Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Dit boek biedt een compleet overzicht van de echoscopie in de verloskunde en gynaecologie en is daarmee een onmisbaar houvast in de dagelijkse praktijk van gynaecologen (i.o.), verloskundigen (i.o.) en echoscopisten.
Echoscopie is een diagnostisch hulpmiddel bij uitstek. Het heeft zich ontwikkeld van een statisch naar een realtime diagnosticum, en zich doorontwikkeld naar de 3D- en 4D-technieken van nu. De echoscopie blijkt niet schadelijk te zijn voor de vrouw of de ontwikkeling van de foetus en biedt daardoor ongekende mogelijkheden voor onderzoek in de gynaecologie of tijdens de zwangerschap.
Deze druk bevat nieuwe hoofdstukken over de bekkenbodem, contrastechoscopie, cervix, genetische syndromen en echogeleide ingrepen zijn toegevoegd waarmee het boek perfect aansluit bij ontwikkelingen in de dagelijkse praktijk. De ruim 600 afbeeldingen reflecteren de huidige stand van de echoscopische diagnostiek.
Een belangrijke vernieuwing biedt StudieCloud. De lezers hebben op dit onlineplatform altijd toegang tot het digitale boek en vinden er samenvattingen, toetsvragen en informatieve deeplinks naar onder andere videomateriaal. Deze verrijkingen ondersteunen de lezers bij hun studie en in hun vakgebied.

Inhoudsopgave

Voorwerk

Basisprincipes van het ultrageluidsonderzoek

Echoscopie als beeldvormende diagnostische techniek wordt breed toegepast in de geneeskunde. Een belangrijke reden voor de diagnostische toepassing in de gynaecologie en verloskunde is de veronderstelde veiligheid in vergelijking met andere beeldvormende technieken.
M. C. Haak, P. P. van den Berg

Echoscopie van de blaas, vagina, uterus en tubae

Sinds de introductie van de vaginale echotransducer, in de tweede helft van de jaren tachtig van de vorige eeuw, is de transvaginale echoscopie wijdverspreid als onderzoeksmethode in de gynaecologische praktijk. Aanvankelijk werd de techniek vooral gebruikt voor het onderzoek van de ovaria in het kader van een infertiliteitsbehandeling.
M. H. Emanuel

Echoscopie van het ovarium

De technologische vooruitgang van de echoscopie heeft geleid tot een toename in diagnostiek van de pathologie van het ovarium. In dit hoofdstuk worden enkele vragen en problemen behandeld die dikwijls opduiken bij de echoscopie van ovariumpathologie. Het belang van de morfologische kenmerken wordt in de tekst benadrukt.
D. Timmerman, T. Van den Bosch

Echoscopie van de bekkenbodem

Voor de beoordeling van prolaps, afwijkingen van de urinewegen en van de anale sfincter werd het gebruik van transabdominale echoscopie voor het eerst beschreven aan het begin van de jaren tachtig van de vorige eeuw. Hierna werden specifieke technieken ontwikkeld, zoals de transperineale, translabiale, transrectale en transvaginale bekkenbodemechoscopie. De termen transperineaal en translabiaal zijn uitwisselbaar in dit hoofdstuk.
A. B. Steensma

Contrastechoscopie

Het principe van vochtinfusie- of vochtinstillatie-echoscopie is het creëren van een negatief contrast in het cavum uteri. Hiertoe wordt door middel van een katheter vocht – fysiologisch zout (saline infusion sonography, SIS) of gel (gel instillation sonography, GIS) – door de cervix tot in het cavum uteri gespoten.
T. Van den Bosch, D. Timmerman

Echoscopie in het kader van fertiliteitsonderzoek en -behandeling

Nadat in 1978 de in-vitrofertilisatie (ivf) werd ingevoerd, kreeg de transvaginale echoscopie ook in de fertiliteitsdiagnostiek en -behandeling een prominente plek. Inmiddels is de transvaginale echoscopie in het behandeltraject van fertiliteitspatiënten niet meer weg te denken. Echoscopie van de follikelontwikkeling werd in de jaren zeventig van de vorige eeuw geïntroduceerd. Er werd een lineaire relatie tussen de follikeldiameter en de oestradiolspiegel (E2-spiegel) vastgesteld. Een eicel is rijp indien de follikeldiameter > 16 mm bedraagt en de oestradiolspiegel 150-400 pg/ml is.
K. Fleischer, F. P. H. A. Vandenbussche

De jonge zwangerschap

Het eerste trimester van de zwangerschap begint bij de conceptie kort na de ovulatie (CD 14 = 2˚ weken amenorroe). De embryonale periode (tabel 7.1 en figuur 7.1) wordt gerekend vanaf de conceptie tot 56 dagen daarna (= 8° weken embryonale leeftijd).
N. Exalto

Groei en placenta

Het meest uitgevoerde echoscopisch onderzoek in de verloskunde is het vaststellen van de foetale biometrie en het beoordelen van de placenta, de navelstreng en de hoeveelheid vruchtwater. Echoscopisch onderzoek in de zwangerschap is daarmee een onmisbaar onderdeel voor de beoordeling van de zwangerschapsduur, de foetale groei en de foetale conditie.
C. M. Bilardo, A. J. van Loon

Prenatale screening

In Nederland wordt prenatale screening aangeboden voor de opsporing van een foetus met downsyndroom (trisomie 21), edwardssyndroom (trisomie 18) en patausyndroom (trisomie 13). De prevalentie van deze chromosomale afwijkingen is respectievelijk ongeveer l op 550, l op 8500 en 1 op 17.000.
M. A. J. Engels, J. M. G. van Vugt

