Van de structuren, die zich in het hoofdhalsgebied bevinden, worden in dit hoofdstuk achtereenvolgens besproken: de schedel en het os hyoideum, de spieren van het aangezicht, van het kauwapparaat en van de hals, en het kaakgewricht. Een aparte bespreking wordt gewijd aan de bewegingen van het hoofd in de halswervelkolom en de gewrichten van het achterhoofd. De bloed- en zenuwvoorziening van het hoofd-halsgebied wordt besproken.