Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Een leidraad waarmee eenvoudig emperisch onderzoek kan worden gedaan. Daarnaast kan het gebruikt worden om onderzoekingen die door anderen zijn uitgevoerd, te beoordelen. Het maakt de studenten in het HBO duidelijk welke (achtereenvolgende) stappen gezet moeten worden bij de opzet, uitvoering en uitwerking van het onderzoek. Op systematische wijze wordt aangegeven hoe de globale onderzoeksvraag omgezet wordt in een specifieke vraag en hoe deze vervolgens vertaald wordt in hypothesen. De volgende onderdelen worden uitgewerkt: Globale omschrijving van de onderzoeksvraag/het verzamelen van informatie rond de onderzoeksvraag/soorten onderzoek/definitieve omschrijving van de onderzoeksvraag/verzameling van gegevens/bepalen van de steekproef/schrijven van het onderzoeksverslag.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Inleiding

Abstract
Het doel van dit boekje is het bieden van een leidraad waarmee eenvoudig onderzoek kan worden gedaan. Daarnaast kan het gebruikt worden om onderzoeken, door anderen uitgevoerd, te beoordelen.
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

2. Globale omschrijving van de vraag

Abstract
De discussie in de docentenkamer was hevig geweest. Theo Smit, een student van de Nieuwe Leraren Opleiding die stage liep aan de Prins Alexander mavo, had het moeten opnemen tegen de docenten van de sectie Engels. Deze vonden dat de daar gebruikelijke proefwerkplanning, namelijk ééns per maand, goed was. Theo meende dat veelvuldiger overhoren veel betere resultaten zou geven. Uiteindelijk werd besloten dat Theo wat betreft het leren van woordjes zijn gang kon gaan en dat als de resultaten van zijn klassen duidelijk beter waren, ze er dan nog wel eens over wilden praten.
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

3. Verzamelen van informatie

Abstract
Theo Smit begreep dat hij op de volgende sectievergadering beslagen ten ijs moest komen. Hij besloot z’n studieboeken er op na te slaan, om te zien of hij in de theorie een omschrijving van zijn aanpak kon vinden. Verder had Van Zwet van natuurkunde wel gelijk toen hij zei: ‘Is het niet verstandig eerst eens te kijken of er al eerder zoiets onderzocht is’. Misschien moest hij eens wat tijdschriften in de bibliotheek doorbladeren en daar ook eens kijken naar boekjes over hoe je zo’n onderzoek eigenlijk aanpakt.
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

4. Soorten onderzoek

Abstract
Beschrijvend onderzoek geeft de stand van zaken over een onderwerp op een bepaald moment weer. De onderzoeker die kiest voor een beschrijvend onderzoek wil antwoord hebben op vragen over het hier en nu. Het Centraal Bureau voor de Statistiek geeft hiervan duidelijke voorbeelden (zie voorbeeld 7).
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

5. Definitieve omschrijving van de onderzoeksvraag

Abstract
Als we teruggaan naar het onderzoek aan de Prins Alexander mavo, hebben we gezien dat de aanvankelijke of globale omschrijving van de onderzoeksvraag kan zijn: ‘Wat is beter, aan het einde van elke les overhoren of ééns per maand?’
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

6. Verzameling van gegevens

Abstract
In hoofdstuk 5 zagen we hoe Theo Smit bij het formuleren van zijn definities al bezig was te bedenken welke proefwerkvorm het meest geschikt was voor het onderzoek. Er was een aantal mogelijkheden. Hij kon mondeling overhoren, dat wil zeggen aan een paar leerlingen een aantal woordjes voorlezen en daarvan de betekenis vragen. Hij kon het ook schriftelijk doen. Hierbij bestond de mogelijkheid te kiezen uit een aantal vormen
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

7. Bepalen van de steekproef

Abstract
Het is meestal onmogelijk om in een onderzoek alle mensen of alle gevallen te onderzoeken. Als Theo Smit alle leerlingen van de tweede klas van alle mavo’s in Nederland in het onderzoek zou betrekken, zou dit veel te veel tijd kosten. Het is gelukkig mogelijk een kleine groep te onderzoeken om vervolgens vanuit de bevindingen uitspraken te doen over de hele groep. Wel moet hierbij een aantal regels in acht worden genomen.
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

8. Verwerking van resultaten

Abstract
In overleg tussen de docenten Engels was het proefwerk samengesteld. Theo had vol spanning de opgaven aan zijn leerlingen uitgereikt. Hoe zouden ze het er vanaf brengen. Blijkbaar hadden zijn klassen het niet zo moeilijk gevonden. Zij waren direct aan de gang gegaan en er was eigenlijk niemand die naar het plafond staarde of op zijn balpen beet. Zo nu en dan de klas doorlopend, was Theo al snel gerustgesteld. Zo op het eerste gezicht werden er weinig fouten gemaakt.
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

9. Schrijven van het onderzoeksverslag

Abstract
Als alle gegevens zijn verzameld en verwerkt zal de onderzoeker zijn bevindingen moeten weergeven in een onderzoeksverslag. Helaas blijkt, met name bij scripties in het kader van een studie, dat het meestal daarbij blijft. Omdat deze werkstukken nooit ergens worden ondergebracht als officiële publikaties, zullen andere belangstellenden er nauwelijks kennis van kunnen nemen. Het lezerspubliek blijft dan ook vaak beperkt tot de schrijver en zijn begeleider. Vandaar dat in dit hoofdstuk niet alleen aandacht wordt besteed aan het onderzoeksverslag zelf, maar ook aan het schrijven van een artikel.
J. H. M. Tromp, E. F. H. Rietmeijer

Nawerk

Meer informatie