; specifieke complicaties van de monochoriale tweeling gediagnosticeerd worden: tweelingtransfusiesyndroom (TTS), tweelinganemie-polycythemiesequentie (TAPS), selectieve foetale groeirestrictie (sFGR), zeldzame congenitale afwijkingen zoals twin reversed arterial perfusion (TRAP of acardiacus) en de vergroeide (Siamese) tweeling.
  24. 23. Chromosomale afwijkingen en andere genetische syndromen

    E. Pajkrt
    Samenvatting
    Na het echoscopisch detecteren van een foetale afwijking wensen de meeste ouders informatie over de prognose van de foetus, de toegevoegde waarde van invasieve tests en prenatale genetische diagnostiek en de kans op herhaling in toekomstige zwangerschappen.
  25. 24. Echoscopie en vroeggeboorte

    M. A. Oudijk, M. A. van Os, A. L. van Gils
    Samenvatting
    Een korte cervix is een belangrijke risicofactor voor een spontane vroeggeboorte. Inzet van echoscopisch onderzoek, een juiste meting van de cervixlengte en het gebruik van effectieve interventies dragen bij aan vermindering van vroeggeboorte.
  26. 25. Echogeleide ingrepen tijdens de zwangerschap

    L. De Catte, M. C. Haak
    Samenvatting
    Diagnostische en therapeutische interventies in de zwangerschap worden verricht onder echoscopische begeleiding. Op die manier kan gericht en daardoor veilig een naald of een ander instrument op de juiste plek in de uterus worden gebracht.
  27. Nawerk

Titel
Echoscopie in de verloskunde en gynaecologie
Redacteuren
Monique Haak
Mireille Bekker
Melanie Engels
Judith Huirne
Copyright
2025
Uitgeverij
BSL Media & Learning
Elektronisch ISBN
978-90-368-3035-5
Print ISBN
978-90-368-3034-8
DOI
https://doi.org/10.1007/978-90-368-3035-5