Skip to main content
main-content
Top

Over dit boek

Vanuit de overheid moeten alle docenten in het hoger beroepsonderwijs een basiskwalificatie examinering (BKE) halen. Dit boek bevat de theoretische basis die een hbo-docent nodig heeft om de bewijsstukken voor deze verplichte BKE-certificering te kunnen leveren. De praktische voorbeelden in het boek geven een handreiking bij het maken van verschillende soorten toetsen. De reflectievragen en portfolio-opdrachten helpen hbo-docenten bij het inschatten van de eigen bekwaamheid op het gebied van toetsen.

De vele cases en tips zijn afkomstig vanuit de praktijk van verschillende hogescholen.

De BKE richt zich op het doorlopen van de toetscyclus binnen het eigen vak/module. Deze kwalificatie is nodig als een docent optreedt als examinator. Met examinator wordt in het hoger beroepsonderwijs iedere docent bedoeld die eindverantwoordelijk is voor één of meer fasen van de toetscyclus. Deze toetscyclus bestaat uit 7 fasen. De examinator ontwerpt en construeert een toets (fase 1 t/m 3), neemt deze af en beoordeelt (fase 4), analyseert en registreert (fase 5 en 6). Essentieel voor de borging van de kwaliteit van het toetsproces is fase 7: de examinator evalueert het doorlopen van alle fasen en benoemt verbeteracties voor een volgende cyclus.

De BKE is onderdeel van de Basiskwalificatie Didactische Bekwaamheid (BDB). Alle hbo-docenten moeten aan de eindtermen van de BDB voldoen en beschikken over de BKE-kwalificatie.

Inhoudsopgave

Voorwerk

1. Werken vanuit een fundament

Samenvatting
Voordat je een toets voor jouw onderwijs gaat maken, gaan we in dit hoofdstuk eerst in op het fundament van waaruit je werkt. Er wordt een overzicht gegeven van verschillende basisdocumenten en daarbij wordt uitgelegd wat de functie is van een Onderwijs- en Examenregeling (OER).Ten slotte wordt het belang van een goed toetsplan als fundament onder de gehele opleiding benadrukt.
Lia Bijkerk

2. Toetsorganisatie

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt eerst de beschrijving van de rol van examinator gegeven. Daarna worden de verschillende partijen in de toetsorganisatie benoemd. Hierbij worden de taken en verantwoordelijkheden beschreven.
Lia Bijkerk

3. Functie van toetsen

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt eerst het verschil tussen formatieve en summatieve toetsen uitgelegd.
Daarna wordt een aantal negatieve effecten beschreven die kunnen ontstaan wanneer er in het onderwijs getoetst wordt. Bij de keuze van de toets kan hiermee rekening worden gehouden om problemen te voorkomen.
Lia Bijkerk

4. Kwaliteitseisen

Samenvatting
In dit hoofdstuk worden de kwaliteitseisen aan een toets besproken. Een toets moet valide , betrouwbaar , bruikbaar en transparant zijn.
Lia Bijkerk

5. Toetscyclus

Samenvatting
In dit hoofdstuk worden de zeven fasen van de toetscyclus genoemd en kort toegelicht.
Lia Bijkerk

6. Fase 1: Basisontwerp

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt fase 1 van de toetscyclus verder uitgewerkt: het maken van een basisontwerp. Het basisontwerp van de toets moet passen in het totale toetsprogramma van de opleiding. De soort toets die je kiest, is mede afhankelijk van het resultaat dat de toets moet meten.
Lia Bijkerk

7. Fase 2: Construeren toetsmatrijs

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt fase 2 van de toetscyclus verder uitgewerkt: het construeren van een toetsmatrijs. Daarbij wordt ook aandacht besteed aan de voordelen van het maken van een toetsmatrijs.
Lia Bijkerk

8. Fase 3: Construeren toets met normering

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt fase 3 van de toetscyclus verder uitgewerkt: het construeren van een toets met normering. Er wordt gestart met de taxonomie van Bloom . Dit is een hulpmiddel om het niveau van de vragen te bepalen. Daarna worden tips gegeven om goede open en multiplechoicevragen te maken.
Lia Bijkerk

9. Fase 4: Afnemen en beoordelen

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt fase 4 van de toetscyclus verder uitgewerkt: het afnemen en beoordelen van toetsen. Tijdens de afname van een toets is een aantal factoren van invloed op de betrouwbaarheid en validiteit van de toetsresultaten. Ook is het belangrijk dat het voor iedereen duidelijk is wat wel en niet mag. Daarom besteden we aandacht aan een afnameprotocol, surveillantenprotocol en een fraudeprotocol.
Voor het beoordelen van kennistoetsen heb je een antwoordsleutel nodig als het gaat om gesloten multiplechoicevragen. Om vaardigheden in de praktijk te beoordelen is het vaak beter om met een checklist, beoordelingsmodel of rubric te werken.
Lia Bijkerk

10. Fase 5: Verwerken en analyseren

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt fase 5 van de toetscyclus verder uitgewerkt: het verwerken en analyseren van toetsen. Belangrijk is hoe je een goede cesuur kan bepalen voor toetsen en hoe de uitslag van de toets op basis van deze cesuur omgezet kan worden in een beoordeling.
Ten slotte wordt advies gegeven over hoe je de gemaakte toets kunt analyseren op kwaliteit en hoe je de kwaliteit van de beoordelaars kan analyseren, waarbij beoordelaarsfouten zo veel mogelijk worden voorkomen.
Lia Bijkerk

11. Fase 6: Registreren en communiceren

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt fase 6 van de toetscyclus verder uitgewerkt: registreren en communiceren. Er wordt gestart met de mogelijkheden om feedback te geven op de gemaakte toetsen. Ook wordt toegelicht op welke wijze de resultaten geregistreerd en bekend gemaakt kunnen worden. Ten slotte wordt besproken hoe en wanneer studenten hun toetsen kunnen inzien en controleren.
Lia Bijkerk

12. Fase 7: Evalueren en verbeteren

Samenvatting
In dit hoofdstuk wordt fase 7 van de toetscyclus verder uitgewerkt: evalueren en verbeteren. Als eerste wordt aandacht besteed aan de manieren van evalueren die van belang zijn. Hierbij gaat het om een beeld te krijgen van het niveau van het gegeven onderwijs en de daarbij behorende toetsen. Daarna wordt de inhoud van een verbeterplan besproken, met als functie input geven om de onderwijseenheid te verbeteren.
Lia Bijkerk

Nawerk

Meer informatie