Het structureel echoscopisch onderzoek

In navolging van vele landen om ons heen werd in 2007 het structureel echoscopisch onderzoek (SEO) opgenomen in het basisverzekeringspakket. Daarmee werd het een onderdeel van de standaard obstetrische zorg.
T. E. Cohen-Overbeek

Centraal zenuwstelsel en neurale buis

In dit hoofdstuk ligt de nadruk op de beeldvorming van het centrale zenuwstelsel (czs) bij het SEO (structureel echoscopisch onderzoek). Het centrale zenuwstelsel verandert gedurende de hele zwangerschapstermijn.
L. L. R. Pistorius

Echoscopie van het aangezicht

Van alle echoscopische beelden van de foetale anatomie zijn afbeeldingen van het foetale gelaat en profiel voor de zwangere en haar omgeving het herkenbaarst. Onderzoek wijst uit dat het zien van echobeelden van de foetus, in het bijzonder van het aangezicht, de hechting van de ouders en het ongeboren kind zou bevorderen.
M. N. Bekker

Thorax, diafragma en nek

De foetale thorax wordt naar caudaal door het middenrif (diafragma) begrensd, naar lateraal door de ribben en naar craniaal door de sleutelbeenderen (claviculae). Vooraan is de thorax begrensd door het borstbeen (sternum) en achteraan door de wervelkolom.
T. Van Mieghem, J. Deprest, R. Devlieger

Hart

Het onderzoek van het foetale hart wordt doorgaans als een lastig onderdeel van het echoscopisch onderzoek ervaren. Het onzekere gevoel bij echoscopisten wat betreft de uitvoering van de foetale echocardiografie​ wordt waarschijnlijk ingegeven door de grote variatie in hartafwijkingen en het feit dat hartafwijkingen frequent worden gemist.
M. C. Haak

Tractus digestivus en buikwanddefecten

Sinds de introductie van het structureel echoscopisch onderzoek (SEO) is de echoscopische beoordeling van de buik een routineprocedure geworden. De tractusdigestivus- en buikwandafwijkingen kenmerken zich erdoor dat de afwijking zelf zich vaak niet goed laat afbeelden, maar dat er wel indirecte aanwijzingen bestaan dat er iets aan de hand kan zijn met de foetus, zoals een veranderd vruchtwatercompartiment of verminderde maagvulling.
C. Willekes, A. B. C. Coumans, I. Witters

Aangeboren afwijkingen van de nieren en urinewegen

Aangeboren afwijkingen van de foetale nieren en urinewegen komen relatief veel voor: bij circa 3 op de 1000 pasgeborenen. Samen met hartafwijkingen, ledemaatafwijkingen en afwijkingen van het centrale zenuwstelsel vormen ze driekwart van alle congenitale afwijkingen.
P. N. Adama van Scheltema, D. Oepkes

Skelet

Korte lange pijpbeenderen zijn een frequente echoscopische bevinding. Dit kan wijzen op een skeletafwijking, een chromosomale afwijking of intra-uteriene groeirestrictie.
G. T. R. Manten

Tractus genitalis

De echoscopische beoordeling van de genitaliën gebeurt vooral op verzoek van de ouders omdat zij het geslacht van hun foetus willen weten. Soms wordt in tweelingzwangerschappen een foetale geslachtsbepaling als hulpmiddel gebruikt om chorioniciteit te bepalen. Een geslachtsbepaling is tevens van waarde in zwangerschappen met een verhoogd risico op een X-linked aandoening bij de foetus.
E. Pajkrt

Hydrops foetalis

Hydrops foetalis komt voor als symptoom bij veel en zeer verschillende foetale aandoeningen. In grote series wordt een mortaliteit van 50-98% beschreven. Dit komt doordat hydrops vaak het eindstadium van een ziekteproces is. Hydrops is bij echoscopisch onderzoek gemakkelijk vast te stellen.
K. Teunissen, S. A. Pasman, D. Oepkes

Meerlingen

Met behulp van echoscopisch onderzoek kan bij een meerlingzwangerschap vrij eenvoudig:
  • het aantal foetussen bepaald worden;
  • op basis van het beeld van het tussenschot zowel de chorioniciteit als de amnioniciteit bepaald worden;
  • de intra-uteriene situs met lokalisatie van de foetussen en placenta’s geschetst worden;
  • de congenitale afwijking herkend worden die alleen bij monochoriale tweelingen voorkomt: acardiacus;
  • de congenitale afwijking herkend worden die alleen bij monoamniotische tweelingen voorkomt: vergroeide tweelingen;
  • het tweelingtransfusiesyndroom (TTS) gediagnosticeerd worden.
F. P. H. A. Vandenbussche, R. H. Meerman

Chromosomale afwijkingen en andere genetische syndromen

Na het echoscopisch detecteren van een foetale afwijking wensen de meeste ouders informatie over de prognose van de foetus, de toegevoegde waarde van invasieve testen en de kans op herhaling in toekomstige zwangerschappen.
E. Pajkrt

Cervix uteri

De cervix of baarmoederhals is het smalle uiteinde van de baarmoeder. Craniaal is de cervix continu met het corpus uteri, distaal vormt de cervix de begrenzing van de uterus, die daar overgaat in de vagina.
M. A. van Os, M. C. Haak

Echogeleide ingrepen tijdens de zwangerschap

Ook vóór de introductie van echoscopie in de verloskunde werden al invasieve diagnostische en therapeutische procedures verricht bij zwangeren. Dit werd soms ‘blind’ gedaan, met alleen palpatie, zoals bij amniodrainages ter behandeling van polyhydramnion, of op gevoel, zoals bij de eerste vlokkentests in China.
L. De Catte, D. Oepkes

Nawerk

Meer informatie