AN-patiënten zijn doodsbang voor verandering en dus voor behandeling; dit geldt doorgaans minder voor patiënten met BN. In de meeste gevallen hebben anderen dan de patiënt zelf de hulp ingeschakeld, meestal de ouders; er is zelden sprake van een eigen hulpvraag. Als die er al is, is die meestal niet gericht op herstel van een gezond gewicht, maar op het kwijtraken van gewicht, preoccupatie met voedsel, depressie, angsten en zorgen over de risico’s.